Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Brief aan Kamer over indicatieve verdeling budgetten G25

Datum nieuwsfeit: 26-07-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Brief aan de Tweede Kamer over indicatieve verdeling van budgetten G25

Ter gelegenheid van de schriftelijke behandeling van de eerste suppletore begroting 1999 van het ministerie van BZK heb ik toegezegd om de Kamer een afschrift te sturen van het geactualiseerd overzicht van de indicatieve verdeling per stad van de budgetten inzake grotestedenbeleid zoals ik dat naar de G25 zou sturen, nadat besluitvorming heeft plaatsgevonden over de indicatieve verdeling van de budgetten voor ISV, bedrijventerreinen en de pijler EU.
Bij deze brief treft u een afschrift aan van mijn brief van heden aan de G25, waarin deze nieuwe indicatieve verdeling wordt aangeboden.
DE MINISTER VOOR GROTE STEDEN- EN INTEGRATIEBELEID

R.H.L.M. van Boxtel
De indicatieve verdeling is op te vragen bij het GSB-secretariaat, tel. 070-3026250.


Brief aan de Colleges van Burgemeester en wethouders van de G25 Inleiding
Bij brief van 28 mei 1999 bood ik u de indicatieve verdeling per stad van de budgetten met betrekking tot het grotestedenbeleid aan. Die indicatieve verdeling bevatte nog een aantal witte vlekken. In deze brief ga ik in op de invulling van deze witte vlekken.
Voorts gaf ik in mijn brief van 28 mei aan dat een overzicht zou worden gemaakt van afwijkende financieringsvormen ten opzichte van de programmafinanciering op basis van de af te sluiten convenanten. In deze brief ga ik ook hierop in.
Indicatieve verdeling per stad
In mei kon in een enkel geval door een departement nog geen indicatief bedrag per stad worden geleverd, aangezien er nog sprake is van overleg tussen het betrokken departement en de steden, dan wel omdat het beleid nog niet voldoende was uitgekristalliseerd. In die gevallen werd bij de indicatieve verdeling van het betreffende budget aangegeven waarom nog geen indicatie kon worden gegeven en zo mogelijk wanneer besluitvorming is te verwachten. Inmiddels is een aantal witte vlekken ingevuld met indicatieve bedragen per stad. Bij deze brief treft u daarom een aangepast overzicht met de indicatieve verdeling per stad aan. De bijgevoegde indicatieve verdeling per stad is gebaseerd op de Voorjaarsnota 1999. Voor zover er nog wijzigingen zijn als gevolg van besluitvorming inzake de Miljoenennota 2000 in het overzicht worden op Prinsjesdag gepresenteerd.
Uw speciale aandacht vraag ik voor de wijziging van het voor de G25 beschikbare budget voor inburgering van oudkomers. In mijn oorspronkelijke voorstel ging ik er vanuit dat, behoudens 3% voor ontwikkelingskosten, gedurende de eerste drie jaren het gehele budget naar de G25 zou gaan en vanaf het vierde jaar ook gedeeltelijk naar andere gemeenten. Op voorstel van de Kamerleden Noorman-Den Uijl en Rijpstra is het voor de G25 beschikbare budget door de Tweede Kamer verlaagd door middel van een amendement op de begroting van BZK.
In de bij deze brief gevoegde indicatieve verdeling per stad is dit amendement verwerkt en zijn de meerjarencijfers aangepast conform de wens van de Tweede Kamer. Formeel zal de meerjarige doorwerking van het amendement worden opgenomen in de ontwerp-begroting 2000.
Concreet zijn de volgende posten nu gewijzigd:


* ISV;

* bedrijventerreinen;

* bestrijding voortijdig schoolverlaten;

* inburgering oudkomers (RA-budget);

* leefbaarheid (RA-budget);

* Van Montfransgelden;

* pijler EU.

Financieringsvormen GSB-budgetten

De aangevulde indicatieve verdeling per stad zoals die nu voorligt, is de uitwerking van de financiële bijlage bij het doorstartconvenant dat wij in december ondertekenden. Zoals in de financiële paragraaf van het doorstartconvenant is aangegeven, betreft dit overzicht de middelen die in de rijksbegroting zijn opgenomen voor de onderwerpen waarop het doorstartconvenant betrekking heeft.

Bij de ondertekening van het doorstartconvenant in december 1998 waren wij (de ondertekenaars van het doorstartconvenant) ons bewust van het feit dat de budgetten die onderdeel uitmaken van het doorstartconvenant niet allemaal nieuw waren op basis van het regeerakkoord en dat voor een aantal bestaande budgetten geldt dat hieraan reeds verplichtingen ten grondslag liggen. Ook hebben we ons gerealiseerd dat een aantal bestaande regelingen niet toegesneden is op de integrale programmatische aanpak waarvoor wij nu hebben gekozen. Een aantal bestaande budgetten wordt op dit moment nog op projectbasis verplicht voor een periode die afwijkt van de convenantsperiode van de eind dit jaar af te sluiten stadsconvenanten.
Toch hebben wij ervoor gekozen om ook deze budgetten op te nemen in de financiële bijlage bij het doorstartconvenant. Ook deze projecten kunnen immers een integrale aanpak van de problematiek in de steden ondersteunen.

In overleg met de betrokken departementen is nu geïnventariseerd welke financiële regelingen gebaseerd zijn op programmafinanciering en welke op financiering van concrete projecten, dan wel anderszins een regeling bevatten die ertoe leidt dat toekenning van budgetten gerelateerd is aan in de regelingen vastgelegde data. Bij deze brief treft u dit overzicht aan.

Naar ik heb begrepen twijfelt een aantal steden aan de noodzaak om in hun ontwikkelingsprogramma aandacht te geven aan beleidsterreinen waarvan de financiering thans niet op programmabasis plaatsvindt. Van mijn kant hecht ik aan het integrale karakter van de aanpak van het grotestedenbeleid. Ik ben van mening dat het weglaten van beleids- terreinen die zijn opgenomen in het doorstartconvenant ertoe zou leiden dat de samenhang in het ontwikkelingsprogramma verloren gaat.

Daarbij verwacht ik overigens wel dat in het ontwikkelingsprogramma zelf globaal inzicht wordt gegeven in de aard van de projecten voor zover gebaseerd op bestaande financiële regelingen met een afwijkend moment van vaststelling en de raming van de daarmee gemoeide middelen onder vermelding van de financiële regeling in de financiële paragraaf. Voorts kan ik mij voorstellen dat er bij het ontwikkelingsprogramma een bijlage wordt opgenomen waarin de concrete projectbenamingen op basis van de bestaande regelingen worden aangeduid.

DE MINISTER VOOR GROTE STEDEN- EN INTEGRATIEBELEID,,

R.H.L.M. van Boxtel

Relevante links:
Het thema Grotestedenbeleid

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie