Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

"Mazen in fiscale wetgeving aandelen gedicht"

Datum nieuwsfeit: 25-06-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten

ERNST AND YOUNG

"mazen in fiscale wetgeving aandelen gedicht"

Promovendus Edwin Heithuis:

'VERMEEND HEEFT MET SUCCES MAZEN IN FISCALE WETGEVING OP WINST UIT

AANDELEN GEDICHT'

Staatssecretaris W. Vermeend van Financiën is er met een nieuw fiscaal regime rond de opbrengsten van aandelen in geslaagd om een einde te maken aan de onvolkomenheden van het oude systeem. Dat stelt fiscalist Edwin Heithuis vandaag bij de verdediging van zijn proefschrift aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Verder laat Heithuis zien dat lacunes in de belastingwetgeving niet door de rechter maar door de wetgever moeten worden gerepareerd.

Op een punt vindt Heithuis de nieuwe wetgeving géén verbetering: de keuze om iemand met slechts vijf procent van de aandelen van een bedrijf al als aanmerkelijkbelanghouder te beschouwen, in plaats van de vroegere 33,33 procent, heeft volgens hem 'te weinig zeggingskracht'. In het nieuwe regime wordt het verschil tussen ondernemende en beleggende aandeelhouders daardoor uit het oog verloren. Edwin Heithuis is mede werkzaam bij Ernst & Young Belastingadviseurs, het grootste belastingadvieskantoor van Nederland.

Het oude fiscale regime rond de opbrengsten van aandelen kwam in de jaren tot 1997 in een neerwaartse spiraal terecht. De fiscus onderscheidde verschillende soorten opbrengsten van aandelen met variërende tarieven, van 0% of 20% voor vervreemdingswinsten tot maximaal 60% voor reguliere dividenduitkeringen. Daardoor zette men de deur open voor allerlei juridische structuren die beoogden om van het laagste tarief te profiteren. Zo werden door middel van holding- en kasgeldconstructies verkoopwinsten van aandelen geënsceneerd, waarover dus geen of slechts 20% belasting was verschuldigd, terwijl het in feite ging om reguliere dividenduitkeringen die onder het 60%-tarief zouden moeten vallen.

Moeras
In plaats van verbetering van de wetgeving, probeerde de fiscus hierin verandering te brengen door naar de rechter te stappen. De jurisprudentie van de Hoge Raad die zo ontstond 'heeft de grenzen van het rechterlijke ingrijpen feilloos aangetoond', aldus Heithuis. De jurisprudentie 'verzandde in een steeds dieper worden moeras van afzonderlijke gevalstudies, waarvan de uitkomsten steeds meer een toevalstreffer werden'. Opvallend genoeg gooide de Hoge Raad zelf de handdoek in de ring met het zogeheten Turbo-arrest van oktober 1995. De Hoge Raad gaf aan de fiscale wetgever niet langer te hulp te willen schieten om de mazen in de wet te dichten. Dat moest de wetgever maar eens zelf gaan doen, vond de Hoge Raad.

Uniform niveau
Medio 1996 kwam de wetgever met een nieuw voorstel, onder meer gericht op uniformering van de tarieven. Het herzieningsvoorstel trad al na een half jaar, op 1 januari 1997 in werking. Sindsdien zijn de diverse opbrengsten van aandelen gelijk geschakeld op een uniform niveau van 25%. Met dit nieuwe regime voor de opbrengsten van aandelen heeft de overheid met succes een einde gemaakt aan de creatieve juridische constructies om onder het laagste tarief te vallen. Agio-, turbo- en holding- en kasgeldconstructies verloren daardoor hun fiscale aantrekkingskracht.

Aanmerkelijk belang
Minder te spreken is Heithuis over de bepaling van een aanmerkelijk belang in het nieuwe regime. Om een onderscheid te kunnen maken tussen ondernemende aandeelhouders in een eigen bedrijf en beleggende aandeelhouders in beursvennootschappen, legt de fiscus de grens bij een belang van ten minste vijf procent van de aandelen om te kunnen spreken van een aanmerkelijk belang. Volgens Heithuis is dat percentage te laag en zou een belang van 20 of 25 procent reëler zijn. 'Pas bij een dergelijke participatie in de vennootschap kan naar mijn oordeel worden verdedigd dat de aandeelhouder een zeker belang heeft bij de activiteiten van de vennootschap in plaats van slechts bij de aandelen als beleggingsobject.' Heithuis meent daarom dat de wetgever niet zozeer uit is op het begunstigen van ondernemende aandeelhouders ten opzichte van de pure beleggers, maar op het heffen van een partiële vermogenswinstbelasting. Op dit punt heeft het nieuwe fiscale regime nadrukkelijk sporen van de oude situatie en verdient daarom heroverweging, meent Heithuis.

Einde bericht

Noot voor redacties

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie