Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Ieke van de Burg (PvdA) over Europese CAO-afspraken

Datum nieuwsfeit: 16-10-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Partij van de Arbeid

Europese CAO-afspraken - een nieuw constructief element van Europees werkgelegenheidsbeleid?
van Ieke van den Burg (Europarlementariër voor de PvdA)

Tot nu toe behoorden Europese CAO-afspraken tot het onmogelijke. Sinds het congres van de Europese Vakbonden (EVV) van vorige week, lijkt een Europees CAO-beleid echter dichterbij te zijn gekomen. Dit zou een belangrijk onderdeel van het sociaal-economisch overleg op Europees niveau kunnen vormen. De Europese vakbeweging maakt zich daarvoor op. Het wachten is nu op de tot dusverre afhoudende Europese werkgevers. Ieke van den Burg (voormalig FNV federatiebestuurder, adviseur van het EVV en nieuw verkozen Europarlementslid voor de PvdA) plaatst de rol van Europese CAO-afspraken in het kader van het nieuwe Europese werkgelegenheidsbeleid.

Dat Europa meer moet zijn dan een economische en monetaire Unie is in het verleden al vaak gezegd en door de tegenvallende opkomst voor de Europese verkiezingen in bijna alle lidstaten van de Unie nog eens in alle duidelijkheid onderstreept. Werkgelegenheid in al haar aspecten is één van de terreinen die voor de Europese burger herkenbaar zijn als iets dat hem/haar direct aangaat. Het Verdrag van Amsterdam en de invoering van de Euro hebben nieuwe uitdagingen op het terrein van het Europese werkgelegenheidsbeleid gecreëerd. Het Verdrag van Amsterdam introduceerde werkgelegenheid voor het eerst als een harde Europese doelstelling, en geeft de Europese Unie bevoegdheden op dat terrein. De deelnemers aan de Euro zijn steeds meer op elkaar aangewezen. Voor nationale regeringen zijn er geen mogelijkheid meer hun economisch beleid met monetaire maatregelen te steunen. Het stabiliteitspact legt harde voorwaarden op aan hun begrotingsbeleid. Het kan nu twee kanten uitgaan: Ofwel lidstaten pogen onderling hun concurrentievermogen binnen de EU te verbeteren door een scherpere beleidsconcurrentie op het gebied van loonkosten, secundaire arbeidsvoorwaarden, sociale zekerheid en belastingen; ofwel: er wordt sterker gecoördineerd en gezamenlijk in dezelfde richting gewerkt, uitgaand van de EU (of voorlopig de Euro-11 landen) als een economische eenheid.

De Europese vakbonden hebben op hun congres in Helsinki van vorige week voor de tweede richting gekozen. Ze besloten hun nationale CAO-eisen op elkaar af te stemmen om onderlinge concurrentie en sociale dumping te voorkomen. Het idee leeft om binnen vijf jaar tot grensoverschrijdende CAO-afspraken te komen over bijvoorbeeld het aantal werkuren of arbeidsomstandigheden. Grensoverschrijdende bindende CAO-afspraken zijn juridisch weliswaar nog gecompliceerd; coördinatie en afstemming is zeker mogelijk, en vindt al plaats, bijvoorbeeld tussen Nederlandsen, Duitse en Belgische bonden. Werkgevers zijn van het idee nog niet echt gecharmeerd, maar ook zij zouden moeten begrijpen dat het uiteindelijk in hun voordeel werkt, als oneerlijke concurrentie op loonkosten kan worden vermeden. Is nu ook een macro-economische afstemming tussen Europese en nationale beleidsmakers en de sociale partners mogelijk, zoals we dat in het Nederlandse poldermodel gewend zijn ? Dat hangt af van de toekomstige samenwerking tussen de Europese instituties en de sociale partners, ofwel de Europese Sociale Dialoog. De Sociale Dialoog is door het Verdrag van Amsterdam versterkt, mede door het integreren van het "sociale protocol". In het verband van de Sociale Dialoog nieuwe stijl bespreekt de Europese Commissie nu ook het macro-economisch beleid, zoals de jaarlijks vastgestelde Brede Economische Richtsnoeren, met de sociale partners.

Een nieuwe stap in de goede richting is het besluit van de top in Keulen van begin juni om in het kader van het Europees werkgelegenheidspact een soort voor- en najaarsoverleg met de Europese sociale partners, de Europese Centrale Bank en de Ministers van Financiën en van werkgelegenheid te komen. Dit zou voorafgegaan moeten worden door een technische voorbereiding met macro-economische prognoses en vergelijkingen tussen lidstaten. Dat lijkt op wat we in Nederland kennen: de Macro-economische verkenningen van het CPB. Het zou kunnen leiden tot een Europese versie van wat wij in Nederland van de SER kennen: een geïntegreerd middellangetermijnadvies waarin zowel de macro-economische aanbevelingen, als de werkgelegenheids- en arbeidsmarktplannen van de lidstaten een plek kunnen krijgen.

Vooralsnog is het op Europees niveau al heel wat als de klokken gelijk gezet worden ten aanzien van de richting van beleid, en als er een serieuze uitwisseling van intenties en opvattingen plaats kan vinden tussen de belangrijkste actoren van sociaal-economisch beleid, namelijk de Europese en nationale (budget)autoriteiten, de Europese Centrale Bank en de sociale partners. Deze drie gaan immers over de drie meest elementaire componenten van macro-economisch beleid: het Europese en nationale begrotingsbeleid, het monetair beleid en de loonontwikkelingen.

Daarnaast moet ook een vorm gevonden worden om de parlementen van de lidstaten en het Europees Parlement tot hun recht te laten komen, ook zij hebben tenslotte over deze onderwerpen iets te zeggen. Het Europees Parlement heeft in een in mei aangenomen resolutie over het Werkgelegenheidspact zelf aangedrongen op een versteviging van de sociaal-economische dialoog tussen alle actoren op het financiële, economische, monetaire en werkgelegenheidsterrein, op een betere coördinatie en afstemming van de werkgelegenheids- en de economische richtsnoeren in inhoud en in tijdsplanning, en op een rol voor het Parlement daarin.

Het Europees Parlement zal het initiatief van de vakbonden om hun CAO-beleid te coördineren zeker toejuichen. Het voorkomen van sociale dumping en sociale rechtvaardigheid heeft immers altijd hoog in zijn vaandel gestaan. De top van Keulen en het EVV-congres van Helsinki hebben een nieuwe impuls gegeven aan een effectief Europees werkgelegenheidsbeleid. Voor een Europa waarin nog steeds 18 miljoen mensen werkloos zijn en waarin 18% van de bevolking onder de armoedegrens leeft is dit een meer dan welkom signaal.

Het wachten is nu op commitment van de Europese werkgevers. Op het EVV-congres in Helsinki vergeleek de EVV-voorzitter de situatie met een voetbalwedstrijd waar het EVV-team op het veld staat, de scheidsrechter en het publiek klaar zit, maar het werkgeversteam nog ontbreekt. Voor een Europees poldermodel zijn beide sociale partners nodig.

Voor informatie: Rose Moers - persvoorlichter (tel.00.32.75.663188)

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie