Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Ontwerp-besluit inzake afschaffing Grijze Lijst Schengen

Datum nieuwsfeit: 25-02-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten

Ministerie van Buitenlandse Zaken


Aan de voorzitter van de Tweede Kamer

der Staten-Generaal

Binnenhof 4

Den Haag
DIRECTIE PERSONENVERKEER, MIGRATIE EN CONSULAIRE ZAKEN

Afdeling JBZ en Justitiële en Politiële Samenwerking (DPC/JP)

Bezuidenhoutseweg 67

Postbus 20061


2500 EB Den Haag

Datum 17 februari 1999
Kenmerk DPC-JP/66/99
Blad /2
Bijlage(n)
Betreft Schengen/afschaffing Grijze Lijst

Gaarne informeer ik U als volgt over de stand van zaken betreffende het ontwerp-besluit inzake de afschaffing van de Grijze Lijst.

Zoals bekend heeft het Duitse voorzitterschap, op verzoek van Nederland, tijdens de bijeenkomst van het Uitvoerend Comité van 16 december j.l., de Baltische staten aangesproken op hun bereidheid om het VN-verdrag van 28 september 1954 betreffende de status van staatlozen te ondertekenen.

Ook de Nederlandse Ambassades hebben bij de autoriteiten van de Baltische staten navraag gedaan of men bereid is dit VN-verdrag te ondertekenen. Op grond hiervan blijkt het volgende:


1) Litouwen en Letland zijn bereid het VN-verdrag inzake Staatlozen binnen afzienbare tijd te ondertekenen. Door Letland zal dat naar verwacht in de zomer van dit jaar gebeuren. Door Litouwen zal waarschijnlijk reeds in maart van dit jaar tot ondertekening kunnen worden overgegaan;


2) Estland is vooralsnog niet voornemens het VN-verdrag te ondertekenen.

In het licht van bovenstaande informatie en gezien het feit dat de Kamer haar instemming bij brief van 8 februari heeft verleend, zal de Regering met de Benelux-partners in overleg treden over de afschaffing van de Grijze Lijst t.a.v. de Baltische staten. De Regering zal zich niet langer tegen afschaffing van de visumplicht voor Estland, Letland en Litouwen verzetten. Voorts zal de Regering het standpunt van Estland aan de orde stellen bij de eerstvolgende

bijeenkomst van de Centrale Groep op 19 februari a.s. Bovendien zal de Regering de positie van staatlozen in Estland nauwlettend blijven volgen in het kader van de onderhandelingen inzake de toetreding van Estland tot de EU.

Tot slot betreur ik het dat door de opzet van mijn brief van 17 december 1998 u onvoldoende duidelijk was geworden dat het ontwerp-besluit inzake de afschaffing van de grijze lijst de uitdrukkelijke instemming van uw Kamer behoefde. Zoals gebruikelijk was er voor gekozen om aan het slot van de brief te vermelden welke besluiten de instemming van uw Kamer behoefden.

DE STAATSSECRETARIS VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de voorzitter van de Eerste Kamer

der Staten-Generaal

Binnenhof 22

Den Haag DIRECTIE PERSONENVERKEER, MIGRATIE EN CONSULAIRE ZAKEN

Afdeling JBZ en Justitiële en Politiële Samenwerking (DPC/JP)

Bezuidenhoutseweg 67

Postbus 20061


2500 EB Den Haag

Datum 17 februari 1999 Behandeld A. Dellevoet

Kenmerk DPC-JP/66/99 Telefoon (070)3486017

Blad /2 Fax (070) 3485046

Bijlage(n) E-mail DPC/(JP@DPC.minbuza.nl)

Betreft Schengen/afschaffing Grijze Lijst

Gaarne informeer ik U als volgt over de stand van zaken betreffende het ontwerp-besluit inzake de afschaffing van de Grijze Lijst.

Zoals bekend heeft het Duitse voorzitterschap, op verzoek van Nederland, tijdens de bijeenkomst van het Uitvoerend Comité van 16 december j.l., de Baltische staten aangesproken op hun bereidheid om het VN-verdrag van 28 september 1954 betreffende de status van staatlozen te ondertekenen.

Ook de Nederlandse Ambassades hebben bij de autoriteiten van de Baltische staten navraag gedaan of men bereid is dit VN-verdrag te ondertekenen. Op grond hiervan blijkt het volgende:


1) Litouwen en Letland zijn bereid het VN-verdrag inzake Staatlozen binnen afzienbare tijd te ondertekenen. Door Letland zal dat naar verwacht in de zomer van dit jaar gebeuren. Door Litouwen zal waarschijnlijk reeds in maart van dit jaar tot ondertekening kunnen worden overgegaan;


2) Estland is vooralsnog niet voornemens het VN-verdrag te ondertekenen.

In het licht van bovenstaande informatie en gezien het feit dat de Kamer haar instemming bij brief van 8 februari heeft verleend, zal de Regering met de Benelux-partners in overleg treden over de afschaffing van de Grijze Lijst t.a.v. de Baltische staten. De Regering zal zich niet langer tegen afschaffing van de visumplicht voor Estland, Letland en Litouwen verzetten. Voorts zal de Regering het standpunt van Estland aan de orde stellen bij de eerstvolgende bijeenkomst van de Centrale Groep op 19 februari a.s. Bovendien zal de Regering de positie van staatlozen in Estland nauwlettend blijven volgen in het kader van de onderhandelingen inzake de toetreding van Estland tot de EU.

Tot slot betreur ik het dat door de opzet van mijn brief van 17 december 1998 u onvoldoende duidelijk was geworden dat het ontwerp-besluit inzake de afschaffing van de grijze lijst de uitdrukkelijke instemming van uw Kamer behoefde. Zoals gebruikelijk was er voor gekozen om aan het slot van de brief te vermelden welke besluiten de instemming van uw Kamer behoefden.

DE STAATSSECRETARIS VAN BUITENLANDSE ZAKEN

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie