Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Promotie: Juridische status van vrije schoolkeuze

Datum nieuwsfeit: 11-11-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Erasmus Universiteit Rotterdam

11 november 1999

Juridische status van vrije schoolkeuze spoort niet meer in alle gevallen met de maatschappelijke praktijk en wenselijkheid

De schoolkeuze is een vrije keuze. Niet altijd vinden ouders binnen het concrete aanbod een school die strookt met hun ideeën over onderwijs en opvoeding. Het oprichten van nieuwe scholen echter stuit op grote problemen en is bijna onmogelijk.

Het loslaten van de minimumstichtingsnorm van 200 leerlingen voor een basisschool zou niet - zoals het kabinet thans wèl doet - in alle gevallen buiten beeld moeten blijven als oplossing. Richtingvrije planning zoals door het kabinet voorgesteld kan in sommige situaties een oplossing zijn. Het beleid van de overheid zou zich in grote lijnen kunnen beperken tot handhaving van de status quo met als belangrijke vernieuwingsdoelstelling dat er speciale aandacht wordt gericht op groepen ouders/leerlingen die momenteel problemen ervaren bij het kiezen van een school met de richting van hun voorkeur. Het honoreren van een uitdrukkelijk aangetoonde voorkeur voor een school van een bepaalde richting, bijvoorbeeld aan de hand van een directe meting, is daarbij een eerste voorwaarde. Tot deze conclusie komt mw. M.T.A.B. Laemers in haar proefschrift Schoolkeuzevrijheid; verandering in betekenis en reikwijdte waarop zij op donderdag 11 november 1999 promoveert aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Ouders kunnen zelf op zoek gaan naar een geschikte school voor hun kind. De schoolkeuze is een vrije keuze die in de praktijk echter wordt beperkt door de toelatingsnormen, de bereikbaarheid en de regeling voor leerlingenvervoer. Drie overwegingen voor de keuze spelen een rol: richting (godsdienstige of levensbeschouwelijke grondslag), bereikbaarheid en kwaliteit. De laatste jaren komt in onderzoek kwaliteit als belangrijkste motief voor schoolkeuze uit de bus. De studie van mw. Laemers was gericht op verheldering van de juridische en maatschappelijke betekenis van vrije schoolkeuze. Getoetst werd het idee dat steeds meer post vat, namelijk dat de vrije schoolkeuze wordt belemmerd omdat het scholenaanbod niet strookt met de voorkeur van de ouders.

Met het totstandkomen van de financiële gelijkstelling tussen openbaar onderwijs en bijzonder onderwijs in de Grondwet van 1917 werden de laatste drempels om te komen tot stichting en instandhouding van scholen met een eigen richting weggenomen. Een bevoegd gezag kon nu een school van de eigen richting stichten en deze school werd vervolgens bevolkt door leerlingen die deze richting waren toegedaan: er was grote, zo niet volledige overeenstemming tussen de grondslag waar de school van uitging en die van deze school bezoekende leerlingen. Anno 1999 blijkt van een dergelijke grote overeenstemming niet meer in alle gevallen sprake te zijn. Er is enerzijds sprake van verwatering van de geloofsgrondslag van de school, anderzijds blijkt dat van de weinige scholen die er nog gesticht worden een groot deel juist wel een uitgesproken richting en dito schoolbevolking heeft, te weten islamitische, hindoeïstische en evangelische scholen.

De promovenda onderzocht de betekenis van schoolkeuzevrijheid in een tijd dat enerzijds de betekenis van richting vervaagt in veel bijzondere scholen met een traditionele richting en anderzijds juist toeneemt wanneer het gaat om nieuwe en strengconfessionele richtingen.

In het juridisch deel van het onderzoek stond de vraag centraal of de Grondwet, enig internationaal verdrag en/of de nationale wetgever voorzien in een recht op vrije schoolkeuze in het primair onderwijs en de eerste fase van het voortgezet onderwijs. Binnen het begrip vrije schoolkeuze werden het vrijheidsaspect en het sociale aspect onderscheiden.

Laemers komt tot de conclusie dat artikel 23 van de Grondwet schoolkeuzevrijheid verschaft in de zin dat de overheid zich niet inlaat met de ouderlijke keuze uit bestaande scholen. De verwerkelijking van die vrijheid is gelegen in de garantie van het bestaan van openbare scholen en de mogelijkheid tot oprichting van (bijzondere) scholen mits aan voorwaarden - waaronder getalsnormen - wordt voldaan. Artikel 23 Grondwet noch internationale verdragen voorzien in een grondrecht van vrije schoolkeuze. Openbare scholen zijn behoudens objectieve beperkingen voor iedereen toegankelijk, bijzondere schoolbesturen kunnen op grond van de vrijheid van richting leerlingen weigeren. Het begrip richting is beperkt tot godsdienst of levensbeschouwing, zodat bijvoorbeeld leerlingenvervoer niet vergoed kan worden wanneer de schoolkeuze louter is gebaseerd op kwaliteit of voorkeur voor een pedagogisch-didactische aanpak.

In het empirisch deel van het onderzoek is nagegaan in welke mate en op welke wijze wet- en regelgeving schoolkeuzevrijheid in de praktijk (on)mogelijk maken, of ouders bekend zijn met hun formeel geldende rechten en aanspraken en in welke mate ouders wet- en regelgeving onderschrijven met betrekking tot het concrete scholenbestand, het toelatingsbeleid van schoolbesturen en de vervoersvoorzieningen. Om deze vragen te beantwoorden werd een onderzoek gedaan bij 1000 ouders, die op het moment van het onderzoek het meest recent met schoolkeuze te maken hadden gehad. Ten aanzien van de realisering van gewenste schoolkeuze bleek dat de meeste ouders de school hebben kunnen kiezen met de richting van hun voorkeur: 85% in het basisonderwijs en 92% in het voortgezet onderwijs. Een belangrijke vaststelling was dat ouders de richting van de school nog steeds belangrijk vinden.

Promotores: prof.dr. P.W.C. Akkermans M.A. , Staats- en Bestuursrecht en prof.dr. J.F.M. Claessen, Onderwijs en Vorming (OU)

Noot voor de pers

Promotie: donderdag 11 november 1999, 16.00 uur Plaats: Woudestein, Aula
Info: bij de promovenda, tel. 024 365 3596 / e-mail: (M.Laemers@its.kun.nl) of bij de afdeling Interne en Externe Betrekkingen, tel. 010 408 1777

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie