Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Besluit fiscale behandeling aandelenleaseproducten

Datum nieuwsfeit: 27-04-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Financien

Titel: Fiscale behandeling aandelenleaseproducten



Besluit van de Staatssecretaris van Financiën van DB99/1464M

De plaatsvervangend directeur-generaal der Belastingen heeft namens de Staatssecretaris van Financiën het volgende besloten.

Besluit van 27 april 1999, nr. DB99/1464M,

Inleiding

Met enige regelmaat verschijnen zogenoemde aandelenleaseproducten op de markt. Met betrekking tot een aantal van die producten geef ik - in vervolg op mijn berichten aan de desbetreffende aanbieders - hieronder weer op welke wijze de behandeling daarvan voor de heffing van inkomstenbelasting dient plaats te vinden. Het gaat om de volgende producten:

* Legio-Lease Jubileumplan (uitgegeven in de periode maart 1995 tot en met december 1995)

* Legio-Lease Agiostock Jubileumplan (uitgegeven in de periode juni 1995 tot en met augustus 1995)

* Legio-Lease Agiostockplan Plus (uitgegeven in de periode april 1995 tot en met december 1995)

* Labouchere Security Efffect (uitgegeven in de periode januari 1996 tot en met maart 1997)

Productbeschrijving

De onderhavige producten hebben de volgende kenmerken. Particuliere beleggers krijgen de gelegenheid om een pakket beursgenoteerde aandelen te leasen. De lease-overeenkomst voorziet in een (nagenoeg) aflossingsvrije financiering van de volledige aankoopprijs van het aandelenpakket. De looptijd van de overeenkomst is 60 maanden. Gedurende de looptijd blijft de (juridische) eigendom van de aandelen berusten bij de lessor. Na ommekomst van de looptijd van 60 maanden is het de bedoeling dat het aandelenpakket wordt verkocht. Met de verkoopopbrengst wordt de hoofdsom van de financiering afgelost. De beleggers hebben dan de garantie dat de verkoopopbrengst van het aandelenpakket minimaal gelijk zal zijn aan de aankoopprijs. Het risico dat samenhangt met deze garantie is door de aanbieder van het product afgedekt door middel van een optie. De beleggers zijn geen partij bij het optiecontract.

De beleggers betalen een prijs van 5% van de feitelijk behaalde koerswinst voor deze garantie. Indien geen koerswinst wordt gerealiseerd zijn de beleggers ter zake van de garantie derhalve niets verschuldigd.

Fiscale kwalificatie

Voor de belastingheffing wordt in beginsel aangesloten bij de civielrechtelijke inhoud van de tussen partijen gesloten overeenkomst. De zelfstandige beoordeling voor de heffing van inkomstenbelasting van de feiten kan echter tot een andersluidende duiding van de overeenkomst leiden.

De hiervoor beschreven kenmerken van de producten zijn door de Belastingdienst beoordeeld teneinde te bezien of deze kenmerken aanleiding geven tot een (her-) kwalificatie van de overeenkomst op zodanige wijze dat de beleggers in feite een geldsom ter beschikking stellen aan de aanbieder van het product op welke geldsom een (variabele) rentevergoeding wordt ontvangen.

In de onderhavige gevallen heeft de belegger de garantie dat hij in elk geval zijn inleg ontvangt. Hier bovenop komt een eventuele koerswinst, verminderd met de hiervoor vermelde 5%.

Gelet op het voorgaande deel ik de conclusie van de Belastingdienst dat de beoordeelde producten zijn aan te merken als overeenkomsten van geldlening waarvan de opbrengst afhankelijk is van de waarde van een pakket aandelen.

Het gevolg van deze kwalificatie is dat de jaarlijks door de beleggers ten titel van dividend ontvangen bedragen als ontvangen rente in aanmerking dienen te worden genomen. De ingehouden dividendbelasting kan als voorheffing worden verrekend met de verschuldigde inkomstenbelasting. De dividendvrijstelling is echter niet van toepassing. De opbrengst die na afwikkeling van de overeenkomst per saldo aan de belegger wordt uitgekeerd, wordt bij hem als ontvangen rente in aanmerking genomen. Indien de belegger kiest voor een uitkering in aandelen wordt de waarde van de uitgekeerde aandelen als rente aangemerkt. Het voorgaande geldt eveneens bij tussentijdse beëindiging van de overeenkomst. Bij vervreemding van het product dient het verschil tussen het ingelegde en het ontvangen bedrag op grond van artikel 27, eerste lid, eerste volzin van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 in aanmerking te worden genomen.

Tot slot

De aanbieders van de hiervoor genoemde producten dienen de als rente aan te merken bedragen op reguliere wijze in de renterenseignering te betrekken.

Vragen over de werking van dit besluit, of over de toepassing van dit besluit op andere dan de genoemde producten moeten worden voorgelegd aan de Kennisgroep Bancaire Producten, door tussenkomst van de Portefeuillehouder IB-niet winst van de Belastingdienst/Directie Particulieren te Utrecht.

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie