Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Toezicht op ruimtelijke ordening onvoldoende

Datum nieuwsfeit: 17-06-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Persbericht Algemene Rekenkamer

Toezicht op ruimtelijke ordening onvoldoende

17 juni 1999

De vier regionale Inspecties van de Ruimtelijke Ordening (IRO’s) opereren grotendeels los van elkaar. Van een gestructureerde aanpak is geen sprake. Het takenpakket van de inspecties is niet in balans met het aantal mensen dat er werkt. Het functioneren van de vier regionale inspecties laat daardoor te wensen over. Consequentie hiervan is dat de minister onvoldoende inzicht heeft in de uitvoering van het ruimtelijk ordeningsbeleid door gemeenten en provincies. Daarenboven stuurt en coördineert het ministerie van VROM het werk van de Inspectie van de Ruimtelijke Ordening onvoldoende. Dit concludeert de Algemene Rekenkamer in het rapport Inspectie van de Ruimtelijke Ordening dat zij vandaag publiceert.

De Rekenkamer onderzocht in 1998 hoe de vier regionale inspecties hun hoofdtaken uitvoeren. De inspecties moeten ervoor zorgen dat provincies en gemeenten het rijksbeleid laten doorwerken in hun streek- en bestemmingsplannen. Ook moeten zij erop toezien dat de Wet op de Ruimtelijke Ordening correct wordt uitgevoerd en dat gemeenten hun bestemmingsplannen handhaven. Jaarlijks worden zo’n 2000 bestemmingsplannen opgesteld en 13.000 procedures gestart om met bouwplannen vooruit te mogen lopen op een nieuw bestemmingsplan.

Het ontbreekt de inspecties aan een monitoringsysteem om ontwikkelingen systematisch te volgen en aan een toetsingskader om plannen te beoordelen. Ook wisselen de regionale inspecties onderling weinig informatie uit over aanpak, oordelen en adviezen en werken ze onvoldoende samen met de andere VROM-inspecties in de regio. Ze verrichten weinig onderzoeken bij gemeenten en maken zelden gebruik van de mogelijkheid om, zo nodig, in te grijpen. Er is geen duidelijke en afgewogen taakverdeling tussen de inspecties en de provincies.

Het gevolg is dat het toezicht op de handhaving van bestemmingsplannen door gemeenten tekort schiet. Dit kan de rechtszekerheid en rechtsgelijkheid van burgers schaden. Ook loopt het doorwerken van rijksbeleid in de ruimtelijke ordeningsplannen van de lagere overheden gevaar. Hierdoor komt de geloofwaardigheid van de minister van VROM als bewaker van ruimtelijke belangen in het geding.

Volgens de Rekenkamer verhoudt het grote aantal taken zich niet tot het aantal medewerkers bij de inspecties, namelijk 48 in totaal. Van hen zijn er acht belast met het toezicht op de ruimtelijke ordening voor heel Nederland. De Rekenkamer vraagt zich af of acht mensen een reëel aantal is voor dit toezicht. Dit klemt te meer in een periode waarin bijvoorbeeld de HSL, de Betuwelijn, de Vinex-locaties, het wetlandsbeleid en de sanering van de varkenssector om extra aandacht vragen.

De Rekenkamer acht de tijd rijp voor een fundamentele heroverweging van de taken en werkwijze van de inspecties. Reeds in 1993 en nogmaals in 1997 beloofde de minister een aantal maatregelen te nemen om het toezicht door de inspecties te verbeteren, maar het aangekondigde monitoringsysteem is nog steeds niet opgezet en de beoogde samenwerking met andere inspecties is niet van de grond gekomen. Ook het aantal onderzoeken bij gemeenten bleef gering en de rol van provincies bij het toezicht op de ruimtelijke ordening is niet verstevigd.

De minister zegde in zijn reactie op het rapport opnieuw verbeteracties toe. De Rekenkamer vraagt zich echter af of ze concreet genoeg zijn en op welke termijn de minister ze denkt te realiseren. Zij wijst bovendien op het risico dat wederom slechts halve maatregelen worden genomen.

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie