Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

BUZA: ontwikkelingen in Kosovo

Datum nieuwsfeit: 25-03-1999
Vindplaats van dit bericht
Vindplaats 2
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Buitenlandse Zaken

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer

der Staten-Generaal

Binnenhof 4

Den Haag

DEU

Midden-Europa

Bezuidenhoutseweg 67

Postbus 20061


2500 EB Den Haag

Datum 24 maart 1999
Kenmerk DEU-146/99
Blad /4
Bijlage(n) 1
Betreft Kosovo
C.c.

Zeer geachte Voorzitter,

Mede naar aanleiding van het ordedebat van 23 maart informeren wij u met deze brief over de ontwikkelingen inzake Kosovo sinds het Algemeen Overleg met de vaste commissies voor Buitenlandse Zaken en voor Defensie op 10 maart jl.

Gisteravond heeft de NAVO-raad geconstateerd dat alle mogelijkheden om met diplomatieke middelen een oplossing voor Kosovo te bereiken op dit moment zijn uitgeput. Secretaris-Generaal Solana heeft daarom aan SACEUR de opdracht gegeven om tot uitvoering van luchtacties over te gaan. Deze zijn bedoeld om een halt toe te roepen aan de aanvallen van het Joegoslavische leger en de politie en deze zodanig te verzwakken dat een grotere humanitaire ramp wordt voorkomen, alsmede ter ondersteuning van de internationale inspanningen om de FRJ tot ondertekening van een interim-akkoord te brengen.

In een laatste poging om een politieke oplossing te bewerkstelligen, sprak de Amerikaanse bemiddelaar Holbrooke op 22 en 23 dezer met president Milosevic in Belgrado. Holbrooke heeft hierbij onmiddellijke stopzetting van de Servische militaire operaties in Kosovo geëist, alsmede aanvaarding door Milosevic van het in Rambouillet voorgelegde interim-akkoord, inclusief de stationering van de voorziene implementatiemacht (KFOR) in Kosovo. Deze poging heeft echter niet geleid tot wijzigingen in de Servische opstelling. Ditzelfde gold voor het gesprek dat de drieonderhandelaars Hill, Petritsch en Majorski voorafgaand aan het bezoek van Holbrooke nog met Milosevic hadden.

Zoals bekend werd het overleg in Parijs op 19 maart jl. geschorst. Namens de Kosovo-Albanezen tekenden delegatieleider Thaçi (UÇK), Rugova (LDK), Qosha (LBD) en Surroi (onafhankelijke journalist) op 18 dezer het akkoord, waarvan de inhoud in zijn totaliteit en zonder voorwaarden werd geaccepteerd. De positieve en eensgezinde opstelling van de Kosovo-Albanezen in Parijs dient te worden verwelkomd. De Contactgroep achtte het echter niet zinvol de besprekingen langer voort te zetten als gevolg van de opstelling van de Serviërs, die geen militaire implementatiemacht aanvaardden en bovendien een aantal reeds in Rambouillet overeengekomen aspecten inzake de mate van autonomie voor Kosovo ter discussie wilden stellen. De Servische delegatie heeft uiteindelijk nog wel een ondertekende versie van een alternatief voorstel voor autonomie aan de onderhandelaars overhandigd; dit voorstel was evenwel al eerder door de Contactgroep als volstrekt ontoereikend afgewezen. De na afloop van het overleg in Parijs door de co-voorzitters Cook en Védrine afgelegde verklaring is bijgevoegd. Hierin werd benadrukt dat de besprekingen alleen konden worden hervat als de Serviërs op korte termijn bereid waren hun positie te herzien.

Milosevic weigert niet alleen een akkoord te tekenen, maar negeert ook de eisen uit VR-resoluties 1199 en 1203 en de eerder gemaakte afspraken met de NAVO over aantallen toegestane militaire en politie-eenheden in Kosovo. De schorsing van het overleg in Parijs en de terugtrekking van de KVM op 21 dezer zijn door Milosevic aangegrepen om een grootscheeps offensief met inzet van zware wapens te beginnen, in een kennelijke poging om het UÇK een vernietigende slag toe te dienen. Hierbij is tot op heden met name in noord- en centraal-Kosovo grote schade aangericht. Zeer verontrustend is dat het Joegoslavische leger nu weer op grote schaal huizen verwoest. Als gevolg van het geweld is er sprake van nieuwe stromen ontheemden en een dreigende humanitaire catastrofe. Exacte gegevens zijn nog niet beschikbaar, doch hoogstwaarschijnlijk zijn enkele tienduizenden mensen op de vlucht geslagen als gevolg van het nieuwe geweld.

In het licht van de ontwikkelingen in het onderhandelingsproces en de verslechterde veiligheidssituatie op de grond, besloot de Chairman-in-Office van de OVSE, de Noorse minister van Buitenlandse Zaken Vollebaek, op 21 dezer tot terugtrekking van de KVM naar de FYROM. Deze operatie werd binnen zeven uur uitgevoerd, zonder noemenswaardige problemen of Servische tegenwerking. De OVSE heeft benadrukt dat het om een tijdelijke terugtrekking ging. De Servische autoriteiten hebben inmiddels laten weten dit vertrek als een opzegging van de desbetreffende overeenkomst met de OVSE te beschouwen, waardoor volgens Belgrado van een terugkeer van de missie geen sprake meer zou kunnen zijn. De KVM-leden blijvenvoorlopig in de FYROM, in Ohrid, in afwachting van het moment waarop de FRJ mogelijk het akkoord alsnog zal ondertekenen.

UNHCR schat het aantal sinds het afgelopen weekeinde ontheemd geraakte personen op 15 tot 20.000. Daarmee komt het totale aantal vluchtelingen en ontheemden uit Kosovo op 443.000, oftewel 22% van de bevolking voor het uitbreken van het conflict. Hiervan verblijven 250.000 personen in Kosovo zelf, 25.000 in Montenegro, 30.000 in andere delen van Servië, 9.800 in de FYROM, 10.000 in Bosnië, 18.500 in Albanië en 100.000 in andere Europese landen.

In verband met de veiligheidssituatie in Kosovo hebben de meeste internationale hulporganisaties hun internationale staf teruggetrokken. Het Internationale Comité van het Rode Kruis (ICRC) blijft wel op volle sterkte aanwezig; UNHCR zal de internationale staf tot een minimum beperken. De hulpverlening in Kosovo wordt echter momenteel ernstig belemmerd door de veiligheidssituatie. In aanvulling op de bijdragen die in 1998 reeds werden geleverd, heeft Nederland dit jaar tot nu toe NLG 7,25 miljoen beschikbaar gesteld aan internationale organisaties voor hulpverlening in Joegoslavië, de FYROM en Albanië. Hiervan is NLG 3 miljoen voor UNHCR, NLG 2 miljoen voor het ICRC, NLG 1,5 miljoen voor het Wereld Voedsel Programma en NLG 750.000 voor UNICEF.

De meeste Westerse landen zijn het afgelopen weekeinde overgegaan tot evacuatie van de zgn. "niet-essentiële"staf en familieleden van ambassadepersoneel in Belgrado. Het merendeel van deze landen, waaronder Nederland, is vandaag overgegaan tot sluiting van de post en evacuatie van de resterende staf. Er geldt een negatief reisadvies voor de FRJ en de Republika Srpska (Bosnië); Nederlanders in de FRJ en de RS hebben het advies gekregen het land te verlaten.

De Regering onderschrijft ten volle de verklaring van heden van de Europese Raad inzake Kosovo en hoopt nog steeds dat Milosevic alsnog tot inkeer zal komen. De Algemene Raad van de EU heeft op 22 dezer het Servische offensief in Kosovo en de daarbij toegepaste taktiek van de verschroeide aarde scherp veroordeeld en ernstige zorg uitgesproken over de nieuwe stromen ontheemden en het doden van burgers. De Raad heeft verder steun uitgesproken voor de laatste poging van Holbrooke om Milosevic op andere gedachten te brengen en de FRJ-autoriteiten indringend gewaarschuwd voor de ernstige consequenties indien de militaire activiteiten niet worden gestaakt. Overigens is uit de inmiddels bekend gemaakte resultaten van het onderzoek van het EU-team van Finse forensische experts naar het bloedbad in Raçak gebleken dat de slachtoffers ongewapende burgers waren, echter zonder dat met zekerheid kon worden vastgesteld wie zich hieraan heeft schuldig gemaakt. De OVSE heeft de FRJ-autoriteiten inmiddels opgeroepen om een volledig strafrechtelijk onderzoek in te stellen naar dit bloedbad en de verantwoordelijken te vervolgen.

De Regering is van mening dat de verantwoordelijkheid voor de impasse in het onderhandelingsproces geheel bij president Milosevic ligt. Daarnaast is er sprake van ernstige niet-naleving door de FRJ van de onder hoofdstuk VII van het Handvest van de VN aanvaarde resoluties
1199 en 1203 en van de met de NAVO en de OVSE gemaakte afspraken. Door het grootscheepse militaire offensief dat de FRJ is gestart na het vertrek van de KVM dreigt opnieuw een humanitaire catastrofe.

In onze brief aan de Kamer van 8 oktober jl. werd u reeds geïnformeerd over mogelijke NAVO-luchtaanvallen en de Nederlandse deelname, alsmede de hieraan door de Regering verbonden voorwaarden. Tijdens het Algemeen Overleg met de vaste commissies voor Buitenlandse Zaken en voor Defensie op 8 oktober jl. heeft de Kamer met het kabinetsbesluit terzake ingestemd. De Regering heeft vervolgens op 13 oktober jl. ingestemd met het besluit van de NAVO de militaire autoriteiten te machtigen "activation orders" voor luchtacties tegen de FRJ uit te vaardigen. De Kamer is hierover dezelfde dag schriftelijk geïnformeerd. Er is sedertdien, zoals ook in de reeds genoemde brief aan de Kamer van 8 oktober jl werd toegezegd, maximaal gebruik gemaakt van alle denkbare diplomatieke middelen om tot een vreedzame oplossing van het conflict te komen.

De NAVO-luchtacties zullen gefaseerd worden uitgevoerd en zijn gericht op militaire doelen als luchtafweer, communicatiecentra en militaire stellingen. Het doel van deze luchtacties is om Milosevic te dwingen de internationale eisen na te leven, af te zien van verder geweld tegen de bevolking van Kosovo en alsnog over te gaan tot ondertekening van het concept-akkoord. De NAVO kan bij de uitvoering van de acties een beroep doen op zestien Nederlandse, in Amendola (Italië) gestationeerde, F-16 vliegtuigen en op twee KDC10 tankervliegtuigen. Deze zijn op 8 oktober 1998 ter beschikking gesteld van de NAVO.

Wij zullen u van verdere ontwikkelingen op de hoogte houden.

de Minister van Buitenlandse Zaken de Minister van Defensie

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie