Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Stand van zaken uitwerking Ecologische Hoofdstructuur

Datum nieuwsfeit: 08-10-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij

Actueel

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018
2500 EA Den Haag
uw brief van

uw kenmerk

ons kenmerk
DN. 995706
datum
08-10-1999

onderwerp
Stand van zaken uitwerkingEcologische Hoofdstructuur (TRC 1999/4085) doorkiesnummer

bijlagen
1

Geachte Voorzitter,

Tijdens de behandeling van de voorstellen van het Programma Beheer in uw Kamer en bij de behandeling van de LNV-begroting 1999 heb ik u toegezegd u nader te informeren over de afspraken tussen het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij en de provincies over de uitwerking van de Ecologische Hoofdstructuur. De voorbereidende werkzaamheden voor deze afspraken zijn inmiddels vergevorderd, maar het traject van bestuurlijk overleg is nog niet afgerond. Met deze brief wil ik u over de stand van zaken informeren.

up

datum
08-10-1999

kenmerk
DN. 995706

bijlage

Uitwerking van de Ecologische Hoofdstructuur
Bij de uitwerking van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) dragen de provincies zorg voor de nadere begrenzing en de keuze van de natuurdoelen. Als landelijke beleidskaders zijn de kaart van de bruto-EHS met de daarbij horende hectares alsmede de Nota Ecosystemen in Nederland meegegeven. In deze laatste nota is de gewenste kwaliteit van de EHS ver-woord.
De uiteindelijke kwaliteitsverdeling van de EHS zal op kaart gezet worden in samenspraak met de provincies.

De stand van zaken van september 1999
De begrenzing van de EHS is voor ruim 80% gereed. Daarnaast is een uitwerking (op kaart) van zo goed als alle verbindingszones uit het NBP gereedgekomen.
Momenteel zijn alle twaalf provincies bezig om voor de EHS en de natuur- en boselemen-ten daarbuiten aan te geven welke doelen nagestreefd worden.
Met uitzondering van Groningen en delen van Drenthe, waar het proces al bestuurlijk is afgerond, betreffen de natuurdoeltypenkaarten nog ambtelijke concepten. Overleg over de provinciale voorstellen met belanghebbenden is gaande, maar in de meeste provincies nog niet afgerond.

Een eerste indruk van de provinciale natuurdoelkaarten Op basis van de nu beschikbare gegevens kan een eerste indruk gegeven worden van de mate van overeenkomst in de (te verwachten) visies van de provincies enerzijds en het rijk anderzijds. 1. De gezamenlijke provinciale ambities voor typen natuur met een hoge graad van natuurlijkheid en grootschaligheid zullen naar verwachting minstens even groot zijn als die van het rijk. Per type zijn er echter vaak grote afwijkingen van de rijkstaakstellingen: in het kustgebied (zowel land als water) hebben de provincies vaak een hogere ambitie en in het binnenland (met name de hogere gronden en het rivierengebied) vaak een lagere. Dit verschil wordt mede veroorzaakt doordat de provincies voor de rijkswateren in het algemeen een hoge mate van natuurlijkheid voor ogen hebben, terwijl het rijks-beleid tot nu toe gekozen heeft voor een zonering, waardoor grote delen van deze wateren een multifunctioneel gebruik kennen, met aanvaardbare gevolgen voor het ecosysteem. Een punt van aandacht zijn de consequenties die het aanwijzen van een gebied als nagenoeg- of begeleid-natuurlijke eenheid heeft voor doorsnijding door wegen en kanalen. In een aantal gevallen is te voorzien dat daadwerkelijke realisatie van genoemde eenheden op infrastructurele problemen zal stuiten. Dit speelt in het binnenland, waar de ambities lager zijn dan de rijkstaakstellingen.
2. Het totaal van het areaal van moeilijk te realiseren half-natuurlijke typen dat door de provincies wordt voorgesteld, zal naar verwachting groter zijn dan de rijkstaakstel-lingen. De bossen zijn een voorbeeld hiervan: de provincies stellen een aanzienlijk groter areaal natuurbos voor dan in de rijksplannen tot nu toe werd ge-noemd. Vanwege het feit dat veel kaarten nog in bewerking zijn, is er geen uitspraak mogelijk op het niveau van afzonderlijke typen natuur.
3. Aanzienlijke delen van de EHS blijven een hoge mate van versnippering houden, zowel in de vorm van het totaal oppervlak natuur als per type natuur. Dit heeft twee gevolgen: namelijk een grote kwetsbaarheid ten aanzien van de milieuomstandigheden (randlengte) en een grote kans op uitsterven van soorten. 4. Ten aanzien van de locatiekeuzen en de ruimtelijke rangschikking wordt geconstateerd dat slechts een deel van de kansrijke plaatsen voor versterking van natuurwaarden benut wordt. Regionaal zijn er echter duidelijke verschillen. Dit is het meest opvallend bij de beekdalsystemen, die in betrekkelijk weinig gevallen goed zullen kunnen func-tioneren en de laagveengebieden, waar een aantal hiaten in de 'Natte As' niet opgevuld worden. 5. Uit de per 1/1/1999 afgeronde begrenzingen valt op te maken dat een groter areaal nieuwe natuur buiten de bruto EHS is begrensd dan was voorzien. Dit draagt wellicht bij aan de onder 3 genoemde constateringen.

De problemen van de versnippering en niet optimale ruimtelijke rangschikking van de EHS zijn eerder in de Natuurverkenningen en Natuurbalansen gesignaleerd. Dit vormt voor mij aanleiding in de nota NBL 21 meer aandacht te schenken aan de verbindingszones van de EHS.

Vervolg
Met de provincies is afgesproken dat in het komende halfjaar intensief overleg zal plaats-vinden om een beter beeld te krijgen van de provinciale plannen en om na te gaan of vol-doende garanties ten aanzien van een duurzame ontwikkeling van de EHS geboden kunnen worden. Ook wordt nagegaan of bij het afronden van de provinciale kaarten reeds reke-ning gehouden kan worden met de bovengenoemde bevindingen. Dit zal uiteindelijk ook leiden tot een gezamenlijke landelijke kaart, waarbij over eventuele aanpassingen van de rijksinzichten (in de vorm van taakstellingen en locaties) en de provinciale kaarten bestuurlijke afspraken worden gemaakt. Daaraan gekoppeld zal ik ook de budgettaire gevolgen van de provinciale uitwerkingen beoordelen en daarover afspraken maken met de provincies. Ik zal u hierover nader informeren zodra het bestuurlijk overleg met provin-cies hierover is afgerond.

De staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer
en Visserij,

G.H. Faber


reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie