Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Verstoorde biologische klok geen oorzaak van depressie

Datum nieuwsfeit: 30-06-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Rijks Universiteit Groningen

Nummer 88

21 juni 1999

Kans dat behandeling help is groter bij patiënten met dagschommelingen

VERSTOORDE BIOLOGISCHE KLOK GEEN OORZAAK VAN DEPRESSIE

De vaak geponeerde stelling dat een verstoorde biologische klok een belangrijke rol speelt bij depressiviteit, is niet waar. Dat concludeert drs. Marijke Gordijn uit het onderzoek waarop zij 30 juni 1999 in Groningen promoveert. Gordijn ontdekte in haar onderzoek naar de relatie tussen de biologische klok en depressiviteit een aantal kenmerken waarmee kan worden voorspeld of een patiënt gunstig zal reageren op behandeling .

Op de psychiatrische afdeling van het Academisch Ziekenhuis Groningen worden, net als in enkele andere ziekenhuizen, veel patiënten die vanwege depressiviteit worden opgenomen een nacht wakker gehouden. De meeste en voelen zich dan de volgende dag een stuk beter. Het effect is vaak groot, maar meestal niet van lange duur. Maar al heeft het geen blijvend effect, het geeft, zegt Gordijn, "mensen die al lang met een depressie kampen het gevoel dat het leven ook nog anders kan zijn". Waarom slaaponthouding dit effect heeft is niet bekend. Als verklaring wordt vaak geopperd dat het slaap-waak ritme blijkbaar iets met depressies te maken heeft.

Verstoorde relatie

Het eerste doel van het onderzoek van Gordijn was om de hypothese te testen dat een verstoorde relatie tussen het slaap-waak ritme en de biologische klok een oorzakelijke rol speelt bij depressies. Zo’n verstoring – voorbeelden waarbij dit ook optreedt zijn het werken in ploegendienst of de jetlag na een transatlantische reis – leidt vaak tot lichamelijke en psychische klachten. Er wordt verondersteld dat ook sommige ziekten aan zo’n verstoorde faserelatie toe te schrijven zijn. Argumenten waarom dit bij depressiviteit het geval zou zijn, zijn de slaapstoornissen die gepaard gaan met deze ziekte, de bij depressie veel voorkomende stemmingsveranderingen op een dag en het reeds genoemde anti-depressieve effect van de nacht zonder slaap.

Extra licht

Onderzoek van Gordijn bij depressieve en gezonde mensen toont echter aan dat een verband tussen depressiviteit en een verstoorde relatie tussen het slaap-waak ritme en de biologische klok niet valt te bewijzen. Patiënten en controlepersonen kregen van haar op drie achtereenvolgende dagen 's avonds of 's morgens drie uur lang een extra portie licht van 2500 lux (ter vergelijking: kantoorverlichting is 500 lux). De ritmes aangestuurd door de biologische klok worden dan tijdelijk verschoven ten opzichte van het slaap-waak ritme. Enig effect op de stemming bleef echter uit. Bij depressieve patiënten verbeterde de stemming niet, gezonde proefpersonen werden er ook niet somberder van.

Alternatieve hypothese

Bij de argumenten van de ontkrachte hypothese waren dagschommelingen - dit houdt in dat de stemming in de loop van de dag verandert, meestal verbetert - en een daaraan verbonden gevoeligheid voor slaaponthouding belangrijk. Uit de studie van Gordijn bleek vooral dat de variabiliteit in dagschommelingen (de mate waarin de dagschommelingen van dag tot dag variëren) een sterke relatie vertoont met de reactie op slaaponthouding. Een alternatieve hypothese is dat patiënten met een dergelijke grote variabiliteit in dagschommelingen gevoelig zijn voor stemmingsveranderende prikkels in het algemeen. Gordijn: "Dat zou kunnen betekenen dat ze ook meer open staan voor gunstige effecten van andere therapieën dan alleen slaaponthouding. Dit kunnen medicijnen zijn of verschillende vormen van arbeids-, psycho- en psychomotore therapie."

Voorspellende kenmerken

Een vervolgonderzoek, waarin Gordijn bij 81 patiënten het verloop van de ziekte volgde, ondersteunt deze nieuwe hypothese. Het bleek dat de respons op een zes weken durende anti-depressieve behandeling groter is naarmate de dagschommelingen in de eerste twee weken van deze periode meer variëren en de reacktie op slaaponthouding gunstig is. Gordijn concludeert dat een grote variabiliteit van dagschommelingen en een gunstige respons op slaaponthouding kenmerken zijn van een grotere gevoeligheid van patiënten voor anti-depressieve behandeling. Gordijn: "Een logisch vervolg op deze conclusie is om te onderzoeken hoe dagschommelingen opgewekt kunnen worden bij patiënten die ze niet spontaan vertonen. Daarna kun je testen of zij dan beter reageren op de aangeboden behandeling."

Curriculum vitae

Marijke Gordijn (Den Haag, 1961) studeerde biologie in Groningen. Momenteel werkt zij op de afdeling gedragsbiologie van de RUG. Gordijn promoveert tot doctor in de medische wetenschappen bij prof. dr. R. H. van den Hoofdakker. De titel van het proefschrift luidt: Chronobiology and Depression, relationships between mood, sleep and the circadian pacemaker.

Noot voor de pers

Nadere informatie: drs. M.C.M. Gordijn, tel. (050) 363 76 58 (werk), e-mail (m.c.m.gordijn@biol.rug.nl)

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie