Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Tweede Kamer: brief min ocw over vernieuwingsmonitor

Datum nieuwsfeit: 01-12-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten

00000000.085 brief min ocw over vernieuwingsmonitor Gemaakt: 3-12-1999 tijd: 17:25 RTF


Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Zoetermeer, 1 december 1999

Onderwerp:

vernieuwingsmonitor

Hierbij ontvangt u ter kennisneming de vijfde meting van de voortgang van het vernieuwingsproces BVE, de Vernieuwingsmonitor 1997/1998, uitgevoerd door de onderzoeksorganisatie ITS. Het betreft de vernieuwingsthermometer aan de hand waarvan de voortgang en de resultaten van de drie domeinen: de vernieuwingsactiviteiten, het doelgroepenbeleid en de samenwerking, kunnen worden afgelezen.

Het ITS voert deze meting uit sinds 1992/1993, naar aanleiding van een toezegging die destijds aan de Kamer is gedaan. Het ITS maakt daarbij gebruik van bestaand onderzoeksmateriaal en van aanvullende gegevens bijvoorbeeld die, welke op basis van de «Beleidsagenda BVE» worden verstrekt.

In dit rapport over het schooljaar 1997/1998 wordt voor de vijfde keer verslag gedaan van de voortgang van het vernieuwingsproces. Deze voortgang wordt afgezet tegen de eerdere metingen van 1992/1993 (de zogenoemde nulmeting), 1993/1994, 1994/1995, 1995/1996 en 1996/1997.

Met deze vijfde meting wordt het meerjarig overzicht over de ontwikkelingen in het Bve veld in de periode van de SVM- en WCBO-opertaties en de ROC-vorming aangevuld met de beginperiode van de Beleidsagenda Bve. Er zal nog een zesde en een zevende meting volgen. Dan is ook de gehele periode van de Beleidsagenda Bve in kaart gebracht. Er ontstaat dan een nieuwe situatie. Het budget voor de beleidsagenda is met ingang van 1 januari 2000 toegevoegd aan de lumpsum.

Tegelijkertijd worden de vernieuwingsactiviteiten via de normale instrumenten verantwoord, zoals het kwaliteitszorgverslag en het inspectietoezicht. Het is dan niet meer nodig de vernieuwingsmonitor op dezelfde wijze voort te zetten.

De belangrijkste uitkomsten van de vijfde meting zijn als volgt samen te vatten:

1. In het schooljaar 1997/1998 besteedden de Roc's, de vakinstellingen en de Lob's gezamenlijk circa fl. 250 miljoen aan vernieuwingsactiviteiten. Daarvan is een substantieel deel afkomstig uit «eigen middelen» en uit bijdragen van het bedrijfsleven.

2. De uitkomsten van de monitor geven op bijna alle terreinen vooruitgang te zien. Positief is onder meer dat in het onderhavige schooljaar het aantal assistent opleidingen en de deelname daaraan toenam.

3. Een opvallend punt is de groeiende betekenis van de Bve sector, zowel als het gaat om het bereik binnen de potentiële deelnemersgroep, als naar de aantrekkelijkheid van afgestudeerden voor de arbeidsmarkt.

4. Over het geheel namen de toegankelijkheid en het rendement toe. Het percentage allochtonen en van meisjes in technische opleidingen gingen omhoog. Ook de gediplomeerde uitstroom in deze categorieën nam toe. Het rendement onder deelnemers met een beperkte vooropleiding nam echter af.

5. De inhoudelijke vernieuwing laat verbetering zien. Er is een groeiend draagvlak voor de vernieuwingsdoelstelling.Er is veel aandacht voor maatwerk en voor ICT. De meting betreft echter nog slechts de plannen in het kader van de Beleidsagenda Bve, het zicht op resultaten ontbreekt in deze vijfde meting.

6. De implementatie van de eindtermen in het primaire onderwijsproces was in het verslagjaar 1997/1998 nog steeds een moeizame aangelegenheid. Ook lieten in dat jaar de contacten tussen instellingen en bedrijven over bpv-plaatsen te wensen over.

7. Wat betreft de samenwerking zien we een flinke toename van contacten tussen de verschillende actoren. Wel rijst de vraag of het bij deze contacten in het verslagjaar 1997/1998 ook om effectieve samenwerkingscontacten ging.

8. Een punt van zorg in het verslagjaar was 1997/1998 het beleidsvoerend en innovatief vermogen van de instellingen. Er wordt hierin wel fors geïnvesteerd door de instellingen door middel van scholing. De vraag is echter welke bestuurlijke en onderwijsinhoudelijke concepten daaraan ten grondslag liggen.

In het algemeen stemt de vijfde meting van de vernieuwingsmonitor tot tevredenheid.

De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen,

(drs L.M.L.H.A. Hermans)

Bijlage(n) niet elektronisch beschikbaar.

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie