Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Antwoord kamervragen stijging van de toeristenbelasting

Datum nieuwsfeit: 02-09-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Economische Zaken - Persbericht 138 Datum: 02-09-1999

STIJGING VAN DE TOERISTENBELASTING

De leden van de Tweede Kamer, Schreijer-Pierik en Van der Hoeven (beiden CDA) hebben aan de staatssecretaris van Economische Zaken op 5 augustus 1999 de volgende schriftelijke vragen gesteld.

1 Kent u het kranteartikel met de titel: "Gemeenten verhogen lokale belastingen steeds meer; Vakantie in ons land duurder"? 1)

2 Onderschrijft u de conclusie uit het in dit artikel genoemde onderzoeksrapport van de Recron dat de toeristenbelasting in drie jaar tijd gemiddeld met 28,6% is gestegen?

3 Wat vindt u van deze stijging vanuit het oogpunt van concurrentieverhoudingen in de toeristische/recreatieve branche tussen Nederlandse gemeenten onderling en tussen Nederland en de omringende landen?

4 Kunt u een overzicht geven van de ontwikkeling van de toeristenbelasting in de Nederlandse gemeenten in het afgelopen jaar?

5 Hoe verhouden zich de uitkomsten van het onderzoek van de Recron tot de uitspraak van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in zijn brief van 30 juni jl. 2) waarin hij stelt dat 90% van de gebruikte grondslagen aansluiten op modelverordeningen en er daardoor geen aanleiding is om te streven naar verdere standaardisatie van gemeentelijke heffingsgrondslagen?

1) De Telegraaf, 24 juli jl.
2) Kamerstuk 25 011, nr. 20

De staatssecretaris van Economische Zaken, drs. G. Ybema, heeft deze vragen als volgt beantwoord

1 Ja.

2 Uit de Monitor Lokale Lasten 1998 blijkt dat de opbrengst van de toeristenbelasting in de bedoelde periode 1995 - 1998 met 19,3% is gestegen (1998 t.o.v. 1995). Zie ook de beantwoording van vraag
4. Hierbij dient bedacht te worden dat deze stijging zeker niet alleen het gevolg is van tariefstijgingen. Het aantal belaste bedrijven is toegenomen en ook het aantal gemeenten dat toeristenbelasting heft, stijgt nog altijd. Door deze volume-ontwikkelingen wordt de gemiddelde opbrengst, die relatief laag was, ineens fors opgetrokken. Met deze nuancering moet ook het door de Recron genoemde percentage van 28,6 worden gelezen. Uit de monitor blijkt, dat de kosten van de toeristenbelasting voor een fictief campingbedrijf in 1998 gemiddeld 28,6% hoger zijn dan in 1995. Hierin is het effect van de toename van het aantal heffende gemeenten verwerkt. Zo zijn er gemeenten, die in 1995 de heffing niet hanteerden (last is nul), maar in 1998 de heffing inmiddels wel hebben ingevoerd. Overigens merk ik op dat, hoewel de stijging bij de toeristenbelasting procentueel aanzienlijk lijkt, de stijging in absolute zin veelal relatief beperkt is.

3 De verschillen in overnachtingsprijzen in de branche tussen Nederlandse gemeenten onderling berusten uiteraard mede op het niveau van lokale lasten, m.a.w. er zijn duurdere en goedkopere gemeenten. Lokale lasten beperken zich echter niet tot toeristenbelasting, noch is deze daarin absoluut gezien de meest belangrijke component, zoals ook door het Recron-onderzoek wordt aangegeven. De geconstateerde verschillen zijn een gevolg van de gemeentelijke autonomie. Bij het beoordelen van deze verschillen dient ook het verschil in toeristisch-recreatieve aantrekkelijkheid van de bewuste gemeente en de mede daarvan afhankelijke aantrekkelijkheid voor de toerist te worden meegewogen. Ten aanzien van de concurrentieverhoudingen tussen Nederland en de ons omringende landen geldt dat ook in deze landen heffingen als toeristenbelasting bestaan. Bepalend voor de concurrentiepositie van de Nederlandse toeristisch-recreatieve branche is uiteindelijk de combinatie van het door de gast te betalen tarief en het geboden product in verhouding tot vergelijkbare tarief/productcombinaties elders. Mijn indruk is dat qua prijs/kwaliteitsverhouding Nederland niet aantoonbaar uit de pas loopt met de ons omringende landen en dat de toeristenbelasting daarbij van bescheiden betekenis is.

4 De opbrengsten uit de toeristenbelasting hebben zich als volgt ontwikkeld. In de jaren
1995: NLG 109 mln;
1996: NLG 116 mln, t.o.v. 1995 een stijging van 6,4%; 1997: NLG 123 mln, t.o.v. 1996 een stijging van 6%; 1998: NLG 130 mln, t.o.v. 1997 een stijging van 5,7%

5 Het onderzoek van de Recron heeft betrekking op de ontwikkeling van de lokale lasten in de recreatiesector. Bij de ontwikkeling van die lasten is vooral de hoogte van het tarief bepalend. In het door Ernst & Young uitgevoerde onderzoek is bezien in welke mate gemeenten gebruik maken van de in de modelverordeningen van de VNG opgenomen heffingsgrondslagen. Gebleken is dat in het geval van de toeristenbelasting 99% van de gebruikte grondslagen aansluit bij de modelverordening van de VNG. Een relatie met de uitkomsten van het Recron-onderzoek kan hierbij niet worden gelegd.

Noot van de redactie: inlichtingen bij H. Jacobs , tel: (070) 379 61 74

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie