Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Promotie: Uitzonderingen Wetboek Strafvordering opheffen

Datum nieuwsfeit: 23-12-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Rijksuniversiteit Groningen

RUG werkbalk

Nummer 170 13 december 1999

Promovendus wil uitzonderingen op Wetboek van Strafvordering opheffen

Het Wetboek van Strafvordering kan eenvoudiger en inzichtelijker gemaakt worden door een aantal uitzonderingswetten op te heffen. Dit stelt mr. D.V.A. Brouwer na een onderzoek van de uitzonderingsregelingen - de zogenaamde bijzondere wetten - voor het uitoefenen van dwangbevoegdheden. Voorbeelden van dwangbevoegdheden zijn een huiszoeking, het in beslag nemen van voorwerpen en het uitvoeren van een inkijkoperatie. Brouwer promoveert op 23 december 1999 aan de Rijksuniversiteit Groningen. Daarmee is hij de laatste die dit millennium in Groningen promoveert.
Wetgevingsspiraal
Minimaal
Achterdeurtjes
Europees mensenrechtenverdrag
Curriculum vitae
Noot voor de pers

Bijzondere wetten komen vaak tot stand in tijden van maatschappelijke onrust. Dat was beslist het geval in 1919 bij de revolutiedreiging van Troelstra, toen de Vuurwapenwet werd ingevoerd. En eveneens vlak na de tweede wereldoorlog, toen de zwarte markt aanleiding was de Wet op de economische delicten in het leven te roepen. "Als je kijkt naar de discussie over de fouilleringen in de Rotterdamse Millingsbuurt, buitelen ook nu weer politie, kamerleden en ministers over elkaar heen, maar nu om het illegaal wapenbezit en zinloos geweld de kop in te drukken. Dit zal tot verdere aanscherping van de betreffende bijzondere wet (de Wet Wapens en Munitie) leiden", zegt Brouwer.

Wetgevingsspiraal

Een groot bezwaar van de bijzondere wetten is dat ze een wetgevingsspiraal creëren waarin de overheid steeds ruimere bevoegdheden krijgt. "Hierdoor groeien wij uiteindelijk toe naar een stelsel waarin elke justitiële autoriteit alles mag", zegt de promovendus. Uit zijn onderzoek naar de dwangbevoegdheden van onder meer de Opiumwet, de Wapenwet en de Wet op de economische delicten, blijkt dat bij elke herziening van het Wetboek van Strafvordering in de twintigste eeuw de opsporingsbevoegdheden werden verruimd. Dat gebeurde telkens onder verwijzing naar de ruimere bevoegdheden in de bijzondere wetten. "Op het moment echter dat de algemene wet was aangepast, verzuimde men steeds de ruimere bevoegdheden in de bijzondere wetten af te schaffen. Hierdoor bleef het argument voor verruiming ook na de verschillende wetsherzieningen bestaan."

Minimaal

Door de wetgevingsspiraal is het verschil tussen enerzijds de bevoegdheden in de bijzondere wetten en anderzijds het algemene Wetboek van Strafvordering minimaal geworden. Brouwer: "Voorzover er nog verschillen tussen beide groepen bevoegdheden bestaan, zijn die verschillen nog slechts op onderdelen te rechtvaardigen. En omdat er zo weinig verschil meer bestaat tussen de algemene en de bijzondere wetten, zou je ertoe kunnen besluiten alle bevoegdheden in de bijzondere wetten af te schaffen. Daarbij moet je dan gelijktijdig sommige bevoegdheden in het Wetboek van Strafvordering verruimen."

Achterdeurtjes

Het kan gebeuren dat door deze harmonisatie van de wet een opsporingsambtenaar nog ruimere bevoegdheden krijgt. Voordeel van deze harmonisatie is echter dat iedereen weet wat die bevoegdheden precies inhouden, omdat ze centraal zijn geregeld. Iedereen weet dan waar hij aan toe is. En dat is lang niet altijd het geval wanneer die ambtenaar werkt met bijzondere wetten. "Want met bijzondere wetten creëer je al snel achterdeurtjes die het oneigenlijk gebruik van bevoegdheden in de hand werken", zegt Brouwer. "Daarvan is bijvoorbeeld sprake wanneer bij een verkeerscontrole, officieel om de staat van voertuigen te checken, drugshonden aanwezig zijn, zodat men 'toevallig' verdovende middelen kan vinden."

Europees mensenrechtenverdrag

De promovendus stelt in zijn proefschrift een nieuwe en vereenvoudigde wettelijke regeling voor. Onderdeel van het voorstel is een aangepaste bevoegdheid voor het betreden van woningen. Anders dan nu het geval is, zou deze altijd aan een bepaald doel verbonden moeten zijn, zoals een huiszoeking, aanhouding van de verdachte of het plaatsen van afluisterapparatuur. In de huidige bijzondere wetten staat vaak nog heel algemeen omschreven dat de opsporingambtenaar toegang heeft tot elke plaats. "Wat hij daar dan wil gaan doen, mag die ambtenaar vervolgens zelf weten", zegt Brouwer. "Volgens Europese mensenrechtelijke uitspraken, blijkt dat hier toch een iets sterkere bescherming wenselijk is. De ambtenaar mag niet zomaar ergens rondsnuffelen."

Curriculum vitae

Dian Brouwer (Nijmegen, 1967) studeerde van 1986-1993 rechten in Groningen. In die periode studeerde hij ook een half jaar Amerikaans recht in de Verenigde Staten. Na zijn studie was hij van 1993-1998 aio en universitair docent, eveneens in Groningen. In 1996-1997 is hij een jaar docent strafrecht aan de Universiteit van Aruba geweest. Op dit moment is Brouwer strafrechtadvocaat in Den Haag. De titel van zijn proefschrift luidt: Dwangmiddelen in bijzondere wetten. Een handelsuitgave verschijnt in december 1999 bij Gouda Quint Deventer, ISBN 90 387 0760 6. Promotor is prof.dr.mr. G. Knigge.

Noot voor de pers

Voor meer informatie: mr. D.V.A. Brouwer, telefoon: (070) 346 7472 (werk), e-mail:
(d.v.a.brouwer@ssrp.nl)

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie