Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Ernst & Young blij met tussenbeslissing Heino Krause-zaak

Datum nieuwsfeit: 20-09-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten

ERNST AND YOUNG

ERNST & YOUNG BLIJ MET TUSSENBESLISSING IN HEINO KRAUSE-ZAAK

ERNST & YOUNG BLIJ MET TUSSENBESLISSING

IN HEINO KRAUSE-ZAAK

De Raad van Tucht voor Registeraccountants gaat getuigen horen van de Algemene Inspectiedienst (AID) van het Ministerie van Landbouw, het Centraal Orgaan voor Kwaliteitsaangelegenheden in de Zuivel en het Productschap voor Zuivel. Dit om een beeld te krijgen van de controle door deze instanties op de productie van melkpoeder in het algemeen en meer in het bijzonder op het bijmengen van lactose met melkpoeder door de voormalige zuivelcoöperatie Heino Krause. Dat maakte de raad vandaag in een tussen-beslissing bekend. De reden voor deze beslissing is dat de Tuchtraad op basis van de nu bekende informatie niet in staat is om een oordeel te vellen aangaande de klacht van de Stichting Onderzoek Bedrijfsinformatie (SOBI) tegen Ernst & Young, de toenmalige accountant van Heino Krause. Hoofd juridische zaken van Ernst & Young, mr Tim den Draak is verheugd over het besluit van de Raad van Tucht.

'Wij hebben altijd naar voren gebracht dat de experts van de daartoe aangestelde controlerende instanties nooit hebben gesignaleerd dat er iets niet in de haak was bij Heino Krause', aldus Den Draak. 'Het is onduidelijk waarom een accountant in deze materie deskundiger zou moeten zijn dan de experts. Het is daarom verstandig dat de Raad nu bij deze instanties om opheldering vraagt. Bovendien geeft het aan dat het hier om een complexe zaak gaat, waarin de rol van de accountant niet geïsoleerd bekeken kan worden.' Dat de Raad vandaag tevens uitsprak dat de klacht niet is verjaard en SOBI als belanghebbende kan optreden, noemt Den Draak 'weinig verrassend'. 'Dat zijn meer procedurele beslissingen dan dat het echt de inhoud van de zaak raakt. Het betrekken van de controlerende instanties in deze zaak doet dat wél', meent Den Draak.

Procedure
SOBI treedt in deze procedure op namens voormalige leden van Heino Krause. Voor Heino Krause ontstonden in 1990 financiële problemen door de dramatische daling van de opbrengstprijzen voor melkpoeder, het enige product van de coöperatie. Om het bedrijf te redden kwam het in 1991 tot een fusie met Coberco. Tijdens deze fusie bleek dat de leden van het voormalige Heino Krause 13 miljoen gulden moesten (terug)betalen vanwege de financiële problemen in 1990. Zij proberen dit nu op anderen te verhalen.

EG-richtlijnen
Begin jaren tachtig investeerde Heino Krause aanzienlijke bedragen in de uitbreiding van de productiecapaciteit, na het besluit om als zelfstandige coöperatie door te gaan. Door het bijkopen van melk probeerde de directie van Heino Krause de ontstane overcapaciteit op te vangen. Bovendien besloot men tot het bijmengen van lactose - een natuurlijk bestanddeel van melk - met de melk gedurende het productieproces. Door Heino Krause en haar afnemers werd dit eind-product onder andere geëxporteerd naar landen buiten de EG. Daarover ontving men van de EG subsidie. Toevoegingen aan melkpoeder komen echter volgens de EG-richtlijnen n¡et in aan-merking voor deze Europese subsidie.

.Melkexperts.
De Algemene Inspectiedienst was binnen de EG-richtlijnen verantwoordelijk voor het toezicht op de rechtmatigheid van de gegeven subsidiegelden. De AID concludeerde over 1988 en 1989 dat 'er geen afwijkingen zijn geconstateerd die aanleiding gaven tot correctie'. Ook andere .melk-experts. die regelmatig bij Heino Krause over de vloer kwamen, hebben nooit aangegeven dat er iets onrechtmatigs zou zijn aan de productie van de melkpoeder. Verder waren het bestuur en de commissarissen van Heino Krause op de hoogte van de toevoeging van lactose. De inkoop van lactose werd bovendien normaal in de administratie verantwoord. Wat betreft de beslissing om de productie op te voeren omwille van de bezetting van de machines en apparatuur wijst Ernst & Young erop dat dit een kwestie is die de leiding van een bedrijf aangaat.

Rol accountant
Ernst & Young heeft daarom altijd naar voren gebracht dat de accountant niet verantwoordelijk gesteld kan worden voor de beoordeling van de rechtmatigheid van de lactosetoevoeging en de doelmatigheid van de inzet van productiemiddelen. De taak van de accountant spitst zich toe op controlewerkzaamheden in relatie tot het al dan niet geven van een goedkeurende verklaring bij de Jaarrekening. Ernst & Young houdt staande dat deze verklaringen in het geval van Heino Krause terecht zijn gegeven.

Einde bericht

Noot voor redacties

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie