Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Oratie: Gemengde gymnastiekles voldoet niet aan ideaal

Datum nieuwsfeit: 09-12-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Rijksuniversiteit Groningen

RUG werkbalk

Nummer 167 9 december 1999

oratie hoogleraar genderstudies

Gemengde gymnastiekles voldoet niet aan het ideaal

Bewegen op muziek
Etnische verschillen
Prestaties
Gouden medaille
Genderstudies
Noot voor de pers

Op bijna alle scholen krijgen jongens en meisjes gezamenlijk gymnastiekles. Net als in de andere lessen is gelijkheid tussen de seksen het ideaal. "Maar de praktijk laat nogal wat problemen zien", zegt Mineke van Essen, hoogleraar genderstudies. "Zo blijken de traditionele mannen- en vrouwensporten hardnekkig en hebben gymnastiekleraressen meer gezagsproblemen dan hun vrouwelijke collega's in andere vakken. Ook etnische verschillen spelen mee." Prof. dr. Van Essen onderzocht het denken over sekseverschillen ('gender') in het bewegingsonderwijs van de jaren '90 en van het begin van deze eeuw. Zij spreekt haar oratie uit op 14 december 1999 aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Het tegenwoordige lesmateriaal dat bedoeld is om leerlingen beter gemengd te laten bewegen, versterkt volgens de hoogleraar de verschillen. Meisjes worden erin afgeschilderd als passief en hulpvragend. Ze laten zich overrulen, nemen geen initiatief en zijn slecht in leiding geven. Jongens gedragen zich daarentegen actief, nemen de leiding en willen winnen. "Deze beeldvorming over meisjes en jongens vertoont veel overeenkomsten met die uit het Interbellum, de periode tussen de twee wereldoorlogen", zegt Van Essen. "Maar toen werden verschillen tussen jongens en meisjes juist uitvergroot. Ze kregen in die tijd ook gescheiden gymnastiekles."

Bewegen op muziek

In het gymnastiekonderwijs van de jaren '90 draait het om het afzwakken van genderspecifiek gedrag. "Maar van oorsprong mannelijke en vrouwelijke bewegingsvormen blijken hardnekkig", ontdekte Van Essen, "Het blijft een hele toer om jongens enthousiast te maken voor 'bewegen op muziek'. Sport is nog steeds voornamelijk een mannenzaak, ook in de media. Gymnastiekleraressen hebben het daardoor moeilijker dan hun vrouwelijke collega's in andere vakken." De hoogleraar vraagt zich daarom af of gemengde gymnastiekgroepen wel altijd zo ideaal zijn.

Etnische verschillen

"Misschien nog wel de grootste barrières voor gemengd gymnastiekonderwijs hebben te maken met etnische verschillen tussen leerlingen", zegt Van Essen. "Zo hebben islamitische meisjes andere kledingvoorschriften en een andere bewegingscultuur dan Nederlandse meisjes. En Islamitische jongens kunnen bijvoorbeeld problemen hebben met vrouwelijke docenten of wanneer ze bij een oefening meisjes moeten vangen of helpen.

Prestaties

Niet alleen nu, ook in het Interbellum kwam de ideale gymnastiekles niet overeen met de praktijk. Van Essen: "Het bewegingsideaal van toen stoelde op de gedachte dat vrouwen nu eenmaal niet gelijk waren aan mannen en dat zij dat ook niet moesten willen. Het typisch vrouwelijke moest geaccentueerd worden door natuurlijke bewegingsvormen en het uitbannen van prestaties en competitie-elementen. Daarom moesten meisjes ook uitsluitend les krijgen van vrouwelijke docenten.

Gouden medaille

Op het eerste gezicht leek het ideaal overeen te stemmen met de praktijk, want meisjes en jongens kregen apart les. "Maar," zo stelt Van Essen, "vrouwen gingen steeds meer bewegen, waarbij ze prestaties en wedstrijden niet schuwden. Op de Olympische Spelen van 1928 behaalde de Nederlandse vrouwenturnploeg, die grotendeels uit gymnastiekdocentes bestond, zelfs een gouden medaille. Ook sporten als hockey, handbal en roeien werden populair. Het sportieve vrouwenlichaam won steeds meer terrein." De meisjesgymnastiek werd daardoor beïnvloed, 'vermannelijkte' volgens de voorstand(st)ers van het ideaal. Ook bleven er veel mannelijke docenten.

Genderstudies

Mineke van Essen is sinds 1 maart 1999 hoogleraar bij het Universitair Centrum Genderstudies (UCG) dat deel uitmaakt van de Faculteit der Psychologische, Pedagogische en Sociologische wetenschappen van de RUG. Haar leeropdracht richt zich op het bestuderen van gender in opvoeding en onderwijs.

Noot voor de pers

Voor meer informatie: prof.dr. H.W. van Essen, tel. (050)363 64 88 / 65 00, e-mail (h.w.van.essen@ppsw.rug.nl) (werk) · De tekst van de oratie (of een samenvatting hiervan) is verkrijgbaar bij de Dienst Interne en Externe Betrekkingen, tel. (050)363 54 46.

Titel van de oratie: Gender in beweging.

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie