Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Flexibele studiefinanciering past gehandicapten niet

Datum nieuwsfeit: 22-03-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten

Persberichten

• Flexibele studiefinanciering, een stelsel dat niet past (22 maart 1999)

Flexibele studiefinanciering, een stelsel dat niet past (22-3-1999)

Studenten met een handicap hebben geen profijt van de voorstellen van minister Hermans, die hij onlangs presenteerde onder de titel "Flexibele studiefinanciering; een stelsel dat past". De voorstellen komen volledig tegemoet aan de wensen van dè moderne student. De moderne student heeft behoefte aan flexibiliteit. Hij werkt, studeert een tijdje in het buitenland of heeft bestuurlijke werkzaamheden. Door een soepeler systeem van in- en uitschrijving en een diplomatermijn van tien jaar krijgt dè moderne student meer mogelijkheden om zijn studie flexibel te plannen en bijzondere omstandigheden op te vangen. Er wordt rekening gehouden met werken in het verlengde van de opleiding (duale trajecten), werken naast de opleiding (bijverdienen) en maatschappelijke activiteiten (vergroting employability). Dit geldt niet voor studenten met een handicap, luidt de gezamenlijke visie van de Gehandicaptenraad, Landelijke Studenten Vakbond (LSVB), Werkverband Organisaties Chronisch Zieken (WOCZ), Balans, Astma Fonds en Handicap & Studie.

Geen keus

Helaas is het vernieuwde stelsel dat past voor dè student niet passend voor studenten met een handicap, waarbij naast studenten met een functiebeperking of een chronische ziekte, ook studenten met dyslexie worden bedoeld. Deze groep studenten heeft namelijk geen aantrekkelijke keuzes zoals voor dè student wel het geval is. Er valt voor hen niets 'flexibel' te plannen. Een ziekenhuisopname of een tijdelijke verslechtering van het ziektebeeld komt altijd onverwacht en de studiefinanciering is nodig om te kunnen eten, dus die kan tijdens een periode van 'afwezigheid' niet worden stopgezet. Werken 'in het verlengde van' of naast de opleiding is niet aan de orde omdat deze student veelal alle tijd en energie besteedt aan de studie. Studenten met een handicap hebben dan ook niets aan de flexibilisering zoals dit in het vernieuwde stelsel is uitgewerkt. Voor hen verandert er zelfs niet zo veel. De diplomatermijn was voor deze groep al negen jaar. Ook de hoogte van de studiefinanciering blijft gelijk. In feite is er zelfs, ten opzichte van dè student, sprake van een relatieve achteruitgang! De achteruitgang zou zelfs dramatisch uitpakken, wanneer de afstudeersteun op de helling gaat.

Volgens de Wet op het Hoger onderwijs en Wetenschappelijk onderzoek (WHW) heeft een student recht op afstudeersteun als hij door bijzondere omstandigheden niet in staat is zijn studie af te ronden binnen de termijn dat hij recht heeft op gemengde studiefinanciering. Dit is vrijwel altijd van toepassing op studenten met een handicap. Afstudeersteun is - naast het extra jaar studiefinanciering - voor veel studenten met een handicap een broodnodige voorziening die hen in staat stelt de veelal langer durende studietijd te financieren. Het nieuwe stelsel lijkt hier een onaangename verandering in te gaan brengen. In de notitie stelt de minister: "Door verruiming van de studiefinanciering ontstaan voor de student echter meer mogelijkheden zijn studie flexibel te plannen en bijzondere omstandigheden op te vangen (!). In overleg met de VSNU, de HBO-raad en de studentenorganisaties zal worden bezien op welke punten dit moet leiden tot aanpassing van de regelingen voor afstudeersteun."

Hoe verder?

Studenten met een handicap hebben eerst en vooral behoefte aan meer jaren gemengde studiefinanciering, aangezien voor hen de nominale studieduur aanzienlijk langer is dan voor dè student. De lengte van de studiefinanciering moet zijn afgesteld op de persoonlijke studiesituatie van de student met een handicap, die per student verschilt. De lengte van de studiefinanciering, waarbij leeftijd geen rol mag spelen, kan worden bepaald door het hanteren van een individuele indicatiestelling. Ook leenfaciliteiten dienen voor studenten met een handicap aan een aantal voorwaarden te zijn gebonden, aangezien deze groep door gebrek aan tijd en energie geen bijbaantje kan nemen. Bovendien dient bij de wijze waarop de ouderlijke bijdrage wordt berekend - en dus het recht op een aanvullende beurs wordt vastgesteld - rekening te worden gehouden met het feit dat ouders van kinderen met een lichamelijke handicap of chronische ziekte aanzienlijke méérkosten hebben voor het betreffende kind dan de gemiddelde ouder. Er zijn voor hen namelijk altijd kosten die buiten alle regelingen vallen.

Beleid

De wijze waarop in het hoger onderwijs invulling wordt gegeven aan specifiek beleid voor studenten met een functiebeperking is bepalend voor de werkelijke kans op succesvol afronden van de studie. Handicap & Studie heeft eerder dan ook al gepleit voor een beleidsplan 'studeren met een handicap' op elke onderwijsinstelling, waarin aspecten als toegankelijkheid, begeleiding en studeerbaarheid nader zijn uitgewerkt. Een regeling moet de budgettaire gevolgen dragen van de onderwijsinstellingen van de te maken méérkosten voor een 'aangepast hoger onderwijs'. Dit is terug te vinden in de notitie 'Een toegankelijk stelsel studiefinanciering', een gezamenlijke visie van de Gehandicaptenraad, Landelijke Studenten Vakbond, Het Werkverband Organisaties Chronisch Zieken (WOCZ), Balans, Astma Fonds en Handicap & Studie. Deze notitie is in november aangeboden aan de vaste Kamercommissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen en aan Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Daarnaast heeft Handicap & Studie een expertbijdrage geleverd aan het eindrapport 'De kost gaat voor de kennis uit' van het College Toekomst Studiefinanciering.

Verdere kanttekeningen:

- Herkansing eerste jaar prestatiebeurs en diplomeringstermijn m.b.t. prestatiebeurs. Studenten met een functiebeperking kunnen in de huidige regeling een beroep doen op het 'prestatiebeursfonds' van de eigen onderwijsinstelling. De nieuwe regeling is alleen een verbetering omdat het minder rompslomp geeft.

- Leeftijdsgrens.

Recht op studiefinanciering en trekkingsrechten tot 30ste verjaardag, onafhankelijk van de leeftijd waarop men de studie start. In de huidige regeling hebben studenten met een functiebeperking met een late studiestart in het hoger onderwijs (na hun 23ste verjaardag) nu reeds recht op gemengde stufi tot hun 30ste verjaardag. Voor hen verandert er in de nieuwe regeling dus niets. 'Jongere' studenten hebben in de oude regeling na hun 27ste verjaardag alleen leenrechten. De nieuwe regeling betekent alleen dan voor hen een aanzienlijke verbetering indien zij nog 'beursrechten' hebben na hun 27ste verjaardag!

- Flexibel opnemen: verruimen in- en uitschrijfmogelijkheden. In verreweg de meeste gevallen is deze nieuwe regeling voor studenten met een functiebeperking een 'lege' voorziening. Slechts in uitzonderingssituaties zullen zij hier profijt van kunnen hebben.

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie