Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Brief BUZA inzake financiering oorlog in Rwanda

Datum nieuwsfeit: 17-05-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Buitenlandse Zaken

Aan de Voorzitter van de

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Binnenhof 4,

Den Haag

Sub Sahara Afrika

Midden-Afrika

Bezuidenhoutseweg 67

Postbus 20061


2500 EB Den Haag

Datum 17 mei 1999
Kenmerk 549/99
Blad /4
Bijlage(n) -
Betreft Financiering oorlog in/door Rwanda
C.c.

Zeer Geachte Voorzitter

Tijdens het Algemeen Overleg van 18 maart j.l. verzocht het lid van de Algemene Commissie voor Europese Zaken uwer Kamer, Mevrouw Karimi, om explicitering van mogelijke 'derden', die het oorlogsgeweld in Rwanda lijken te financieren. Tevens memoreerde Mevrouw Karimi dat de gegevens over besteding van overheidsgelden in de regio geen afdoende antwoord geven op de vraag waar het geld voor alle gebruikte wapens vandaan komt en dat om die reden inwilliging door betrokken landen van de eis hun defensie-uitgaven te verminderen het geweld dan ook niet noodzakelijkerwijs zal doen afnemen.

Voor wat betreft de gewelddadigheden in Rwanda, die zich met name in het Noordwesten concentreerden, kan ik u, mede namens mijn ambtgenote voor Ontwikkelingssamenwerking, meedelen dat sedert december 1998 sprake is van een relatieve rust in het land. De gewelddadigheden, die zich in Rwanda voordeden werden volgens mij ter beschikking staande gegevens voornamelijk veroorzaakt door aanvallen van de uit Rwanda verjaagde ex-FAR (leden van de voormalige Forces Armées Rwandaises) en Interahamwe (bij de genocide betrokken Hutu-milities) die de genocide willen 'afmaken'. Deze infiltranten zijn inmiddels grotendeels van Rwandees grondgebied verdreven.

Voor de gewenste gegevens over de bedoelde geldstromen is de Nederlandse regering onvermijdelijk in overwegende mate aangewezen op externe informatiebronnen, zoals de Verenigde Naties. Voor nadere informatie betreffende mogelijke 'derden' die het oorlogsgeweld in Rwanda leken te financieren, mag ik met name verwijzen naar het bijgevoegde rapport van de VN Onderzoekscommissie Illegale Wapenstromen naar Rwanda, dat in november 1998 is uitgebracht. (S/1998/1096 dd. 18 november 1998). In dit rapport worden niet zo zeer de wapenstromen geschetst als wel de bewegingen van de in 1994 uit Rwanda verjaagde ex-FAR en Interahamwe, die de wapens dragen. De Onderzoekscommissie schat het aantal ex-FAR en Interahamwe, waarschijnlijk versterkt met nieuwe rekruten, op 40.000 tot 50.000 man en concludeert verder dat de ex-FAR en Interahamwe zich na hun nederlaag in 1994 met succes hebben gehergroepeerd tot een belangrijke component van de internationale alliantie tegen de Congolese opstandelingen en tegen Rwanda en Uganda. De Onderzoekscommissie is overtuigd dat de ex-FAR en Interahamwe wapens en munitie hebben ontvangen van gewapende (oppositie)groepen in Angola, Burundi, Uganda en van de regering van de DR Congo en mogelijk van Rwandese - al dan niet met de genocide geassocieerde - opposantengroepen uit de diaspora. Ter financiering van hun wapenhandel zouden de ex-FAR en Interahamwe zich in de drugshandel hebben begeven, waarbij de havenplaatsen Mombasa en Dar es Salaam als doorvoercentra worden genoemd.

Gegevens over besteding van overheidsgelden geven niet het volledige antwoord op de vraag waar het geld voor wapens vandaan komt. Financiering van wapens loopt immers niet noodzakelijkerwijs via het officiële defensiebudget en zelfs niet per definitie via overheden. Diverse partijen (particulieren, private ondernemingen enz.) kunnen om hen moverende redenen partij zijn in een oorlog, of althans bereid zijn om wapens te leveren. De (illegale) wapenhandel is ondoorzichtig en soms verknoopt met legitieme transacties in de private sfeer. Zo komt het voor dat bij de verkoop van civiele goederen betaling in wapens wordt verlangd. Inzicht te verkrijgen in dergelijke transacties is dan ook buitengewoon moeilijk.

Ik onderschrijf de gedachte dat gevolg geven door de betrokken landen aan de eis hun defensie-uitgaven te beperken, het geweld niet per definitie zal doen afnemen. Om tot vermindering van het geweld te komen, is een politieke oplossing noodzakelijk. De bij het conflict betrokken staten zullen bereid moeten zijn de wapens neer te leggen en adequate controle uit te oefenen op de (illegale) handel van producten, zowel importen als exporten. In uitgestrekte gebieden met een slechte infrastructuur zoals de DR Congo is dit geen eenvoudige zaak. Bovendien zullen ook Westerse, Oost-Europese en Aziatische en andere landen moeten meewerken teneinde de wapenhandel naar en binnen Afrika te beperken.

In dit verband heeft Nederland in de EU voorgesteld de naleving van de bestaande wapenembargo's alsmede de implementatie van de EU Gedragscode inzake Wapenexporten te herbevestigen in een Politieke Verklaring, die in het bijzonder aandacht zou moeten schenken aan de situatie in het Grote Meren Gebied. Tevens heeft Nederland voorgesteld de illegale wapenhandel naar deze regio expliciet aan de orde te stellen tijdens de periodieke bijeenkomsten met de Geassocieerde Landen.

Financiering betrokkenheid Rwanda in DRC-conflict

Volgens schattingen van de Wereldbank waren de defensie-uitgaven over
1998 4,2%, hetgeen hoger is dan de voor dat jaar gestelde target van
3,8%. Deze overschrijding is door de Rwandese autoriteiten verklaard uit de defensie-inspanningen in noordwest Rwanda (infiltranten-oorlog) en de incorporatie van 10.000 ex-FAR soldaten in het leger. De Mid Term Review van het IMF, die in maart j.l. plaats vond, verklaarde Rwanda nog steeds 'on track'. Doelstelling, overeengekomen met de Internationale Financiële Instellingen (IFI's), is de militaire uitgaven over 1999 te beperken tot 3,9% van het BNP. Met betrekking tot de fungibiliteit van de hulp verwijzen wij naar de brief van de Minister voor Ontwikkelingssamenwerking aan uw Kamer van 7 december
1998, kenmerk CP-931/98. Het is overigens geenszins uitgesloten dat alle partijen in het Congolese conflict hun oorlogsoperaties mede financieren uit de handel in goud en andere in de regio aan te treffen grondstoffen.

De Rwandese autoriteiten hebben bij diverse gelegenheden steeds aangegeven dat de enige reden van Rwanda's betrokkenheid bij het conflict in de DR Congo gelegen is in de veiligheidssituatie van het eigen land. Dit werd nog eens bevestigd door Dr. Kaberuka, Rwandees Minister van Financiën en Planning, tijdens zijn bezoek aan Nederland op 25 maart j.l. Volgens de Minister houdt Rwanda zijn militaire uitgaven nog redelijk onder controle door beheersing van de personele en materiële kosten. Rwanda zou ook geen kostbare militaire uitrusting hebben. Het aanpakken van het probleem van de Interahamwe zou zijns inziens meer aandacht moeten krijgen, ook internationaal.


De ontwikkelingen op het gebied van wapenstromen alsmede defensie-uitgaven van de landen in de Grote Meren Regio blijft mijn nadrukkelijke aandacht houden en in voorkomend geval zal ik Uw Kamer over nieuwe ontwikkelingen terzake nader informeren.

De Minister van Buitenlandse Zaken

J.J. van Aartsen

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie