Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Agenda vergadering Europese Ministers van Landbouw Brussel

Datum nieuwsfeit: 14-12-1999
Vindplaats van dit bericht
Vindplaats 2
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij

Actueel

De Voorzitter van de Vaste Kamercommissie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij
Postbus 20018
2500 EA Den Haag
uw brief van

uw kenmerk

ons kenmerk
IZ. 991714
datum
07-12-1999

onderwerp
Agenda Landbouwraad d.d.14 en 15 december 1999 teBrusselTRC 1999/6193 doorkiesnummer

bijlagen

Geachte Voorzitter,

Hierbij deel ik u mee dat op dinsdag 14 en (eventueel) dinsdag 15 december a.s. te Brussel een vergadering zal worden gehouden van de Europese Ministers van Landbouw. De voorlopige agenda bevat 13 punten. Een belangrijk agendapunt betreft de etikettering van rundvlees. De Raad zal trachten een besluit te nemen over het uitstel van de invoering van de verplichte etikettering met maximaal één jaar. Daarnaast zal onder meer gesproken worden over de exportrestituties voor verwerkte landbouwproducten, het Witboek van de Commissie over de voedselveilig-heid, de stand van zaken ten aanzien van de dioxineproblematiek, de invoering van een I&R-database voor varkens en TSE. De Commissie zal onder meer het voorstel voor een wijziging van de marktordening voor katoen presenteren.

1. Goedkeuring van de agenda
2. Goedkeuring van de lijst van A-punten
3. Etikettering van rundvlees
Commissaris Fischler heeft tijdens de Landbouwraad van november jl. de twee voorstellen met betrekking tot de verplichte etikettering van rundvlees toegelicht. Beide voorstellen zijn in verband met de volksgezondheid gebaseerd op artikel 152 van het Verdrag, hetgeen betekent dat de medebeslissingsprocedure met het Europese Parlement van toepassing is.
In de Raad van december zal met name gesproken worden over het zogenoemde 'kleine' voorstel. Daarin stelt de Commissie voor om de ingangsdatum van de verplichte etikettering met één jaar uit te stellen tot 1 januari 2001. Dit betekent dat het huidige vrijwillige stelsel tijdelijk verlengd wordt. De reden voor het uitstel is gelegen in het feit dat de technische voorbereiding voor verplichte etikettering in nog vrijwel geen enkele lidstaat is afgerond.

up

datum
07-12-1999

kenmerk
IZ. 991714

bijlage

Nederland is van mening dat uitstel gezien de trage invoering van I&R in meerdere lidstaten onvermijdelijk is, en kan dan ook instemmen met dit voorstel.
4. Nationale steun aan kleine producenten in probleemgebieden (verzoek Oostenrijk)
De Raad zal een besluit nemen over het verzoek van Oostenrijk om nationale steun voor kleine producenten in probleemgebieden te verlengen tot 2004. Het gaat in dit geval om nationale steun (compenserende vergoedingen) aan kleine producenten in probleemgebieden die daar in 1993 op grond van nationale wetgeving recht op hadden.
De lidstaten moeten een dergelijk verzoek met eenparigheid van stemmen goedkeuren.
Nederland kan gezien het geringe bedrag waar het hier om gaat (ongeveer 1 miljoen euro), instemmen met dit verzoek van Oostenrijk.
5. Exportrestituties voor verwerkte landbouwproducten (non annex I) De exportrestituties voor verwerkte landbouwproducten staan op de agenda van de Raad omdat op 25 november jl. het Beheerscomité een negatief advies heeft uitgebracht over drie Commissievoorstellen voor een korting van 4,5% op de exportrestituties voor verwerkte landbouwproducten. Eerder had de Commissie met veel moeite voor de maand november wel een dergelijke korting kunnen vaststellen. De Commissie heeft aangegeven haar voorstel te handhaven. Hiervan zal zij de Raad waarschijnlijk op 6 december in kennis stellen. De Raad kan dan binnen een maand met gekwalificeerde meerderheid een andersluidend besluit nemen.
De Commissie stelt dat er budgettaire problemen zijn ontstaan voor het verlenen van exportrestituties aan sommige verwerkte landbouwproducten, die niet onder bijlage I van het EG-verdrag vallen. Deze exportrestituties zijn bedoeld om de verwerkende industrie een compensatie te bieden voor de hoge prijs van de grondstoffen op de EU-markt in vergelijking met de wereldmarkt. De Commissie ziet twee problemen:
+ de WTO-afspraken stellen grenzen aan de omvang van de restituties;
+ de Top van Berlijn heeft een plafond gesteld aan de landbouwuitgaven.
Daarom worden maatregelen voorgesteld die de uitgaven beteugelen. Deze maatregelen leiden ertoe dat het Nederlandse bedrijfsleven ruim 30 miljoen gulden minder aan dergelijke restituties zal ontvangen. Het gaat daarbij vooral om producten uit de zetmeelindustrie, chemische industrie en bierbrouwerijen. Nederland is van mening dat het niet juist is om vanwege algemene budget-beperkingen, met name op de uitgaven voor verwerkte landbouwproducten te besparen.
Als er bespaard moet worden, dan moeten daar in principe alle maatregelen uit het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid voor in aanmerking komen. Naast het schrappen van bepaalde producten van de restitutielijst moeten dan ook andere opties worden onderzocht. 6. (eventueel) Wijziging van de marktordening voor katoen De Commissaris zal het voorstel presenteren voor een wijziging van de gemeenschappe-lijke marktordening voor katoen. Het voorstel zal naar alle waarschijnlijkheid een verhoging inhouden van de korting op de streefprijs voor katoen in het geval dat de maximum gegarandeerde hoeveelheid (MGH) wordt overschreden. Omdat jaar op jaar de MGH wordt overschreden, én omdat de wereldmarktprijs voor katoen de laatste tijd laag is, worden de budgettaire lasten steeds groter. Met haar voorstel tracht de Commissie deze budgettaire lasten te beperken.
7. Witboek over de voedselveiligheid
De Commissaris zal in de Raad een presentatie geven over het Witboek voor de Voedselveiligheid. In het Witboek wordt een beeld gegeven van het nieuwe beleid voor voeding en voedselveiligheid. Dit beleid zal praktischer, dynamischer en veel-omvattender zijn dan hetgeen nu op Europees niveau is geregeld. Het nieuwe beleid zal rusten op drie pijlers: verantwoordelijkheid, van 'farm' tot 'fork' en traceerbaarheid. Het is de bedoeling dat alle voorstellen vóór het einde van het jaar 2000 aan de Raad en het EP worden aangeboden.
Wat betreft het Agentschap voor Voedselveiligheid zal het Witboek twee opties bevatten. Eén optie is de vorming van een Agentschap volgens het EMEA-model (Europees Agentschap voor (dier)geneesmiddelen). Dit zou dan een Agentschap worden dat onafhankelijk van de Commissie opereert. Een tweede optie is om binnen de gelederen van de Commissie een Voedselveiligheidsbureau op te richten. Het Witboek zal uitgebreid ingaan op de vraag welke bevoegdheden aan een nieuwe Europese autoriteit voor voedselveiligheid gegeven moeten worden.
Het Nederlandse kabinet is van mening dat een Europees voedselveiligheidsbureau een positieve bijdrage kan leveren aan het Europese voedselveiligheidsbeleid en het vertrouwen van de consument. De presentatie en de nadere uitwerking van dit initiatief van de Commissie worden dan ook positief kritisch tegemoet gezien.
8. Dioxine - stand van zaken
De Commissaris zal in de Raad de laatste stand van zaken toelichten met betrekking tot de dioxineproblematiek. Op Europees niveau wordt de aandacht momenteel gericht op maatregelen, met name op het gebied van diervoeders, om een dergelijke crisis in de toekomst te voorkomen. Onderwerp van discussie is onder meer de normstelling voor dioxine in diervoeders en in visolie en vismeel. 9. (eventueel) Intracommunautair handelsverkeer in runderen en varkens
De Commissaris zal onder dit agendapunt de stand van zaken weergeven van de invoering van de identificatie- en registratie (I&R) database voor varkens, die eigenlijk op 31 december van dit jaar gereed zou moeten zijn. Deze datum wordt echter niet gehaald omdat een groot aantal lidstaten hun systeem niet op orde hebben. Daarom wordt het voorstel gedaan om een aantal zaken later in te voeren. Het gaat in dit geval om:
a. de nationale verplichting tot het hebben van een geautomatiseerd centraal register van bedrijven met varkens (uitstel tot eind 2000),
b. het opnemen van de verplaatsingen vanaf het bedrijf waar de dieren geboren zijn in een dergelijke database (uitstel tot eind 2001), en
c. het opnemen van verplaatsingen vanaf alle overige bedrijven van dieren in een dergelijke database (uitstel tot eind 2002).
Nederland is niet gelukkig met het voorstel tot uitstel. Gelet op de opgedane ervaringen in de varkenspestcrisis van 1997 is een sluitend I&R-databasesysteem van zeer grote waarde. Uitstel is dan ook zeer onwenselijk. Het geeft bovendien een verkeerd signaal aan de consument die juist een groot belang hecht aan voedselveiligheid.
10. (eventueel) Residuen van diergeneesmiddelen Dit onderwerp is in de Landbouwraad van november jl. aan de orde geweest, op verzoek van Ierland. Het probleem is dat vanaf 1 januari 2000 een aanzienlijk aantal diergeneesmiddelen niet meer beschikbaar zal zijn omdat daarvoor geen maximale residuwaarde is bepaald. Dit heeft vooral voor paarden nadelige gevolgen, omdat er voor paarden toch al een tekort aan toegelaten geneesmiddelen is. Commissaris Byrne heeft in de Raad van november jl. erkent dat de situatie voor paarden ernstig is. Hij heeft toegezegd om samen met zijn collega's aan een oplossing te zullen werken. Gedacht werd aan een voorstel gericht op de identificatie van alle paarden die voor de slacht bestemd zijn. De eigenaren van de dieren moeten dan een soort 'paardenpaspoort' bijhouden. Met behulp van een dergelijk 'paspoort' is het mogelijk dieren te identificeren die niet voor de slacht zijn. Die dieren kunnen dan eventueel ook behandeld worden met geneesmiddelen die niet geregistreerd zijn. Waarschijnlijk zal de Commissaris in de Raad een dergelijk voorstel presenteren. Het voorstel is evenwel nog niet bekend. 11. (eventueel) TSE - risicomateriaal
In de Raad komt een tweetal onderwerpen aan de orde die te maken hebben met het voorkomen van BSE bij runderen, en scrapie bij geiten en schapen. Deze ziekten worden veroorzaakt door TSE's (transmissable spongiforme encephalopathieën), die bij mensen de ziekte van Creutzfeld-Jacob kunnen veroorzaken. Het betreft enerzijds het intrekken van een voorstel dat een verbod op het gebruik van risicomaterialen beoogt, en anderzijds een alomvattend voorstel voor de bestrijding en de preventie van alle TSE's bij dieren.
De Commissie stelt voor om de beschikking over het verbod op het gebruik van risicomaterialen (ruggemerg, ogen, hersenen) in te trekken omdat invoering geen haalbare kaart bleek. De lidstaten konden het namelijk niet eens worden over het voorstel vanwege onder meer de gevolgen ervan voor de handel. De beschikking maakte namelijk geen uitzondering voor het gebruik van risicomaterialen in industriële, cosmetische en farmaceutische toepassingen, zoals de capsules van medicijnen die van gelatine gemaakt worden. Daarnaast verplicht deze beschikking alle lidstaten risicomaterialen te verwijderen. Lidstaten zonder BSE zijn hier sterk tegen.
De Commissie zal tevens de stand van zaken toelichten over het voorstel dat betrekking heeft op de preventie en bestrijding van alle TSE's bij dieren, voor zover het daarbij gaat om voedingsmiddelen en diervoeders. Industriële, cosmetische en medicinale toepassingen worden in dit voorstel niet geregeld. Een belangrijk element van dit voorstel is de regionale indeling naar ziekterisico's. Deze indeling berust op categorieën die zijn ingesteld door de OIE. Daarnaast regelt het voorstel, behalve het verwijderen van risicomaterialen, onder meer zaken als toezicht, steekproeven, testmethodes en verplichte maatregelen bij constatering van TSE. Het wachten is op dit moment op de internationale normen van de OIE.
12. (eventueel) Bosbouwkundig teeltmateriaal
In de Raad zal een compromistekst ter tafel liggen over het voorstel inzake het in de handel brengen van bosbouwkundig teeltmateriaal. Het gaat om twee verouderde richtlijnen die omwille van de duidelijkheid in één nieuwe tekst zijn opgenomen. In het nieuwe voorstel wordt onder meer het aantal categorieën teeltmateriaal uitgebreid. De betekenis hiervan is met name gelegen in een vergroting van de mogelijkheden om adequaat in te kunnen spelen op het multifunctionele karakter van het bos. Tevens wordt de lijst met soorten waarop het voorstel betrekking heeft uitgebreid met soorten die vooral in de Zuidelijke lidstaten gekweekt worden. Daarnaast dient er voor bosbouwkundig teeltmateriaal een milieurisicobeoordeling te worden uitgevoerd, en vindt een aanpassing plaats van het controlesysteem en de bij de handel vereiste documentatie.
Nederland acht het een goede zaak dat de bestaande regelgeving wordt gemoderniseerd, en kan zich in grote lijnen vinden in het compromisvoorstel.
13. Diversen
a) Organisatie van toekomstige werkzaamheden

De minister van Landbouw, Natuurbeheer
en Visserij,
mr. L.J. Brinkhorst

up Reageren


reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie