Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Agenda Ecofin Raad

Datum nieuwsfeit: 08-10-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
expostbus51


MINISTERIE FIN

www.minfin.nl

MIN FIN: ZALM STUURT AGENDA ECOFIN NAAR DE KAMER

PERSBERICHTNR. 99/230 Den Haag 1 oktober 1999

ZALM STUURT AGENDA ECOFIN NAAR DE KAMER

Minister Zalm van Financiën heeft vandaag, mede namens de Staatssecretaris, de geannoteerde agenda voor de Ecofin Raad van 8 oktober 1999 naar de Kamer gezonden. De Ecofin wordt vrijdag gehouden in Luxemburg.
Voorafgaand aan de Ecofin vindt er een bijeenkomst plaats van de euro-11. Hieronder volgt de letterlijke tekst van de brief aan de Kamer.

Agenda Euro-11
De Euro-11 zal naar verwachting spreken over het onderwerp verschillen in economische ontwikkelingen in de Lidstaten, de uitkomst van de G7 bijeenkomst in de marge van de jaarvergadering van IMF en Wereldbank, alsmede de budgettaire situatie in de Lidstaten, met ditmaal aandacht voor Frankrijk, Ierland en Spanje.

Inzake de economische verschillen in de eurozone kan worden geconstateerd dat de groei in Duitsland en Italië op dit moment achterloopt bij de rest van de Euro-11 landen. Daarnaast bevinden de lidstaten zich in verschillende cyclische fasen. Monetair en wisselkoersbeleid zijn niet langer inzetbaar als beleidsinstrumenten om divergerende ontwikkelingen tegen te gaan. In het kader van het Stabiliteits- en Groeipact wordt toegewerkt naar een situatie waarin het budgettaire beleid via een optimale werking van de automatische stabilisatoren een dempende invloed op het conjunctuurverloop in de afzonderlijke Lidstaten kan uitoefenen. Nederland is van mening dat verschillen in economische groei goed verklaarbaar zijn door inhaaleffecten, het conjunctuurverloop en de mate waarin structurele hervormingen in de Lidstaten zijn doorgevoerd. Het is de vraag of divergenties in economische ontwikkeling in dit opzicht als schadelijk zijn aan te merken. Nederland is van mening dat het te vroeg is om ten aanzien hiervan conclusies te trekken. De periode sinds de start van de derde fase EMU is daarvoor te kort.

Wat betreft de uitkomst van de G7-bijeenkomst zal Euro-11 voorzitter Niinistö verslag doen van zijn aanwezigheid bij de ochtendsessie van de G7 over de macro-economische situatie en wisselkoersontwikkeling. Vervolgens zal een van de deelnemende Euro-11 lidstaten verslag doen van het middaggedeelte, waaraan zoals bekend de Euro-11 voorzitter en de ECB-President niet deelnemen.

Terzake van de budgettaire situatie zij opgemerkt dat het inmiddels gebruik is om individuele Lidstaten een inleiding te laten verzorgen over de economische en budgettaire situatie in eigen land. Het is een manier om beter op de hoogte te komen van elkaars problematiek en aanpak, en vormt zo een nadere invulling van het multilaterale toezicht uit hoofde van het Stabiliteits- en Groeipact. Frankrijk, Ierland en Spanje zullen informatie verstrekken over de begroting(voorbereiding) 2000.

Geannoteerde agenda Ecofin Raad d.d. 8 oktober 1999 te Luxemburg

Presentatie van de prioriteiten van de nieuwe Commissie aard bespreking : presentatie/oriënterend debat

Op 18 september 1999 hield de nieuwe Commissie onder voorzitter Romano Prodi haar eerste vergadering. De nieuwe Commissie zal vervolgens in iedere Raad van de EU haar prioriteiten presenteren. Een gedetailleerd werkprogramma is nog niet beschikbaar maar uit toespraken van voorzitter Prodi vallen wel al de hoofdprioriteiten af te leiden. In de komende jaren zal de Commissie op het beleidsterrein van de Ecofin naar verwachting veel aandacht besteden aan o.a. EMU gerelateerde onderwerpen, werkgelegenheidsbeleid, coördinatie van fiscaal beleid en controle en intern beheer van de verschillende communautaire instellingen.

EIB leningen
document: 7722/99 ECOFIN
aard van de bespreking: besluitvorming is voorzien besluitvormingsprocedure: art. 308 EG

Sinds enige jaren leent de Europese Investeringsbank (EIB) ook aan landen buiten de Europese Unie. Voor zover deze leningen onder garantie van de EU worden verstrekt, stelt de Raad hiervoor meerjarige regionale leningmandaten vast. In januari 2000 lopen de meeste van deze mandaten aan landen buiten de Europese Unie af. Het onderhavige voorstel heeft betrekking op de verlenging van de EU-garantie voor EIB-leningen in Midden en Oost Europa en de Westelijke Balkan, het Middellandse -Zeegebied, Azië, Latijns Amerika en in de Republiek Zuid Afrika.
De ACS-leningen (door de Lidstaten gegarandeerd) en de pre-accessie leningen ten behoeve van de uitbreiding van de Europese Unie (voor eigen rekening EIB) blijven buiten dit voorstel. In de Ecofin Raad van 12 juli 1999 werd overeenstemming bereikt over een aantal belangrijke elementen van het voorstel zoals de omvang van de totaalenveloppe (18.410 miljoen euro voor een periode van 7 jaar ingaande op 1 februari 2000) en de hoogte van de communautaire garantie (globale garantie van 65%). Na uiterlijk 4½ jaar zal een mid term review plaatsvinden.
De Ecofin Raad van 8 oktober zal zich buigen over de verdeling van de totaalenveloppe tussen de onderscheiden regio.s, alsmede het al dan niet verbinden van prestatie indicatoren aan de activiteiten van de EIB in derde landen.

Werkgelegenheidspakket
document: ontwerp-rapport inzake de werkgelegenheid, ontwerp- werkgelegenheidsrichtsnoeren 2000 en ontwerp-aanbevelingen inzake het werkgelegenheidsbeleid van individuele lidstaten aard bespreking : oriënterend debat

De Ecofin zal een oriënterend debat voeren over het Ontwerp-werkgelegenheidsrapport 1999 ten behoeve van de ER in Helsinki, de Ontwerpwerkgelegenheidsrichtsnoeren 2000 en de ontwerp- aanbevelingen van de Raad inzake het werkgelegenheidsbeleid in individuele landen. In het werkgelegenheidsrapport 1999 wordt voor zowel de EU als voor de individuele lidstaten een beschrijving gegeven van de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt aan de hand van de vier pijlers van de werkgelegenheidsrichtsnoeren (inzetbaarheid, ondernemerschap, flexibiliteit ondernemingen en werknemers en gelijkekansenbeleid). De Commissie deelt de lidstaten bij de eerste twee richtsnoeren (sluitende aanpak voor jongeren resp. volwassenen) in vier groepen in, waarbij Nederland in de een na minst presterende groep wordt geplaatst. De Commissie stelt geen nieuwe werkgelegenheidsricht-snoeren voor, maar aanvullingen en verhelderingen van de bestaande. In het ontwerp van de landenspecifieke aanbevelingen staan drie aanbevelingen voor Nederland met betrekking tot (1) de sluitende aanpak (2) de prikkels op arbeidsparticipatie vanuit het belasting- en premiesysteem en (3) verbetering van het statistische systeem van monitoring. Nederland is in zijn algemeenheid positief gestemd over het feit dat de Commissie met de voorliggende stukken de druk op lidstaten wil vergroten om vorm te geven aan een Europese werkgelegenheidsstrategie. Wel heeft Nederland vragen bij de wijze waarop de Commissie tot het oordeel komt dat Nederland op onderdelen tekortschiet. Nederland is voornemens dit met de Commissie te bespreken.

Economische hervormingen
aard bespreking : oriënterend debat

De Ecofin zal een oriënterend debat voeren over het proces van multilateraal toezicht op economische hervormingen in de lidstaten aan de hand van een EPC-opinie. Het EPC constateert dat de ervaringen met het huidige systeem van landenexaminatie uitmondend in een syntheserapport over het algemeen positief zijn. Het biedt de lidstaten de mogelijkheid van peer review van nationale beleidshervormingen en de identificatie van effectieve voorbeelden. Hierdoor kon het structurele gedeelte van de globale richtsnoeren worden versterkt en konden de richtsnoeren concreter en landenspecifieker worden geformuleerd. Het EPC suggereert in het vervolg, naast meer nadruk op implementatie van de globale richtsnoeren en de identificatie van voorbeelden van good practices, ook te kijken naar enkele specifieke onderwerpen voor een meer diepgaande analyse, waarbij ook enkele concrete suggesties zullen worden gedaan. Het EPC stelt een stroomlijning van rapporten voor, waarbij het EPC-synthese rapport ook korter en beleidsgerichter zal worden opgesteld, met een grotere aandacht voor de interactie tussen verschillende beleidsterreinen. De nationale rapporten zouden volgens een uniform format moeten worden aangeleverd.

Turkije: Cie-mededeling financiering wederopbouw in Turkije, i.h.b. EIB-leningen
aard bespreking : presentatie door de Commissie

De aardbeving in Turkije noodzaakte de Europese Unie in eerste instantie tot het snel verlenen van noodhulp, via ECHO. Het gaat er thans om de wederopbouw van het getroffen gebied ter hand te nemen. Nederland zal zich inspannen voor passende hulpverlening door de Europese Unie. Onder andere kan hierbij gedacht worden aan het beschikbaar stellen van betalingsbalanshulp en leningen van de Europese Investeringsbank (EIB). Ook bij de toekenning van schenkingen t.b.v. projecten zal zoveel mogelijk rekening moeten worden gehouden met de financieel-economische situatie en infrastructuur in Turkije na de aardbeving. Nederland zal zich sterk maken voor een vlotte besluitvorming terzake. Nederland zal zich verder actief inzetten voor een spoedige uitvoering van de Europese strategie voor Turkije alsmede het deblokkeren van eerder gedane toezeggingen in het kader van de douane-unie met Turkije.

Gemeenschappelijke Strategie voor het Middellandse Zeegebied aard van de bespreking : oriënterend debat

In het Verdrag van Amsterdam (art. 13 EU) is opgenomen dat de Europese Raad de beginselen van en de algemene richtsnoeren voor het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid vaststelt. Daartoe worden zogenaamde Gemeenschappelijk Strategieën opgesteld waarin deze elementen, alsmede de middelen die de EU en de Lidstaten hiervoor beschikbaar hebben, opgenomen. De ER van Keulen heeft reeds de Gemeenschappelijke Strategie voor Rusland vastgesteld. Inmiddels wordt ook gewerkt aan de de Strategieën voor Oekraïne, de Westelijke Balkan en het Middellandse Zeegebied.
Voor wat betreft deze laatste zal in de Ecofin Raad een oriënterend debat plaatsvinden over de financieel economische aspecten van de Gemeenschappelijke Strategie.

Arbeidsintensieve diensten
document : 11089/99 Fisc 190
aard bespreking : vaststellen gemeenschappelijk standpunt Besluitvormingsprocedure: art. 94 (voorheen 100) Verdrag van Amsterdam

De Ecofin Raad zal worden verzocht een compromisvoorstel van het voorzitterschap aan te nemen, betreffende een richtlijn die het mogelijk maakt om een experiment met een verlaagd BTW-tarief toe te passen op bepaalde arbeidsintensieve diensten. Volgens het compromisvoorstel van het voorzittersschap kunnen de lidstaten twee en in bijzondere gevallen drie categorieën kiezen uit een limitatieve lijst van vijf categorieën (1. Reparatie van kleding, schoenen en fietsen, 2. Verbetering en renovatie van particuliere woningen, 3. Diensten van schoonmakers en glazenwassers aan particuliere woningen,
4. Huishoudelijke hulp, incl. hulp aan jongeren, bejaarden, zieken of gehandicapten, 5. Kappersdiensten). Van een bijzonder geval is sprake als het economisch gewicht van de diensten waarmee aan het experiment wordt deelgenomen van gering belang is. Nederland is altijd een groot voorstander geweest van een experiment met een verlaagd BTW-tarief op bepaalde arbeidsintensieve diensten. Op de lijst met categorieën staan alle diensten vermeld die Nederland in een eerder stadium heeft aangemeld in Brussel om eventueel in aanmerking te laten komen voor het experiment. De bedoeling is dat het experiment zal lopen van 1 januari 2000 tot en met 31 december 2002.

Belasting op spaartegoeden
aard bespreking : presentatie door lidstaten van stand van zaken

Door de liberalisering van het Europese kapitaalverkeer en de toegenomen mobiliteit van particuliere spaartegoeden is het voor de lidstaten steeds moeilijker geworden om te komen tot een effectieve belastingheffing van inkomsten uit spaartegoeden. De richtlijn spaartegoeden heeft ten doel een minimale heffing te waarborgen bij grensoverschrijdende betalingen van rente. In het huidige richtlijnvoorstel wordt de lidstaten de keuzemogelijkheid geboden tussen het invoeren van een bronheffing van 20% of het uitwisselen van inlichtingen (het coëxistentie-model). Om te voorkomen dat toepassing van dit model de concurrentiepositie van de kapitaalmarkten in de Gemeenschap zal schaden, is overeengekomen dat de Gemeenschap onderhandelingen begint met haar voornaamste handelspartners en met afhankelijke en geassocieerde gebieden om te bevorderen dat in die landen en gebieden maatregelen worden ingevoerd die gelijkwaardig zijn aan de richtlijn. Tijdens de bijeenkomst van de Ecofin Raad van 25 mei 1999 is afgesproken dat de lidstaten verslag zullen doen van de acties die binnen het kader van de constitutionele mogelijkheden zijn ondernomen met betrekking tot afhankelijke en geassocieerde gebieden.
Nederland zal verslag doen van hetgeen in de relatie met de Nederlandse Antillen en Aruba is ondernomen om te bevorderen dat de uitgangspunten van de richtlijn in die gebieden worden overgenomen. Daarbij zal er op worden gewezen dat Nederland gegeven de constitutionele verhoudingen binnen het Koninkrijk niet in staat is het invoeren van gelijkwaardige maatregelen op te leggen. Wel worden van Nederlandse zijde via overreding de richtlijnbeginselen ook naar de Nederlandse Antillen en Aruba geëxporteerd. In het kader van de besprekingen die worden gevoerd over de Belastingregeling voor het Koninkrijk is er van gedachten gewisseld over het instrument van de inlichtingenuitwisseling, een van de centrale elementen van het richtlijnvoorstel. De dialoog met beide landen zal de komende tijd worden voortgezet. Voor de goede orde wordt erop gewezen dat de positie van de Nederlandse Antillen (geen bankgeheim, actieve participatie in het kader van de Financial Action Task Force on Money Laundering, onderschrijven van het Wederzijdse Administratieve Bijstand bij Belastingzaken Verdrag) relatief gunstig is.

Implementatie OLAF
Aard bespreking : voortgangsverslag door het voorzitterschap

Op 25 mei 1999 heeft de Ecofin Raad - in codecisie met het Europees Parlement - een pakket be-slui-ten aangenomen betreffende de oprichting per 1 juni 1999 van het Europees Bureau voor fraude-be-strij-ding (OLAF: Office européen de Lutte Anti-Fraude). Onder het Finse voorzitterschap moet ervoor gezorgd worden dat OLAF volledig operationeel wordt en dat alle daarvoor noodzakelijke uitvoerings-maatregelen worden getroffen. De streefdatum daarvoor is 1 november 1999. Het voorzitterschap zal de Ecofin Raad verslag doen over de stand van de uitvoering.

Financieel Reglement
document : COMBUD 128/99 aard bespreking : er is besluitvorming voorzien besluitvormingsprocedure : art. 279 (ex. art. 209)

In dit Cie-voorstel voor een herziening van het Financieel Reglement, de zogenaamde trein 8b, wordt voorgesteld om de gezamenlijke organisatiestructuur van het Economisch en Sociaal Comité (ESC) en het Comité van de Regio.s (CvR) te splitsen en om in de EU-begroting een post op te nemen voor de ombudsman. De ombudsman staat thans in een annex bij de Parlementaire sectie. Het splitsen van de gezamenlijke organisatiestructuur van het ESC en CvR vloeit voort uit het Verdrag van Amsterdam waarbij de rechtsbasis voor de gezamenlijke organisatiestructuur is komen te vervallen.

Woordvoerder: drs. F.F.M. Kemperman
Telefoonnummer: 070 -342 8236

01 okt 99 16:04

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie