Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Voorlichting over de introductie van de euro

Datum nieuwsfeit: 15-12-1999
Vindplaats van dit bericht
Vindplaats 2
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Financien

Titel: Voorlichting over de introductie van de euro



Aan:

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Plein 2

2515 CR Den Haag

Uw brief van/kenmerk

Ons kenmerk

Den Haag

V99/1605

15 december 1999

Onderwerp

Voorlichting over de introductie van de euro

I Inleiding

Deze brief geeft een overzicht van de voorlichtingsactiviteiten die sinds mijn vorige brief van 16 november 1998, onder de paraplu van het Nationaal Forum voor de introductie van de euro hebben plaatsgevonden. Naast de overkoepelende voorlichting aan het publiek wordt ingegaan op de voorlichting aan specifieke aandachtsgroepen, zoals is toegezegd tijdens het Algemeen Overleg van 8 april over de invoering van de chartale euro. Verder wordt vooruit gekeken naar de voorlichting vanaf het jaar 2000. Daarnaast wordt ingegaan op de voorlichting door de departementen (die op elkaar wordt afgestemd in de Voorlichtingsraad) en de financiële afspraak met de Europese Commissie met betrekking tot de voorlichting over de euro.

ll Voorlichting over de euro

Om een zachte landing van de euro in Nederland te bewerkstelligen is een heldere, doelgerichte en afgewogen voorlichting een eerste vereiste. De conversie van gulden naar euro raakt alle facetten van de samenleving. Iedereen is op enigerlei wijze betrokken bij deze conversie en iedereen zal met de euro in aanraking komen. De invoering van de euro brengt aanpassingen van en voor de hele samenleving met zich mee. Denk bijvoorbeeld aan het aanpassen van bedrijfsadministraties, maar ook aan het aanpassen van geldautomaten en parkeermeters. En niet in de laatste plaats zal de burger zich moeten aanpassen, moeten wennen aan de nieuwe munteenheid. De voorlichting over de euro is daarom van groot belang.

lll Het Nationaal Forum voor de introductie van de euro en het Voorlichtersforum

De lidstaten van de Europese Unie vullen de praktische voorbereiding van de totstandkoming van de EMU en de invoering van de euro zelf in. De overheid kan zich bij de voorlichting over de invoering van een nieuwe munt niet als monopolist opstellen: het is een verandering die de hele samenleving raakt. Daarom is in februari 1996 in Nederland het Nationaal Forum voor de introductie van de euro ingesteld. Hierin participeren vertegenwoordigers van verschillende maatschappelijke geledingen en wordt aan de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de invoering van de euro vorm gegeven. Het Nationaal Forum richt zich op de uitwisseling van informatie en beoogt te bevorderen dat de overgang voor burgers, bedrijfsleven en overheid soepel en efficiënt verloopt.

Binnen het Nationaal Forum leveren de aangesloten organisaties vanuit hun eigen invalshoek en deskundigheid een bijdrage aan de voorbereiding op de invoering van de euro.

In het Nationaal Forum zijn vertegenwoordigd: Amsterdam Exchanges (tot 1 juli 1999), Christelijk Nationaal Vakverbond, Consumentenbond, Federatie Nederlandse Vakbeweging, Land- en Tuinbouworganisatie Nederland, MKB-Nederland, De Nederlandsche Bank, Nederlandse Vereniging van Banken, Ministerie van Economische Zaken, Ministerie van Financiën, Pensioenfondsen, Raad Nederlandse Detailhandel, Vakcentrale voor Middelbaar en Hoger Personeel, Verbond van Verzekeraars, Vereniging van Nederlandse Gemeenten en Vereniging VNO-NCW. Het Ministerie van Financiën is voorzitter.

Onder de vlag van het Nationaal Forum is het Voorlichtersforum ingesteld. In het Voorlichtersforum worden de afspraken gemaakt over een op elkaar afgestemde, gezamenlijke voorlichtingsstrategie. Het Ministerie van Financiën heeft hierin een voortrekkersrol. In het Voorlichtersforum zitten de voorlichters en communicatiedeskundigen van de aangesloten organisaties. Zij ontwikkelen gezamenlijk voorlichtingsmateriaal over ontwikkelingen met betrekking tot de invoering van de euro. Het Nationaal Forum kiest voor een gezamenlijke, objectieve voorlichting met inachtneming van het belang en de verantwoordelijkheid van alle deelnemende organisaties. Het Nationaal Forum hanteert hierbij twee uitgangspunten. Op de eerste plaats zijn alle organisaties zelf verantwoordelijk voor de specifieke voorlichting richting hun achterban. Op de tweede plaats is het de bedoeling dat het publiek informatie haalt waar het altijd informatie haalt: vragen over de aangifte komen bij de Belastingdienst terecht en vragen over hypotheken bij hypotheekverstrekkers.

De verantwoordelijkheid van de overheid (het Ministerie van Financiën) spitst zich toe op de massamediale voorlichting aan de burger en het geven van voorlichting aan intermediairs, waaronder de Forum-organisaties zelf. Deze voorlichting is instructief, feitelijk en open en zal altijd van algemene en overkoepelende aard zijn.

Strategie, inhoud en vorm van deze voorlichting wordt afgestemd binnen het Nationaal Forum. Daarenboven moeten en kunnen de Forum-organisaties waarmaken wat het Nationaal Forum niet kan: het verzorgen van specifieke en gedetailleerde voorlichting tot op het erf. Hier begint de verantwoordelijkheid van de organisaties. Zij kunnen met hun voorlichting aansluiten op de overkoepelende en algemene voorlichting van het Nationaal Forum door op maat gesneden informatie aan te bieden aan de achterban. Zij kunnen een stap verder gaan dan het Nationaal Forum en zonodig ook opiniërend zijn.

lV Voorlichting in 1999

In november/december 1998 en januari 1999 is de voorlichting van het Nationaal Forum, ná de intensivering van mei 1998 (zie mijn brief van 16 november 1998), wederom geïntensiveerd. Het publiek is geïnformeerd over een aantal veranderingen waarmee het al vanaf 1999 in aanraking komt. De vier veranderingen die vanaf 1 januari 1999 hebben plaats gevonden, zijn de vaststelling van de waarde van de euro, de introductie van de euro op de beurs, de introductie van de girale euro en de mogelijkheid om belasting te betalen in euro met ingang van het belastingjaar 1999.

In verband met de perceptie dat de euro dominant aanwezig was in spots op televisie, én de voorrang die verleend moest worden aan de Millennium-campagne, is medio maart besloten om van de inzet van TV voorlopig even af te zien. Het verlies aan bereik, is gecompenseerd met de inzet van tijdschriften.

Kennis en houding

Kennisniveau van de Nederlandse bevolking omtrent de euro is in 1999 duidelijk toegenomen. Dat geldt ook voor de mate waarin de Nederlandse bevolking zich geïnformeerd voelt over de euro. Met een aantal aspecten rondom de invoering van de euro was meer dan de helft van de Nederlandse bevolking al bekend in november 1998. Dat betrof: de waarde van de euro, de datum waarop de chartale euro wordt geïntroduceerd en het feit dat men weinig of niets hoeft te regelen op het gebied van geldzaken. De datum waarop de exacte waarde van de euro bekend zou worden gemaakt en de datum waarop de beurzen zouden overgaan op de euro waren toen nog slechts bij een vijfde van de Nederlanders bekend. Inmiddels is de meerderheid van de bevolking hiervan op de hoogte.

Een duidelijke piek in het kennisniveau is te zien in februari. Deze piek hangt naar grote waarschijnlijkheid samen met de intensivering van de campagne aan het einde van 1998 en begin 1999, de ontwikkelingen rondom de euro (invoering girale euro) en de aandacht die de media hieraan besteedden. In juni was het kennisniveau nog steeds hoog, maar licht gedaald ten opzichte van februari. Tussen de verschillende leeftijdscategorieën is weinig verschil in kennisniveau. In de metingen van 1998 werd wel nog een groot verschil in het kennisniveau waargenomen tussen mannen en vrouwen. Dit verschil was begin 1999 op de meeste kenniselementen bijgetrokken.

Het kennisniveau van het bedrijfsleven is in 1999 stabiel gebleven. In het algemeen kan gesteld worden dat het bedrijfsleven tevreden is over de euro en zich goed geïnformeerd voelt over de euro.

V Voorlichting 2000-2002

Het is de bedoeling om de intensieve kennisoverdracht met betrekking tot de euro in 2000 te continueren zonder dat er bij het publiek het gevoel bestaat overstelpt te worden met euro-informatie. Waar mogelijk zal het Nationaal Forum de voorlichtingsactiviteiten laten aansluiten op momenten en situaties waarin het publiek al met de euro te maken krijgt, zoals bijvoorbeeld de gewenningsinformatie. Ten behoeve daarvan is een communicatieplan opgesteld dat op 9 december j.l. door het Nationaal Forum is vastgesteld. De voorlichtingsactiviteiten zijn gericht op het onderhoud van de massamediale campagne waarmee het brede publiek bereikt wordt. Daarnaast krijgen in deze periode de specifieke aandachtsgroepen de volle aandacht. Zij zullen worden geïnformeerd met op hen toegespitste voorlichtingsmiddelen. Met de campagne voor het brede publiek is er een basis gelegd van activiteiten, middelen en distributiekanalen. Deze zullen voor de specifieke aandachtsgroepen worden aangepast en aangevuld.

In 2000 gaat het dus bij het brede publiek primair om het onderhouden van het kennisniveau. Het eerstvolgende natuurlijke moment voor een informatiepiek vind pas plaats op 1 januari 2001, wanneer het 'aftellen' naar de invoering van de chartale euro op 1 januari 2002 kan beginnen. Tot die tijd moet het accent van de eurocampagne op continuering en onderhoud liggen. Voor specifieke aandachtsgroepen, zoals de kleine ondernemers, het onderwijs en de medeoverheden gelden in deze periode nog aanvullende boodschappen.

De conversiecampagne in 2001 zal de grootste en meest intensieve fase in de eurovoorlichting worden. Het publiek zal steeds intensiever, actiever en gedetailleerder worden geïnformeerd over de gevolgen die de komst van de euro heeft. Zowel burgers als bedrijven worden voorbereid op de komst van de euro in de meest praktische zin. De voorlichting zal onder meer betrekking hebben op het uiterlijk van de euromunten en -biljetten en de echtheidskenmerken ervan, de waarde van de euro ten opzichte van de gulden, het distributiescenario en tot wanneer en waar guldens ingewisseld kan worden.

VI Specifieke aandachtsgroepen

Naast de overkoepelende activiteiten zijn er in 1999 ook voorlichtingsactiviteiten ondernomen voor de specifieke aandachtsgroepen. Deze zullen ook de komende jaren nog worden voortgezet. Vanuit het Voorlichtersforum is daarom een aantal werkgroepen geformeerd die zich bezighouden met de voorlichting richting deze specifieke aandachtsgroepen.

Hieronder volgen de groepen waarvoor het Nationaal Forum middelen ontwikkelt die inhoudelijk gelijk zijn aan de middelen voor het brede publiek, maar waarvan de vorm of de distributiekanalen zijn aangepast.

Ouderen

De werkgroep Ouderen bestaat uit het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds, het Voorlichtingscentrum Sociale Verzekering, de Nederlandse Bond voor Pensioenbelangen, het Ministerie van VWS, de Protestants Christelijke Ouderen Bond, de Sociale Verzekeringsbank en de Pensioen en Uitkeringsraad, onder voorzitterschap van het Ministerie van Financiën.

De werkgroep Ouderen richt zich in het bijzonder op de voorlichting aan de ouderen die nog zelfstandig met geld omgaan, maar die in een sociaal isolement zitten. Belangrijke kanalen om informatie te verspreiden zijn de seniorencomplexen en zorginstellingen.

Naast de massamediale voorlichtingsmiddelen zoals advertenties en televisiespots worden voor deze doelgroep ook aanvullende middelen gemaakt, zoals bijvoorbeeld brochures in grootletterdruk.

Mensen met een handicap

De werkgroep bestaat uit De Nederlandsche Bank, de Nederlandse Vereniging voor Blinden en Slechtzienden, het Dovenschap, de Federatie van Ouderverenigingen en het Ministerie van VWS, onder voorzitterschap van het Ministerie van Financiën.

De doelgroep is onderverdeeld in auditief, visueel en verstandelijk gehandicapten. Auditief gehandicapten zijn doven en slechthorenden. De Nederlandse Gebarentaal is van groot belang in het maatschappelijk verkeer met dove mensen. Voorlichting over de introductie van de euro zal dan ook in gebarentaal beschikbaar komen.

Onder visueel gehandicapten wordt verstaan: blinden en slechtzienden. Daaronder zijn veel ouderen, van wie het gezichtsvermogen met de jaren slecht is geworden. Het voorlichtingsmateriaal bestaat uit folders in grootletterdruk, braille en gesproken woord.

Steeds meer verstandelijk gehandicapten wonen zelfstandig in woonunits. Aan deze mensen wordt de mogelijkheid geboden zich zelfstandig te integreren in de samenleving. Veel van hen verrichten zelfstandig betalingen en doen hun eigen boodschappen. De verstandelijk gehandicapten die in internaten wonen, worden voorgelicht via hun begeleiders en betrokken ouder- en patiëntenorganisaties. Voor deze doelgroep heeft Nationaal Forum eenvoudig geschreven voorlichtingsmateriaal.

Minderheden

De werkgroep voor het minderhedentraject bestaat uit het Ministerie van Financiën en een klankbordgroep met verschillende leden.

Bij de vaststelling van de omvang en inhoud van deze doelgroep is aangesloten bij de invulling van de minderhedendefinitie die door het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksaangelegenheden wordt gehanteerd: het algemene publiek van Turkse, Marokkaanse, Surinaamse en Antilliaanse afkomst. Daar is door het Nationaal Forum nog het Chinese algemene publiek aan toegevoegd.

Er zijn radio- en televisiespots voor de migrantenomroepen gemaakt. Advertenties zijn vertaald. Een selectie van het voorlichtingsmateriaal is of wordt vertaald in het Turks, Marokkaans, Antilliaans, Spaans, Frans, Engels, Chinees en Portugees.

Dak- en thuislozen

In deze werkgroep, onder voorzitterschap van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, participeren de Federatie Opvang, Nederlandse Vereniging van Volkskrediet, DIVOSA, de Federatie Zorg, GGZ, en de Ministeries van Financiën, VWS en BZK.

Deze werkgroep is ingesteld om te inventariseren hoe deze groep het best te bereiken is. Ook zal aandacht worden besteed aan specifieke omstandigheden van mensen.

Voor de onderstaande groepen geldt dat zij in aanvulling op de algemene informatie over de euro ook specifieke informatie krijgen omdat de invoering van de euro voor hen meer consequenties heeft dan voor het brede publiek.

Ondernemers en intermediaire kaders

In deze werkgroep zitten vertegenwoordigers van VNO-NCW, MKB-Nederland, het Ministerie van LNV, LTO-Nederland, de Kamers van Koophandel, het Nivra en de NOvAA, onder voorzitterschap van het Ministerie van Economische Zaken.

De doelgroep is omschreven als ondernemingen tot circa 200 werknemers. Daarnaast is het voorlichtingstraject ook gericht op brancheorganisaties en intermediaire kaders. Intermediaire kaders zijn een belangrijke informatiebron voor ondernemers. De belangrijkste directe adviseurs zijn: accountants, administratieconsulenten, boekhouders en fiscalisten, banken en verzekeraars, juridisch adviseurs, automatiseerders/IT-specialisten, leveranciers van kasregisters, betaalautomaten en geldaccepterende automaten, kamers van koophandel, brancheverenigingen/belangen- en beroepsorganisaties van ondernemers. De indirecte adviseurs zijn de koepels van adviseurs en van brancheverenigingen, beroepsorganisaties en bedrijfschappen.

Voor ondernemers is een breed pakket met voorlichtingsmateriaal beschikbaar. Er is een checklist ontwikkeld. Deze checklist en andere informatie wordt onder meer door radio- en tv-spots onder de aandacht gebracht. Een selectie uit de meest gestelde vragen over de euro die voor ondernemers relevant is, maakt samen met de checklist, een zakboekje, de omrekenfolder en Eurobase, het informatiepakket voor ondernemers compleet. Er is een sprekerspool opgezet om op zoveel mogelijk bijeenkomsten ook mondeling informatie over de euro te kunnen verspreiden. Het Nationaal Forum heeft op ondernemers gerichte beurzen deelgenomen en zal dat ook in de toekomst blijven doen. Al deze activiteiten in ogenschouw genomen is het stadium in de voorlichting bereikt dat ondernemers hun ondernemersverantwoordelijkheid vorm moeten geven en zelf binnen hun bedrijf de voorbereidingen op de invoering van de euro in gang moeten zetten.

Begin 2000 zal desalniettemin een extra impuls worden gegeven aan de voorlichting vanuit het Nationaal Forum richting ondernemers. Het is belangrijk om, na afronding van de millennium-inspanningen, weer voldoende aandacht voor de euro te vragen. De belangrijkste boodschap hierbij zal zijn: een tijdige afronding van de strategische planning en het voorkomen van het verder naar achteren schuiven van de realisatie van de euro-aanpassingen in met name de geautomatiseerde systemen.
Etnische ondernemers

Om de etnische ondernemers in Nederland te informeren over de invoering van de euro en de consequenties voor hun bedrijfsvoering zal naast de werkgroep Minderheden een klankbordgroep voor etnische ondernemers worden ingesteld.

Mede-overheden: gemeenten, provincies en waterschappen

De werkgroep wordt geleid door de directie Voorlichting van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksaangelegenheden. Verder hebben zitting in deze werkgroep de Vereniging Nederlandse Gemeenten, het Interprovinciaal Overleg, de Unie van Waterschappen, de Bank Nederlandse Gemeenten, de gemeente Den Haag, de gemeente Oosterhout en de Ministeries van Sociale Zaken en Financiën.

De werkgroep is samengesteld om mede-overheden te informeren over de invoering van de euro.

Om mede-overheden een handreiking te bieden is een informatiepakket samengesteld dat voor een deel bestaat uit het bestaande voorlichtingsmateriaal van het Nationaal Forum, aangevuld met een speciaal magazine en een checklist voor de voorlichters van mede-overheden. Aan de hand van dit materiaal kunnen de voorlichters op eenvoudige wijze zelf de benodigde voorlichting aan hun doelgroep uitvoeren.

Begin 1999 heeft een serie van vijf informatiebijeenkomsten plaatsgevonden onder de titel Eurodagen voor gemeenten. Het doel van de Eurodagen voor gemeenten was om de deelnemers op een inhoudelijke en meer diepgaande, praktische wijze kennis te laten maken met wat komt kijken bij de overschakeling van de gemeente op de euro. Het ging daarbij om erkenning, herkenning en uitwisseling van ervaring. Medewerkers van grote, middelgrote en kleine gemeenten konden zich buigen over de consequenties van de invoering van de euro in de gemeente. Een kennismodule voor ambtenaren is in voorbereiding. Met deze zelfstudiemodule kunnen ambtenaren hun algemene kennis over de euro vergroten en een en ander leren over het omschakelingstraject dat binnen de overheid plaatsvindt.

Onderwijs en jongeren

Voor de laagste klassen van het middelbaar onderwijs en voor de hoogste groepen van het basisonderwijs is aanvullend onderwijsmateriaal ontwikkeld. Ook wordt materiaal voor de hoogste klassen van het middelbaar onderwijs, wat geheel in overeenstemming met de opzet van de tweede fase is, gemaakt. Momenteel worden de mogelijkheden voor aanvullend lesmateriaal voor het MBO en het leerlingwezen bestudeerd. Tevens wordt onderzocht of de noodzaak aanwezig is om een lespakket te ontwikkelen ten behoeve van het rekenonderwijs voor het basis onderwijs. Voor jongeren vanaf 9 à 10 jaar is de Junior Eurokrant gemaakt.

Vll Interdepartementale coördinatie eurovoorlichting

Binnen de overheid vindt de afstemming over de eurovoorlichting plaats in de Voorlichtingsraad. Ieder departement is verantwoordelijk voor de voorlichting over de introductie van de euro met betrekking tot het eigen beleidsterrein. Dit betekent voor elk departement dat het een voorlichtende taak heeft over de gevolgen van de introductie van de euro met betrekking tot de specifieke aspecten van het eigen departement, de intermediairen op het eigen beleidsterrein en de groep actoren waarop het beleid van het departement is gericht. De wijze van eurovoorlichting, voortgang, afstemming en monitoring door de diverse departementen wordt door de euro-werkgroep van de Voorlichtingsraad gecoördineerd.

Elk departement heeft een communicatieplan voor de interne voorlichting en de voorlichting aan de achterban opgesteld, die vervolgens in de werkgroep zijn getoetst. In de werkgroep zijn alle departementale communicatieplannen besproken. Deze vorm van intercollegiale toetsing voorkomt niet alleen overlap met voorlichting van het Nationaal Forum, maar zorgt er ook voor dat eventuele lege plekken in de voorlichting in een vroeg stadium aan het licht komen. In de komende jaren zal het voorwerk moeten plaatsvinden om in 2001 de voorlichting over de definitieve overschakeling op de euro tot een succes te maken. In de zesde voortgangsrapportage van de Interdepartementale Werkgroep Euro, die u kort na het Kerstreces zult ontvangen, wordt nader ingegaan op de activiteiten van de departementen.

Vlll Convenant met Europese Gemeenschap

Evenals voorgaande jaren is in 1999 een convenant met de Europese Gemeenschap gesloten over de financiële bijdrage van de Europese Commissie aan de voorlichtingsactiviteiten in het kader van de euro. De vertegenwoordiger van de Europese Commissie in Den Haag heeft zitting in het Voorlichtersforum, om de Nederlandse ontwikkelingen en vorderingen te kunnen volgen. Twee maal per jaar komen in Brussel de euro-campagneleiders uit de verschillende lidstaten, de Europese Commissie en de Europese Centrale Bank bijeen om ervaringen uit te wisselen en te praten over de voortgang van de eurovoorlichting.

Het vorenstaande schetst een beeld van de actuele ontwikkelingen en inspanningen ter zake van de eurovoorlichting, die mede onder verantwoordelijkheid van het Ministerie van Financiën worden verricht en die bijdragen aan een soepele introductie van de euro in Nederland.

DE MINISTER VAN FINANCIEN,

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie