Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Herzien BBP bijna 32 miljard gulden hoger

Datum nieuwsfeit: 27-04-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
CBS Persbericht

Datum: 27-04-99

Herzien BBP bijna 32 miljard gulden hoger

Door een herziening van definities en berekeningsmethoden komt de raming van het bruto binnenlands product (BBP) voor 1998 4,2% hoger uit. Deze bijstelling wordt grotendeels veroorzaakt door de verplichte toepassing in alle lidstaten van de Europese Unie van nieuwe voorschriften voor het samenstellen van Nationale Rekeningen. Deze voorschriften worden per 1 mei van dit jaar ingevoerd. Hierdoor zijn de Nationale Rekeningen, de statistische beschrijving van de economie die het CBS samenstelt, voortaan nauwkeuriger en wereldwijd beter vergelijkbaar. De herziening heeft ook gevolgen voor beleidsindicatoren. Zo wordt het vorderingentekort van de overheid in 1998 geraamd op 0,7% van het BBP in plaats van 0,9%. De herziene Nationale Rekeningen geven onder meer een beter beeld van een aantal relatief recente ontwikkelingen, zoals het sterk toegenomen belang van dienstverlening, automatisering en kennis.

Effect op het overheidstekort per jaar verschillend

Door de aanpassingen komt het vorderingentekort van de overheid in 1998 uit op 0,7% van het BBP in plaats van 0,9%. Dit effect is niet structureel. In 1997 komt het tekort door de aanpassingen juist hoger uit: 1,2% van het BBP in plaats van 0,9%. Op de overheidsschuldquote hebben de bijstellingen wel een structureel verlagend effect. In procenten van het BBP komt de schuld jaarlijks ruim 2%-punt lager uit.

Bestedingen: grotere rol investeringen

Bij de beschrijving van de bestedingenkant van de economie neemt het belang van de investeringen toe. Dit komt vooral door de uitbreiding van het investeringsbegrip met software en andere immateriële activa. In totaal vallen de investeringen in 1998 bijna 16% hoger uit.

Bij de buitenlandse handel zijn zowel de invoer- als de uitvoercijfers verhoogd. Beide komen als gevolg van de herziening om en nabij 50 miljard gulden hoger uit.

De consumptieve bestedingen komen per saldo 2,9% hoger uit, grotendeels door een hogere raming van de overheidsconsumptie.

Inkomensverdeling: afschrijvingen belangrijker

Aan de inkomenskant zijn vooral de afschrijvingen aangepast: ze komen 37% hoger uit. De uitbreiding van het investeringsbegrip en de introductie van afschrijvingen op dijken, wegen en andere infrastructuur spelen daarbij een belangrijke rol.

De beloning van werknemers wordt 5% verhoogd, onder andere door de gewijzigde registratie van de lonen in natura en van betalingen aan medewerkers van sociale werkplaatsen. Het netto exploitatieoverschot van ondernemingen en het gemengd inkomen van zelfstandigen worden tezamen 7% lager geraamd.

Beschrijving productiestructuur

De raming van de toegevoegde waarde van de landbouw is 10% verhoogd. Bij de nijverheid bedraagt de bijstelling 7%, vooral door de andere registratie van medewerkers van sociale werkplaatsen. De toegevoegde waarde van de diensten komt 3% hoger uit. Enerzijds valt het aandeel van de overheid hoger uit, anderzijds wordt het aandeel van de banken iets kleiner, door een andere registratie van de rentemarge. Ook het aandeel van de bedrijfsklasse vervoer over land wordt kleiner, door de splitsing van de geprivatiseerde NS in meerdere zelfstandige bedrijfseenheden (die deels een andere hoofdactiviteit hebben dan vervoer). Verder neemt het belang van de verhuur en handel van onroerend goed in de beschrijving van de economie af, door een lagere raming van de toegerekende huurwaarde van eigen woningen (een soort "huurwaardeforfait").

Arbeidsvolume 4% hoger geraamd

De raming voor het arbeidsvolume valt 4% hoger uit. De herziening is bovendien aangegrepen om de gegevens uit de Nationale Rekeningen en de Arbeidsrekeningen van het CBS op elkaar aan te sluiten.

Bijstelling NNI kleiner

De aanpassing van het netto nationaal inkomen (NNI) is veel geringer dan die van het BBP. Dit komt vooral doordat de opwaartse bijstelling van de afschrijvingen bij het NNI geen rol speelt. In 1995 komt het NNI door de herziening 1,1% hoger uit. Deze verhoging komt grotendeels doordat nu ook de ingehouden winst van buitenlandse dochterondernemingen tot het NNI wordt gerekend. Als gevolg van het relatief grote belang van multinationals voor de Nederlandse economie is in 1995 de ingehouden winst van buitenlandse dochterondernemingen van Nederlandse bedrijven ruim 8 miljard gulden hoger dan de ingehouden winst van Nederlandse dochterondernemingen van buitenlandse bedrijven.

Technische toelichting

De bijstelling van economische kerncijfers is het resultaat van een algehele revisie van de Nationale Rekeningen. Deze aanpassingen hangen samen met de invoering van de nieuwste internationale richtlijnen, zoals vastgelegd in het wereldwijd toegepaste System of National Accounts van de Verenigde Naties en het daarvan afgeleide Europees Systeem van Nationale en Regionale Rekeningen 1995 (ESR 1995). Veel andere lidstaten van de Europese Unie komen deze week ook met herziene macro-economische cijfers.
De belangrijkste oorzaken van de bijstelling van het BBP in 1995 zijn:
* Voortaan wordt ook afgeschreven op wegen, dijken, rioleringen en andere infrastructuur; hierdoor stijgen de bruto kosten van het algemeen overheidsbestuur en dat heeft een opwaarts effect op het BBP van 1,4%.

* Software wordt in het vervolg beschouwd als een kapitaalgoed; deze activering verhoogt het BBP met 0,8%.

* De betalingen aan alle medewerkers van sociale werkplaatsen worden voortaan geregistreerd als loon en niet langer grotendeels als een sociale uitkering; hierdoor stijgt de toegevoegde waarde van sociale werkplaatsen en gaat dus ook het BBP omhoog, namelijk 0,6%.

* Een gewijzigde registratie van de "auto van de zaak" en andere vormen van loon in natura leidt tot een opwaartse bijstelling van de loonsom; het effect daarvan op het BBP bedraagt 0,4%.
* Door een veranderde berekeningswijze van de productiewaarde van verzekeringsdiensten komt het BBP 0,4% hoger uit.

De belangrijkste registratiewijzigingen bij de overheidsrekeningen zijn de volgende:

* Een aantal belastingen, zoals de loonbelasting, wordt niet langer op kasbasis geboekt maar op transactiebasis (het moment van de aanslag wordt bepalend); hierdoor wordt onder andere de eindafrekening van afgedragen premies tussen sociale fondsen en de rijksoverheid nu op een consistente wijze weergegeven.
* Een aantal niet-verplichte sociale fondsen, zoals de VUT-fondsen, wordt niet langer tot de overheid gerekend.

De investeringen vallen vooral hoger uit door de uitbreiding van het investeringsbegrip met immateriële activa, zoals software, exploratie van aardgasreserves en originelen van cd’s, films en dergelijke. Daarnaast omvatten de investeringen voortaan ook de aankopen door Defensie van duurzame goederen die voor "civiele" doeleinden kunnen worden gebruikt.

Voor de verhoging van de in- en uitvoer zijn twee belangrijke redenen.
* De registratiewijze van distributiecentra en dergelijke is veranderd, waardoor er nu minder doorvoer en meer invoer alsmede wederuitvoer geboekt wordt.

* Bij veredeling (deelbewerkingen in het buitenland van textiel, schoeisel, elektronica, en dergelijke) wordt nu de totale waarde van de uitgaande en inkomende goederen als uitvoer en invoer beschouwd, terwijl voorheen alleen het saldo van die handelsstromen werd geboekt (als invoer).

De overheidsconsumptie valt met name hoger uit doordat voortaan ook wordt afgeschreven op infrastructuur en doordat een aantal grotendeels door de overheid gefinancierde private instellingen nu tot de overheid worden gerekend.

Begrippen

Het bruto binnenlands product (BBP) is de indicator van de totale toegevoegde waarde in een land.

Het bruto nationaal product (BNP) geeft het totale inkomen uit productie weer van de ingezetenen van een land. Het BNP wordt bepaald als het BBP vermeerderd met de per saldo uit het buitenland ontvangen lonen, winsten en rente.

Het netto nationaal inkomen (NNI) is het totale inkomen dat door Nederlandse ingezetenen wordt verdiend, waarbij de afschrijvingen buiten beschouwing worden gelaten. Het NNI wordt berekend als het BNP verminderd met de afschrijvingen.

Achtergrondinformatie

Voor achtergrondinformatie en meer details over de revisie van nationale rekeningen kunt u contact opnemen met het Centraal Bureau voor de Statistiek, dhr. dr S.J. Keuning, tel. (070) 337 48 23; e-mail: (skng@cbs.nl). Overige informatie kunt u verkrijgen bij de persdienst van het CBS, tel. (070) 337 58 16.
Tabel 1: Nieuwe macro-economische kerncijfers, 1998 Niveau (mld.gld.) Bijstelling (%)
Bruto binnenlands product (m.p.)

782

4,2

Consumptieve bestedingen

563

2,9 Investeringen

174

15,8

Invoer

419

15,7 Uitvoer

463

11,8

Beloning van werknemers

387

4,8 Exploitatieoverschot/

gemengd inkomen (netto)

196


-7,1 Afschrijvingen

115

36,6

Tabel 2: Het vorderingentekort van de overheid in % BBP 1995 1996 1997 1998
Voor herziening

4,0

2,0

0,9

0,9 Na herziening

4,2

1,6

1,2

0,7

Bijstelling +0,2 -0,4 +0,3 -0,2

Tabel 3: Belangrijkste aanpassingen met gevolgen voor BBP, 1995 In kader ESR Effect op BBP in %-punt
Introductie afschrijvingen op infrastructuur ja

1,4 Behandeling software als kapitaalgoed ja

0,8 Registratie medewerkers sociale werkplaatsen ja

0,6 Gewijzigde registratie "auto van de zaak", e.d. ja

0,4 Herziene berekening verzekeringsproductie ja

0,4 Boeking investeringen nu ook bij defensie ja

0,2 Andere aanpassingen boekhoudvoorschriften ja

0,8 Overige herzieningen nee


-0,5

Totale aanpassing BBP (1995)

4,1

© Centraal Bureau voor de Statistiek, Voorburg/Heerlen, 1999 Bronvermelding is verplicht.
Verveelvoudiging voor eigen gebruik of intern gebruik is toegestaan.

Laatst gewijzigd: 27 april 1999

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie