Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Gewijzigde opzet Kwartaalbericht De Nederlandsche Bank

Datum nieuwsfeit: 16-06-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten

De Nederlandsche Bank NV
Afdeling Externe betrekkingen en voorlichting

16 juni 1999

Gewijzigde opzet van het Kwartaalbericht van De Nederlandsche Bank

Vandaag publiceert de Nederlandsche Bank het Kwartaalbericht juni 1999. Met het oog op de start van de derde fase van de Economische en Monetaire Unie heeft de Bank besloten de opzet van het Kwartaalbericht grondig te herzien. De belangrijkste wijziging is om in het Kwartaalbericht, meer dan tot dusverre gebruikelijk was, periodiek verslag te doen van alle hoofdtaken van de Nederlandsche Bank, dat wil zeggen de taken uit hoofde van het gemeenschappelijke Europese monetaire beleid, betalingsverkeer en het toezicht op banken, beleggingsinstellingen en wisselkantoren. Zo wordt in dit Kwartaalbericht onder meer uitvoerig stilgestaan bij de invoering van de euro in het girale betalingsverkeer en actuele ontwikkelingen op het terrein van het toezicht, zoals de herziening van het zogenoemde Kapitaalakkoord. Daarnaast bestaat in de nieuwe opzet van het Kwartaalbericht ruimte voor thematische artikelen, eveneens op alle terreinen die de Bank bestrijkt.

De statistische bijlage wordt vanaf heden apart gepubliceerd in een Statistisch Bulletin, waarvan het eerste nummer op 24 juni a.s. zal verschijnen.

In het Kwartaalbericht van juni 1999 wordt geconstateerd dat de economische groei in Nederland iets vertraagt, maar nog altijd gunstig afsteekt bij de meeste andere landen in het eurogebied. Prognoses van de economische ontwikkeling in Nederland met behulp van het model MORKMON van de Bank, die in dit Kwartaalbericht worden gepubliceerd, wijzen uit dat de economische groei in Nederland dit jaar - een overigens gematigd - conjunctureel dieptepunt zal bereiken (2,3%). In 2000 en 2001 zal de groei aantrekken tot respectievelijk 2,5 en 2,9%. In 2001 zorgt de geplande belastingherziening voor een extra stimulans aan de consumptieve bestedingen, die echter voor een deel weglekt naar het buitenland.

De groei van de kredietverlening aan de private sector in Nederland blijft hoog (14,8% in april). In dit Kwartaalbericht wordt de groei van de kredietverlening nader geanalyseerd. Hieruit komt onder meer naar voren dat de BBP-groei in 1998 met ongeveer 0,5 procentpunten is gestimuleerd onder invloed van een door de stijging van de huizenprijzen mogelijk gemaakte financiering van extra consumptieve uitgaven. De forse groei van de kredietverlening aan bedrijven is voor een – in historisch perspectief aanzienlijk - deel niet op grond van macro-economische factoren te verklaren.

De inflatie in Nederland bevindt zich, met een stijging van de consumentenprijsindex van 2,3% in mei, net boven de grens van prijsstabiliteit. Voor 1999 en 2000 wordt een inflatie van 2,2% voorzien. Als gevolg van de verhoging van de indirecte belastingen conform de plannen voor de belastingherziening zou de inflatie in 2001 volgens modelberekeningen tijdelijk kunnen oplopen tot 2,5%. Bij dit economische beeld past een behoedzaam budgettair beleid. Voor dit jaar wordt een verdubbeling van de bijdrage van de loonkosten aan de consumptieprijsstijging verwacht, als gevolg van een aanzienlijke toename van de loonkosten per eenheid product. De daling van de productiegroei in 1999 en de versnelling van de loonvoetstijging leiden op basis van MORKMON tot een vertraging van de werkgelegenheidsgroei in de loop van 1999 en een lichte toename van de werkloosheid met 5.000 personen in 2000.

Dit Kwartaalbericht bevat verder een aantal simulaties met het meerlandenmodel EUROMON van de Bank. Hieruit komt onder meer naar voren dat een olieprijsstijging of –daling van 20% de eerste twee jaar een 0,3 à 0,4 procentpunt hogere respectievelijk lagere inflatie in het eurogebied tot gevolg heeft. Een permanente waardedaling of –stijging van de euro met 10% heeft in het eerste jaar een bescheiden effect op de prijsontwikkeling, maar leidt in het tweede jaar tot een toename respectievelijk afname van de inflatie in het eurogebied met 0,5 procentpunt.

Voor nadere vragen of informatie kunt u zich wenden tot drs. O.C.H.M. Sleijpen, perswoordvoerder van de Nederlandsche Bank (020-524 3100).

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie