Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

'Politie stuurloos door gebrek eenheid cultuur en visie'

Datum nieuwsfeit: 17-06-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten

ERNST AND YOUNG

Politieorganisatie is stuurloos

'Ontbreken eenheid in cultuur en visie maakt politie stuurloos'

Cultuurverschillen en tegenstrijdige managementvisies zorgen ervoor dat de politie-organisatie uiterst moeilijk valt aan te sturen. Dat stelt Danielle Braun (31), verbonden aan Ernst & Young Consulting, in haar dissertatie Sturingsperikelen in de politieorganisatie, een verkennende antropologische studie. Braun onderzocht het korps Kennemerland in de periode 1992-1995. Vanmiddag zal zij aan de Vrije Universiteit te Amsterdam haar proef-schrift verdedigen. Volgens Braun is er volop ruimte voor verbetering, mits men vasthoudt aan een consistente visie op de organisatie van de politie. Een medewerker van Kennemer-land noemde Brauns observaties 'irritant herkenbaar'.

Volgens de onderzoekster is de politieorganisatie te typeren als een 'ineffectieve hybride meng-vorm' die leidt tot tegenstrijdigheid in plaats van samenhang tussen de verschillende instrumenten voor coördinatie en aansturing. De sturing door de korpsleiding loopt steevast stuk op de grootte van de organisatie en een veelheid aan andere, vooral externe verplichtingen. Omdat de top geen direct toezicht kan uitoefenen maar wel streeft naar coördinatie en centralisatie, ontstaat een 'politieke strijd tussen de diverse organisatieonderdelen' en een 'negatieve spiraal met betrekking tot het sturingspotentieel', aldus Braun. 'De inconsistentie van de structuur en het gebruik van sturingsinstrumenten die niet passend zijn binnen de structuur, maken dat er veel energie verspild wordt doordat op allerlei fronten tegelijk wordt gestuurd.'

'Tamelijk chaotisch'
Ook de algehele cultuur en met name het bestaan van botsende subculturen komen volgens Braun het functioneren van de politie niet ten goede. De politiecultuur staat haaks op het beeld dat bij veel mensen bestaat. 'Het idee dat buitenstaanders over de politie hebben is dat van een apparaat van regels, wetten, uniformen en uniform werken, rangen en hiërarchie. Voor wie iets verder kijkt, ontvouwt zich een tegengesteld beeld. De politie is een tamelijk chaotische organisatie, waar veelal intuïtief en reactief en juist niet volgens procedures en planningen te werk wordt gegaan. Maar ook waar collega's voor elkaar door het vuur gaan en waar voor velen het werkplezier groot is.' Braun typeert de politiecultuur als mensgericht en theatraal. Dat vertaalt zich in een familiale betrokkenheid op elkaar en een werkwijze waarin improvisatie een belangrijke rol speelt.

'Street cops'
Braun gaat uitgebreid in op de verschillen tussen de subculturen binnen de politie. Zij onderscheidt daarbij de street cops (de 'dienders'), de management cops (het middenkader) en de policy cops (de korpsleiding). Vooral tussen de policy cops en de street cops bestaat een cultuurkloof. 'Wie de taak van policy cops en die van de street cops met elkaar vergelijkt, zal zich verbaasd afvragen of deze twee subgroepen wel in één organisatie werken.'

Veiligheid is subjectief
'Policy cops houden zich nauwelijks bezig met politiewerk', aldus Braun. Het motto is innoveren en zorgen voor positieve publiciteit richting externe partijen. 'Voor een goede presentatie naar buiten toe is veel geoorloofd. Het leveren van cijfers die eigenlijk weinig betekenis hebben, het eisen van een zware inspanning van collega's of ondergeschikten om snel iets af te maken, dure mediatrainingen.' Deze externe gerichtheid loont zich wel. 'Veiligheid is een subjectief gegeven en door uit te stralen hoe goed en toegewijd de politie haar werk doet, voelt het publiek zich inderdaad ook veiliger.' Waar de korpsleiding vooral bezig lijkt te zijn om zich extern te manifesteren, is voor de street cops collegialiteit het belangrijkste. Gelijkheid en nivellering zijn onder dienders bepalend. Braun illustreert deze subcultuur met vuistregels als 'kom een collega in nood altijd te hulp', 'wees geen matennaaier' en 'kom niet boven het maaiveld uit'.

Verloop IRT-affaire 'voorspelbaar'
Alhoewel Braun geen onderzoek deed naar de IRT-affaire, bieden haar bevindingen wel een kader om deze beladen periode beter te kunnen begrijpen. Braun: 'In de media wordt een sensationeel beeld geschetst van de misstanden die zich hebben voorgedaan in opsporingsonderzoeken van het IRT en de CID van met name het Kennemerlandse korps. In mijn optiek is de werkelijkheid rondom de IRT-affaire heel wat minder spannend dan wordt voorgesteld en is hier sprake van een algemeen managementprobleem, waarvan in het geval van grootschalige opsporingsacties de consequenties meer verregaand zijn dan bij het basispolitiewerk.' Het omstreden IRT-team was daarom allesbehalve een fremdkörper in de politieorganisatie, maar had alle elementen in zich om uit te groeien tot een team met een 'politiecultuur in het kwadraat'', aldus Braun. Zij vindt de uitspraak van enkele korpschefs dat het hen ook had kunnen overkomen daarom eerlijker dan de 'verbijstering' van anderen. De commotie die nadien ontstond, noemt Braun 'voorspelbaar'. 'We kunnen het hele IRT-debat beschouwen als een wanhopige poging om alsnog te komen tot een vorm van oordeelscontrole over de activiteiten van de twee runners.' Volgens Braun bevestigt de IRT-affaire maar bijvoorbeeld ook het verloop rond de Nieuwjaarsrellen in Groningen dat de sturingsmogelijkheden van veel politieactiviteiten zich beperken tot politieke controle achteraf.

Coach of controleur?
Ondanks haar kritische observaties is Braun optimistisch over de mogelijkheden voor verbetering van de sturingsmogelijkheden. De ontwikkelingen in de afgelopen jaren - onder andere in het korps Kennemerland - zijn daar ook een duidelijk bewijs van, meent Braun. Zij onderscheidt daarbij een revitalisatie-, groei- en innovatiescenario. Bij de eerste mogelijkheid kiest de politie-organisatie voor een verdergaande standaardisatie van werkprocessen. Dit leidt tot meer centrale aansturing door de korpsleiding en een consistente cultuur, met weinig ruimte voor flexibiliteit en creativiteit. Alhoewel de greep op met name de street cops hierdoor toeneemt, vraagt Braun zich af of de op innovatie en ad hoc succes gerichte cultuur van de policy cops verenigbaar is met dit scenario. In het groeiscenario ontwikkelt de politie zich tot een professionele bureaucratie. Gelijkwaardigheid en individuele verantwoordelijkheid staan centraal. De leidinggevenden hebben meer een rol als coach dan als controleur. De ambitie om als professionele organisatie te functioneren, klinkt in veel huidige politieplannen door. Braun benadrukt dat men dan wel de voorwaarden moet scheppen om zo'n scenario een kans van slagen te geven. Met name op het gebied van de opleiding is in dit scenario verandering noodzakelijk; je kunt van mensen met enkele maanden training niet verwachten dat zij zich als een zelfstandige professional gedragen.

Divisiestructuur
Het innovatiescenario is het meest vergaand en geeft de politie een divisiestructuur. Alle nadruk ligt hier op de districten, die veel meer bevoegdheden en eigen verantwoordelijkheden krijgen. De macht van de korpsleiding verschuift naar de districtchefs en de wijkteamchefs. 'Doelmatigheid', 'output' en 'klangerichte dienstverlening' gaan in dit scenario het politiejargon bepalen. Alhoewel daardoor de vrijheid voor de districten toeneemt, zullen veel street cops het innovatiescenario juist als een bedreiging voor hun vrijheid ervaren. Zij moeten immers hun tijdsbesteding en behaalde resultaten gaan rapporteren. Braun signaleert dat dit scenario weliswaar op grote afstand staat van de huidige politieorganisatie, maar binnen bepaalde onderdelen serieus bekeken wordt.

Doembeeld
Braun beschrijft ook een 'doembeeld' voor de toekomst: het politieke scenario. 'Het politieke scenario is een scenario van non-keuzen, van niets doen aan de reeds bestaande politisering binnen de politieorganisatie'. Dat leidt tot verwarring en energieverlies. Volgens Braun is dit toekomstbeeld realistischer dan menigeen denkt. De grote variëteit aan sturingsinstrumenten en culturen vormen een vruchtbare bodem voor politisering. Bovendien noemt Braun concrete voorbeelden: de rol van de korpschefs in de media, conflicten tussen street cops en policy cops en de discussies over het niet kunnen meten van de sterkte van de politie. Braun wil daarom waarschuwen voor 'de risico's van verval en verregaande politisering, wanneer geen wezenlijke keuzes kunnen worden gemaakt in het organiseren van de sturing binnen de politieorganisatie.'

Noot voor redacties

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie