KNMI
Het weer nader verklaard
Weerbericht voor Mars
(links Pathfinder en Polar Lander) "Aanhoudend droog met een harde tot
stormachtige wind, tot grote hoogte opwaaiend stof en slecht zicht.
Temperatuur uiteenlopend van -20 graden Celsius in de middag tot
omstreeks -80 graden in de nacht". Dat zou het weerbericht kunnen zijn
voor een willekeurige plek op de planeet Mars.
De Amerikaanse marssondes op de Rode Planeet fungeren ook als
weerstations. Zo werden metingen verricht van wind, temperatuur en het
zicht op Mars. Kennis over gesteenten en de atmosfeer op andere
planeten levert een beeld op over het ontstaan van de aarde en van
onze atmosfeer. Dankzij eerdere missies wisten we al heel wat van het
weer op Mars. Waarschijnlijk was het hier in het verleden lang zo koud
niet en stroomde er in de oertijd water over de planeet.
Mars Polar Lander (NASA)
De atmosfeer van deze planeet is nu veel ijler dan de aardse atmosfeer
en bestaat voornamelijk uit kooldioxyde, wat stikstof , heel weinig
zuurstof en vrijwel geen water. De luchtdruk bedraagt er maar 7
hectoPascal (=millibar), terwijl de barometer op aarde gemiddeld zo'n
1013 hectoPascal aanwijst. Neerslag valt er niet, zodat het op grote
delen van de planeet zeer stoffig is, waarbij het stof in de ijle
atmosfeer heel hoog kan komen. De temperatuur kan wel laag genoeg zijn
om gasvormig koolzuur in "koolzuursneeuw" over te doen gaan. Geen
"sneeuw", zoals wij kennen, maar een gas dat als koolzuurrijp op het
oppervlak neerslaat. Door de rijpaanslag is het op de polen van Mars
niet stoffig. Het meest opmerkelijk is de wind, die aan het oppervlak
over grote gebieden snelheden kan bereiken van 100 tot 200 km/uur. Op
het aardoppervlak komt dat alleen voor in tropische orkanen of bij
tornado's. De stormen op Mars hangen samen met grote drukverschillen
die het gevolg zijn van de enorme verschillen in temperatuur op het
Mars-oppervlak. Door de wind kan niet alleen stof maar ook
koolzuurrijp van het oppervlak waaien.
Het windpatroon is vergelijkbaar met dat op aarde: westelijke winden
op gematigde breedten en op tien km hoogte een straalstroom met
windsnelheden van 300 tot 400 km/uur. Daarbij ontstaan depressies
zoals we die ook op aarde kennen. De straalstroom waait tegen de
bergtoppen tot 25 km hoogte, waarbij zich daar vaak golfvormige wolken
van ijs ontwikkelen, die we op aarde ook in de bergen zien.
Bron: Baltus Zwart. Planeetatmosferen. Zenit 11 (1984), no 3, p.
100-112.
Govert Schilling. Mars en Venus: werelden van verschil. Zenit 22
(1995), no 10, p. 408-411.
Paul Crutzen en Thomas Graedel. Weer en klimaat, atmosfeer in
beweging. Deel 44 van de Wetenschappelijke bibliotheek van Natuur en
Techniek, 1996.
Huub Eggen. Mars Special. Mens en Wetenschap, juli 1997, nummer 5
Met dank aan Govert Schilling en Baltus Zwart
* Return to Mars over de reis van de Pathfinder
Mars Polar Lander
Laatste wijziging: 4 december 1999
Harry Geurts, PR & Voorlichting KNMI
Copyright © KNMI