Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Antwoord kamervragen fiscaal voordeel familie Soeharto

Datum nieuwsfeit: 10-09-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
expostbus51


MINISTERIE FIN

www.minfin.nl

MIN FIN: MOGELIJK FISCAAL VOORDEEL FAM. SOEHARTO

PERSBERICHTNR. 99/192 Den Haag 10 september 1999

ANTWOORDEN VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCI.N OP VRAGEN VAN HET LID

VAN DE TWEEDE KAMER DER STATEN-GENERAAL VAN BOMMEL OVER HET MOGELIJKE

FISCALE VOORDEEL DAT DE FAMILIE SOEHARTO OPDOET DOOR IN NEDERLAND

FINANCIERINGSMAATSCHAPPIJ TE BEZITTEN

VRAGEN:


1.

Kent u de berichten 'Nederland steunt de Soeharto.s fiscaal' en 'Wij hebben een naam hoog te houden'?


2.

Is het voor buitenlandse bedrijven fiscaal aantrekkelijk om in Nederland financieringsmaatschappijen op te richten? Zo ja, hoe dan?


3.

Doen bedrijven van de familie Soeharto via financieringsmaatschappijen in Nederland fiscaal voordeel op door via deze bedrijven geld op de kapitaalmarkt te lenen?


4.

Zijn er tussen de fiscus en bedrijven, waarin leden van de Soeharto-familie een aanzienlijk belang hebben, afspraken (ruilings) gemaakt over de hoogte van belastingen die zij in Nederland moeten betalen? Zo ja, met welke bedrijven zijn deze ruilings gemaakt en wat is de inhoud van die afspraken?


5.

Bent u op de hoogte van de diverse maatregelen die internationaal en in Indonesië zelf genomen worden tegen de zelfverrijking van de familie Soeharto?


6.

Bent u in staat en bereid iets te ondernemen tegen het mogelijke fiscale voordeel dat de familie Soeharto opdoet door in Nederland financieringsmaatschappijen te bezitten, bijvoorbeeld door het herzien van eventuele ruilings? Zo neen, waarom niet?


7.

Acht u het profijt dat de familie Soeharto voor haar zelfverrijking kan hebben van Nederlandse fiscale regelingen in overeenstemming met het beleid van het ministerie van Buitenlandse Zaken jegens Indonesië? Zo ja, waarom? Zo neen, bent u bereid hier iets aan te doen?

Toelichting:
Deze vragen dienen ter aanvulling op de eerdere vragen terzake van de leden Hoekema en Luchtenveld, ingezonden 19 juli 1999 en van de leden Vendrik en Oedayraj Singh Varma, ingezonden 19 juli 1999.

ANTWOORDEN:


1.

Ja.

2, 3, 4, 6 en 7.
De term 'financieringsmaatschappij' is geen eenduidig fiscaal begrip. Voorzover wordt bedoeld maatschappijen wier taak het is om geld op de kapitaalmarkt in te lenen en binnen concernverband uit te lenen, zal de winst die met betrekking tot deze activiteiten in Nederland in de belastinggrondslag wordt begrepen, ten minste gelijk dienen te zijn aan hetgeen tussen onafhankelijke derden wordt behaald. Dit staat bekend als het zogenoemde at arm.s length-beginsel. Ten aanzien van de beantwoording van de vraag of in een concreet geval aan dit -algemeen binnen OESO-verband gehanteerde- beginsel is voldaan, kan een belastingplichtige aan de inspecteur om zekerheid verzoeken. De mogelijkheid om zekerheid vooraf te verkrijgen, geldt in beginsel voor iedereen die in Nederland aan belastingheffing is onderworpen. De zekerheid vooraf wordt slechts verstrekt binnen de grenzen van de wet. Van het verstrekken van fiscale voordelen is geen sprake.
Opgemerkt wordt dat met name in geval van internationaal opererende ondernemingen bij de Belastingdienst niet altijd bekend is wie de
-uiteindelijke- belanghebbenden zijn, omdat deze informatie voor een adequate toepassing van de fiscale wetgeving ook niet in alle gevallen relevant is. Los daarvan wijs ik erop dat de geheimhoudingsplicht van artikel 67 Algemene wet inzake rijksbelastingen eraan in de weg staat informatie over individuele belastingplichtigen openbaar te maken. Voor zover de Indonesische regering in dit verband inlichtingen wenst, biedt het belastingverdrag tussen Indonesië en Nederland hiervoor de mogelijkheid.


5.

Op 22 juli jl. organiseerde de Asian Development Bank te Jakarta een seminar voor overheidsfunctionarissen met een uitgewerkt aktieplan over corruptiebestrijding en 'good governance' in Indonesië. Dit thema vormde tijdens de onder voorzitterschap van de Wereld Bank staande bijeenkomst van de Consultatieve Groep voor Indonesië (27-28 juli 1999 te Parijs) een belangrijk onderdeel van discussie tussen de Indonesische delegatie en de internationale donorgemeenschap. Kort daarna werd door het Indonesische parlement de nieuwe anti-corruptie wet aanvaard.

Woordvoerder: mw. E.A. Hijink
Tel.nr.: 070 - 342 8229

10 sep 99 17:03

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie