EnergieNed
Ombouw kolencentrales leidt onvermijdelijk tot sluiting
Het voorstel van het kabinet om kolencentrales om te bouwen tot
gasgestookte centrales leidt onvermijdelijk tot sluiting. Omgebouwde
kolencentrales zullen niet kunnen concurreren met buitenlandse
kolengestookte centrales en ook niet met 'gewone' gascentrales. De
elektriciteitsproducenten zullen alleen tot de ombouw van hun
kolencentrales overgaan als de overheid daar voldoende financiële
compensatie tegenover stelt. Het milieu is bij sluiting al helemaal
niet gebaat omdat het zal leiden tot de import van veel vuilere
bruinkool- en kolenstroom uit het buitenland. Dat stelt EnergieNed de
federatie van energiebedijven in Nederland in de reactie op de
Uitvoeringsnota Klimaatbeleid van de minister van VROM. EnergieNed
heeft de reactie vandaag aangeboden aan de Tweede Kamer.
In de Uitvoeringsnota Klimaatbeleid deel I presenteert de minister van
VROM binnenlandse maatregelen om de CO2-uitstoot in het jaar 2007
terug te dringen met 25 miljoen ton om zo aan Kyoto-verplichtingen te
voldoen. Het ombouwen van kolencentrales tot gasgestookte centrales
levert volgens de nota daaraan een bijdrage van 4 à 4,5 miljoen ton
CO2-reductie. De nota zegt dat de elektriciteitsproducenten hier op
vrijwillige basis toe over moeten overgaan, in ruil daarvoor schaft de
overheid de Brandstoffenbelasting (BSB) af.
Brandstoffenbelasting moet hoe dan ook verdwijnen
Afschaffing van de Brandstoffenbelasting om de
elektriciteitsproducenten voor de ombouw te compenseren verwerpt
EnergieNed bij voorbaat. De Brandstoffenbelasting bedraagt circa 1
ct/kWh terwijl de brandstofkosten gemiddeld 5 ct/kWh bedragen. Deze
belasting wordt alleen in Nederland geheven. De Nederlandse
elektriciteitsproducenten verkeren dus al in een achterstandspositie
ten opzichte van buitenlandse producenten. Daarom moet de
Brandstoffenbelasting hoe dan ook verdwijnen, los van de klimaatnota.
Ook zal de overheid de elektriciteitsproducenten financieel tegemoet
moeten komen. EnergieNed schat de kosten op minimaal 300 miljoen
gulden per jaar.
Nieuwe bakstenen
Financiële compensatie is niet meer dan redelijk omdat de overheid met
het brandstoffendiversificatiebeleid de bouw van kolencentrales zelf
heeft gewild zodat de elektriciteitsvoorziening en de
elektriciteitsprijs niet te veel te afhankelijk zou worden van één
brandstof. Met de voorgestelde maatregel worden in feite weer nieuwe
'bakstenen' gecreëerd - projecten die niet markt-conform zijn. De
voorgestelde ombouw leidt er nu overigens toe dat binnen Nederland
aardgas de enige brandstof voor stroomopwekking zal zijn.
Ombouw komt neer op sluiting
EnergieNed vindt dat het kabinet voorbij gaat aan de internationale
context waarin de Nederlandse elektriciteitsmarkt opereert. De
energiemarkt liberaliseert waardoor de Nederlandse
elektriciteitsproducenten nu al met concurrentie uit het buitenland
hebben te maken. Als in Nederland de kolencentrales worden omgebouwd
verdwijnt de goedkoopste manier om stroom te produceren in Nederland,
in het buitenland echter niet. De 700 grootste industrieën die vrij
mogen importeren zullen daar zeker gebruik van willen maken. De
omgebouwde centrales zullen binnenlands niet kunnen concurreren met
'normale' gascentrales omdat deze laatste efficiënter zijn. Sluiting
kan alleen worden voorkomen als de overheid met voldoende financiële
compensatie over de brug komt.
Milieu niet bij ombouw of sluiting gebaat
Zowel bij sluiting als bij ombouw is het milieu niet gebaat. Een
omgebouwde centrale is energetisch minder efficiënt dan een gewone
gascentrale en stoot dus meer CO2 uit dan een gewone gascentrale. Als
bij sluiting van Nederlandse kolencentrales de import van stroom uit
het buitenland toeneemt en deze is opgewekt met kolen- of bruinkool,
is het milieu internationaal bezien zelfs slechter af: door de strenge
milieuwetgeving zijn Nederlandse kolencentrales schoner dan
buitenlandse. De overheid gaat er overigens geheel en al aan voorbij
dat de elektriciteitsproducenten in het verleden al milieumaatregelen
hebben genomen. Om de extra CO2-uitstoot van kolencentrales t.o.v.
gascentrales te compenseren is geïnvesteerd in de aanplant van bossen
die deze extra CO2-uitstoot absorberen.
Niet per sé warmtekracht
De uitvoeringsnota constateert dat voortgaande groei van het
warmtekrachtvermogen geen vanzelfsprekende zaak meer is als gevolg van
de liberalisering van de energiemarkt. EnergieNed deelt deze
constatering. Hoe warmtekracht zich verder ontwikkelt, zal mede
afhangen van de ontwikkelingen op de brandstoffen- en
elektriciteitsmarkt. EnergieNed wil graag meewerken aan de verdere
ontwikkeling van warmtekrachtvermogen in Nederland, mits de condities
daarvoor aanwezig zijn. EnergieNed is er geen voorstander van om
toepassing van warmtekracht af te dwingen in verband met de
marktverstorende consequenties daarvan, temeer als dit in het
omringende buitenland niet gebeurt.
Daarbij moet ook worden bedacht dat het rendement van
elektriciteitsopwekking zal blijven toenemen, waardoor de met
warmtekracht te behalen energiewinst dus zal afnemen.
Realisatie duurzame energie vraagt consistent overheidsbeleid
Het kabinet stelt als tussendoel 5% duurzame energie in het jaar 2010.
Deze doelstelling is in de ogen van EnergieNed zeer ambitieus. Het is
de ervaring van de energiebedrijven dat voor de ontwikkeling van
duurzame energie complexe problemen van velerlei aard overwonnen
moeten worden. De doelstelling van 1000 MW windenergie in 2000 wordt
met name niet gehaald door de ruimtelijke ordeningsproblematiek. Een
consistent overheidsbeleid voor de ruimtelijke inpassing van
windenergie is daarom noodzaak. Ook zet het kabinet fors in op de
bijstook van biomassa, maar is op dat punt niet consistent omdat
bijstook alleen realistisch is bij kolencentrales. Afgezien daarvan
vraagt EnergieNed zich af of de benodigde hoeveelheid biomassa wel
beschikbaar is tegen redelijke kosten.
___________________________________
Voor meer informatie over dit persbericht kan contact worden opgenomen
met:
De heer S. Marbus van EnergieNed, telefoon 026 - 356 36 57.