Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Vragen CDA over aanbesteding vervoer HSL-Zuid

Datum nieuwsfeit: 17-11-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
CDA

: Tweede Kamer : Aanbesteding van het vervoer over de HSL-Zuid (171199)

Aanbesteding van het vervoer over de HSL-Zuid (171199)

Den Haag, 17 november 1999

I. In de Tweede Kamer is meerdere keren gesproken over de vraag wie de concessie HSL-Zuid dient te verkrijgen. De CDA-fractie is daarover steeds duidelijk geweest. Bij de begroting V&W 1999, het AO over de tenderprocedure HSL-Zuidvervoer in juni van dit jaar en het notaoverleg in september heeft de CDA-fractie nadrukkelijk naar voren gebracht dat de exploitatie van het nationale en internationale vervoer HSL-Zuid onderdeel moet zijn van het kernnet. Het kernnet gaat naar de NS, dus de HSL-Zuid dient daar ook naar toe te gaan. Het is de taak van de minister V&W dit goed te regelen, in het belang van de reiziger en van de overheid.

II. Onthutst is de CDA-fractie over de wijze waarop de minister van verkeer en waterstaat met deze concessieverlening aan de NS omgaat.

Het is toch onbestaanbaar dat de minister het NS-bod op deze wijze in de openbaarheid brengt. Daarmee speelt de minister de Fransen en Duitsers helemaal in de kaart!

De minister negeert, met het niet ontvankelijk verklaren van het bod en het keihard afwijzen van concessieverlening voor zowel het nationale als het internationale vervoer aan de NS, een wens van de meerderheid van de Tweede Kamer. Bijna alle partijen in dit huis pleiten voor integratie van HSL-lijnen in het kernnet.

De minister zet op ongepaste wijze de NS het mes op de keel met haar eis om voor donderdag 18 november 17.00 uur een keuze te maken uit drie opties. Terwijl die opties strijdig zijn met opvattingen in de Tweede Kamer.

III. De CDA-fractie maakt zich grote zorgen over de gang van zaken. Wij vinden dat de opstelling van de minister zo niet kan. Als we zo doorgaan dan kunnen we straks de Nederlandse Spoorwegen wel vergeten en leveren we ons uit aan de Fransen en de Duitsers. Terwijl kort geleden de Kamer de motie Reitsma steunde om de NS geen beursgang toe te staan. De NS heeft immers een belangrijke nutsfunctie die niet aan de vrije markt overgeleverd dient te worden.
Bovendien is er geen enkele mate van reciprociteit in Frankrijk en Duitsland. Zelfs de VVD-fractie zei bij het debat over de Nota 3e eeuw spoor dat we geen gekke henkie moeten zijn!

IV. De CDA-fractie heeft over de handelswijze van de minister tal van vragen.

1) In de nota 3e eeuw spoor wijst de minister concurrentie op het spoor af. Waarom biedt de minister nu wel de opening voor openbare aanbesteding van het binnenlandse vervoer HSL-Zuid? Dat vervoer kan niet los gezien worden van het andere intercityvervoer.

2) De minister zet de Tweede Kamer voor het blok, terwijl de motie van Gijzel de minister oproept geen onomkeerbare stappen inzake de HSL te zetten, voordat de Tweede Kamer zich erover heeft uitgesproken. De NS heeft nu maar een keuze te doen uit drie opties. Als de NS niet kan voldoen aan een nieuw voorkeursbod gaat de minister over tot openbare aanbesteding.

nieuw bod binnenlands vervoer (conform het door de minister voorgelegde contract) met daarnaast openbare aanbesteding van het internationale vervoer.

NS mag in het geheel niet meedoen, er komt een nieuw HSL-Zuidbedrijf met 50% aandeel NS.

openbare aanbesteding alle vervoer.

Wat nu als de Tweede Kamer zegt het niet eens te zijn met de drie opties? Daarmee vervalt toch de situatie dat de exploitatie van de HSL aan de NS toevalt? (uitspraak van Gijzel, 12/11/99). Ook collega Van Gijzel vindt dat het niet in de rede ligt om buitenlandse concurrenten op het Nederlandse spoor toe te laten. Dat spoort niet met deze drie opties.

3) Over de procedure tot nu toe bestaan grote twijfels en onduidelijkheden. Op welke wijze is de NS gevraagd een voorkeursbod uit te brengen? Welke randvoorwaarden zijn daarbij op schrift gesteld? Kan de Tweede Kamer daar inzage in krijgen? Wat is precies geformuleerd (op schrift) omtrent het betalingsmoment? Wat waren de onderhandelbare punten? Is de NS officieel uitgenodigd om een toelichting te komen geven op het bod?
Kortom: heeft de minister wel een zorgvuldige procedure bewandeld? Wij krijgen in ieder geval andere signalen.

4) Waarom brengt de minister naar voren dat aanbesteding zou moeten van Europa? De CDA-fractie kan die regelgeving niet ontdekken! Lidstaten mogen preferentiële rechten verlenen aan eigen vervoerders (nergens staat via aanbesteding). Bovendien is de lengte van de concessieduur juridisch vrij. Hoezo op gespannen voet met Europees beleid?

5) Waarom heeft de minister op de persconferentie de hoogte van het NS-bod aan concurrenten bekend gemaakt? De NS is zo toch bij voorbaat kansloos in een mogelijke tender?

6) I.p.v. de 2,8 mld. die de NS biedt, noemt de minister dit NS-bod in werkelijkheid slechts 1 mld. waard. Hoe kan dat? Is de NS gemeld welke eisen de Commissie van Wijzen stelt t.a.v. het betalingsmoment? De Commissie gaat er van uit dat het hele bedrag in één keer in het jaar 2000 wordt betaald. Dat is wel erg ongebruikelijk! Op dat moment kan er van exploitatie immers nog geen sprake zijn. Het MIT meldt 2004 als eerste jaar van betaling (1mld.) van de totaal 1,9 mld.

7) Opheldering wenst de CDA-fractie over de opmerking van de minister dat de NS aanvullende eisen stelt aan de benodigde infrastructuur. De NS mag toch uitgaan van de geplande infra tot 2010 en daarna?

8) Voor de CDA-fractie blijft integratie van de HSL-Zuid met het kernnet essentieel. Die integratie heeft grote voordelen. Hoe kan de Commissie van wijzen tot de conclusie komen dat integratie weinig voordeel biedt voor de reiziger? De minister kan toch die conclusie niet overnemen? Denk aan doorgaande treinen (Den Haag-Eindhoven komen overigens niet te vervallen, zoals de commissie meent), hogere frequenties, goede overstappen, gestandaardiseerde tarieven en geïntegreerde kaartverkoop.

9) De minister meldt dat er 13 partijen geregistreerd zijn. De CDA-fractie vraagt zich af of het fatsoenlijk is om één van die partijen een objectief oordeel te vragen over de integratie. Is dat redelijk op het moment dat de minister een voorkeursbod van NS vraagt?

10) Waarom is het bod van de NS niet aangegrepen om onderhandelingen te starten? Een aantal punten moet toch onderhandelbaar zijn?! Denk aan concessieduur, hoogte bedrag, betalingswijze, treinfrequentie etc. Het is te gemakkelijk om het slechts te kwalifieceren als kwalitatief onvoldoende.

V. Kortom: veel vragen, onbegrijpelijke stappen van de minister, te grabbel gooien van de NS, kans op het uitleveren van het spoorvervoer aan de Duitsers en de Fransen. Is dit in het belang van de reiziger? In het belang van de nutsfunctie? In het belang van het (verzelfstandigde) staatsbedrijf? In het belang van de belastingbetaler?
De minister heeft wel veel uit te leggen.
Om te beginnen dient de deadline van morgenmiddag 17.00 uur van tafel gehaald te worden en de NS de mogelijkheid te krijgen een bod uit te brengen op het totale HSL-zuidvervoer. Daarbij dienen de spelregels duidelijk te zijn. Dat is voorheen de mist ingegaan. Wij kunnen ons goed voorstellen dat de minister nogal wat kritiek heeft geoogst met haar aanpak (incl. van de PvdA-fractie)!

Kamerlid: Jacob Reitsma

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie