Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

AOB: Met onderwijs gaat het beter dan met basisvorming

Datum nieuwsfeit: 15-09-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten

ALGEMENE ONDERWIJSBOND AOB

Reactie Algemene Onderwijsbond op evaluatie basisvorming

Inspectie brengt basisvorming terug naar tweejarige brugperiode

MET HET ONDERWIJS GAAT HET BETER DAN MET DE BASISVORMING

Met de eerste fase van het voortgezet onderwijs gaat het goed. Die conclusie trekt de Algemene Onderwijsbond uit de evaluatie van de basisvorming door de onderwijsinspectie. Het niveau van het jeugdonderwijs is gestegen en dat is doorslaggevend voor het beoordelen van de prestaties van leraren en leerlingen. Ook de grote mate van tevredenheid van ouders en leerlingen over hun school wijst op een positieve ontwikkeling.
Daar staat tegenover dat met de basisvorming beoogde vernieuwingen niet of nauwelijks zijn gerealiseerd. Uit het inspectierapport blijkt dat dit in belangrijke mate valt te wijten aan onvoldoende financiële en materiële mogelijkheden van de scholen. Leraren hebben, mede onder invloed hiervan, een behoorlijke resistentie jegens het overheidsbeleid ontwikkeld. Zolang de overheid onvoldoende randvoorwaarden schept om vernieuwingen in te voeren, is deze houding niet per definitie schadelijk voor het vigerende onderwijs, zoals blijkt uit de leerlingresultaten. Maar gewenst vernieuwingsbeleid stagneert er wel door.

Tot de belangrijkste aanbevelingen van de inspectie om de dynamiek in de eerste fase van het voortgezet onderwijs terug te brengen, rekent de AOb het voorstel om een gemeenschappelijk basiscurriculum van twee jaar in te voeren. Hiermee wordt de basisvorming in sommige opzichten teruggebracht tot het oudere idee van een tweejarige brugperiode. Wellicht biedt dit een oplossing voor de spanning die er bestaat tussen het streven om leerlingen zo lang mogelijk keuzemogelijkheden te bieden, uitstel van school- en beroepskeuze, en de realiteit van bestaande verschillen tussen leerlingen. Anders dan de inspectie brengt de evaluatie de AOb niet tot de conclusie dat er in de eerste jaren noemenswaardige vorderingen zijn gemaakt op dit gebied. Het is nog onduidelijk hoe de verschillende variaties tussen plaatsing van leerlingen in heterogene en homogene groepen uitpakken. Onderzoek hiernaar en discussie hierover blijven nodig. De AOb vindt dat het onderwijs moet blijven streven naar de beste manier om sekse- en milieuspecifieke invloeden op schoolloopbanen te beperken.

Een tweede belangrijke aanbeveling is vermindering van het aantal leerlinglessen van 32 tot 30. Hiermee zou het aantal wekelijkse lessen van leraren kunnen worden verminderd van 26 tot gemiddeld ruim 24, zodat meer tijd vrijkomt voor inplementatie van vernieuwingen. De AOb acht vermindering van het aantal leraarlessen per week dringend nodig, maar is er niet op voorhand van overtuigd dat minder leerlinglessen een verantwoord middel is, behalve dan in de ogen van minister Zalm, omdat het immers budgettair neutraal is. De inspectie veronderstelt dat deze vermindering zonder gevolgen voor het onderwijspeil kan plaatsvinden, vanwege het rendement van de vernieuwingen. Daarmee wordt een wel erg zware wissel op toekomstige positieve ontwikkelingen in de basisvorming getrokken, zeker gezien het feit dat het programma voor veel leerlingen nu al overladen is. De AOb constateert dat de inspectie het kennelijk niet aandurft om voorstellen te doen die geld kosten.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de persvoorlichter van de Algemene Onderwijsbond, Marja Eestermans, tel. 030 2989210 of 06 53410159.

15 sep 99 12:30

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie