Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Inflatie in september terug naar 2,2 procent

Datum nieuwsfeit: 08-10-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
CBS Persbericht

Datum: 08-10-99

Inflatie in september terug naar 2,2 procent

In september 1999 is de inflatie uitgekomen op 2,2 procent. Dit blijkt uit de consumentenprijsindexcijfers van het CBS. Daarmee komt de inflatie weer op het niveau dat gemiddeld in de eerste zeven maanden van dit jaar werd gemeten.

Tussen augustus en september zijn de prijzen gemiddeld met een half procent gestegen. Kleding en schoeisel stegen in prijs, maar minder dan in deze maand gebruikelijk is. Verder stegen onder andere collegegelden en lesgelden bij het voortgezet onderwijs.

Inflatie terug naar 2,2 procent

De inflatie in Nederland wordt gemeten als de stijging van de consumentenprijsindex ten opzichte van de overeenkomstige maand in het voorgaande jaar. In de maanden januari tot juli van dit jaar was de inflatie tamelijk stabiel tussen 2,1 en 2,3 procent.

In augustus werd een inflatie gemeten van 2,6 procent. Bij de publicatie van dat cijfer gaf het CBS reeds aan dat deze hoge uitkomst voor een deel uit incidentele factoren kon voortkomen. De uitkomst van september komt weer uit op 2,2 procent. De incidenteel hoge augustusuitkomst is vrijwel uitsluitend toe te schrijven aan het prijsverloop van kleding en schoeisel.

Prijzen kleding en schoeisel

De prijzen van kleding en schoeisel kennen een sterk seizoenspatroon. Bij de introductie van de nieuwe zomer- of wintercollectie stijgen de prijzen aanzienlijk, om vervolgens na enkele maanden weer te gaan zakken in verband met de uitverkopen. Elke zes maanden voltrekt zich deze cyclus. De prijsstijging bij de overgang van de zomer- op de wintercollectie wordt jaarlijks voor een klein deel gemeten tussen juli en augustus en voor het grootste deel tussen augustus en september.

Dit jaar werd in vergelijking met vorige jaren voor kleding en schoeisel een veel grotere prijsstijging gemeten tussen juli en augustus, maar een veel kleinere tussen augustus en september. Dit hangt samen met een gemiddeld iets vroeger einde van de uitverkoop van zomerkleding en een eerdere introductie van de wintercollectie. In augustus waren kleding en schoeisel gemiddeld 6,5 procent duurder dan een jaar eerder, in september is dat verschil teruggevallen tot 0,3 procent.

Septemberprijzen 0,5 procent hoger dan in augustus

Tussen augustus en september stegen de consumentenprijzen gemiddeld met een half procent, vooral door de prijsstijging van kleding en schoeisel. Dat is voor deze tijd van het jaar een geringe prijsstijging. Naast kleding en schoeisel werden onder andere autobrandstoffen en eieren duurder en werden collegegelden en lesgelden voor het voortgezet onderwijs verhoogd.

Afgeleide consumentenprijsindex

In de afgeleide consumentenprijsindex van het CBS is het effect van veranderingen in de tarieven van de kostprijsverhogende (zgn. indirecte) belastingen en consumptiegebonden belastingen uit de prijsontwikkeling geëlimineerd. De afgeleide index was in september een half procent hoger dan in augustus en 1,7 procent hoger dan in september vorig jaar.

Geharmoniseerde consumentenprijsindex

Het CBS stelt sinds maart 1997, naast de nationale consumentenprijsindex, ten behoeve van de Europese Unie (EU) ook de geharmoniseerde consumentenprijsindex van Nederland samen. De geharmoniseerde index dient voor vergelijkingen binnen de Europese Unie, maar is minder geschikt om de nationale inflatie weer te geven.

In augustus was de gemiddelde inflatie in 15 landen van de EU 1,2 procent. In de 11 landen van de Eurozone werd eveneens gemiddeld 1,2 procent gemeten. Nederland had in augustus de hoogste inflatie in Europa, namelijk 2,5 procent. In september is de inflatie volgens de Europese maatstaf in Nederland teruggelopen naar 2,0 procent. Ook in dit geval is het prijsverloop van kleding en schoeisel de oorzaak van het incidenteel hoge augustuscijfer. Voor de andere Europese landen zijn nog geen uitkomsten over september beschikbaar.

Technische toelichting

De consumentenprijsindex geeft het prijsverloop weer van een pakket goederen en diensten, zoals dit in 1995 gemiddeld werd aangeschaft door huishoudens in Nederland. De gemiddelde prijsverandering heeft betrekking op het consumptiepakket van alle huishoudens.

De geharmoniseerde indices dienen speciaal voor het vergelijken van de inflatie tussen de lidstaten van de Europese Unie. Zie hiervoor ook de persmededeling 'Geharmoniseerde Index van Consumentenprijzen' van 7 maart 1997.

Het belangrijkste verschil tussen de geharmoniseerde index en de nationale consumentenprijsindex betreft de consumptiepakketten waarop zij betrekking hebben. Wonen in een eigen huis (huurwaarde), consumptiegebonden belastingen (onroerende-zaakbelasting, motorrijtuigenbelasting e.d.), uitgaven in het buitenland, contributies en collegegelden worden bijvoorbeeld wel meegenomen in de nationale index, maar niet in de geharmoniseerde.

De consumentenprijsindex voor de monetaire unie (EURO-11, CPIMU) geeft de gemiddelde prijsontwikkeling weer in de 11 landen die met ingang van 1 januari 1999 meedoen in de Economische en Monetaire Unie.

De EURO-15 geeft de gemiddelde prijsontwikkeling weer van de 15 lidstaten van de Europese Unie.

Achtergrondinformatie

Voor achtergrondinformatie en overige tabellen over dit onderwerp kunt u contact opnemen met het Centraal Bureau voor de Statistiek in Voorburg, tel. (070) 337 58 70. Overige informatie kunt u verkrijgen bij de persdienst van het CBS, tel. (070) 337 58 16.

Grafiek. Procentuele verandering CPI-alle huishoudens t.o.v. de overeenkomstige maand een jaar eerder

Consumentenprijsindex alle huishoudens (1995=100) 1)

Artikelgroep

Wegings- factoren

1999 aug.

1999 sep. 2)

% mutatie sep. '99 t.o.v.

aug. '99

sep. '98

0

Totaal bestedingen

100000

108,9

109,4

0,5

2,2

1

Voedingsmiddelen en alcoholvrije dranken

13726

104,1

104,0


-0,1

0,5

Voedingsmiddelen

12414

104,5

104,4


-0,1

0,7

Brood en granen

2324

104,4

104,4

0,0

2,1

Vlees

2911

104,4

103,9


-0,5


-0,1

Vis

313

115,3

115,0


-0,3

6,5

Melk, kaas en eieren

2120

101,4

102,1

0,7


-0,4

Oliën en vetten

361

101,8

102,0

0,2

0,0

Fruit

986

115,0

115,8

0,7

1,6

Groenten, incl. aardappelen e.d.

1446

98,8

96,6


-2,2


-2,8

Suiker en andere zoetwaren

881

101,8

102,4

0,6

1,4

Voedingsmiddelen n.e.g.

1072

109,3

109,2


-0,1

3,3

Alcoholvrije dranken

1312

100,5

100,6

0,1


-1,5

Koffie, thee en cacao

568

92,1

92,0


-0,1


-8,6

Mineraalwater, frisdranken e.d.

744

106,8

107,1

0,3

3,9

2

Alcoholhoudende dranken en tabak

3980

112,2

112,2

0,0

4,1

Alcoholhoudende dranken

1923

103,4

103,4

0,0

1,9

Tabak

2057

120,5

120,5

0,0

6,0

3

Kleding en schoeisel

6121

102,0

110,5

8,3

0,3

Kleding en kledingstoffen

4995

101,3

110,2

8,8

0,0

Schoeisel en schoenreparaties

1126

105,1

111,8

6,4

1,6

4

Huisvesting, water, elektriciteit, gas

26832

117,2

117,1


-0,1

2,8

Huisvesting

20422

117,5

117,5

0,0

3,0

Normaal onderhoud en reparatie woning

1623

108,2

108,2

0,0

1,2

Overige diensten i.v.m. woning, w.o. water

839

124,1

124,1

0,0

11,0

Elektriciteit, gas e.a. brandstoffen

3948

117,6

117,6

0,0

1,3

5

Stoffering, huishoudelijke apparaten

7959

104,2

104,1


-0,1

2,2

Meubelen, stoffering en decoratie

3368

105,8

105,2


-0,6

2,7

Huishoudtextiel

931

103,3

103,6

0,3

2,4

Verwarmingsapp., kookapp., koelkasten

904

95,2

94,9


-0,3

0,2

Vaat- en glaswerk en huishoudelijke app.

470

104,4

105,3

0,9

1,4

Gereedschappen en werktuigen voor huis en tuin

430

102,1

102,3

0,2

1,3

Dagelijks woningonderhoud

1856

106,8

107,0

0,2

2,5

6

Gezondheid

544

106,0

106,1

0,1

1,9

7

Vervoer

10707

107,6

107,7

0,1

4,3

Aankoop voertuigen

4211

99,3

99,5

0,2

0,7

Gebruik van privé-voertuigen

4784

114,2

114,7

0,4

8,2

Vervoersdiensten

1712

109,1

108,3


-0,7

1,6

8

Communicatie

1862

103,4

102,7


-0,7


-7,4

9

Recreatie en cultuur

11329

103,5

103,2


-0,3

1,4

Apparaten, toebehoren incl. reparatie

4744

92,7

91,3


-1,5


-1,2

Recreatie en cultuur

3092

113,5

114,5

0,9

3,7

Kranten, boeken en schrijfwaren

2150

111,8

111,8

0,0

2,7

Pakketreizen

1343

105,1

105,1

0,0

1,3

10

Onderwijs

376

110,6

112,4

1,6

2,9

11

Hotels, cafés en restaurants

5521

111,6

111,1


-0,4

3,9

Restaurants, cafés en kantines

4387

110,6

110,8

0,2

3,5

Accommodatie

1134

115,2

112,3


-2,5

5,5

12

Diverse goederen en diensten

6293

104,4

104,4

0,0

1,7

Lichaamsverzorging

1980

109,8

110,0

0,2

4,3

Artikelen voor persoonlijk gebruik n.e.g.

891

98,1

97,9


-0,2


-0,9

Verzekering

2486

101,8

101,8

0,0

0,6

Bankdiensten n.e.g.

31

102,0

102,0

0,0

2,9

Andere diensten n.e.g.

905

105,8

105,8

0,0

1,2

13

Consumptiegebonden belastingen en overheidsd.

4750

110,1

111,9

1,6

4,2

Consumptiegebonden belastingen

3785

108,9

108,9

0,0

3,1

Overheidsdiensten

965

114,9

123,4

7,4

7,7

1) De prijsindexcijfers geven het prijsverloop weer van een pakket goederen en diensten, zoals dit in 1995 gemiddeld werd aangeschaft door huishoudens in Nederland.

2) Voorlopige cijfers.

Consumentenprijsindex, alle huishoudens (1995=100)

Totaal

jan.

feb.

mrt.

apr.

mei

juni

juli

aug.

sep.

okt.

nov.

dec.

jaar

1996

100,6

101,0

102,0

102,3

102,0

101,6

101,9

101,7

102,7

102,9

102,8

102,7

102,0

1997

102,8

103,0

103,8

103,9

104,2

103,6

104,0

104,3

105,2

105,3

105,4

105,1

104,2

1998

104,7

105,3

106,2

106,4

106,3

105,9

106,1

106,1

107,0

107,3

107,2

106,9

106,3

1999

107,0

107,5

108,5

108,7

108,7

108,3

108,3

108,9

109,4


*

Consumentenprijsindex alle huishoudens, afgeleid 1) (1995=100)

Totaal

jan.

feb.

mrt.

apr.

mei

juni

juli

aug.

sep.

okt.

nov.

dec.

jaar

1996

99,9

100,3

101,2

101,5

101,3

100,9

101,2

101,0

102,0

102,2

102,1

102,0

101,3

1997

101,9

102,1

102,8

102,9

103,1

102,6

103,0

103,3

104,3

104,4

104,4

104,1

103,3

1998

103,5

104,1

105,0

105,2

105,1

104,7

104,9

104,9

105,8

106,1

106,0

105,7

105,1

1999

105,3

105,8

106,7

107,0

107,0

106,6

106,5

107,1

107,6


*

1) De afgeleide CPI is berekend als de gewone prijsindex exclusief het effect van veranderingen in de tarieven van de kostprijsverhogende (zgn. indirecte) belastingen en de consumptiegebonden belastingen.

Consumentenprijsindex, werknemersgezinnen met laag inkomen (1995=100)

Totaal

jan.

feb.

mrt.

apr.

mei

juni

juli

aug.

sep.

okt.

nov.

dec.

jaar

1996

100,6

100,9

101,9

102,2

101,9

101,5

101,8

101,6

102,5

102,8

102,6

102,5

101,9

1997

102,7

102,9

103,7

103,8

104,0

103,5

103,9

104,1

105,0

105,1

105,2

104,9

104,1

1998

104,6

105,2

106,0

106,3

106,2

105,7

105,9

105,9

106,8

107,0

107,0

106,7

106,1

1999

106,8

107,4

108,3

108,5

108,5

108,1

108,0

108,6

109,1


*

Consumentenprijsindex, werknemersgezinnen met een laag inkomen, afgeleid 1) 1995=100

Totaal

jan.

feb.

mrt.

apr.

mei

juni

juli

aug.

sep.

okt.

nov.

dec.

jaar

1996

99,9

100,2

101,2

101,5

101,2

100,8

101,1

100,9

101,8

102,1

101,9

101,9

101,2

1997

101,8

102,0

102,7

102,8

103,0

102,5

102,9

103,2

104,1

104,2

104,3

104,0

103,1

1998

103,4

104,0

104,8

105,1

105,0

104,5

104,7

104,7

105,6

105,9

105,8

105,5

104,9

1999

105,1

105,6

106,5

106,8

106,8

106,4

106,3

106,9

107,3


*

1) De afgeleide CPI is berekend als de gewone prijsindex exclusief het effect van veranderingen in de tarieven van de kostprijsverhogende (zgn. indirecte) belastingen en de consumptiegebonden belastingen.

Consumentenprijsindex, werknemersgezinnen met hoog inkomen (1995=100)

Totaal

jan.

feb.

mrt.

apr.

mei

juni

juli

aug.

sep.

okt.

nov.

dec.

jaar

1996

100,3

100,8

101,8

102,1

101,9

101,4

101,3

101,2

102,3

102,5

102,4

102,3

101,7

1997

102,2

102,5

103,4

103,5

103,7

103,1

103,1

103,5

104,6

104,7

104,7

104,3

103,6

1998

103,8

104,5

105,5

105,7

105,6

105,1

105,1

105,1

106,1

106,4

106,3

106,0

105,4

1999

105,9

106,5

107,6

107,8

107,9

107,4

107,2

107,9

108,5


*

Consumentenprijsindex, werknemersgezinnen met hoog inkomen, afgeleid 1) (1995=100)

Totaal

jan.

feb.

mrt.

apr.

mei

juni

juli

aug.

sep.

okt.

nov.

dec.

jaar

1996

99,8

100,2

101,2

101,6

101,3

100,8

100,8

100,7

101,8

102,0

101,9

101,8

101,2

1997

101,5

101,7

102,6

102,7

102,9

102,3

102,4

102,7

103,8

103,9

104,0

103,6

102,8

1998

102,9

103,5

104,5

104,8

104,7

104,2

104,2

104,2

105,2

105,5

105,4

105,0

104,5

1999

104,5

105,1

106,2

106,5

106,5

106,1

105,9

106,5

107,1


*

1) De afgeleide CPI is berekend als de gewone prijsindex exclusief het effect van veranderingen in de tarieven van de kostprijsverhogende (zgn. indirecte) belastingen en de consumptiegebonden belastingen.

Procentuele wijzigingen t.o.v. de overeenkomstige maand uit het voorgaande jaar
CPI Alle huishoudens
Totaal CPI Alle huishoudens
afgeleid
Totaal

januari

1997

2,2

2,0

februari

1997

2,0

1,8

maart

1997

1,8

1,6

april

1997

1,6

1,4

mei

1997

2,2

1,8

juni

1997

2,0

1,7

juli

1997

2,1

1,8

augustus

1997

2,6

2,3

september

1997

2,4

2,3

oktober

1997

2,3

2,2

november

1997

2,5

2,3

december

1997

2,3

2,1

januari

1998

1,8

1,6

februari

1998

2,2

2,0

maart

1998

2,3

2,1

april

1998

2,4

2,2

mei

1998

2,0

1,9

juni

1998

2,2

2,0

juli

1998

2,0

1,8

augustus

1998

1,7

1,5

september

1998

1,7

1,4

oktober

1998

1,9

1,6

november

1998

1,7

1,5

december

1998

1,7

1,5

januari

1999

2,2

1,7

februari

1999

2,1

1,6

maart

1999

2,2

1,6

april

1999

2,2

1,7

mei

1999

2,3

1,8

juni

1999

2,3

1,8

juli

1999

2,1

1,5

augustus

1999

2,6

2,1

september

1999

2,2


*)

1,7

Geharmoniseerde index van consumentenprijzen, Nederland (1996=100)

Totaal

jan.

feb.

mrt.

apr.

mei

juni

juli

aug.

sep.

okt.

nov.

dec.

jaar

1996

98,7

99,2

100,4

100,7

100,3

99,8

99,5

99,3

100,4

100,7

100,5

100,4

100,0

1997

100,4

100,6

101,6

101,7

101,9

101,3

101,4

101,8

102,9

103,0

103,0

102,6

101,9

1998

102,0

102,7

103,8

104,2

104,0

103,5

103,2

103,2

104,2

104,5

104,5

104,1

103,7

1999

104,1

104,8

105,9

106,2

106,2

105,7

105,1

105,8

106,3


*

Geharmoniseerde index van consumentenprijzen, Euro-15 (1996=100)

Totaal

jan.

feb.

mrt.

apr.

mei

juni

juli

aug.

sep.

okt.

nov.

dec.

jaar

1996

98,8

99,2

99,6

99,9

100,1

100,2

100,0

100,1

100,4

100,5

100,5

100,7

100,0

1997

100,9

101,2

101,3

101,4

101,7

101,7

101,7

101,9

102,1

102,2

102,3

102,4

101,7

1998

102,2

102,5

102,7

103,0

103,2

103,3

103,2

103,2

103,3

103,3

103,3

103,4

103,0

1999

103,2

103,5

103,8

104,2

104,3

104,3

104,3

104,4


*


*) Voorlopig cijfer

Procentuele wijzigingen t.o.v. de overeenkomstige periode van het voorgaande jaar
Geharmoniseerde
index Nederland
Totaal Nationale
Consumentenprijsindex
Totaal

januari

1997

1,7

2,2

februari

1997

1,4

2,0

maart

1997

1,2

1,8

april

1997

1,0

1,6

mei

1997

1,6

2,2

juni

1997

1,5

2,0

juli

1997

1,9

2,1

augustus

1997

2,5

2,6

september

1997

2,5

2,4

oktober

1997

2,3

2,3

november

1997

2,5

2,5

december

1997

2,2

2,3

januari

1998

1,6

1,8

februari

1998

2,1

2,2

maart

1998

2,2

2,3

april

1998

2,5

2,4

mei

1998

2,1

2,0

juni

1998

2,2

2,2

juli

1998

1,8

2,0

augustus

1998

1,4

1,7

september

1998

1,3

1,7

oktober

1998

1,5

1,9

november

1998

1,5

1,7

december

1998

1,5

1,7

januari

1999

2,1

2,2

februari

1999

2,0

2,1

maart

1999

2,0

2,2

april

1999

1,9

2,2

mei

1999

2,1

2,3

juni

1999

2,1

2,3

juli

1999

1,8

2,1

augustus

1999

2,5

2,6

september

1999

2,0


*)

2,2


*)

Geharmoniseerde consumentenprijsindices van de 15 landen in de Europese Unie
Totaal index
1996=100
aug-99 aug-99
t.o.v.
aug-98 *)

Frankrijk

102,5

0,5

Oostenrijk

102,4

0,5

Duitsland

103,3

0,7

België

103,5

0,9

Finland

104,0

1,3

Luxemburg

103,9

1,4

Italië

105,8

1,6

Portugal

106,5

1,8

Spanje

106,6

2,3

Ierland

106,4

2,4

Nederland

105,8

2,5

CPIMU

104,1

1,2

Zweden

103,1

0,8

Verenigd Koninkrijk

104,8

1,3

Griekenland

111,2

1,6

Denemarken

105,7

2,4

EURO-15

104,4

1,2


*) Voorlopige cijfers.
Bron: Eurostat/CBS

Geharmoniseerde index van consumentenprijzen, Euro-11 (1996=100) 1)

Totaal

jan.

feb.

mrt.

apr.

mei

juni

juli

aug.

sep.

okt.

nov.

dec.

jaar

1996

98,9

99,3

99,7

99,9

100,1

100,1

100,2

100,1

100,2

100,4

100,4

100,6

100,0

1997

100,9

101,2

101,3

101,2

101,5

101,5

101,6

101,8

101,9

101,9

102,0

102,1

101,6

1998

102,0

102,3

102,4

102,6

102,8

102,9

102,9

102,9

102,9

102,8

102,8

102,9

102,7

1999

102,8

103,1

103,4

103,7

103,8

103,8

104,0

104,1


*

1) Consumentenprijsindex voor de monetaire unie.

© Centraal Bureau voor de Statistiek, Voorburg/Heerlen, 1999 Bronvermelding is verplicht.
Verveelvoudiging voor eigen gebruik of intern gebruik is toegestaan.

Laatst gewijzigd: 08 oktober 1999

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie