Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Europese Hof inzake Sonasa - Cie vd Europese Gemeenschappen

Datum nieuwsfeit: 29-09-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten

WEEKOVERZICHT VAN HET HOF VAN JUSTITIE EN HET GERECHT VAN EERSTE AANLEG VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN

Week van 27 september tot 1 oktober 1999

nr. 24/99


Zaak T-126/97

Sonasa - Sociedade Nacional de Segurança, Ld.²/Commissie van de Europese Gemeenschappen

Sociale politiek

29 september 1999

"Beroep tot nietigverklaring · Europees Sociaal Fonds · Vermindering van financiële bijstand · Gewettigd vertrouwen · Rechtszekerheid · Goed bestuur · Motiveringsgebrek"

(Vierde kamer)

Artikel 1, lid 2, sub a, van besluit 83/516/EEG van de Raad van 17 oktober 1983 betreffende de taken van het Europees Sociaal Fonds (hierna: "besluit 83/516"), bepaalt, dat het Europees Sociaal Fonds deelneemt in de financiering van acties op het gebied van de beroepsopleiding en de beroepskeuzevoorlichting.

De projecten tot financiering van die acties, die moeten worden ingediend door een lidstaat of een door hem aangewezen dienst, worden goedgekeurd bij een goedkeuringsbesluit van de Commissie. Volgens artikel 2, lid 2, van besluit 83/516 staan de betrokken lidstaten in voor de adequate uitvoering van de acties.

Verordening (EEG) nr. 2950/83 van de Raad van 17 oktober 1983 houdende toepassing van besluit 83/516, bepaalt, dat de aanvragen tot betaling van het saldo een gedetailleerd verslag over de inhoud, de resultaten en de financiële aspecten van de betrokken actie bevatten. Voorts moet de lidstaat de feitelijke en boekhoudkundige juistheid van de in de betalingsaanvragen verstrekte gegevens bevestigen.

Indien van de bijstand van het ESF geen gebruik wordt gemaakt op de wijze die in het goedkeuringsbesluit is vastgesteld, kan de Commissie deze bijstand opschorten, verminderen of doen vervallen.

Het Departamento para os Assuntos do Fundo Social Europeu (dienst belast met de aangelegenheden van het Europees Sociaal Fonds; hierna: "DAFSE") vertegenwoordigt de Portugese Staat in aangelegenheden betreffende het ESF. Het is de enige Portugese gesprekspartner, enerzijds, van de diensten van de Commissie die de door het ESF gefinancierde acties beheren, en, anderzijds, van de openbare en particuliere lichamen die in Portugal in aanmerking willen komen voor bijstand van het ESF.

Verzoekster, Sonasa · Sociedade Nacional de Segurança, Ld.a (hierna: "Sonasa"), diende bij het DAFSE een aanvraag in om bijstand van het ESF voor een in het begrotingsjaar 1989 te voeren actie op het gebied van beroepsopleiding.

Het project waarvoor bijstand werd gevraagd, werd goedgekeurd door de Commissie, waarbij 35 083 325 ESC werd toegekend aan verzoekster voor de opleiding van 249 personen onder de 25 jaar.

Bij brief van 20 maart 1996 verzocht het DAFSE verzoekster, een deel van de voor haar opleidingsactie toegekende voorschotten terug te betalen. Het preciseerde evenwel, dat dit verzoek tot terugbetaling niet vooruitliep op de nog door de Commissie vast te stellen beschikking betreffende het definitieve bedrag van de bijstand.

Op 16 december 1996 stelde de Commissie beschikking C(96) 3451 (hierna: "bestreden beschikking") vast, waarin de Commissie de aanvankelijk toegekende bijstand van het ESF voor de door Sonasa gevoerde beroepsopleidingsactie verminderde.

Verzoekster heeft daarop beroep tot nietigverklaring van de bestreden beschikking ingesteld.

Het eerste middel: schending van het rechtszekerheids- en het vertrouwensbeginsel en van het beginsel van goed bestuur

De financiële bijstand van het ESF wordt slechts toegekend indien de begunstigde zich houdt aan de voorwaarden met betrekking tot de actie, die door de Commissie in het goedkeuringsbesluit zijn vermeld. Wanneer de begunstigde die voorwaarden niet eerbiedigt, kan hij niet verwachten, dat het bij het goedkeuringsbesluit toegekende bedrag in zijn geheel zal worden uitbetaald.

De Commissie was op grond van verordening nr. 2950/83 bevoegd te onderzoeken, of de bijstand van het ESF was gebruikt overeenkomstig de voorwaarden van het goedkeuringsbesluit, waarbij voor een bedrag van 35 083 325 ESC financiële bijstand was toegekend voor de opleiding van 249 personen. Toen de aanvraag tot betaling van het saldo bij de Commissie werd ingediend, moest zij beoordelen, na de betrokken lidstaat te hebben gehoord, of niet-inachtneming van bovenbedoelde voorwaarden eventueel rechtvaardigde, dat de bijstand werd verminderd (arrest Gerecht van 19 maart 1997, Oliveira/Commissie, T-73/95, Jurispr. blz. II-384, punten 30 en 31).

Vaststaat immers, dat het aantal cursisten dat deelnam aan de opleidingsactie van Sonasa, opvallend kleiner was (137 in plaats van 249) en dat de duur van de actie aanzienlijk is verkort.

Hieruit volgt, dat verzoekster de voorwaarden waarvan de bijstand van het ESF afhankelijk was, kennelijk niet in acht heeft genomen. Bijgevolg kan zij niet met een beroep op het vertrouwensbeginsel de nietigverklaring van de bestreden beschikking vorderen.

Het argument van verzoekster, dat de gehele of gedeeltelijke betaling van de bijstand door het DAFSE, nadat dit de bij de aanvraag tot betaling van het saldo gevoegde financiële balans had aanvaard, bij verzoekster het gewettigd vertrouwen had gewekt, dat de aanvankelijk goedgekeurde bijstand definitief in zijn geheel zou worden uitbetaald, kan evenmin slagen.

Alle mededelingen van het DAFSE aan verzoekster of aan de Commissie met betrekking tot de aanvaarding of een eventuele vermindering van de bijstand van het ESF zijn mitsdien enkel te beschouwen als voorstellen van de bevoegde nationale autoriteit in het kader van de controle op de adequate uitvoering van de opleidingsacties, die zij overeenkomstig artikel 2, lid 2, van besluit 83/516 dient te verrichten.

· De schending van het rechtszekerheidsbeginsel

Verzoekster kan evenmin met een beroep op het rechtszekerheidsbeginsel de nietigverklaring van de bestreden beschikking vorderen. Dit beginsel is immers in casu niet geschonden, aangezien de geldende regeling uitdrukkelijk voorziet in de mogelijkheid dat financiële bijstand wordt teruggevorderd wanneer de voorwaarden waaronder de steun is verleend, niet zijn nageleefd.

· De schending van het beginsel van goed bestuur

Opgemerkt zij, dat de Commissie met de nodige voortvarendheid heeft gehandeld.

Immers, zij heeft na op 5 september 1996 het financiële en boekhoudkundige verslag te hebben ontvangen, de bestreden beschikking op 16 december 1996 vastgesteld.

Uit de motivering van de beschikking blijkt duidelijk, dat de Commissie zich heeft gebaseerd op alle documenten die haar door het DAFSE waren toegezonden.

De Commissie heeft juist gehandeld door de resultaten af te wachten van het door het DAFSE in opdracht gegeven financiële en boekhoudkundige controleverslag, dat zelf weer zijn rechtvaardiging vond in de vaststelling van een aantal onregelmatigheden in het dossier. De omstandigheid dat de Commissie de resultaten van die controle heeft afgewacht, kan dus geen schending van het beginsel van goed bestuur opleveren.

Het feit dat de Commissie kennis had van de verschillende standpunten van het DAFSE, betekent geenszins, dat zij verantwoordelijk is voor het optreden van de nationale autoriteit.

Het tweede middel: schending van het beginsel van eerbiediging van verkregen rechten

De ontvanger van bijstand wiens aanvraag door de Commissie is goedgekeurd, verkrijgt daardoor geen definitief recht op volledige betaling van de bijstand indien hij de voorwaarden waarvan die bijstand afhankelijk is gesteld, niet in acht neemt.

Verzoekster heeft in casu niet voldaan aan de voorwaarden die voor de opleidingsactie golden.

Het derde middel: schending van de motiveringsplicht

De toekenning van financiële bijstand volgens de geldende regeling en de rechtspraak berust op een stelsel van nauwe samenwerking tussen de Commissie en de lidstaten.

Derhalve kan in een geval als het onderhavige, waarin de Commissie zich eenvoudig aansluit bij het voorstel van een lidstaat de aanvankelijk toegekende bijstand te verminderen, een beschikking van de Commissie naar het oordeel van het Gerecht worden geacht naar behoren met redenen te zijn omkleed, hetzij wanneer zijzelf duidelijk de redenen vermeldt die de vermindering van de bijstand schragen, hetzij, zo dat niet het geval is, wanneer zij voldoende duidelijk verwijst naar een handeling van de bevoegde autoriteiten van de betrokken lidstaat, waarin deze de redenen voor een dergelijke vermindering duidelijk uiteenzetten.

In casu bevat de bestreden beschikking een nauwkeurige aanwijzing omtrent de redenen waarom de Commissie de aanvankelijk toegekende financiële bijstand heeft verminderd, terwijl zij ook de documenten van het DAFSE vermeldt waaraan zij refereert.

Het Gerecht, rechtdoende:

"1) Verwerpt het beroep.

2) Verwijst verzoekster in alle kosten."


2. CONCLUSIES


1: Dit overzicht, opgesteld door de Afdeling Pers en Voorlichting van het Hof van Justitie (L-2925 Luxemburg), heeft tot doel snelle informatie te verschaffen over de werkzaamheden van het Hof en het Gerecht. Alleen de tekst van de arresten en conclusies, die later wordt gepubliceerd in de "Jurisprudentie van het Hof van Justitie en het Gerecht van eerste aanleg", is echter officieel. De inhoud van dit weekoverzicht kan zonder toestemming, doch met vermelding van de bron, worden overgenomen.

Vertaald uit het Frans.

Kopij afgesloten op 1 oktober 1999

Catalogusnummer: DX-AC-99-0024-NL-C

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie