Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

CBS consumentenprijsindex januari 1999

Datum nieuwsfeit: 05-02-1999
Vindplaats van dit bericht
Vindplaats 2
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten

expostbus51


CBS


CBS:Consumentenprijsindex januari 1999

In januari waren de consumentenprijzen in Nederland gemiddeld 2,2 procent hoger dan een jaar geleden. Dat blijkt uit cijfers van het CBS. Tussen december 1998 en januari 1999 stegen de prijzen gemiddeld met 0,1 procent. Naast een sterke prijsdaling van kleding en schoeisel was er een aantal prijsstijgingen, die voor een belangrijk deel samenhangen met overheidsmaatregelen.

Consumentenprijzen in januari 0,1 procent gestegen Tussen december 1998 en januari 1999 zijn de consumentenprijzen gemiddeld met 0,1 procent gestegen. De tarieven van water en van elektriciteit, gas en andere brandstoffen zijn deze maand fors omhooggegaan. Dit wordt vooral veroorzaakt door de verhoging van de BTW op water en door verhoging van regulerende energiebelasting (ecotaks) en brandstoffenbelasting bij elektriciteit en gas. Ook de consumptiegebonden belastingen en de prijzen van overheidsdiensten zijn deze maand gestegen. Autobrandstoffen werden duurder, deels ten gevolge van een accijnsverhoging. Verder waren er prijsstijgingen voor verse groenten, aardappelen en fruit, en voor dag- en weekbladen en tijdschriften. Aardappelen en groenten blijven daarmee op een hoog prijsniveau vergeleken met een jaar geleden. Tenslotte is er een aanzienlijke prijsverhoging bij lichamelijke verzorging, met name een verhoging van de tarieven bij kappers.
Tegenover al deze prijsstijgingen staat een forse daling van de prijzen van kleding en schoeisel door de uitverkoop. Ook bij communicatie is sprake van een daling van prijzen. Vooral telefoneren werd een stuk goedkoper.

Inflatie gestegen naar 2,2 procent
In januari 1999 lagen de consumentenprijzen gemiddeld 2,2 procent hoger dan in januari 1998. De inflatie lag daarmee voor het eerst sinds juni vorig jaar weer boven 2 procent. De toename van de inflatie is het resultaat van de 0,1 procent prijsstijging in januari, waar in januari 1998 een prijsdaling van 0,4 procent werd geregistreerd. Drie factoren dragen aan dit verschil ongeveer even sterk toe bij. Dat zijn de stijging van de prijzen van autobrandstoffen, de stijging van de prijzen van elektriciteit en gas, en de prijsontwikkeling van kleding en schoeisel. Kleding en schoeisel daalden weliswaar deze maand bijna 11 procent in prijs, maar in januari vorig jaar was deze daling ruim 13 procent. De stijging van de tarieven van water had eveneens een flinke invloed op de toename van de inflatie. De ontwikkeling van de inflatie werd daarentegen wat getemperd door de daling van de telefoontarieven en doordat de consumptiegebonden belastingen iets minder stegen dan vorig jaar.

Afgeleide consumentenprijsindex
In de afgeleide prijsindex van het CBS is het effect van veranderingen in de tarieven van de kostprijsverhogende (zgn. indirecte) belastingen en consumptiegebonden belastingen uit de prijsontwikkeling geëlimineerd. De afgeleide consumentenprijsindex lag in januari dit jaar 1,7 procent hoger dan een jaar geleden. Van de totale inflatie van 2,2 procent kan dus 0,5 procent worden toegeschreven aan de beide genoemde categorieën van belastingen. In december was dat nog 0,2 procent.

Geharmoniseerde consumentenprijsindex
Het CBS stelt sinds maart 1997 naast de nationale consumenten-prijs-index, ten behoeve van de Europese Unie (EU) ook de geharmoniseerde consumentenprijsindex van Nederland samen. De geharmoniseerde index dient voor vergelijkingen binnen de Europese Unie, maar geeft een minder volledig beeld dan de nationale index. Vergeleken met december 1997 was de geharmoniseerde index voor Nederland in december 1998 gestegen met 1,5 procent. Voor de 15 landen in de Europese unie was dat 1,0 procent, en voor de 11 landen in de Eurozone 0,8 procent. Volgens de Europese inflatiemaatstaf was dus eind vorig jaar de inflatie in Nederland ongeveer dubbel zo hoog als in de totale Eurozone.
Gemiddeld over het jaar 1998 lag de geharmoniseerde prijsindex voor Nederland 1,8 procent hoger dan in 1997. Voor de 15 landen in de Europese unie was dat 1,3 procent, en voor de 11 landen in de Eurozone
1,1 procent.
In januari 1999 komt de geharmoniseerde index voor Nederland 2,1 procent hoger uit dan in januari 1998.
Technische toelichting
De consumentenprijsindices geven het prijsverloop weer van een pakket goederen en diensten, zoals dit in 1995 gemiddeld werd aangeschaft door huishoudens in Nederland. De gemiddelde prijs-verandering heeft betrekking op het consumptiepakket van alle huishoudens. De geharmoniseerde indices dienen speciaal voor het vergelijken van de inflatie tussen de lidstaten van de Europese Unie. Zie hiervoor ook de persmededeling 'Geharmoniseerde Index van Consumentenprijzen' van 5 maart 1997.
Het belangrijkste verschil tussen de geharmoniseerde index en de nationale consumentenprijsindex betreft de consumptiepakketten waarop zij betrekking hebben. Wonen in een eigen huis (huurwaarde), consumptiegebonden belastingen (onroerende-zaakbelasting, motor-rijtuigenbelasting e.d.), uitgaven in het buitenland, contributies en collegegelden worden bijvoorbeeld wel meegenomen in de nationale index, maar niet in de geharmoniseerde. De consumentenprijsindex voor de monetaire unie (EURO-11, CPIMU) geeft de gemiddelde prijsontwikkeling weer in de 11 landen die met ingang van 1 januari 1999 meedoen in de Economische en Monetaire Unie. De EURO-15 geeft de gemiddelde prijsontwikkeling weer van de 15 lidstaten van de Europese Unie.

Ziektekosten
Met ingang van 1 januari 1999 is een groot aantal huishoudens geconfronteerd met gestegen kosten van de verzekering tegen ziekte-kosten. Deze stijging is niet opgenomen in de consumentenprijsindex.
De premie voor de verplichte ziekenfondsverzekering wordt in de sociaal-economische statistieken beschouwd als een negatieve inkomenscomponent bij de berekening van het besteedbaar inkomen. Ook de premies voor de particuliere ziektekostenverzekering worden bij de berekening van het besteedbaar inkomen op het inkomen in mindering gebracht; de tegemoetkoming van de werkgever in de ziektekosten worden bij het inkomen geteld. De genoemde stijging van de premies ziektekosten komt derhalve niet in de consumentenprijs-index tot uiting, maar wel in de koopkrachtstatistieken van het CBS.

Verwijderingsbijdrage
Voor een aantal producten wordt sinds januari 1999 een verwijderings-bijdrage aan de consument in rekening gebracht. Het betreft producten als koelkasten, televisies, videorecorders en magnetrons. Deze bijdrage wordt door het CBS gerekend tot de prijs van de desbetreffende producten. Het CBS onderzoekt nog of bij de prijswaarneming in januari deze verwijderingsbijdrage in alle gevallen juist is verwerkt. Indien blijkt dat in een aantal gevallen deze verwijderingsbijdrage ten onrechte niet is meegeteld, moeten deze prijzen nog naar boven worden bijgesteld.

Noot voor redacties

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie