Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

'GS-besluit bouw huisvuilcentrale Alkmaar verantwoord'

Datum nieuwsfeit: 11-03-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Provincie Noord-Holland


3 maart 1999
HVC-centrale

Verantwoord GS-besluit over de bouw van de Huisvuilcentrale te Alkmaar
GS houden vast aan hun standpunt dat het besluit over de bouw van de HVC Alkmaar verantwoord is geweest. In een onlangs door de provincie vrijgegeven rapport van een medewerker, meent deze dat realisatie van de verbrandingsinstallatie niet verantwoord is en een verspilling van gemeenschapsgeld zou zijn. Door de provincie zou zijn gemanipuleerd met cijfers om de noodzaak van twee verbrandingsinstallaties aan te tonen.

In een eerste reactie heeft de provincie het ontvangen rapport als pertinent onwaar genoemd. In deze reactie gaat de provincie in op een aantal hoofdpunten van kritiek.
De provincie wordt verweten bij de beslissing over de bouw te zijn uitgegaan van een te laag becijferd hergebruik van afvalstoffen binnen Noord-Holland om het aanbod van te verbranden afvalstoffen hoger te doen uitkomen. In de reactie van 23 februari jl. bracht de provincie al naar voren dat voor Noord-Holland gerekend is met een lagere hergebruiksdoelstelling dan voor Nederland als geheel. De achtergrond was dat de landelijke doelstelling t.a.v. hergebruik voor een deel al in Noord-Holland was gerealiseerd, waardoor rekening moest worden gehouden met daling in het aanbod van brandbaar afval.
Tot het hergebruik behoort ook het gescheiden inzamelen van groente-, fruit- en tuinafval, het zgn. GFT-afval. Een onderzoek ter onderbouwing van de MER evaluatie, het document waarmee in november 1991 Provinciale Staten haar fiat gaf aan de capaciteit van de HVC te Alkmaar, wees uit dat de helft van het aangeboden huishoudelijk afval bestaat uit GFT-afval. Omdat dit om een theoretische waarde ging is de provincie in de berekeningen uitgegaan van 30% i.p.v. 50% af te scheiden GFT-afval. Dit komt overeen met een jaarlijkse hoeveelheid van 300 kton GFT-afval. Dat de provincie hiermee niet te pessimistisch is geweest, blijkt hieruit dat vorig jaar ondanks alle inspanningen voor intensivering van gescheiden inzameling van GFT-afval, de af te scheiden hoeveelheid ca. 225 kton bedroeg. De inzameling blijft achter, voornamelijk vanwege de problematiek van de gescheiden inzameling in stedelijk gebied, die ook op landelijk niveau te zien is. Het laat zien dat de provincie voortdurend afwegingen en inschattingen heeft moeten maken over de haalbaarheid van hergebruiks- en preventiemogelijkheden en de daar aan gerelateerde verbrandingscapaciteit toen en in de toekomst. Hierover heeft de provincie Provinciale Staten juist geïnformeerd.

De provincie wordt verder verweten de totale capaciteit van de twee verbrandingsinstallaties te groot te hebben bepaald. Gesteld wordt zelfs dat de HVC niet gebouwd had hoeven worden. Dit is pertinent onjuist. Zowel tijdens de vergunningsprocedure (vanaf augustus 1991 t/m mei 1992) als daarna bij de behandeling van twee schorsings-verzoeken en een beroepsprocedure bij de Raad van State is uitvoerig stilgestaan bij de prognoses van het afvalaanbod in Noord-Holland en de hieruit voortvloeiende noodzaak van een tweede AVI voor het gebied ten noorden van het Noordzeekanaal. De MER evaluatie laat zien dat gedurende de periode 1989 - 2010 voor Noord-Holland sprake is van een capaciteitstekort van 8200 kton, indien de HVC Alkmaar niet zou worden gerealiseerd. Gemiddeld per jaar komt dit neer op zo'n 370 kton. Dit komt goed overeen met de ontwerp capaciteit van de HVC Alkmaar, die 385 kton bedraagt.

Bij de behandeling van de ingestelde beroepen in april 1995 is wederom ingegaan op de stellingname dat zelfs op grond van de officiële documenten over de afvalprognoses de AVI te Alkmaar overbodig zou zijn. Hernieuwde prognoses, nu afgezet tegen de in
1993 verwerkte afvalhoeveelheden, leidde tot de conclusie dat een verbrandingscapaciteit benodigd was van ca. 1100 kton per jaar voor de twee afvalverbrandingsinstallaties tezamen. Een vergelijking met de capaciteit van de twee afvalverbrandingsinstallaties met een totale geplande capaciteit 1150 kton, bevestigt opnieuw dat de beslissing om te komen tot een tweede AVI in Noord-Holland juist was. In de huidige situatie verbrandden de twee AVI's in 1998 door optimalisatie van de bedrijfsvoering een hoeveelheid van 1282 kton afval. Het aanbod aan brandbaar afval is echter groter dan nu verwerkt kan worden. Het overschot wordt op diverse stortplaatsen in de Randstad gestort. Het overschot zal alleen maar groter worden wanneer de voorgenomen wetswijziging halverwege dit jaar van kracht zal worden. Door deze wetswijziging zullen de soorten afvalstoffen die niet mogen worden gestort toenemen. Het leidt tot een groter aanbod bij de AVI's.

De besluitvorming van de HVC vond plaats in de tijd waarin het wettelijk verankerde systeem van 'provinciale zelfvoorziening' gold. M.a.w. de provincie was er aan gehouden zorg te dragen voor voldoende voorzieningen om het afval op milieuhygiënische verantwoorde wijze te verwerken. Verder heeft de provincie bij haar besluitvorming rekening gehouden met de levensduur van een afvalverbrandingsinstallatie van ca. 25 jaar. Bij de prognoses over deze periode is aanvankelijk eerst sprake van een overschot aan capaciteit en later van een tekort aan capaciteit. Derhalve diende het besluit niet alleen voor de korte, maar ook met de lange termijn rekening te houden, teneinde een verspilling van gemeenschapsgelden te voorkomen. Het bovenstaande en de voordracht van november 1991 aan de Staten laten duidelijk zien dat de genomen beslissingen juist zijn geweest.

Informatie: Frans Buijs, tel. 023 - 514 38 04

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie