Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Kamervragen over Riaggs en over Riagg Noord-Brabant

Datum nieuwsfeit: 20-12-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal

vwsvra.gen vragen over riaggs en riaag westelijk noord-brabant
Gemaakt: 20-12-1999 tijd: 14:48

VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG Vastgesteld 2000 De in de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport vertegenwoordigde fracties hebben onderstaande vragen ter ............. voorgelegd aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport naar aanleiding van de Zembla-uitzending van 7 december 1999 over enkele Riagg's en de brief van 6 december 1999 van de bewindsvrouwe ten geleide van het Inspectierapport over het Riagg Westelijk Noord-Brabant. Eén fractie had er behoefte aan aanvullend een specifieke vraag te stellen. De vragen en de op door de minister verstrekte ......... zijn hieronder afgedrukt.
ALGEMEEN 1. Heeft u kennis genomen van de televisie-uitzending «Aanklacht tegen een Riagg» van Zembla d.d. 7 december jl.? INHOUD TELEVISIEPROGRAMMA ZEMBLA 2. In dit televisieprogramma worden klachten geuit over het functioneren van de Riagg's in Amersfoort en West-Brabant. Deze klachten betroffen nalatigheid voor wat betreft het bijhouden van patiëntendossiers (diagnose, behandelplan en medicatievoorschriften), intimidatie en seksueel misbruik, en onjuiste toepassing van de Klachtwet. Deelt u de mening dat deze klachten tenminste aanleiding zijn voor een diepgaand onderzoek? 3. Was u op de hoogte van het onderzoek van de Consumentenbond inzake het (weinig) vertrouwen van cliënten in de Riagg's? Was u op de hoogte van het onderzoek van psycholoog Beenackers in 1994 en 1995, van het Arborapport uit 1992, van de klachten van de Stichting Pandora inzake het functioneren van de Riagg's? Was u op de hoogte van de klachten van psychiater Van der Lugt inzake de kwaliteit van de behandeling bij het Riagg in West-Brabant? Zo ja, welke conclusie trok u uit bovengemelde gegevens? Welke stappen heeft u ondernomen om de kwaliteit van behandelen van de Riagg's te onderzoeken? Zo neen, waarom was u niet op de hoogte? 4. In haar brief d.d. 13 juli 1999 laat de Inspectie weten geen reden te hebben gevonden voor nader onderzoek. Na bezwaar hiertegen van psychiater Van der Lugt worden de klachten nader onderzocht om eventueel een interventietoezicht vast te stellen. Waarom werd niet onmiddellijk besloten tot interventietoezicht, gelet op de ernst en de hoeveelheid klachten zoals bovengenoemd, en mede gelet op het feit dat de Inspectie op de hoogte was van het feit dat er «problemen speelden met betrekking tot meerdere aspecten van de zorg en de organisatie rondom de zorg»(blz. 11 Inspectierapport)? 5. Kent u het onderzoek van Beenackers, waaruit blijkt dat de meeste dossiers in de GGZ niet voldeden aan de gestelde criteria? Is het onderzoek van de Inspectie In 1996 uitbesteed aan de belangenvereniging van de Riagg's? Heeft de minister zich, aldus de psycholoog Beenackers, «met een kluitje in het riet laten sturen»? Denkt de minister hiermee een goed en objectief beeld te hebben gekregen van de situatie? Waarom werd hier geen onafhankelijk onderzoek ingesteld? 6. Volgens de Inspectie kan de Riagg «zijn taak niet in de volle breedte uitvoeren». Deelt de minister deze mening? Zo ja, welke maatregelen is zij voornemens te treffen? 7. Bij het Riagg West-Brabant was sprake van seksueel misbruik en werd de klacht van cliënt op dit punt gegrond verklaard. Hoe kan het zijn dat de desbetreffende behandelaar zonder straf elders werkzaam is? Ondermijnt dit niet het vertrouwen in de medische stand? 8. Bent u alsnog bereid een grootschalig onafhankelijk onderzoek te laten verrichten naar het functioneren van Riagg's? Zo neen, kan zij dat dan gemotiveerd toelichten? 9. Deelt de minister de mening dat in Nederland mensen met klachten over sexueel misbruik door behandelaars altijd voldoende serieus worden genomen, altijd adequaat onderzoek plaatsvindt en de mogelijke sancties afdoende zijn? Gelden de termen `adequaat onderzoek' en `afdoende sancties' ook voor de casus die zich heeft afgespeeld bij het Riagg West-Brabant? DOSSIERVORMING 10. Wat is de mening van de minister over het feit dat, in tegenstelling tot hetgeen in de WGBO is vermeld over dossiervorming, dit niet consequent wordt nageleefd door instellingen? Kan de minister nadere informatie geven over de naleving in het algemeen door GGZ-instellingen? 11. Wat is de rol van de Inspectie bij de naleving van dossiervorming zoals genoemd in de WGBO? Acht de minister het toezicht van de Inspectie op dit punt voldoende? Staan er sancties op het niet naleven van hetgeen in de WGBO is vermeld over dossiervorming? Zo ja, wat voor sancties zijn dat? Zo nee, moeten dergelijke sancties niet alsnog vastgesteld worden? ROL INSPECTIE GEZONDHEIDSBESCHERMING 12. Hoe verklaart u de discrepantie tussen de meldingen en ervaringen van (ex)medewerkers van de Riagg Westelijk Noord-Brabant in Zembla en de bevindingen van de Inspectie, zoals neergeschreven in het op 6 december 1999 toegezonden inspectierapport? Met name wordt in de uitzending kritiek uitgeoefend op het feit dat er door het management niet adequaat is gereageerd, en dat de Inspectie niet met de juiste personen zou hebben gesproken. Welk oordeel heeft de minister over de kennelijk tegenstrijdige conclusies in uitzending en rapportage? 13. Hoe verhoudt de uitspraak van de Inspectie dat signalen van onverantwoorde zorg niet vastgesteld konden worden met de constatering van een aantal onvolkomenheden, zoals dossiervorming en het medisch-psychiatrisch beleid? Is de minister met de Inspectie van mening dat de ingezette verbetertrajecten voldoende zijn? 14. Hoe verhoudt in het algemeen de kwaliteit van zorg in de GGZ zich met het feit, zoals ook geconstateerd in de uitzending, dat er in sommige instellingen sprake is van falend management? Heeft de minister, naast het toezicht van de Inspectie, nog mogelijkheden om in te grijpen als kwaliteit van zorg in gevaar komt door het tekort schieten van het management? Zo nee, zou de minister dan nadere wettelijke maatregelen willen voorstellen, waardoor kwaliteit van zorg in dergelijke situaties beter gewaarborgd kan zijn? 15. Deelt de minister de mening dat de in de uitzending genoemde kritiek op de werkwijze van de IGZ inzake de GGZ-instellingen overeenkomt met de in het rapport van de Algemene Rekenkamer¹ genoemde kritiekpunten op de IGZ? Zo nee, waarom niet? 16. Is het gebruikelijk dat personen waar de Inspectie gesprekken mee voert door de directie worden aangewezen? Zo ja, bent u van mening dat het risico bestaat dat een bestuur een onderzoek op deze manier te veel naar haar hand zou kunnen zetten? 17. Kan een overzicht worden gegeven van de protocollen en handleidingen ten behoeve van het toezicht, die door de Inspectie voor de Gezondheidszorg worden gehanteerd in de GGZ? Kan de minister aangeven of deze protocollen en handleidingen voldoende zijn? Gelden deze protocollen en handleidingen voor alle regio's? 18. Bent u van mening dat de Inspectie voldoende geinformeerd wordt tegen de achtergrond van het gegeven dat veel klachten niet bij de Inspectie terecht komen? 19. Op welke wijze en in welke mate wordt door de Inspectie gecontroleerd of gedane aanbevelingen ook worden uitgevoerd? 20. Bent u het eens met de stelling dat een bezoek van de Inspectie eenmaal per 4 jaar niet voldoende is , gegeven de incidenten die zich regelmatig voordoen bij GGZ-instellingen? Betreft het financiële en/of organisatorische redenen dat de Inspectie niet vaker bij de Riagg's langs kan gaan? Geldt deze frequentie ook voor de overige GGZ-instellingen? Bent u bereid hierin veranderingen aan te brengen? 21. Volgens de Inspecteur is er een capaciteitsprobleem, " er zijn 12 inspecteurs en er moeten prioriteiten worden gesteld. Eénmaal per 4 jaar kan een Riagg bezocht worden» Vindt de minister dat er, gelet op bovenvermelde klachten, op deze wijze sprake is van verantwoord toezicht? 22. Is het mogelijk dat de Inspectie de vinger niet op de zere plek kan leggen vanwege onvoldoende mogelijkheden en bevoegdheden? 23. Ziet u mogelijkheden aan te sluiten bij de door de staatssecretaris tijdens de behandeling van de Zorgnota toegezegde rapportage n.a.v. de motie Arib over de intensivering van het toezicht bij instellingen voor ouderen en gehandicapten? Vraag SP-fractie 24. Kunt u inzicht geven in de reden van ontslag van de medisch directeur in 1995? Is het waar dat deze directeur met een gouden handdruk van 420.000 gulden is vertrokken, en er geen geld meer over was om de tweede directeur `uit te kopen'? Zo ja, bent u van mening dat er paal en perk gesteld dient te worden aan deze goudgerande regelingen, zeker waar het dysfunctioneren betreft? De voorzitter van de commissie, Essers De griffier van de commissie, Teunissen

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie