Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Tweede Kamer: project mainportontwikkeling Rotterdam

Datum nieuwsfeit: 14-12-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal


00000000.187 brief min vw project mainportontwikkeling rotterdam
Gemaakt: 21-12-1999 tijd: 13:50


31

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal


17 december 1999

Hierbij ontvangt u ter informatie het marktconsulatie document van Project Mainportontwikkeling Rotterdam. Het Bestuurlijk Overleg Mainport Rotterdam heeft het marktconsultatie document op 14 december
1999 vastgesteld. Daarmee is de marktconsulatie van start gegaan en is een volgende stap gezet naar een publiek private samenwerking bij PMR.

Het marktconsultatie document omvat ideeën en vragen over publiek private samenwerking bij het Project Mainportontwikkeling Rotterdam. Centraal staat hierin de vraag welke partijen in een publiek private samenwerking welke risico's en investeringen op zich kunnen en willen nemen, en onder welke randvoorwaarden. Met deze marktconsulatie worden de marktpartijen opgeroepen om vanuit hun deskundigheid en maatschappelijke verantwoordelijkheid te reageren.

De consulatiefase duurt tot 22 februari 2000. De antwoorden op dit consultatie document worden in de vorm van een advies aangeboden aan mij, als projectminister. Dit advies zal een belangrijke rol spelen bij het selecteren van projecten die zich lenen voor publiek-private samenwerking en bij het opstellen van een publiek programma van eisen voor de projectactiviteiten. Dit publiek programma van eisen wordt naar verwachting voor de zomer door het Kabinet aan u aangeboden.

Over enkele weken ontvangt u de gedrukte versie van het marktconsultatie document.

Hoogachtend,

DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,

T. Netelenbos

(DGG/PMR/d5655)

Marktconsultatiedocument

Ideeën en vragen over publiek-private samenwerking bij het Project Mainportontwikkeling Rotterdam


14 december 1999

Voorwoord

Geachte mevrouw / meneer,

Hierbij ontvangt u van ons, vijf bewindslieden, de voorzitter van de stadsregio Rotterdam, de havenwethouder van de gemeente Rotterdam, en de gedeputeerde Economische Zaken van de provincie Zuid-Holland het consultatiedocument over het Project Mainportontwikkeling Rotterdam (PMR). Wij schetsen hierin onze ideeën over het versterken van de mainport Rotterdam en het verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving in en rond het Rotterdamse havengebied.

Door middel van dit consultatiedocument vragen wij u om, vanuit uw deskundigheid en maatschappelijke positie, te reageren op onze ideeën over de planvorming, realisatie en exploitatie van de projectactiviteiten waarmee wij deze `dubbele doelstelling' willen realiseren. Ook vernemen wij graag uw mening over de wens om als Nederlandse overheid het Project Mainportontwikkeling Rotterdam samen met private partijen verder uit te werken en uit te voeren.

Uw mening over zowel de inhoud als de vorm van zo'n samenwerking, is voor ons van groot belang. Uw reactie op de vragen in dit consultatiedocument speelt dan ook een belangrijke rol bij de verdere besluitvorming over het project.

Wij bevelen dit consultatiedocument daarom van harte in uw aandacht aan.

Met vriendelijke groet,

Tineke Netelenbos minister van Verkeer en Waterstaat en namens de Nederlandse overheid coördinerend projectminister van het Project Mainportontwikkeling Rotterdam

Gerrit Zalm minister van Financiën

Geke Faber staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij

Annemarie Jorritsma minister van Economische Zaken

Jan Pronk minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer

Ivo Opstelten burgemeester van Rotterdam (namens de stadsregio Rotterdam)

Hans Simons havenwethouder van Rotterdam (namens de gemeente Rotterdam)

Dirk Dekker gedeputeerde provincie Zuid-Holland

Inhoudsopgave

Het Project Mainportontwikkeling Rotterdam: ruimte voor de haven en kwaliteitsverbetering voor de leefomgeving

Marktconsultatie: wegwijzer en spelregels

Ambities van de Nederlandse overheid

Landaanwinning

Projecten in bestaand gebied

Samenwerkingsvormen

Informatie en documentatie


1. Het Project Mainportontwikkeling Rotterdam: ruimte voor de haven en kwaliteitsverbetering voor de leefomgeving

Nederland is trots op de mainport Rotterdam. De Rotterdamse haven is een van de belangrijkste knooppunten in de internationale goederenstromen, een gewilde vestigingsplaats voor bedrijven en een spil in onze nationale economie. De Rotterdamse haven is het visitekaartje van een natie die van oudsher haar sporen heeft verdiend in de handel, logistiek en zeevaart.

[toevoegen: kaart of satellietfoto van Rotterdam op de kaart van de Europa en de wereld]

Dubbele doelstelling: haven en leefomgeving

De Nederlandse overheid wil de positie van de mainport Rotterdam versterken. Wat de overheid betreft, betekent dat niet alleen het uitbouwen van het economisch succes van de haven. Het betekent ook een haven die zo min mogelijk negatieve milieu-effecten veroorzaakt en past in een omgeving waar het goed wonen en recreëren is. In 1998 nam het Nederlandse kabinet het initiatief tot het Project Mainportontwikkeling Rotterdam. Doel van het project is groeiruimte te vinden voor de haven en in het kader van deze havenontwikkeling een kwaliteitsverbetering van de leefomgeving te bereiken. In het project worden voor beide onderdelen van deze `dubbele doelstelling' concrete plannen uitgewerkt.

Deze plannen richten zich op de aanleg van een nieuw stuk land ter uitbreiding van de huidige Maasvlakte en op projecten in het bestaande gebied om groeiruimte voor de haven en een kwaliteitsverbetering voor de leefomgeving te realiseren. De stand van zaken van het project die de basis vormt voor dit consultatiedocument is in meer detail behandeld in de interimrapportage PMR op Koers (zie hoofdstuk 7).

Publiek-private samenwerking

De Nederlandse overheid zoekt voor het bereiken van de dubbele doelstelling samenwerking met bedrijven en organisaties die de risico's van planvorming, aanleg en exploitatie van projecten willen delen en die een belangrijk aandeel willen nemen in de investeringen. De overheid wil deze publiek-private samenwerking al vanaf de planvorming starten. Private partijen hebben daardoor de gelegenheid in hoge mate hun eigen inbreng in de projecten te leveren.

De Nederlandse overheid zoekt publiek-private samenwerking met name voor de planvorming, aanleg en exploitatie van de beoogde landaanwinning. Maar ook in het bestaande gebied staan projecten op stapel, zowel voor uitbreiding van havenactiviteiten als voor een kwaliteitsverbetering van de leefomgeving. Samenwerken aan `landaanwinning-plus', ofwel deelname aan de landaanwinning gekoppeld aan deelname aan projecten in het bestaande gebied, is voor de Nederlandse overheid zeer aantrekkelijk. Ook private partijen die uitsluitend belangstelling hebben voor deelname aan projecten in het bestaande gebied, zijn een interessante gesprekspartner voor de Nederlandse overheid en kunnen van deze marktconsultatie gebruikmaken om hun interesse kenbaar te maken.

Marktconsultatie

Concrete stappen om tot een samenwerking te komen tussen de Nederlandse overheid en private partijen worden in de tweede helft van het jaar 2000 gezet in de vorm van een Europese aanbesteding (zie stappenschema op de omslag). De basis voor de aanbesteding is een `publiek programma van eisen' dat de Nederlandse overheid zal opstellen. Hierin specificeert de overheid voor welke projecten samenwerking wordt gezocht, welke functionele eisen en randvoorwaarden daarbij gelden en welke nationale en Europese procedures moeten worden doorlopen. Ook wordt aangegeven welke rol de Nederlandse centrale overheid, de gemeente Rotterdam en de provincie Zuid-Holland in de samenwerking zullen hebben. Afhankelijk van de inhoud van de in te dienen plannen en het prijskaartje dat er aanhangt is het Rijk in principe bereid tot een overheidsbijdrage. In het programma van eisen wordt aangegeven hoe de overheden hun bijdrage zullen bepalen.

Dit consultatiedocument geeft ondernemers die risicodragend willen deelnemen aan het Project Mainportontwikkeling Rotterdam de gelegenheid dat te laten weten en hun mening kenbaar te maken, zowel over de inhoud als over de vorm van de samenwerking. Deze mening zal een belangrijke rol spelen bij het selecteren van projecten die zich lenen voor een publiek-private samenwerking en bij het opstellen van een publiek programma van eisen voor deze projecten. 2. Marktconsultatie: wegwijzer en spelregels

Dit consultatiedocument bevat de ideeën van de Nederlandse overheid voor projecten om groeiruimte voor de haven te realiseren en een kwaliteitsverbetering van de leefomgeving te bereiken. De besprekingen van de verschillende ideeën worden telkens gevolgd door enkele vragen. Aan de hand daarvan wil de projectorganisatie graag weten wat u van deze ideeën vindt, of u andere ideeën hebt en of u in principe geïnteresseerd bent om deze ideeën samen met de Nederlandse overheid uit te voeren.

Het consultatiedocument bevat ook voorstellen voor de manier waarop een gezamenlijke planvorming kan worden ingepast in de lopende procedure en voor modellen voor een samenwerking tussen publieke en private partijen. Ook deze uiteenzetting wordt gevolgd door enkele vragen, om te vernemen wat uw mening daarover is.

Schriftelijke reactie

Wij zijn bijzonder geïnteresseerd in uw schriftelijke reactie op de vragen uit dit consultatiedocument. Het is niet nodig alle vragen te beantwoorden, het gaat ons er om uw mening te vernemen over de onderwerpen waar u deskundig in bent. De wegwijzer op de omslag geeft aan waar u in dit consultatiedocument de passages en vragen kunt vinden die voor u interessant zijn. Wij stellen een snelle reactie zeer op prijs. U kunt uw antwoorden tot 22 februari 2000 insturen naar het secretariaat van de projectorganisatie. De adresgegevens van de projectorganisatie treft u eveneens op de omslag aan.

Advies voor publiek programma van eisen

De antwoorden op het consultatiedocument worden in de vorm van een advies aangeboden aan de Nederlandse overheid. Dit advies zal een belangrijke rol spelen bij het selecteren van projecten die zich lenen voor een publiek-private samenwerking en bij het opstellen van het publiek programma van eisen voor die projectactiviteiten. Dit publiek programma van eisen wordt aan de Tweede Kamer ter goedkeuring aangeboden, samen met voorstellen voor projectactiviteiten die de overheid alleen zal uitvoeren. Na goedkeuring door de Tweede Kamer volgt een Europese aanbesteding om private partijen te vinden voor een samenwerking aan de projecten die daarvoor zijn geselecteerd. Binnen de samenwerking doorlopen publieke en private partijen gezamenlijk de volgende projectfasen, waaronder de vereiste democratische procedures bij ingrepen in de ruimtelijke ordening (details over de te volgen procedure zijn beschreven in PMR op Koers). Projecten die zich niet blijken te lenen voor publiek-private samenwerking volgen een eigen traject van realisatie en eventuele procedures. Dit traject wordt bepaald wordt door de aard van de betreffende projecten.

Vrije toegang tot informatie

Nationale en Europese regelgeving schrijven voor dat bij het bereiken van een publiek-private samenwerking voor het Project Mainportontwikkeling Rotterdam alle geïnteresseerde partijen een gelijke uitgangspositie en gelijke toegang tot informatie moeten hebben. Dit consultatiedocument, maar ook de beschikbare onderzoeksrapporten en projectnota's zijn om die reden openbaar en op te vragen via de internetsite van het project (www.mainport-pmr.nl) of via het secretariaat (adres vindt u op de omslag). Overigens bevatten al deze documenten voorlopige gegevens, waaraan geen rechten kunnen worden ontleend. Een beknopte lijst van rapporten en nota's van het Project Mainportontwikkeling Rotterdam treft u aan in hoofdstuk 7.

Vanwege dezelfde regelgeving over het gelijkheidsbeginsel zijn de reacties op dit consultatiedocument voor iedereen toegankelijk. Dat geldt echter niet voor bedrijfsgeheimen. Wanneer uw reactie op het consultatiedocument gegevens bevat die wat u betreft onder de geheimhoudingsplicht voor bedrijfsgeheimen moeten vallen, is het van belang dat uitdrukkelijk aan te geven.

Bij de verdere procedure om tot een publiek-private samenwerking voor het Project Mainportontwikkeling Rotterdam te komen, volgt de Nederlandse overheid de aanbestedingsrichtlijnen van de Europese Unie. Deze consultatie is een voorbereiding op zo'n samenwerking, maar houdt daarvoor geen toezegging of verplichting in.3. Ambities van de Nederlandse overheid

Het Project Mainportontwikkeling Rotterdam heeft een dubbele doelstelling:

het versterken van de mainport Rotterdam door het bieden van ruimte voor groei van de Rotterdamse haven;

het benutten van de mogelijkheden die deze ruimtelijke ontwikkeling biedt om de kwaliteit van de leefomgeving te verbeteren.

Plaats bieden aan de ontwikkeling van de mainportactiviteiten in Rotterdam vindt de Nederlandse overheid noodzakelijk, gezien hun bijdrage aan de gewenste economische groei en aan de werkgelegenheid.

Groeiruimte voor de haven

Ruimte voor de groei van de Rotterdamse haven zoekt de Nederlandse overheid allereerst in projecten om de beschikbare havenruimte zo goed mogelijk te benutten. Een volgende stap is de aanleg van een nieuw stuk land, ten westen van de huidige Maasvlakte. Wanneer tot zo'n landaanwinning wordt besloten, zal deze in twee fasen worden aangelegd. Het definitieve besluit om met de aanleg van de eerste fase van de landaanwinning van start te gaan, neemt de Nederlandse overheid wanneer blijkt dat de haven, ondanks extra ingrepen, toch zo vol raakt dat er op termijn `nee' verkocht moet worden. Daarbij wordt rekening gehouden met de tijd die nodig is om een nieuw stuk land aan te leggen en in gebruik te nemen.

Kwaliteitsverbetering voor de leefomgeving

In het kader van de ruimtelijke ontwikkeling van de Rotterdamse haven wil de Nederlandse overheid een aantal projecten realiseren om de kwaliteit van de leefomgeving te verbeteren. Eindresultaat van deze projecten moet zijn dat ondanks de groei van haven en industrie, de kwaliteit van wonen en recreëren in het omringende gebied per saldo verbetert, het beslag op grondstoffen en energie vermindert en de bereikbaarheid van stad en haven gewaarborgd is.

Voor de beoogde kwaliteitsverbetering van de leefomgeving heeft de Nederlandse overheid in het bestaande gebied projecten op het oog als de aanleg van kleinschalige natuur- en recreatiegebieden en maatregelen om de hinder van stank, stof en lawaai en emissies naar bodem, water en lucht te beperken. Herstructurering van het grensgebied tussen haven en stad biedt eveneens kansen voor een kwaliteitsverbetering.

Wanneer besloten wordt om een nieuw stuk land aan te leggen, wil de Nederlandse overheid ook dat, in samenhang met het besluit over de aanleg van een nieuw stuk land, een gebied van 750 hectare voor natuur en recreatie wordt aangelegd . Dit gebied moet bij voorkeur in de buurt van Rotterdam komen. Op het nieuwe land zelf zijn wellicht ook mogelijkheden voor het aanleggen van natuur en recreatiegelegenheden. Een nieuw stuk land geeft ook ruimte voor een inrichting die optimaal is afgestemd op zo min mogelijk belasting van het milieu door industrie en verkeer, en op het beperken van het gebruik van energie, water, grondstoffen en fossiele brandstoffen.

In de volgende twee hoofdstukken vindt u gegevens over de beoogde landaanwinning ter uitbreiding van de Maasvlakte en over projecten in bestaand gebied die zich mogelijk lenen voor een publiek-private samenwerking, al dan niet in combinatie met deelname aan een landaanwinning. Het gaat hier zowel om projecten die groeiruimte bieden aan de haven als om projecten voor het verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving. Details over deze projecten zijn te vinden in de integrale projectnota's Landaanwinning en Bestaand Rotterdams Gebied (zie hoofdstuk 7).

Besluitvorming en overleg

De Nederlandse overheid heeft als beleidslijn dat eerst de uitbreidingsmogelijkheden binnen de bestaande haven benut moeten worden, voordat er een nieuw stuk land wordt aangelegd. Uiteraard moet die landaanwinning dan tijdig beschikbaar zijn en de juiste grootte hebben. Welke ruimtewinst er in het bestaande havengebied mogelijk is, wordt nog bestudeerd. Bij het uitbrengen van het publiek programma van eisen voor de projecten waarvoor samenwerking met private partijen wordt gezocht, zal de Nederlandse overheid hierover nadere keuzes maken. Deze keuzes zijn onderwerp van advies, inspraak en toetsing, onder meer door de Europese Commissie.

Bij de besluitvorming over het Project Mainportontwikkeling Rotterdam wil de Nederlandse overheid zo goed mogelijk gebruikmaken van de kennis en ervaring van maatschappelijke groeperingen en niet-direct betrokken overheden. Door rekening te houden met de belangen van deze partijen wil de Nederlandse overheid draagvlak creëren voor de uiteindelijke beleidskeuzes.


4. Landaanwinning

De Nederlandse overheid zoekt samenwerking met private partijen voor de ontwikkeling, aanleg en exploitatie van een landaanwinning ter uitbreiding van de Maasvlakte. De bedoeling is dat deze samenwerking al start bij de planvorming, die gebaseerd zal zijn op een aantal functionele eisen. Deze functionele eisen betreffen de geldende wettelijke bepalingen bij ruimtelijke ingrepen en de ontwikkeling van bedrijventerreinen, aangevuld met een aantal eisen die in dit hoofdstuk op hoofdlijnen behandeld worden. Onderstaand worden deze eisen beschreven als een schets van de gewenste situatie na voltooiing van het project. Een nadere uitwerking is te vinden in de rapportages en nota's over landaanwinning (zie hoofdstuk 7).

Ruimte

De landaanwinning is bedoeld voor de sectoren petrochemie, deepsea containers, en de daaraan gerelateerde distributie. Deze sectoren kunnen in ieder geval tot 2020 op de landaanwinning terecht, maar ook een verdere groei, met een tijdshorizon tot 2035, en andere, niet voorziene ontwikkelingen zijn mogelijk. Flexibiliteit, zowel in omvang als in gebruiksmogelijkheden, is daarom van belang. De landaanwinning zal in een eerste fase bestaan uit 500 hectare netto haven- en industriegebied, afhankelijk van de marktontwikkelingen gevolgd door een tweede fase met een omvang van nog eens 500 hectare netto. De omvang van de fasen kan door de uitkomsten van de marktconsultatie nog beïnvloed worden. De zoeklocatie voor het nieuwe land is de Noordzee ten westen van de huidige Maasvlakte. Haven- en industriële activiteiten op de landaanwinning blijven ten noordwesten van de zogenaamde demarcatielijn, een bestuurlijke afspraak over de begrenzing van de haven. De Maasgeul vormt de noordelijke grens van de zoeklocatie. Bij de aanleg van het nieuwe land worden zoveel mogelijk de principes van `duurzaam bouwen' toegepast.

[bijvoegen: overzichtskaart van de zoeklocatie met demarcatielijn, Maasgeul en achterlandverbindingen]

Bereikbaarheid en veiligheid

Bij het realiseren van de landaanwinning moet de beveiliging van de Nederlandse kust tegen overstromingen gewaarborgd blijven. Eventuele extra kosten voor kustonderhoud zijn opgenomen in de projectkosten. Over het water is het nieuwe land goed en veilig toegankelijk, ook voor de meest moderne en grote zeeschepen. De huidige snelle en veilige afwikkeling van de scheepvaart is maatgevend voor de nieuwe haventerreinen. De landaanwinning is optimaal aangesloten op de bestaande en geplande achterlandverbindingen. De geboden infrastructuur draagt bij aan een `modal shift': een verschuiving van het goederen- en personenvervoer naar modaliteiten die het milieu en de weginfrastructuur minder belasten, zoals vrachtvervoer via binnenvaart, spoor en pijpleidingen en collectief personenvervoer. Dat laatste is zeker van toepassing wanneer op de landaanwinning een belangrijke recreatiegelegenheid wordt aangelegd. De landaanwinning is zo ingericht dat bij calamiteiten hulp- en evacuatieverkeer voor nieuwe en bestaande terreinen geen hinder ondervindt.

Industriële ecologie, energie en milieu

Nieuw land leent zich voor het faciliteren van bedrijfsclusters, gericht op gemeenschappelijke energie- en grondstofvoorzieningen en het benutten van restwarmte en restproducten. Voor deze vormen van `industriële ecologie' is een regionaal kennisnetwerk nodig met actuele informatie over mogelijkheden om reststoffen, energie, water, transport en nutsvoorzieningen uit te wisselen. Ook is het mogelijk nutsvoorzieningen centraal aan te bieden, gericht op een zo duurzaam mogelijke bedrijfsvoering. Daarbij kan gedacht worden aan de levering van energie, water, industriële gassen en perslucht, de opvang van CO2, de opslag van reststromen, de benutting van restwarmte en het aanbieden van collectief vervoer.

Natuur en recreatie

Uitbreiden van de Maasvlakte met een landaanwinning heeft gevolgen voor de Noordzee, het Voornes Duin, de Kop van Goeree en de Voordelta. Deze laatste drie gebieden zijn aangewezen of aangemeld in het kader van de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn. Zij maken ook onderdeel uit van de zogenaamde ecologische hoofdstructuur van Nederland, die is vastgesteld in het Structuurschema Groene Ruimte. Ingrepen op die locaties zijn alleen toegestaan als de initiatiefnemer aan de rijksoverheid, en in bepaalde gevallen de rijksoverheid aan de Europese Commissie, kan aantonen dat de ingreep juist daar moet plaatsvinden en wel vanwege een zwaarwegend maatschappelijk belang (het zogenaamde `nee, tenzij-beginsel'). Schadelijke effecten voor de natuur moeten daarbij zoveel mogelijk worden verzacht (gemitigeerd) en gecompenseerd.

Een landaanwinning biedt mogelijkheden om nieuwe natuurwaarden te ontwikkelen in de Voordelta, bij de monding van het Haringvliet, die passen in een samenhangend, natuurlijk functionerend kustecosysteem.

Een landaanwinning leent zich om voorzieningen te creëren voor recreatief medegebruik van de haven. Hierbij kan gedacht worden aan toeristische bezoeken aan de haven zelf, aan faciliteiten voor actieve buitensporten, maar ook aan een grootschalige attractie die een relatie heeft met het omringende gebied. Ook de aanleg van een duin- en strandgebied is, bij bepaalde situeringen, een optie. De huidige oppervlakte recreatiestrand in het havengebied mag in ieder geval niet minder worden.

Vragen over landaanwinning*

Bent u geïnteresseerd in vestiging op de landaanwinning? Hoeveel hectares hebt u gelet op uw bedrijfsplannen nodig, c.q. welke kwaliteitseisen stelt u daarbij aan onderwerpen als kavelgrootte en ontsluiting? In welke mate bent u bereid de daarbij behorende kostprijs te betalen?

Bent u geïnteresseerd in deelname aan de totstandkoming van een landaanwinning en zo ja, onder welke voorwaarden?

Wat is, vanuit uw bedrijfsvoering en uw kennis van de markt, uw mening over de ligging, omvang, inrichting en fasering die de Nederlandse overheid voor de landaanwinning voorstelt?

Wat is uw mening over de functionele eisen die de Nederlandse overheid heeft opgesteld voor ruimte, bereikbaarheid en veiligheid, industriële ecologie, en natuur en recreatie bij een landaanwinning?

Aan welke van de beschreven kabinetsambities en de genoemde functionele eisen kunt u in een publiek-private samenwerking voldoen en op welke manier?

Vindt u de hier gepresenteerde functionele eisen specifiek genoeg? Welke suggesties hebt u voor een nadere en noodzakelijke detaillering?

Welke aanvullende functionele eisen moeten volgens u aan een landaanwinning gesteld worden?

Hoe denkt u de bedrijven en de bevolking in het bestaande gebied en hun vertegenwoordigende organisaties bij het ontwikkelen van uw activiteiten te betrekken?


* Wij stellen ons bij de beantwoording van deze vragen een beknopte weergave voor van in totaal ongeveer vier pagina's tekst, eventueel voorzien van bijlagen. Wilt u zo vriendelijk zijn bij de beantwoording het nummer van de vraag te vermelden waar uw antwoord betrekking op heeft?


5. Projecten in bestaand gebied

Naast de aanleg van een nieuw stuk land, wil de Nederlandse overheid in het bestaande gebied projecten realiseren om groeiruimte te bieden aan de haven en om een kwaliteitsverbetering voor de leefomgeving te bereiken. Wellicht zijn er private partijen die willen deelnemen aan één of meerdere van deze projecten, al dan niet in combinatie met hun deelname aan een landaanwinning. In dit hoofdstuk volgt een beknopte beschrijving van de projecten die momenteel door de gemeente Rotterdam op hun merites worden bekeken. Deze lijst is wellicht aan te vullen met andere ruimtelijke activiteiten in de regio Rijnmond, zoals projectontwikkeling, die u interessant vindt om te combineren met een landaanwinning. Een nadere uitwerking van de projectbeschrijvingen in dit hoofdstuk is te vinden in de rapportages en nota's over bestaand Rotterdams gebied (zie hoofdstuk 7).

De projecten in het bestaande gebied zijn als volgt gegroepeerd:

groeiruimte voor havenbedrijvigheid en wonen

kwaliteitsverbetering voor de leefomgeving

[toevoegen: overzichtkaart(en) met havenprojecten en natuurprojecten in bestaand gebied]


1. Groeiruimte voor de havenbedrijvigheid en wonen

Om in het bestaande havengebied meer ruimte beschikbaar te krijgen, denkt de Nederlandse overheid aan de volgende projecten:

dempen van havenbekkens

saneren van overcapaciteit voor olie-opslag en raffinage

intensiever ruimtegebruik bij containers en distributie

ondergrondse opslag van olie

opslag onder water van kolen en ertsen

Met behulp van één of meer van deze activiteiten kan op de volgende locaties groeiruimte beschikbaar worden gemaakt:

Huidige Maasvlakte: hier gaat het vooral om een intensiever ruimtegebruik door de container- en distributiesector. Hierdoor moet ruimte ontstaan voor groei van deze sectoren en voor nieuwe vestigingen in de petrochemie. Met dempingen en met de opslag onder water van ertsen en kolen kan extra ruimte worden gewonnen.

Waal-Eemhaven: dit havengebied leent zich voor het vestigen van een bedrijvenpark voor droge, arbeidsintensieve bedrijvigheid in het grensgebied tussen stad en haven. Op zeer lange termijn zou hier mogelijk ook ruimte voor wonen kunnen worden gevonden, aansluitend op de stad. Het verplaatsen van bedrijven zal een belangrijke ingreep zijn, evenals dempen en herinrichten. Geluidsbelasting, bereikbaarheid en bodemvervuiling zijn daarbij belangrijke aandachtspunten.

Europoort, Botlek en Vondelingenplaat: dit gebied is voornamelijk in gebruik voor op- en overslag van olie, raffinage, petrochemie en distributie. De petrochemie zoekt in dit deel van de haven naar groeimogelijkheden, vooral in de vorm van clusters van samenwerkende bedrijven en toeleveranciers. Ruimte kan worden vrijgemaakt door dempingen, het saneren van overcapaciteit en ondergrondse opslag van olie. Geluidsbelasting en wettelijk eisen aan luchtemissies zijn op dit moment beperkende factoren.


2. Kwaliteitsverbetering voor de leefomgeving

Voor een kwaliteitsverbetering van de leefomgeving heeft de Nederlandse overheid een aantal projecten onderzocht op het gebied van natuur en recreatie, industriële ecologie en de bereikbaarheid van het havengebied. Het betreft projecten die additioneel zijn op al lopende projecten. Onderstaande opsomming van de hier genoemde projecten is niet uitputtend en over de uiteindelijke keuze heeft nog geen besluitvorming plaatsgevonden. Bij deze besluitvorming spelen kwaliteit, omvang, openbare functie en realiseerbaarheid (binnen afzienbare termijn en met voldoende maatschappelijk en bestuurlijk draagvlak) van de natuur- en recreatieprojecten een rol.

Natuur en recreatie

Op het gebied van natuur en recreatie wordt aan de volgende projecten gedacht:

natuur en recreatie in de Voordelta


750 hectare natuur en recreatie dichtbij Rotterdam

kleinschalige natuur en recreatie in en om de haven

Voor elk project worden verschillende opties overwogen:

Natuur en recreatie in de Voordelta

Estuarium Haringvliet: een landaanwinning biedt mogelijkheden om in de monding van het Haringvliet een estuarium, met een wisselende invloed van zoet en zout water, te ontwikkelen, omzoomd met een dynamisch duingebied en stranden. Deze natuur kan in een combinatie van gefaseerde aanleg en spontane ontwikkeling tot stand komen.

Duinverbreding Delfland: bredere duinen voor de kust van Delfland, tussen Kijkduin en Hoek van Holland, vormen een natuur- en recreatiegebied. In het zuiden sluit het gebied aan bij de bestaande strandrecreatie. Aan de noordzijde is intensieve recreatie voorzien rondom een zeejachthaven.


750 Hectare natuur en recreatie dichtbij Rotterdam

Getijdenpark IJsselmonde: een zoetwatergebied met getijdenwerking, aangevuld met kleibos en rietland, gesitueerd in de open ruimte tussen Barendrecht en Rhoon, aan de zuidzijde van Rotterdam. In het gebied passen nieuwe woningen en een jachthaven annex recreatiecentrum. Het gebied is uit te breiden richting zee (Spijkenisse) en richting Biesbosch.

Groen-blauw netwerk Hoekse Waard: een netwerk van verbrede kreken, boscomplexen, beplante dijken en een aanvoerkanaal van zoet water. Langs de kreken is mogelijk ruimte voor woningbouw en recreatie, bijvoorbeeld in de vorm van landgoederen. In een eventueel nieuw te ontwikkelen waterretentiebekken is ruimte voor waterrecreatie.

Kleinschalige natuur en recreatie in de haven

Groen-blauw lint: brede, natuurvriendelijke oevers langs de Nieuwe Maas en Oude Maas, met recreatieve voorzieningen en zandstrandjes.

Groene buffers: aanleg van groene stroken en gebieden als buffer tussen de stad en haven.

Groene landtong: het groen inrichten van de landtong Rozenburg, inclusief de aanleg van recreatieve verbindingen voor langzaam verkeer.

Industriële ecologie, energie en milieu

Binnen het bestaande havengebied zijn mogelijkheden voor zogenaamde `industriële ecologie', een bedrijfsvoering gericht op gemeenschappelijke energie- en grondstofvoorzieningen en het benutten van restwarmte en restproducten. Net als bij een landaanwinning spelen kennis- en informatie-uitwisseling en het aanbieden van centrale nutsvoorzieningen hier een rol. Daarnaast kan worden gedacht aan het totstandbrengen van een windenergiepark, de aanleg van leidingen voor restwarmte en aan verschillende maatregelen om belasting van het milieu aan de bron aan te pakken.

Bereikbaarheid

Om ook bij groei van de haven een goede bereikbaarheid te waarborgen, worden de volgende projecten overwogen:

Congestievrij wegvervoer: voor een goede bereikbaarheid over de weg worden wijzigingen van de huidige weginfrastructuur, doelgroepstroken of systemen gericht op een betere benutting van de wegcapaciteit overwogen. Een apart aandachtspunt bij het waarborgen van een goede bereikbaarheid, is het personenverkeer van en naar natuur- en recreatiegebieden.

Multi-users pijpleiding: voor een goede bereikbaarheid wordt ook gedacht aan een (ondergronds) leidingensysteem waarin meerdere producten of ladingen getransporteerd kunnen worden. Dit netwerk is voor elke aanbieder toegankelijk en kan ook voor transport binnen het havengebied worden ingezet.
Vragen over projecten in bestaand gebied* In welke van de genoemde projecten om in bestaand gebied groeiruimte voor de haven of een kwaliteitsverbetering voor de leefomgeving te realiseren, bent u geïnteresseerd? Wilt u uw deelname daaraan combineren met deelname aan een landaanwinning of bent u geïnteresseerd in één of meerdere op zichzelf staande projecten in het bestaande gebied? Welke voordelen heeft het voor u om deelname aan een landaanwinning te combineren met deelname aan één of meerdere van de genoemde projecten in het bestaande gebied? Wilt u aan andere, hier niet genoemde projecten deelnemen, die direct of indirect leiden tot groeiruimte voor de haven en een kwaliteitsverbetering voor de leefomgeving? Kunt u ook daarvan per project de eventuele voordelen van een combinatie met een landaanwinning aangeven? In dit hoofdstuk worden enkele natuurprojecten genoemd (paragraaf 2A) die kunnen fungeren als compensatie voor natuurwaarden die bij een landaanwinning worden aangetast. Welke andere mogelijkheden ziet u om, wanneer dat nodig blijkt, te voldoen aan de verplichting om aantasting van natuurwaarden te compenseren? Hoe denkt u de bedrijven en de bevolking in het gebied en hun vertegenwoordigende organisaties bij het ontwikkelen van uw activiteiten te betrekken?


* Wij stellen ons bij de beantwoording van deze vragen een beknopte weergave voor van in totaal ongeveer vier pagina's tekst, eventueel voorzien van bijlagen. Wilt u zo vriendelijk zijn bij de beantwoording het nummer van de vraag te vermelden waar uw antwoord betrekking op heeft?


6. Samenwerkingsvormen

De Nederlandse overheid wil dat marktpartijen zoveel mogelijk zelf voorzien in het creëren van groeiruimte voor de Rotterdamse haven . De kansen en risico's verbonden aan de aanleg en exploitatie van de landaanwinning zullen in eerste instantie door marktpartijen gedragen worden die risicodragend in het project willen investeren. Wellicht zien deze partijen ook kansen in deelname aan projecten in het bestaande gebied, al dan niet in combinatie met een landaanwinning. De overheid wil de private sector in de planvorming de ruimte geven om, binnen de randvoorwaarden van het publiek programma van eisen, de exploitatieopbrengsten te maximaliseren en de benodigde investeringen zoveel mogelijk te beperken en/of te faseren. .

Welke partijen in een publiek-private samenwerking welke risico's en investeringen op zich kunnen en willen nemen, en onder welke randvoorwaarden, is een vraag waar de projectorganisatie graag uw mening over verneemt. In dit hoofdstuk worden enkele ideeën en vragen hierover van de Nederlandse overheid behandeld, met name over publiek-private samenwerking bij een landaanwinning.

Private investeringen en overheidsbijdrage

De Nederlandse overheid streeft naar maximale private investeringen in nieuw uitgeefbare ruimte in de Rotterdamse haven. Zij menen dat bij de aanleg en exploitatie van een landaanwinning de potentiële winstmogelijkheden dermate interessant zijn dat private partijen in principe de investeringen voor hun rekening willen nemen. Een beslissing over een bijdrage van de overheid aan het project, hangt af van de voorstellen die private partijen indienen in de Europese aanbesteding waarmee de overheid op zoek gaat naar private partijen die willen samenwerken. De overheid zal een integrale afweging maken van de maatschappelijke kosten en baten van alle projectactiviteiten, inclusief de voorstellen van private partijen, en op basis daarvan beslissen of en hoeveel rijksbijdrage gerechtvaardigd is.

Maximale private investeringen zijn alleen mogelijk, wanneer private partijen de gelegenheid krijgen om een landaanwinning en de activiteiten die daar plaatsvinden ook te exploiteren. De exploitatiemogelijkheden van een landaanwinning zijn sterk afhankelijk van de beslissingen die in de planvormingsfase worden genomen. Dat is het moment waarop private partijen de gelegenheid moeten hebben hun deskundigheid in te brengen en invloed uit te oefenen op de beslissingen.

Om die reden wil de Nederlandse overheid zowel de planvorming, als de aanleg (inclusief de financiering) en de exploitatie van een landaanwinning integraal overdragen aan een publiek-private samenwerking, waarbij één private partij of consortium van private partijen (mede)verantwoordelijk is voor alle fasen van het project.

Exploitatie

Voor de exploitatie van een landaanwinning door private partijen zijn verschillende modellen denkbaar. In het huidige havengebied is het Gemeentelijk Havenbedrijf Rotterdam, een volledig gemeentelijke organisatie, als eigenaar verantwoordelijk voor de uitgifte en exploitatie van de grond en het verlenen van concessies voor het ontwikkelen van havenactiviteiten als een distripark, containerterminal of petrochemiepark. Het Havenbedrijf levert ook faciliteiten voor die havenactiviteiten. Het vestigingsbeleid, de tariefstelling, de regie en planning in de haven zijn daarmee volledig in handen van het Havenbedrijf.

Voor de landaanwinning is nog niet vastgesteld hoe het commercieel beheer en de exploitatie geregeld zullen worden. In ieder geval zal daar gezocht moeten worden naar een relatie tussen risicodragende investeringen en zeggenschap, er van uitgaande dat `wie betaalt, bepaalt'. Op basis van een concessie kan bijvoorbeeld de zeggenschap over de exploitatie van de landaanwinning voor een bepaalde periode worden overgedragen aan private partijen. De exploitatie staat dan los van, of kan zelfs in concurrentie zijn met het bestaande havengebied. Naast een concessie voor de grondexploitatie is het ook denkbaar dat er concessies worden uitgegeven voor de exploitatie van bepaalde havenactiviteiten en havenfaciliteiten.

Belangrijke vraag bij een concessie is hoe private partijen omgaan met de zaken die in het bestaande havengebied onder de zeggenschap van het Gemeentelijk Havenbedrijf Rotterdam vallen, zoals gronduitgifte, vestigingsbeleid, ontwikkelingsstrategie van de haven, tariefstelling, nautisch beheer en handhaving van overheidsbepalingen over milieu en veiligheid.

Naast het uitgeven van een concessie waarbij de zeggenschap voor een bepaalde periode wordt overgedragen aan een private partij, is het mogelijk om te kiezen voor een gezamenlijke exploitatie. In dit model zou de zeggenschap in handen komen van zowel het Havenbedrijf als van private partijen die dan in samenwerking de exploitatie voor hun rekening nemen.

Zo'n samenwerkingsrelatie met het Gemeentelijk Havenbedrijf Rotterdam en met de gemeente Rotterdam is er in ieder geval voor private partijen die (ook) willen deelnemen aan het exploiteren van grond of van activiteiten in het bestaande gebied, in het kader van hun deelname aan projecten daar. Dit kunnen projecten zijn voor havenuitbreiding, maar ook projecten ter verbetering van de kwaliteit van de leefomgeving.

Aanleg

De aanleg van de landaanwinning wil de Nederlandse overheid bij voorkeur in handen geven van dezelfde partijen die ook verantwoordelijk zijn voor de planvorming en de exploitatie. Mocht dat niet haalbaar blijken, dan wil de Nederlandse overheid private partijen in ieder geval een uitgebreidere rol geven dan bij een traditionele aanbesteding en zoveel mogelijk stappen van de aanleg (technisch ontwerp - bouw - financiering -onderhoud) bij één private partij of consortium van private partijen onderbrengen. De verwachting is dat zo'n aanpak de realisatiesnelheid en efficiency van het project ten goede komt.

In de huidige praktijk van publiek-private samenwerking bestaan contractvormen die gebaseerd zijn op het overdragen van de verschillende stappen van de aanleg aan één private partij of consortium van private partijen. Deze zijn bekend als de zogenaamde `design, build, finance, maintain contracten' (DBFM). Indien aanleg en exploitatie niet in één contract worden ondergebracht, kan worden gewerkt met het zogenaamde `infraprovidermodel'. Daarbij sluit de overheid een DBFM-contract. Hierbij verlangt de overheid op basis van output-specificaties een bepaalde beschikbaarheid van infrastructuur die de private partij naar eigen inzichten tot stand kan brengen.

Planvorming

De Nederlandse overheid wil de plannen voor de landaanwinning samen met de private parijen maken die betrokken zijn bij de aanleg en exploitatie. Dit biedt optimale ruimte voor hun deskundige en creatieve inbreng. De verwachting is dat hierdoor een marktgerichter en efficiënter plan ontstaat en dat de winstmogelijkheden optimaal benut worden.

Een gezamenlijke planvorming houdt ook onzekerheden in. In een gezamenlijke planvorming doorloopt de overheid samen met private partijen de vereiste besluitvormingsprocedure. Hiervoor is het zogenaamde `combinatiemodel' ontworpen. In dit model selecteert de Nederlandse overheid in een Europese aanbesteding private partijen om mee samen te werken. De selectie vindt plaats op basis van het profiel van geïnteresseerde private partijen en op basis van de inhoud van hun voorstellen. Na de selectie stellen de publieke en private partijen gezamenlijk een projectplan op. Het plan wordt vervolgens ingebracht in de vereiste procedure van advies, inspraak en beroep, die de publieke en private partijen gezamenlijk doorlopen (voor details zie PMR op Koers). Na het afronden van die procedure zijn dezelfde partijen verantwoordelijk voor de aanleg en exploitatie.

Om de onzekerheden te beperken, is de basis voor de gezamenlijke planvorming een publiek programma van eisen dat door de Tweede Kamer is goedgekeurd. Hoe zal worden omgegaan met de financiële gevolgen van latere wijzigingen in dit programma, als gevolg van aanvullende wensen van de Tweede Kamer, maatschappelijke organisaties en andere overheden, zal worden geregeld in dit publiek programma van eisen en vastgelegd in de af te sluiten overeenkomst(en).

Met een gezamenlijke planvorming is nog niet eerder ervaring opgedaan. Een bijkomende onzekerheid is dat er nog niet definitief besloten is om een landaanwinning aan te leggen. Het besluit om de eerste fase van 500 hectare aan te leggen wordt genomen wanneer duidelijk is dat er, ondanks extra ingrepen in het bestaande havengebied, een tekort aan ruimte dreigt. Tot de aanleg van de tweede fase wordt pas besloten wanneer is aangetoond dat ontwikkelingen in de markt dit mogelijk maken. Daarbij wordt ook de ontwikkeling in andere havens in Zuidwest-Nederland betrokken. De Nederlandse overheid wil voorafgaand aan deze besluiten de planvorming al zover mogelijk doorlopen. De risico's van een gezamenlijke planvorming zonder definitief aanlegbesluit, liggen bij de samenwerkende partijen, en dus ook bij de private partijen.

Vragen over samenwerkingsvormen*

Over landaanwinning algemeen

De Nederlandse overheid stelt voor de planvorming, aanleg en exploitatie van een landaanwinning in één hand te leggen. Bent u daarin geïnteresseerd of zou u liever een scheiding aanbrengen tussen bijvoorbeeld aanleg en exploitatie? Welke voor- en nadelen ziet u aan een integrale aanpak?

Wanneer u wilt deelnemen aan de planvorming, aanleg en / of exploitatie van een landaanwinning, welke invloed, zeggenschap en randvoorwaarden moeten daar voor u dan tegenover staan?

Over de exploitatie van een landaanwinning

Bent u geïnteresseerd in deelname aan de exploitatie van de grond en / of van de activiteiten die op de landaanwinning zullen plaatsvinden? Wat is voor u de meerwaarde van die deelname?

Hoe zou die deelname aan de exploitatie van grond of activiteiten eruit zien?

Kiest u voor een concessie of voor een gezamenlijke exploitatie?

Welke periode staat u bij een concessie voor ogen?

Bent u voorstander van een heel ander exploitatiemodel?

Hoe zou u bij de exploitatie van een landaanwinning omgaan met zaken die in het bestaande havengebied nu onder de zeggenschap van het Gemeentelijk Havenbedrijf Rotterdam vallen?

Over welke zaken zou u in ieder geval zeggenschap willen hebben?

Over de aanleg van een landaanwinning

Bent u geïnteresseerd in deelname aan de aanleg van de landaanwinning en wat is voor u de meerwaarde daarvan?

Wanneer u wilt deelnemen aan de aanleg, welke stappen (technisch ontwerp - bouw - financiering -onderhoud) kunt en wilt u dan in uw deelname integreren? Welke contractvorm heeft u daarvoor op het oog? (DBFM, DB of andere vormen?)

Over de planvorming van een landaanwinning

Wanneer u geïnteresseerd bent in deelname aan de aanleg en exploitatie van een landaanwinning, wilt u dan ook actief deelnemen aan de planvorming daarvoor? Of hebt u liever dat de overheid zelfstandig de planvorming doorloopt en pas daarna samenwerking met private partijen zoekt? Welke voor- en nadelen ziet u aan een actieve deelname aan de planvorming?

Over de investeringen in een landaanwinning

Welke inzet van middelen zou u bij deelname aan een landaanwinning per projectfase overwegen en welke inzet zou u van welke andere partijen verwachten?

Is de exploitatie van een landaanwinning als zelfstandig project haalbaar? Zo nee, welke mogelijkheden voor aanvullende activiteiten (zoals de projecten uit hoofdstuk 5 of andere projecten) ziet u om de exploitatie van een landaanwinning interessant te maken?

Over projecten in bestaand gebied

Welke inzet van middelen zou u bij deelname aan één of meerdere projecten in bestaand gebied overwegen en welke inzet zou u van welke andere partij verwachten?

Wat is bij deelname aan projecten in bestaand gebied (voor havenuitbreiding en / of kwaliteitsverbetering van de leefomgeving) uw idee over de samenwerking met de gemeente Rotterdam en het Gemeentelijk Havenbedrijf Rotterdam?


* Wij stellen ons bij de beantwoording van deze vragen een beknopte weergave voor van in totaal ongeveer zes pagina's tekst, eventueel voorzien van bijlagen. Wilt u zo vriendelijk zijn bij de beantwoording het nummer van de vraag te vermelden waar uw antwoord betrekking op heeft?


7. Informatie en documentatie

Over de activiteiten van het Project Mainportontwikkeling Rotterdam is inmiddels een grote hoeveelheid onderzoeksrapporten en projectnota's beschikbaar. De belangrijkste zijn:

`PMR op Koers', interimrapportage (Nederlandse en Engelse versie).

Samenvatting integrale projectnota Bestaand Rotterdams Gebied (Nederlandse en Engelse versie).

Samenvatting integrale projectnota Landaanwinning (Nederlandse en Engelse versie).

Toelichting op mogelijkheden voor het ontwikkelen van 750 hectare natuur- en recreatiegebied en toelichting op projecten in bestaand gebied (Nederlandse en Engelse versie).

Deze documenten zijn op te vragen via het secretariaat van de projectorganisatie of via de PMR-internetsite (www.mainport-pmr.nl).

Wanneer u naar aanleiding van dit consultatiedocument vragen hebt over de activiteiten van het Project Mainportontwikkeling Rotterdam, kunt u die in een brief of fax voorleggen aan de projectdirectie. De adresgegevens treft u aan op de omslag.

Colofon

Dit consultatiedocument is een uitgave van de projectdirectie van het Project Mainportontwikkeling Rotterdam. Het Project Mainportontwikkeling Rotterdam is een samenwerkingsverband van de gemeente Rotterdam, de stadsregio Rotterdam, de provincie Zuid-Holland en de ministeries van:

Verkeer en Waterstaat

Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer

Economische Zaken

Landbouw, Natuurbeheer en Visserij

Financiën

Eindredactie

Awareness, adviesbureau voor beleidsmarketing, Den Haag

Vormgeving en opmaak

VDM reklame & marketing, Rotterdam

Fotografie

Herman Zonderland, Delft

Druk

U kunt uw schriftelijke reactie op dit consultatiedocument tot 22 februari
2000 opsturen naar:

Project Mainportontwikkeling Rotterdam

postbus 20904, 2500 EX Den Haag

tel. (070) 351 14 63

fax (070) 351 14 77

internet: www.mainport-pmr.nl

e-mail: (pmr@dgg.minvenw.nl)

Wegwijzer Voor wie is dit consultatiedocument? Ondernemingen en organisaties die risicodragend willen deelnemen aan het Project Mainportontwikkeling Rotterdam. Wat is het doel van dit consultatiedocument? Consultatie van de markt: inzicht krijgen in uw interesse als private partij in samenwerking met de overheid, en in uw mening over inhoud en vorm van die samenwerking.


1

Stappen naar publiek-private samenwerking bij het Project Mainportontwikkeling Rotterdam

voorjaar 2000

voorjaar 2000

zomer 2000

najaar 2000


2001


2003

uitkomsten markt-consultatie

voorstellen van de gemeente Rotterdam voor projecten om in bestaand gebied groeiruimte voor de haven en een kwaliteitsverbetering voor de leefomgeving te realiseren

publiek programma van eisen (PPvE) over inhoud en randvoorwaarden van alle projecten en selectie van projecten die zich lenen voor publiek-private samenwerking

Goedkeuring PPvE door Tweede Kamer

Europese aanbesteding van projecten die zich lenen voor publiek-private samenwerking + keuze van partners voor samenwerking

gezamenlijke planvorming en doorlopen van benodigde RO-procedures

aanleg en exploitatie

voorstellen van de gemeente Rotterdam en maatschappelijke organisaties voor het ontwikkelen van 750 hectare voor natuur en recreatie in bestaand gebied

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie