Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Antwoord kamervragen kosten werderopbouw Kosovo

Datum nieuwsfeit: 09-06-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Buitenlandse Zaken

Aan de Voorzitter van de

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Binnenhof 4

Den Haag

Datum 9 juni 1999
Kenmerk 357/99
Blad /4
Bijlage(n)
Betreft de kosten voor de werderopbouw van Kosovo C.c.

Zeer geachte Voorzitter,

Onder verwijzing naar de brief van de Griffier Uwer Kamer d.d. 18 mei
1999, kenmerk 2989913150, waarbij gevoegd waren de door de leden Vendrik en Vos (beiden Groen Links) overeenkomstig artikel 134 van het Reglement van Orde van de Tweede Kamer bij U ingediende vragen, hebben wij de eer U als bijlage dezes het antwoord op de gestelde vragen te doen toekomen.

De Minister van Buitenlandse Zaken

De Minister van Financiën


2989913150

Vragen van de leden Vendrik en Vos (beiden Groen Links) over de kosten van de wederopbouw van Kosovo (Ingezonden 18 mei 1999)

Vraag 1:

Bent u op de hoogte van het artikel "Ecofin tegen hoger budget Kosovo"?

Antwoord 1:

Ja.

Vraag 2:

Is het waar dat de EU-ministers van Financiën verwachten de kosten voor wederopbouw van Kosovo en de herstructurering van het gehele Balkan gebied te financieren binnen de financiële perspectieven zoals vastgesteld voor de begrotingsperiode 2000-2006? Is dit volgens u reëel?

Vraag 4:

Hoe rijmt u de verklaring van de EcoFin Raad met het voorstel van de ministers van Buitenlandse Zaken inzake het oprekken van de EU-begroting mocht de opbouw van Kosovo en de herstructurering van de gehele Balkan dat vergen?

Antwoorden op vraag 2 en 4:

Op 6 mei jl. hebben het Europees Parlement, de Raad en de Commissie een Interinstitutioneel akkoord afgesloten over de begrotingsdiscipline en de verbetering van de begrotingsprocedure. De Financiële Perspectieven maken een integrerend deel uit van dit akkoord. In het akkoord is een verklaring opgenomen van het Europees Parlement en de Raad over EU-middelen voor Zuid-Oost Europa. De verklaring luidt als volgt: Gelet op de ontwikkeling van de situatie in de Balkan, metname in Kosovo, nodigen de twee takken van de begrotingsautoriteit de Commissie uit om, wanneer de behoeften zullen zijn vastgesteld en geraamd, de nodige voorstellen op begrotingsgebied in te dienen, met inbegrip, in voorkomend geval, van een voorstel tot herziening van de Financiële Perspectieven.

De EcoFin Raad heeft op 10 mei over additionele financiële middelen in verband met de Kosovo-crisis gesproken. Het uitgangspunt dat additionele middelen voor deze regio nodig zijn, stond hierbij niet ter discussie. De discussie concetreerde zich op de vraag hoe deze middelen gevonden zouden moeten worden. Nederland heeft in dit kader geopperd via een herschikking van de prioriteiten meer ruimte te creëren. Deze inzet kreeg bijval van verschillende lidstaten.

Op dit moment is de financieringsbehoefte van de regio nog niet precies aan te geven. De Commissie heeft nog geen inzicht in de omvang van de schade en de additionele middelen die ten laste van de EG-begroting moeten worden gebracht zijn derhalve nog niet bekend.

Daarnaast zullen de middelen van de Europese Unie onderdeel zijn van een bredere internationale inzet (vide antwoord 3).

Tot slot zijn, indien extra middelen gevonden moeten worden op de EG-begroting nog diverse stadia te gaan zoals een aanpassing van de prioriteitsstelling, en besteding van de onderuitputting. Pas als dit niet toereikend zou blijken te zijn kan herziening van de Financiële Perspectieven overwogen worden, waartoe ook een verschuiving tussen begrotingscategorieën wordt gerekend.

Vraag 3:

In hoeverre zijn er onderhandelingen gaande tussen de EU, de Wereldbank, de Oost-Europa Bank, en de afzonderlijke EU-lidstaten inzake de opbouw van Kosovo en de herstructurering van het gehele Balkan gebied?

Antwoord 3:

De Tweede Kamer is per brief van de Minister voor Ontwikkelingssamenwerking DEU-239/99 van 5 mei jl. op de hoogte gesteld van de eerste besprekingen die in Washington, mede op Nederlands initiatief, hebben plaatsgevonden over de economische en sociale gevolgen van de Kosovo-crisis voor de meest getroffen omringende landen op 27 april jl. Voorts zijn er inmiddels voor Bulgarije, Macedonië, Bosnië-Herzegovina en Albanië donorbijeenkomsten gehouden. Middels de brieven van de Minister van Defensie en Minister van Aartsen van 27 april (DEU-231/99), 7 mei (DEU-240/99, 18 mei (DEU-245/99) en 26 mei (DEU-270/99 jl. bent u geïnformeerd over deze bijeenkomsten alsmede over de Nederlandse bijdrage tijdens deze conferenties.

Inmiddels hebben de Wereldbank en Europese Commissie een kleine Taskforce opgericht om de hulpacitiviteiten van de internationale gemeenschap hieraangaande te coòrdineren.

Ten slotte wordt de economische hulp aan de regio afgestemd op het EU-initiatief om te komen tot een Stabililteitspact voor Zuid-Oost Europa (zie eveneens bovengenoemde brieven aan de Tweede Kamer). De EBRD is één van de organisaties die betrokken zijn bij het initiatief onder leiding van het EU-Voorzitterschap (Duitsland), om te komen tot een Stabiliteitspact voor Zuid-Oost Europa.

Inzake de wederopbouw van Kosovo en de terugkeer van vluchtelingen vindt vooralsnog slechts op informele basis overleg plaats tussendiverse donorlanden, waaronder Nederlan. Eerst zal een oplossing van het conflict in zicht moeten zijn en voorts dient inzicht te worden verkregen in de omvang van de schade.

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie