Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Gelderse reactie op nota/MER noord-oostelijke verbinding

Datum nieuwsfeit: 06-04-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Provincie Gelderland

Provinciale reactie op trajectnota/MER noord-oostelijke verbinding

31 maart 1999

Nr. 99-143

Gelderland heeft voorkeur voor het D-tracé op de Oost-IJsseloever en dringt aan op goede afspraken met het Rijk over zo kort mogelijke interimperiode en snelle aanleg

In haar reactie op de trajectnota/MER Noord-oostelijke verbinding Betuweroute dringt de provincie Gelderland bij minister Netelenbos (Verkeer en Waterstaat) aan op een snelle realisatie van een nieuwe Noord-oostelijke verbinding in Gelderland volgens het D-tracé op de Oost-IJsseloever. Om het project te bespoedigen moeten Rijk, provincie en gemeenten goed samenwerken. Daarvoor moet een aantal heldere afspraken vastgelegd worden in een bestuursovereenkomst. Belangrijk is dat de minister zo snel mogelijk onrust en onzekerheid over langdurig gebruik van bestaand spoor wegneemt.

De provincie wil in de bestuursovereenkomst onder meer goede afspraken over begrenzing van de interimperiode (maximaal 5 jaar) tussen gereedkomen van de Betuweroute en aanleg van een nieuwe Noordoostelijke verbinding.
De provinciale reactie wordt op 23 april behandeld in de provinciale Commissie Verkeer en Waterstaat. Daarna wordt de reactie aan minister Netelenbos verzonden.

In haar reactie schrijft de provincie geen voorstander te zijn van maatregelen gericht op het vergroten van de capaciteit van bestaand spoor voor goederenvervoer tijdens de interimperiode. De provincie constateert dat de Interimnotitie op diverse plaatsen onvoldoende uitgewerkt is. De voorgestelde maatregelen richten zich vrijwel uitsluitend op het creëren van extra capaciteit op bestaand spoor. De invalshoek van de lokale inpasbaarheid ontbreekt, net als die van de wen selijkheid en het draagvlak, terwijl de voorgestelde maatregelen sterk ingrijpen op de dagelijkse leefomgeving van de doorsneden stads- en dorpsgebieden. De provincie heeft de indruk dat bij een verdere detaillering van de voorgestelde maatregelen de door NS-RIB geraamde kosten nog zullen stijgen. Daarom kan de minister beter geld en energie stoppen in het realiseren van een nieuwe Noordoostelijke verbinding.

Voor een interimperiode van een beperkt aantal jaren zijn de huidige gebruiksmogelijkheden van bestaand spoor Arnhem-Zutphen-Deventer in combinatie met de Weesp'-route nog voldoende. Wel zijn saneringsmaatregelen aan het bestaande spoor noodzakelijk. In de eerste plaats om de huidige overlast te verminderen, maar daarnaast omdat het aantal treinen in de nachtperiode ook bij een begrensde interim-periode zal toenemen. De provincie geeft als suggesties om houten bielzen te vervangen door betonnen dwarsliggers en het rijden met lagere snelheden gedurende de nachtperiode. Daarnaast moeten de veiligheidsrisico's als gevolg van het vervoer van gevaarlijke stoffen gedurende de interimperiode tot een acceptabel niveau beperkt worden. De provincie denkt daarbij aan het niet toestaan van vervoer van bepaalde gevaarlijke stoffen (met name LPG) of aan speciale, extra veilige transporten.

Gelders voorkeurtracé
Al in 1993 heeft de provincie de samenhang van Betuweroute en Noord-oostelijke verbinding onder de aandacht gebracht van de toenmalige minister en Tweede Kamer. De Kamer nam indertijd een breedgedragen motie aan met als strekking dat de Noord-oostelijke aftakking zo kort mogelijk na de openstelling van de Betuweroute gereed zou moeten zijn. De ontkoppeling dwingt de provincie te kiezen uit twee op zich ongewenste mogelijkheden: structureel gebruik van bestaand spoor, of een geheel nieuwe doorsnijding van nu nog redelijk gave delen van de provincie.

Al in de brief van het Gebundeld Bestuurlijk Overleg Noordtak van 5 november 1998 is een voorlopige voorkeur uitgesproken voor het D-tracé (Oost-IJsseloever). Nu kiest Gelderland net als de provincie Overijssel definitief voor het D-tracé (vanaf Lochem over bestaand spoor via Goor, Delden, Hengelo en Oldenzaal). Gelijk met deze keuze neemt de provincie de verplichting op zich een maximale inspanning te leveren aan het realiseren van een brede, hoogwaardige inpassing. Het Gebundeld Bestuurlijk Overleg Noordtak laat voor het Gelders tracégebied onderzoek uitvoeren waarbij gezocht wordt naar aanknopingspunten en mogelijkheden voor zo'n inpassing, naast een inventarisatie van knelpunten. Er is sprake van een aantal grote knelpunten, zowel van landschappelijke aard als op het gebied van leefbaarheid.
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met:
* de dienst Wegen, Verkeer en Vervoer, de heer W. Hombrink, tel. (026) 359 8437, e-mail: (w.hombrink@prv.gelderland.nl)
* de afdeling Communicatie, de heer M. Coops, tel. (026) 359 90 18, e-mail: (m.coops@prv.gelderland.nl)

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie