Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Verslag Algemeen Overleg commissies over EK voetbal 2000

Datum nieuwsfeit: 29-12-1999
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten

26227000.024 vao europees kampioenschap voetbal in 2000 Gemaakt: 17-1-2000 tijd: 14:19 RTF

26227 Organisatie EK2000

Nr. 24 VERSLAG VAN EEN ALGEMEEN OVERLEG

Vastgesteld 29 december 1999

De vaste commissies voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties<1>, voor Justitie<2>, voor Verkeer en Waterstaat<3> en voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport<4> hebben op 15 december 1999 overleg gevoerd met minister Peper van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, minister Korthals van Justitie, minister Netelenbos van Verkeer en Waterstaat en staatssecretaris Vliegenthart van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over:

- de brief d.d. 11 oktober 1999 over Europees kampioenschap voetbal in 2000 (EK2000) (26227, nr. 16);

- de brief van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties d.d. 19 november 1999 inzake aanbieding COT-rapport;

- de brief van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties d.d. 8 december 1999 inzake EK2000 (26227, nr. 19).

Van dit overleg brengen de commissies bijgaand beknopt verslag uit.

Vragen en opmerkingen uit de commissies

De heer Middel (PvdA) zei dat zijn partij positief gestemd is, omdat uit de brief van de regering blijkt dat ernst wordt gemaakt met de voorbereiding van het EK2000. Hij was blij dat het een voetbalfestijn en geen staat van beleg wordt, dus zonder inzet van het leger. Er moet een balans worden bewaard tussen een groot voetbalfeest en een nog nooit eerder in Nederland georganiseerd megafestijn. Omdat hieraan risico's zijn verbonden, moeten preventieve maatregelen kunnen worden getroffen. Zo nodig moeten dat aanvullende maatregelen zijn. De rechtsstaat mag echter niet aan de kant worden geschoven, zelfs niet voor een paar weken.

De heer Middel was verheugd over enkele in de brief van de regering aangekondigde maatregelen, zoals het tijdelijk herinvoeren van grenscontroles, ofte wel de toepassing van het Verdrag van Schengen. Bij de stadionverboden koos hij voor een mengvorm: handhaving van het civielrechtelijk stadionverbod, met meldingsplicht, en voor de echte hooligans een strafrechtelijk stadionverbod. Hij had begrepen dat het OM bereid is op dit punt snel op te treden. Verder had hij begrepen dat tijdens het toernooi zo'n 4000 agenten beschikbaar zullen zijn. Hij hoopte dat de inzet van extra mensen, zoals gepensioneerden en stadswachten, soelaas zou bieden. In hoeverre is duidelijk dat de korpsbeheerders medewerking zullen verlenen? Zijn er voldoende stewards, al of niet uit het buitenland, beschikbaar?

De heer Middel juichte het alcoholverbod toe. Of dat verder moet gaan dan de stadions is een zaak van de burgemeesters. Hij drong aan op coördinatie tussen de speelsteden in Nederland en België. Hij toonde zich bezorgd over de oefeningen in rampenbestrijding, geneeskundige hulpverlening en het beteugelen van ordeverstoringen. Er moet ook kunnen worden opgetreden binnen de stadions en de centra van de speelsteden zelf. De heer Middel vond het voor de hand liggend dat, als burgemeesters vinden dat supportersgroepen moeten vertrekken, er een ontheffing wordt verleend door Schiphol en Eindhoven voor supportersvervoer buiten de normale uren. Op dat punt moet flexibel worden opgetreden, evenals op het punt van het gratis vervoeren van supporters met een ticket, wat ook in België zou moeten worden doorgevoerd.

De heer Middel meende dat de informatie-uitwisseling tussen Nederland en België als het gaat om de hulpverlening en de politiediensten nogal wat problemen te zien gaf, met name op uitvoerend niveau. Hij had begrepen dat de communicatiesystemen van België en Nederland niet op elkaar zijn afgestemd. Hoe gaat Nederland daarmee om? Worden afspraken gemaakt over alternatieve communicatiemiddelen, bijvoorbeeld GSM's, in de wetenschap dat die gemakkelijk kunnen worden afgeluisterd? Hoe zit het met de invoering van C-2000?

Over de informatiepositie van de politie merkte de heer Middel op dat die volgens de korpsbeheerders moet worden verbeterd. Hoewel hij de reactie van de minister daarop ondersteunde, vond hij dat de noodkreet van de korpsbeheerders serieus moet worden genomen. Anticiperen op groepsgeweld vereist een redelijk vermoeden van wie problemen zou kunnen gaan veroorzaken. Zijn fractie meende dat een wettelijke grondslag voor opsporingsbevoegdheden serieus moet worden overwogen als het gaat om het handhaven van de openbare orde. Wetstechnisch zijn tegen zo'n wetswijziging -- het runnen van informanten en het stelselmatig observeren van groepen mensen -- geen bezwaren in te brengen; politiek ligt dat wat gevoelig. Omdat sprake kan zijn van een cumulatie van ongewenste ontwikkelingen, moet worden overwogen of een aantal nu voor bestrijding van de zware criminaliteit beschikbare instrumenten kan worden ingezet bij de handhaving van de openbare orde. Hij stelde zware criminaliteit overigens niet op één lijn met het verstoren van de openbare orde. De heer Middel realiseerde zich heel goed dat zo'n wetswijziging precedentwerking heeft.

De heer Atsma (CDA) vond dat sprake moet zijn van een feestelijk en veilig EK2000. Na de loting kunnen de draaiboeken worden vervolmaakt. De eerstverantwoordelijke minister moet zich in de organisatie van het EK2000 als een coach opstellen, niet alleen van de organisatie, maar ook van de vrijwilligers en de burgemeesters van de speelsteden. Het mag niet voorkomen dat burgemeesters een wedstrijd verbieden; als dat noodzakelijk is, moet dat in overleg met de minister van BZK gebeuren.

De heer Atsma had begrepen dat de beschikbare huisvestingscapaciteit in de speelsteden onvoldoende is; verder staan eigenaren van beschikbare capaciteit niet te springen om voetbalsupporters onderdak te verlenen. Kan daarover in een volgend overleg wat meer informatie worden verstrekt? Als voorbeeld noemde hij de gemeente Valkenburg, waarvan het politiekorps 10% moet inleveren. Het leek hem verstandig daar kritisch naar te kijken. Hij was blij met de samen met NS gevonden oplossingen voor het supportersvervoer. Supporters moeten zo snel mogelijk na wedstrijden worden vervoerd naar hun land van herkomst, hetzij per trein, hetzij per vliegtuig. Standaard moeten vliegtuigen onmiddellijk vertrekken als supporters zich melden; daar moet men niet moeilijk over doen. Over de activiteiten die in de speelsteden zullen worden georganiseerd, vroeg de heer Atsma of het juist is dat de organisatoren oplopen tegen de knoet van de commercie. Een EK2000 zonder randactiviteiten is niet de bedoeling.

Het belang van een goede informatiepositie van de politie kan niet genoeg worden benadrukt; daarvoor dienen voldoende wettelijke waarborgen te worden gecreëerd. Hoe staat het met de uitwisseling van gegevens over hooligans tussen de verschillende deelnemende landen? Krijgen de supporters die zich tijdens het WK '98 hebben misdragen een internationaal stadionverbod? Geldt de overname van stadionverboden ook als deze door de nationale bonden en/of de clubs zijn opgelegd? De meldplicht, gekoppeld aan het strafrecht, moet een hoge prioriteit krijgen. De motie, die de heer Atsma hierover aankondigde zal inhouden dat de supporter die een stadionverbod heeft, zich op de dag van de wedstrijd moet melden bij de politie. Als aanvullende maatregel dacht hij dat bij niet-melding op het politiebureau betrokkene de volgende dag wordt opgehaald door de politie. Er moet zo snel mogelijk duidelijkheid komen over uitvoering van het Verdrag van Schengen. Hij hoopte dat op korte termijn grenscontroles kunnen worden ingevoerd. Het is goed dat extra aandacht zal worden besteed aan kaartcontrole bij de stadions. Welke capaciteit is benodigd voor de extra blauwe ringen rond de stadions? Er moet meer duidelijkheid komen over de bevoegdheden en de gezagspositie van de stewards. De heer Atsma toonde zich een groot voorstander van drooglegging van de gebieden rond de stadions. Tegelijkertijd herinnerde hij de minister aan diens toezegging van intensievere controle op drugsgebruik, iets wat hij miste in de stukken. Ten slotte vroeg hij of een landelijke campagne op touw kan worden gezet om beledigende spreekkoren in stadions tegen te gaan.

De heer Rijpstra (VVD) vond dat de brief van 8 december duidelijk aangeeft dat de regierol bij de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ligt. Er is meer zicht op de stand van zaken, en de betrokkenheid wordt vergroot. Nu de poule-indeling bekend is, kan gerichter naar het toernooi gewerkt worden. Hoewel hij de opluchting dat Duitsland en Engeland weinig in Nederland spelen deelde, constateerde hij dat Nederland de organisatie aankan, ook als Engeland en Duitsland in Nederland zouden spelen. Er komen overigens niet alleen supporters van de hier spelende landen naar Nederland, maar ook supporters die andere wedstrijden willen uitvechten.

Over de capaciteit van het openbaar ministerie en de rechterlijke macht vroeg de heer Rijpstra, of deze voldoende is om zeer snel in te spelen op mogelijke ordeverstoringen. Is er ook voldoende snelrechtcapaciteit? Ziet de minister mogelijkheden een strafrechtelijk stadionverbod met meldingsplicht in Nederland uit te voeren? Kan de minister iets zeggen over de uitspraak van de Europese Commissie dat het in bepaalde situaties gerechtvaardigd is dat een lidstaat een maatregel treft tegen een groep individuen, van wie het gedrag een bedreiging kan vormen, bijvoorbeeld ter voorkoming van geweld en vandalisme bij sportwedstrijden? Zijn fractie steunde de voorgestelde maatregelen om via gebruikmaking van het Verdrag van Schengen grenscontroles mogelijk te maken. De rapportage van het COT over de rellen in Rotterdam zijn zeer leerzaam en geven veel aanknopingspunten voor verbeteringen in het beleid. Het is goed dat oefeningen worden gehouden. Crisisbeheersing leer je, vond de heer Rijpstra, door het uitvoeren van simulatietrainingen. Hij was het eens met de minister dat burgemeesters in feite crisismanagers moeten zijn. Moeten trainingen die ingaan op de omgang met grote mensenmassa's geen deel uitmaken van de vergroting van de deskundigheid bij bestuurders? De heer Rijpstra wilde weten hoe het Nationaal coördinatiecentrum zich verhoudt tot de speelsteden. Kan de minister iets zeggen over gebrekkige informatie- en communicatietechnologievoorzieningen, die tot problemen zouden kunnen leiden bij het EK2000?

De heer Rijpstra vroeg of hij het juist zag dat de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksaangelegenheden het aanspreekpunt is en de eindverantwoordelijkheid draagt voor de bestuurlijke regie. Als dat zo is, is dat een goede zaak, omdat dan naar buiten toe met één mond wordt gesproken. De speelsteden hebben hun eigen verantwoordelijkheid, ook wat de openbare orde en veiligheid en de communicatie met de bevolking betreft. Maar het kan niet zo zijn dat een burgemeester besluit, een EK2000-wedstrijd te verbieden. Als er een verbod moet komen, dient de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties dat te doen. Hebben de speelsteden in hun regio een bepaalde taak jegens de andere gemeenten? De heer Rijpstra wachtte de berichtgeving over de politie af die de minister in januari naar de Kamer zal sturen. De supportersbegeleiding is de kern van een goed verloop van het EK2000. Worden de supportersfederaties en -clubs ingeschakeld in de speelsteden? Hoe ontwikkelt de supportersbegeleiding zich? Ten slotte vond de heer Rijpstra dat ruim voor de start van het EK2000 veel zaken goed geregeld zijn en worden. Er is helemaal geen sprake van paniekvoetbal. Maar niet vergeten mag worden dat het EK2000 het derde evenement ter wereld is, met 2,1 miljoen bezoekers en 7 miljard tv-kijkers. Nederland en België hebben geen ervaring met een dergelijke organisatie. Maar het vertrouwen is, zeker na de uitvoering van de moties en het uitvoerige schrijven van de ministeries, gestegen.

Mevrouw Ravestein (D66) citeerde de minister van BZK: "Voetbal is vrede" vond dat de brief van 8 december de indruk wekt dat toch wel heel veel energie wordt gestoken in het bewaren van de vrede. De bewindslieden zijn heel serieus en grondig bezig met de voorbereiding van dit evenement, in tegenstelling tot de vorige keer. De organisatie samen met België moet in goed nabuurschap plaatsvinden. Tegen die achtergrond vond zij het storend en getuigend van een hoog NIMBY-gehalte dat in Nederland een opgeluchte sfeer heerst over het feit dat de meest risicovolle wedstrijd in de eerste ronde in België wordt gespeeld. Bovendien moet Nederland zo nodig België assisteren. Als er in België rellen zijn, werpt dit een smet op het hele toernooi.

Communicatie, niet alleen als het gaat om de informatiepositie van de politie, maar ook als het gaat om publieksvoorlichting, is van groot belang. Daarom bevreemdde het mevrouw Ravestein dat in de heel lange brief van 8 december het woord "internet" niet voorkomt. Op de UEFA-website wordt duidelijk uitgelegd, hoe het zit met de kaartverkoop en de tenaamstellig van de kaarten. De sportieve kant voert echter de boventoon. Waarom wordt deze informatie niet in het Nederlands gegeven? Zij ging ervan uit dat de op te richten communicatie-eenheid dit ook in het Nederlands gaat uitdragen. Sowieso hoopte zij dat bij de publieksvoorlichting rekening wordt gehouden met de Turkse en Joegoslavische taal, i.v.m de vele in Nederland wonende Turken en Joegoslaven.

Mevrouw Ravestein toonde zich over het algemeen tevreden over de brief van de bewindslieden. Verdere uitbreiding van het wettelijk instrumentarium, buiten de nu nog in behandeling zijnde wetsvoorstellen, is niet gewenst. De door de Kamer aangenomen moties worden uitgevoerd, bij de planning van andere evenementen wordt rekening gehouden met het EK2000, er worden afspraken gemaakt met de regeringen van de deelnemende landen en er reizen stewards mee met de supporters. Er is dus alle reden, te constateren dat de vaart erin zit en dat heel veel mensen zich gaan inspannen om van EK2000 een succes te maken.

Over bladzijde 2 van de brief vroeg mevrouw Ravestein, of de tweede audit, die eind april zal zijn afgerond, niet te laat komt om de adviezen nog te implementeren. Op bladzijde 3 wordt gesproken over grote publiekschermen, waarop wedstrijden kunnen worden gevolgd. Deze zijn niet bedoeld voor buitenlandse supporters. Zij kon zich voorstellen dat het juist wél verstandig is om supporters zonder kaartje voor zo'n scherm te hebben. Hoe luiden de afspraken over herinvoering van de binnengrenscontroles volgens artikel 2, lid 2, van de Schengenuitvoeringsovereenkomst?

Mevrouw Ravestein dacht dat de totale hotelcapaciteit in de speelsteden een probleem zal worden. Zal de staatssecretaris nog pogingen ondernemen om die hoteliers die geen supporters willen opvangen, op andere gedachten te brengen? Kan iets meer worden gezegd over de Hollandpromotie? Hoe wordt die ingevuld? Hopelijk niet te traditioneel. Haar fractie was het eens met gratis openbaar vervoer, op vertoon van het ticket voor de wedstrijd. Gaan de Belgen dit ook doen? Wanneer zal de pilot rond Rotterdam met een dynamisch route-informatiesysteem plaatsvinden, waarom alleen bij Rotterdam en niet bij de andere speelsteden? Mevrouw Ravestein vond dat 11 juni en 24 juni risicodagen zijn, omdat dan binnen Nederland in twee steden tegelijk wordt gespeeld. Op 24juni zijn er vier wedstrijden op één avond, twee in België en twee in Nederland. Is de politie op deze piekdrukte berekend?

In de hele brief wordt geen aandacht besteed aan de kosten van de inspanningen. Kunnen de bewindslieden aangeven, om welke bedragen het gaat? Ten slotte sprak mevrouw Ravestein vertrouwen uit in de voorgestelde aanpak, en gaf zij aan dat haar fractie de bewindslieden kritisch blijft volgen met hetzelfde doel voor ogen: een in alle opzichten geslaagd toernooi en promotie van de Lage Landen. Desgevraagd meldde zij dat waar zij punten niet noemde, ervan uit mocht worden gegaan dat zij het eens was met de brief van de bewindslieden.

De heer Rosenmöller (GroenLinks) vond het terecht dat veiligheid en feestelijkheid de twee sleutelbegrippen in de brief van 8 december zijn. Hij had er geen enkele behoefte aan, de historische wortels van Nederland als democratisch, gastvrij en tolerant land op het spel te zetten voor het organiseren van het EK2000. Als dat wel gebeurt, zou dat toch een nederlaag zijn. Op grond van de brief van de bewindslieden constateerde hij dat Nederland niet die kant opgaat. Hij stemde in met de hoofdlijn van de bewindslieden, zoals neergelegd in de brief van 8 december. Ook hij sprak zijn verbazing uit over de opluchting bij verschillende partijen in Nederland na de loting.

De heer Rosenmöller vroeg of de verschillende deelnemende landen de begeleidingsmaatregelen aan de UEFA hebben doorgegeven. Gaat de Nederlandse regering over tot het instellen van grenscontroles, samen met de Belgen? Worden daartoe nog criteria geformuleerd? Hij ondersteunde de regering met betrekking tot het uitgangspunt van een civielrechtelijk stadionverbod, inclusief meldingsplicht. Is die weg uiteindelijk niet effectiever dan de strafrechtelijke weg? Heeft de politie tegen de achtergrond van het probleem dat op mogelijkerwijs op haar afkomt, op grond van artikel 2 van de Politiewet samen met de bevoegdheden die in de Wet BOP per 1 februari worden toegekend, voldoende instrumenten om het systematisch volgen van supporters mogelijk te maken? Is daarvoor dus geen aanvullende wetgeving nodig? Belangrijker is een goede coördinatie en afstemming, opdat de informatie beschikbaar is op de plaats waar zij beschikbaar moet zijn.

Het COT-rapport bracht de heer Rosenmöller tot de stelling dat in en rond de stadions het verkrijgen van alcohol zo moeilijk mogelijk moet worden gemaakt. Daarbij moet worden gestreefd naar uniformiteit tussen de verschillende speelsteden. Hij was het eens met de door het kabinet voorgestelde openbaarvervoersmaatregelen. Hij had de minister van Verkeer en Waterstaat zo begrepen dat de afwikkeling van de supporters voor en na de wedstrijden binnen de daaromtrent gestelde grenzen moet plaatsvinden. Hij vroeg of hij haar zo mocht verstaan dat mogelijkerwijs op Eindhoven een ontheffing moet worden gegeven, omdat daar 's avonds niet mag worden gevlogen. Voor Schiphol geldt een zodanige set aan regelgeving dat dat ruim voor het EK kan worden opgevangen. In de volgende brief zag hij vier punten graag terugkomen: Schengen, de politie-inzet, het alcohol- en drugsbeleid en de verblijfsvoorzieningen voor supporters.

Mevrouw Kant (SP) had de indruk dat Nederland zich voorbereidt op een oorlog, met over elkaar heenbuitelende fracties. Zij beschouwde de uitingen van die fracties enigszins als paniekvoetbal en wapengekletter. Afluisteren en infiltreren is alleen toegestaan bij verdenking van zware strafbare feiten, wat volgens mevrouw Kant zo moest blijven. Wel moet de voorbereiding op de best mogelijke manier plaatsvinden. De vraag of voldoende politie kan worden ingezet, had moeten worden gesteld voordat Nederland zich kandideerde voor het EK. Gaat zo'n evenement Nederland niet boven de pet? Moet een EK wel zo georganiseerd worden zoals nu gebeurt, waarbij in een korte periode de supporters van alle deelnemende landen naar een relatief klein gebied komen?

De politie-inzet bracht mevrouw Kant tot de uitspraak dat het uitgangspunt moet zijn dat de veiligheid elders in het land er niet onder mag leiden. Zij had moeite met de inzet van marechaussees en zeker met de inzet van agenten-in-opleiding en stadswachten. Worden de laatsten niet ingezet voor taken waarvoor zij niet zijn opgeleid? Zo neen, hoe kan worden voorkomen dat zij in noodsituaties worden belast met taken, waarvoor zij niet bevoegd en opgeleid zijn? Hoe zit het met de mogelijkheid, politieassistenten en supportersbegeleiding door politie vanuit de deelnemende landen te laten plaatsvinden?

Mevrouw Kant had bezwaar tegen de drie wetsvoorstellen die een aanscherping zijn van de mogelijkheden om op te treden bij ordeverstoringen, omdat zij de rechtsstaat aantasten en omdat mogelijk onschuldige derden daarvan de dupe worden. Zij was voorstander van een gerichte aanpak van relschoppers. Het mag niet zo zijn dat een hele groep de dupe wordt van het gedrag van enkelen. Zijn de plaatselijke APV's niet voldoende? Die lenen zich toch uitstekend voor een tijdelijke aanscherping? Mevrouw Kant vreesde dat het EK2000 wordt misbruikt om aanscherpingen versneld door te drukken. Voorkomen moet worden dat hooligans de stadions of ons land binnenkomen. Er moet zoveel mogelijk informatie-uitwisseling komen tussen de deelnemende landen, evenals kaartverkoop op naam en controle bij de ingangen van stadions. De aandacht moet worden geconcentreerd op de landen met de meest beruchte hooligans. Gaan de ministers er bij Engeland en Duitsland op aandringen, een uitreisverbod op te leggen aan supporters met een stadionverbod in die landen? Moet er niet voor worden gezorgd dat sommige supporters de boot missen? Is het niet mogelijk, bepaalde supporters de toegang tot het land te weigeren?

De heer Van den Berg (SGP) had geen enkele affiniteit met het EK2000. Liever had hij het buiten de landsgrenzen willen houden. Nu dat niet het geval is, zal Nederland zich zo goed mogelijk moeten prepareren op de gevolgen daarvan voor de openbare orde en veiligheid. De positieve uitlatingen over de loting getuigde volgens hem van ongegrond optimisme, of van grenzeloze naïviteit. Hij vond dat het "worst case scenario" voorlopig niet in de ijskast moet worden gezet. Er moet een eerste indicatie kunnen worden gegeven van de benodigde politiecapaciteit. Klopt het bericht in de pers dat de minister ongeveer 4000 agenten wil inzetten? Hebben de korpsen al aangegeven, hoeveel eenheden zij kunnen vrijmaken? Hij vond dat dit absoluut niet ten koste mag gaan van de veiligheid in Nederland, en ging ervan uit dat in de aangekondigde brief uitvoerig zal worden ingegaan op de inzet van vrijwilligers, gepensioneerden en stadswachten.

De heer Van den Berg constateerde over de doorberekening van de politiekosten dat het kabinet nog niet heeft gereageerd op het rapport van de commissie-Mans. Wanneer kan die reactie worden verwacht? Bij zeer grootschalige inzet voor bijzondere evenementen moet het mogelijk zijn, excessieve kosten te verhalen. Zal dat ook bij het EK kunnen gebeuren en zo ja, hoe? Zijn fractie was van mening dat men zich altijd moet voorbereiden op verstoringen van de openbare orde. De wetgeving hoeft dus niet te worden aangepast voor één evenement, laat staan dat daarvoor de grenzen van de rechtsstaat moeten worden opgerekt. Wel moet de vraag worden gesteld, of normale te voorziene omstandigheden voldoende kunnen worden onderschept. Behoeft het anticiperen op groepsgeweld via informanten en afluisteren geen wettelijke versterking?

Positief was de heer Van den Berg over het droogleggen van stadions en de nabije omgeving. Ook strenge controle op drugs moet zeker in de speelsteden worden toegepast. Juist die combinatie is buitengewoon gevaarlijk. Hij nam aan dat de bevoegdheden van de burgemeester om risicowedstrijden te verbieden volledig overeind blijft. Over het stadionverbod bestond bij de heer Van den Berg enige onzekerheid. De minister laat in het midden of de Wet openbaarheid van bestuur voor verstrekking van strafrechtelijke informatie aan alleen de KNVB een goede grondslag is. Welke lessen trekt de regering uit de uitspraak van de rechtbank van Zwolle van 6 mei 1999, waarin dat aspect aan de orde was? Op welk punt verloopt de verstrekking van strafrechtgegevens niet optimaal? Acht de regering het mogelijk en wenselijk dat op grond van de WOB claims worden gelegd op openbaarmaking van strafrechtelijke informatie die alleen aan de KNVB is verstrekt? Over de toepassing van het stadionverbod als zodanig merkte de heer Van den Berg op dat zijn fractie zich kan vinden in de keuze die de minister in de brief van 8 december maakt om in eerste instantie alleen een civielrechtelijke stadionverbod op te leggen, omdat dat effectiever kan zijn dan een strafrechtelijk stadionverbod. De heer Van den Berg vroeg of selectieve controle bij de ingangen van de stadions er niet toe leidt dat supporters met zwarte kaartjes, waarvan het risicoprofiel niet bekend is, toch toegang krijgen tot stadions? Is dat voldoende?

De heer Van den Berg was ontstemd over het plan om gratis openbaar vervoer te verstrekken aan supporters, toch niet bepaald armlastigen. Hij vond het onzinnig dat de Nederlandse belastingbetaler moet opdraaien voor OV-vervoer in de betrokken periode. Hij was ook niet geheel tevreden over het luchtvervoer. Overschrijding van geluidszones ligt vaak moeilijk, maar als het om supporters gaat, kan ineens alles. Hij vond dat bijzonder merkwaardig. Het normale regime moet worden aangehouden, en alleen in echte noodgevallen kan van ontheffing sprake zijn. Hij vond het goed dat er mobiel toezicht is bij de grens, wat ook past in Schengen. De regering mag vaker van dit middel gebruikmaken. Ten slotte vroeg hij om een kostenplaatje van het hele evenement.

Het antwoord van de bewindslieden

De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wees op de combinatie van een rustige uitstraling en hard werken. Hij kon zich vinden in de kwalificaties "feestelijk" en "veilig" voor het EK. Dit moet worden uitgedrukt in de communicatie. Daarbij moet vooral worden uitgedragen dat Nederland en België er blij mee zijn dat het EK in die landen kan worden georganiseerd. Hij onderstreepte openbareordeproblemen niet te onderschatten, maar ook daarmee moet rustig worden omgegaan. Het is echter wel een beslissende factor voor een goed verloop van het EK2000. De samenwerking tussen Nederland en België is uitstekend. Hij herinnerde zich niet, tevredenheid te hebben geuit over de loting. De minister pleitte voor "maat houden". Hij wees op de niet geringe wetsvoorstellen die er liggen, waarvan de regering vindt dat die noodzakelijk zijn. Die wetsvoorstellen worden niet speciaal voor het EK2000 ingediend. Daarmee heeft de organisatie belangrijke instrumenten tot haar beschikking die zij tot dan toe niet had. Onder voorbehoud van goedkeuring van beide Kamers, en onder vaststelling dat de wetsvoorstellen zijn getoetst aan regelgeving, Grondwet en EVRM, voelde de minister zich thuis bij diegenen die dat voldoende vinden. Nederland moet zich niet laten kennen door een buitengewoon stevige, bijzondere wetgeving voor het EK2000.

In antwoord op vragen over de stand van zaken merkte de minister op dat het kenmerk van een project is dat het, naarmate het toernooi dichterbij komt, preciezer en beter afgestemd wordt. Hij wees op de afspraak met de Kamer dat de voortgang vrij regelmatig zal worden besproken. De korpsbeheerders werken mee, maar de precisering, zoals van de benodigde capaciteit, gaat de komende tijd plaatsvinden. De Kamer zal daarvan op de hoogte worden gesteld. Er zijn voldoende stewards in de speelsteden, en er zullen er nog bijkomen. De regering is bezig met de voetbalbonden om zeer precies informatie te krijgen over het systeem van begeleiding van hun supporters. Er is al geoefend en daarmee wordt doorgegaan, in de breedte waarover de heer Rijpstra sprak. Die oefeningen zijn van belang, inclusief de verbindingen met het Nationaal coördinatiecentrum. De eerste complete non-virtuele oefening zal op 23 februari worden gehouden, tijdens de wedstrijd Nederland-Duitsland. Samen met de Belgen is het binationale centrum ontwikkeld. Ook de ambtelijke samenwerking is uitstekend. In dat opzicht is het een uitdaging om goed samen te werken en elkaar absoluut niet in de weg te zitten. Over de informatiepositie van de politie merkte de minister, bezien vanuit de invalshoek van de openbare orde, op dat het voor handen zijnde instrumentarium heel goed is. Ook daarmee is ervaring opgedaan, zonder dat dit tot interventies of infiltraties moet leiden.

De minister benadrukte dat de burgemeester van Eindhoven zich genuanceerd heeft uitgelaten. Zijn uitspraak hield in dat in het onverhoopte geval van een drama een wedstrijd met instemming van de minister van BZK zou moeten worden afgelast. In de bestuurlijke regiegroep, waar de burgemeesters van de speelsteden samen met het hele team van bewindslieden in een hogere frequentie gaan vergaderen, wordt alles uitgewisseld. Daaronder zit een structuur van ambtelijke samenwerking. In het EK-centrum worden bijdragen geleverd voor de totaliteit, stevig gecoördineerd door de projectdirecteur-generaal, die daarmee speciaal is belast.

De politie-inzet van 10% moet gezien worden als percentage van de nationale capaciteit. Mocht een bepaalde gemeente het moeilijk hebben, dan wordt die gemeente geholpen. Natuurlijk is de organisatie in overleg met de speelsteden over de randactiviteiten. Er is met betrekking tot de kaartcontrole geen zicht op het aantal politieagenten. In dit verband noemde de minister de perimeter. De organisatie is niet van plan de stewards in formele zin van een bijzondere gezagspositie te voorzien. De stewards krijgen een opleiding, waarbij de politie is betrokken. De conclusie in het COT-rapport dat de gezagspositie van de stewards buitengewoon wankel is, deelde de minister niet. Hij had vooralsnog niet gedacht aan een landelijke actie ter beteugeling van spreekkoren, omdat er al zoveel wordt georganiseerd. Verder wordt de hoorbaarheid van de spreekkoren zeer verkleind door de gebrekkige talenkennis bij betrokkenen. Het openbareordeprobleem is een probleem voor heel Nederland. Mensen zullen op een gezellige manier worden gevolgd en er zal gastvrij worden opgetreden. Daarom moet de uitvoering goed georganiseerd en tegelijkertijd flexibel zijn. Over de crisisbeheersing merkte de minister op dat daarvoor voldoende aandacht bestaat. Hij moest er niet aan denken dat een burgemeester een wedstrijd kan verbieden. Immers, als dat het geval is, is er iets ernstigs aan de hand. De burgemeesters in de speelsteden zijn met hun collega's in de regio bezig om in dat verband te kijken naar de werk- en taakverdeling. Het ministerie van BZK heeft een eigen internetsite. In aantocht is een website van het EK-centrum. Hij vond het niet te laat dat de tweede audit eind april uitkomt, omdat de tweede audit verbeteringen inhoudt ten opzichte van de eerste audit. De passage over de tv-schermen moet zo worden opgevat dat de organisatie daarmee niet veel reclame wil maken. De politie is vanzelfsprekend op piekdrukte voorbereid. Wat die piekdrukte is, is afhankelijk van het wedstrijdverloop. Uiteraard is geprobeerd het aantal politiemensen in de voorstellen te vergroten om als een soort harmonica meer mensen beschikbaar te hebben dan de aantallen waarover wordt gesproken. Inderdaad vormen de vier wedstrijden op 21 juni een grote belasting, maar de politie is daarop voorbereid.

De minister benadrukte dat er nog exacte informatie volgt over de financiën. Het is duidelijk dat de bijzondere inspanningen die moeten worden gepleegd, een extra financiële claim leggen. De betrokken kabinetsleden zijn in gesprek met de minister van Financiën, wat op niet al te lange termijn tot een vruchtbaar resultaat zal leiden. De vraag over de begeleidingsmaatregelen van de UEFA zal schriftelijk worden beantwoord. De inzet van de bonden en de invloed van de verschillende nationale overheden op het goed verlopen van het toernooi zijn erg groot. Een van de meest opvallende zaken vond de minister dat de Europese samenwerking in dit verband zeer stevig is. Bestuurlijke informatie-uitwisseling is zeer essentieel. Vaak is miscommunicatie, gebrekkige communicatiemiddelen of gebrekkige communicatie tussen bestuurders de reden, waarom dingen niet goed gaan.

Het alcoholbeleid kan niet vanuit Den Haag worden voorgeschreven. Daarbij is heel veel gevoel voor de denktrant die ook in de Kamer is verwoord om in en om het stadion met wat maatwerk alcoholgebruik te ontmoedigen. Dit kan ook in het voorlichtingsbeleid tot uiting komen. De minister stelde zich daarbij veel voor van het overleg met de burgemeesters. Engeland heeft de wetgeving op het gebied van hooligans verscherpt. De minister achtte het daarom heel goed mogelijk, de hooligans in Engeland te houden. Hij zegde toe dit met zijn Britse ambtgenoot te zullen bespreken. De organisatie blijft alert op de openbare orde. Qua politie-inzet gaat het om de vraag, of de genoemde aantallen voldoende zijn. Voorkomen moet worden dat pseudo-zekerheden worden gecreëerd. De minister had nog geen standpunt over de doorberekening van politiekosten. In 2000 zal de Kamer worden geïnformeerd. Informatie-uitwisseling tussen de Belgische en Nederlandse politie vindt plaats. C-2000 zal pas in 2005 aan de orde komen. Wel zal voor communicatie worden gezorgd.

De minister van Justitie constateerde dat de regering consequent bezig is zich voor te bereiden op het EK2000 en de Kamer daarvan op de hoogte te stellen. Hij onderstreepte dat het krachtens artikel 14c van het Wetboek van Strafrecht mogelijk is, een bijzondere voorwaarde op te leggen. Als die voorwaarde niet wordt nagekomen, kan de voorwaardelijke straf ten uitvoer worden gelegd. Als die bijzondere voorwaarde is dat je je meldt, leidt niet-opvolging daarvan tot gevangenisstraf. In het verleden is daarvan weinig gebruik gemaakt, omdat een strafproces in het algemeen vrij lang duurt en omdat is gebleken dat de civiele stadionverboden zeer effectief zijn, temeer daar de mogelijkheid krachtens de Wet op de openbaarheid van bestuur is om informatie door te spelen aan de KNVB, die harerzijds informatie kan geven aan de clubs. Alleen Engeland, Nederland en Spanje kennen civiele en strafrechtelijke stadionverboden. Frankrijk kent alleen het strafrechtelijke stadionverbod. Over het jaar 1998 is Frankrijk niet in staat geweest, gegevens te leveren over de oplegging van het strafrechtelijk stadionverbod. In Nederland zijn 792 civielrechtelijke stadionverboden opgelegd en 8 strafrechtelijke stadionverboden. De minister benadrukte dat wanneer hooligans een straf opgelegd hebben gekregen, dat een reden kan zijn voor hun thuisland om hen een uitreisvisum te weigeren.

De minister zei in reactie op de motie die de heer Atsma heeft aangekondigd dat er hard aan wordt gewerkt om het snelrecht van toepassing te laten zijn. De mogelijkheid om een strafrechtelijk stadionverbod te eisen is daarmee aanwezig. Hij meende dat men in het algemeen tevreden is over de civielrechtelijke stadionverboden. Bovendien zal meer dan is gebeurd gebruik worden gemaakt van het strafrechtelijk stadionverbod, althans in de eis van de officier van justitie. Het is de rechter die het vervolgens moet opleggen. Als bekend is dat bepaalde mensen een stadionverbod krijgen, kunnen zij omdat de tickets op naam worden verstrekt langs civielrechtelijke weg veel makkelijker worden gecontroleerd dan anders.

Over artikel 2, lid 2 van het akkoord van Schengen zei de minister dat met de Belgische collega's daarover is gesproken, waarbij tot de conclusie is gekomen dat de raadpleegprocedure moet worden gevolgd. De mogelijkheid om de grenzen gedeeltelijk te sluiten, moet worden opengehouden. De collega's in de deelnemende landen zullen daarover in de eerstkomende JBZ-raad worden geïnformeerd. De minister hoopte overigens dat het gedeeltelijk sluiten van de grenzen niet nodig zal zijn. De Kamer zal nog worden ingelicht over de criteria die daarbij zullen worden gehanteerd en over de logistieke voorbereidingen daarvoor.

De minister verwees voor vragen over informatie-inwinning naar de brief van 5 oktober, waarin staat dat de basis daarvoor artikel 2 van de Politiewet kan zijn. Dat betekent dat men informanten kan inzetten en dat men kan observeren. Hij onderstreepte dat de politie de verschillende websites in de gaten zal houden. De politie moet de mogelijkheden benutten, waartoe een handleiding is opgesteld, die in januari in gereed wordt gebracht, waarna de politie daarmee zal gaan werken. De minister gaf aan dat de regering niet verder wil gaan, omdat in de Wet BOB staat dat bijzondere opsporingsmethoden kunnen worden gebruikt wanneer er strafbare feiten worden begaan, waarvoor voorlopige hechtenis is toegestaan. De Wet BOB ziet op een rechterlijke toetsing, een toetsing door en beslissingen bij het openbaar ministerie en beperking van de bevoegdheden tot misdrijven waarvoor voorlopige hechtenis is toegestaan. Volgens de minister gaf dit voor de burger waarborgen dat inzet van bijzondere opsporingsmethoden niet zomaar gebeurt. Niet vergeten mag worden dat Nederland een rechtsstaat is. Zodra daarvoor geen directe aanleiding is, zal niet verder worden gegaan op het gebied van wetgeving. De minister gaf aan dat uit gesprekken is gebleken dat het veld geen behoefte heeft aan methoden als aftappen en infiltratie. Wel wil men helderheid over de methode van observatie en de inzet van informanten. Daarover verschijnt een handleiding, die desgewenst ook aan de Kamer zal worden toegezonden. De methoden zijn gebaseerd op artikel 2 van de Politiewet. De minister benadrukte dat ook burgemeester d'Hondt aandacht vroeg voor de door hem genoemde methode. Inzet van informanten is op grond van artikel 2 van de Politiewet mogelijk, tenzij de inzet van de informant is om stelselmatig informatie over een persoon te verkrijgen. Dat kan alleen bij verdenking van een misdrijf waarop acht jaar of meer staat. Volgens de minister zou dit niet snel een rol spelen bij de openbare orde. Hij vond dat de beschikbare middelen voldoende lijken te zijn. Als bepaalde figuren of groepen bezig zijn om georganiseerd te werken aan strafbare feiten, gelden de mogelijkheden van de Wet bijzondere opsporingsmethoden politie. Er moet voldoende informatie zijn, die langs bepaalde wegen tot de politie moet komen. De minister dacht daarbij aan observatie of informatie. Daar waar het gaat om zeer ingrijpende bevoegdheden voor de politie kiest het kabinet ervoor, eerst te bekijken of de bestaande bevoegdheden effectief zijn. Wellicht is dat in Rotterdam niet in voldoende mate gebeurd. Daarom zal een handleiding worden opgesteld. Het leek de minister zeer nuttig, naar aanleiding daarvan nog een overleg te voeren. Een wetsvoorstel met zulke ingrijpende bevoegdheden, dat zeer controversieel ligt, zal niet voor de EK2000 in het Staatsblad kunnen komen.

Over de capaciteit van het openbaar ministerie merkte de minister op dat in iedere speelstad één extra officier van justitie beschikbaar zal worden gesteld, desnoods aangevuld met anderen, en 20 man ondersteunend personeel. Het gaat dus om ten minste 80 man extra voor de vier speelsteden. Bovendien wordt zonodig een beroep gedaan op de andere parketten om mensen beschikbaar te stellen. Er zijn afspraken gemaakte met de zittende magistratuur. Zij zullen in voldoende mate beschikbaar zijn.

De minister zei dat het de bedoeling is dat het bestaande Nederlandse drugsbeleid met name in de periode van het EK2000 extra streng zal worden gehandhaafd. Er zal zeer duidelijk repressief worden opgetreden, met name tegen XTC. De minister onderstreepte dat het beleid ten aanzien van drugs voornamelijk een lokale aangelegenheid is. De burgemeesters weten dat zij maatregelen zullen moeten treffen. Het eventueel sluiten van coffeeshops wordt aan de driehoek overgelaten.

De staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport merkte over de verblijfsvoorzieningen op dat het een punt van zorg blijft of tijdens het EK2000 voldoende overnachtingsmogelijkheden van een redelijk prijsniveau kunnen worden geboden. Een inventarisatie wijst uit dat voor heel Nederland geen enkel probleem bestaat, maar het is nog de vraag of in de speelsteden en de directe omgeving voldoende accommodaties beschikbaar zijn. Met de vier burgemeesters van de speelsteden is daarover gesproken. Na de loting kan veel concreter invulling worden gegeven aan de plannen die gemaakt moeten worden. Door de verschillende bonden zal informatie worden gegeven over het te verwachten reisgedrag van de supporters. Daarbij zullen ook de ervaringsgegevens uit de vorige toernooien worden gebruikt. Op basis daarvan zullen per speelstad de concrete plannen worden opgesteld, waarvoor een werkgroep in het leven is geroepen. De staatssecretaris meldde dat het NBT sinds 14 december een website heeft geopend, waar onder andere gegevens over hotelaccommodaties kunnen worden geraadpleegd. De aarzeling bij een aantal hoteleigenaren om supporters onderdak te verlenen, vond zij wel enigszins te verklaren. Naarmate duidelijker wordt dat Nederland en België de zaken goed georganiseerd hebben, kan een beroep worden gedaan op nu nog weifelende hoteleigenaren om de vele supporters gastvrij op te vangen.

Over de stewards merkte de staatssecretaris op dat stichting Euro2000 en de KNVB in de stadions een norm van 1 op 75 aanhouden. De eventuele buitenlandse stewards komen daar nog bovenop. Per wedstrijd in Rotterdam en Amsterdam zullen er 500 Nederlandse stewards aanwezig zijn, en in Eindhoven en Arnhem 400. Die stewards zijn beschikbaar en opgeleid. De UEFA heeft de aangesloten bonden schriftelijk verzocht, informatie te verstrekken over de wijze, waarop de begeleiding vanuit de verschillende landen zal plaatsvinden. Op 10 december zouden de bonden daarop geantwoord moeten hebben, maar pas drie bonden hebben gereageerd. De andere landen hebben een rappel ontvangen. Er wordt gewerkt aan een document dat het beleid op dat terrein en de activiteiten die moeten worden opgezet, beschrijft. Op 14 december is een conceptbeleidskader supportersbegeleiding ontvangen. Het is de bedoeling dat dat in januari in het binationale overleg zal worden besproken, waarna met de vertegenwoordigers van de deelnemende landen zal worden gesproken over de wijze, waarop een en ander kan worden ingevuld. De staatssecretaris stelde voor de Kamer daarover nader te informeren.

Over de financiering van de evenementen in relatie tot de ISL-perikelen gaf de staatssecretaris aan dat Rotterdam een contract heeft gesloten. De informatie over de Rotterdamse overeenkomst is naar de andere speelsteden gegaan, zodat deze kunnen kijken, welke voordelen zij daaruit kunnen putten. Arnhem schijnt bijna afgerond te zijn, Eindhoven overlegt nog en verwacht eruit te komen en in Amsterdam ligt het ingewikkeldst. Amsterdam gaat ervan uit dat, als er niet met ISL wordt uitgekomen, er voldoende lokale sponsors zijn om activiteiten te organiseren. Iedereen is namelijk overtuigd van nut en noodzaak van een goed evenementenprogramma.

Ten slotte benadrukte de staatssecretaris, het initiatief van de heer Atsma over spreekkoren op tribunes sympathiek te vinden. Zij zegde toe het voorstel van de heer Atsma mee te nemen naar het overleg met de stichting Sport, tolerantie en fairplay om te zien hoe samen met de KNVB, de supportersgroepen, de clubs en de spelers tot een voorstel kan worden gekomen. Dit voorstel zou niet alleen voor het EK2000 moeten gelden.

De minister van Verkeer en Waterstaat zei dat het geringe aantal opmerkingen over verkeer en vervoer haar sterkte in de gedachte dat op dat punt de zaken goed zijn uitgewerkt. Er is aparte bewegwijzering ontwikkeld, waarop het logo van het EK2000 is aangegeven. Daarnaast wordt dynamische routeontwikkeling ontworpen. In januari wordt begonnen met een proef, waarvan de resultaten in april gereed zullen zijn. Tijdens de EK2000 zal daarvan gebruik worden gemaakt. Gehoopt wordt dat een en ander zo goed bevalt dat daarna bij grote evenementen altijd zo kan worden gehandeld.

De minister was het niet eens met de heer Van den Berg, die tegen gratis openbaar vervoer was. Zij vond gratis openbaar vervoer een fantastische manier om Nederland te promoten. Na overleg met de betrokken burgemeesters zijn streekvervoer en NS benaderd, wat resulteerde in de afspraak dat met het entreebewijs voor het stadion op de dag van de wedstrijd gratis van het openbaar vervoer gebruik kan worden gemaakt. Met deze maatregel wordt tevens een aantal logistieke maatregelen voorkomen. België praat nog over de vraag of zij dit op dezelfde manier zullen aanpakken. Op het gebied van het vliegverkeer vond de minister dat niet te flexibel mag worden opgetreden, gelet op de wet- en regelgeving die op dit terrein bestaat. Bij het komen naar Nederland zal gebruik moeten worden gemaakt van de beschikbare slots en charters. Nu de loting bekend is, kan er het een en ander worden geregeld. Schiphol moet de vliegbewegingen verband houdend met het EK2000 kunnen inpassen. Wanneer de supporters onverhoopt terugmoeten omdat er ordeproblemen zouden kunnen ontstaan, zal handelend moeten worden opgetreden. Zij vond het beeld alsof de supporters zo snel mogelijk het land uit moeten worden gewerkt, niet juist. Zestienhoven heeft geen nachtregime. Maar voor Eindhoven en Schiphol geldt dat niet. Als sprake is van vraagstukken van openbare orde, kan de burgemeester een beroep doen op capaciteit, die dan wordt verleend. Dit geldt alleen voor het vertrek uit Nederland en niet voor het binnenvliegen. Hiervoor geldt namelijk een hoger belang dan het belang van het handhaven van de normen rond de luchthaven.

Nadere gedachtewisseling

De heer Rijpstra (VVD) vond het belangrijk dat de regie duidelijk ligt bij de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, die een perfecte samenwerking nastreeft met de burgemeesters van de vier speelsteden. In feite is het EK2000 echter bovenstedelijk. Hij ging ervan uit dat aspecten die verband houden met de omgang met de massa in de komende maanden onder de aandacht van de verantwoordelijken worden gebracht en eventueel in oefeningen worden meegenomen. Uit de antwoorden op de schriftelijke vragen bleek volgens de heer Rijpstra dat er voldoende mogelijkheden zijn om uitreisverboden op te leggen aan Britse en Duitse hooligans. Hij was daarin gerustgesteld. Ten slotte benadrukte hij dat de kern van de organisatie van het EK2000 de aandacht blijft die aan de bezoekers zal worden besteed.

Mevrouw Ravestein (D66) had begrepen dat, als de besprekingen met Financiën goed aflopen, uitbreiding van de capaciteit van de politie kan worden verwacht.

De heer Middel (PvdA) vond dat controle op de naleving van een civielrechtelijk stadionverbod problematisch is. Verder vindt de toekenning van zo'n verbod soms op dubieuze gronden plaats. Wat is de capaciteit van het OM en de rechters om een en ander bij het EK2000 effectief te laten zijn? Voor het drugs- en alcoholbeleid geldt dat tussen de vier speelsteden uniformiteit moet bestaan. Hoewel dat niet kan worden opgelegd, is het wenselijk om heel ver te gaan. Levert de vereiste aanpassing van de stadions nog problemen op met vluchtwegen en andere zaken? Hij benadrukte dat hij niet meer, maar ook niet minder had voorgesteld dan een versteviging van de positie van de informanten, door die te gaan runnen, wat iets anders is dan infiltreren. Verder stelde hij voor het stelselmatig volgen en observeren van individuen en groepen mogelijk te maken. Met dit soort voorstellen wordt de rechtsstaat absoluut niet ter discussie gesteld.

De heer Atsma (CDA) vond het buitengewoon zorgelijk dat de informatiepositie van hooligans soms beter is dan die van de politie. De positie van stewards vond hij een punt van aandacht. Hij sloot zich aan bij de positieve woorden van minister Peper over de Britse aanpak. De meldingsplicht in Engeland werkt erg goed. De heer Atsma ging ervan uit nog te worden geïnformeerd over de perikelen rond ISL en de accommodatieproblematiek. Hij was buitengewoon blij met de positieve woorden van de staatssecretaris over zijn voorstel inzake een verbod op beledigende spreekkoren.

De heer Rosenmöller (GroenLinks) vroeg of de Kamer in januari nader schriftelijk zal worden geïnformeerd over de criteria met betrekking tot toepassing van artikel 2 van het akkoord van Schengen, over de precieze ontwikkelingen met betrekking tot de politie-inzet, over de vraag of een meer uniform alcohol- en drugsbeleid kan worden gevoerd en over de ontwikkelingen met betrekking tot de vraag hoe het zit met de verblijfsvoorzieningen. Hij vond het verstandig, met betrekking tot stadionverboden de weg te volgen die de minister van Justitie heeft aangegeven. Hij dacht dat de uiteindelijke conclusie over eventuele additionele instrumenten zou zijn dat die niet nodig zijn. Het gaat meer om het afstemmen van informatie en het bestuurlijk goed organiseren. Nieuwe wetgeving vond hij daarom niet nodig.

Mevrouw Kant (SP) had geconcludeerd dat de ministers niet zijn ingegaan op de roep om extra maatregelen. De huidige wetgeving is voldoende. Zij had nog geen antwoord gekregen op haar vraag over stadswachten.

De heer Van den Berg (SGP) wees op zijn vraag over de gevolgen van de uitspraak van de Zwolse rechtbank, waarop geen antwoord was gegeven. Hij was zeer verbaasd over het antwoord van minister Netelenbos op zijn vraag over het gratis openbaar vervoer. Eerst was het vergroten van de veiligheid de argumentatie; later werd het plotseling over de boeg van Nederlandpromotie gegooid.

De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties meende dat de audit van het COT inzicht zal geven in de kwaliteit van de voorbereiding, ook als het gaat om de preparatie op bewegingen van grote groepen. De politie is een prominent onderdeel van het pakket dat ter bespreking voorligt. Hij had de opmerkingen over de coördinatie van drugs- en alcohol goed begrepen: daarbij is maatwerk nodig. Hieraan zal veel aandacht worden besteed in de bestuurlijke regiegroep. De stadions zijn getest op de veiligheid; tijdens oefeningen zal worden bekeken hoe een en ander in de praktijk functioneert. De stadions hebben in beginsel de UEFA-kwalificatie "geschikt" gekregen. De door de heer Rosenmöller gevraagde informatie zal in de loop van januari-begin februari aan de orde komen. Stadswachten worden indirect ingezet. Door hun inzet worden mensen vrijgehouden die gewend zijn, om te gaan met vraagstukken van openbare orde. De minister benadrukte zeer te hebben aangedrongen op gratis openbaar vervoer tijdens het EK2000, met name met het oog op de openbare orde. Alle logistieke proppen die kunnen worden vermeden, zijn meegenomen.

De minister van Justitie zei dat zoveel mogelijk zal worden geprobeerd een strafrechtelijk stadionverbod op te leggen. Dat is mogelijk omdat erg veel gebruik zal worden gemaakt van de snelrechtprocedure, aangezien er voldoende officieren van justitie en ondersteunend personeel aanwezig zijn.

De minister was het eens met de heer Rosenmöller dat het belangrijk is beter af te stemmen en te coördineren en de informatie over en weer aan elkaar uit te wisselen. Aangegeven is welke structuur daarvoor is gekozen. De bevoegdheden die de politie heeft, zijn niet volledig "uitgenut". Vandaar de handleiding die in januari verschijnt. Er zal wel degelijk gebruik worden gemaakt van informanten. In de handleiding zal worden aangegeven hoe hun positie kan worden verstevigd. Dit alles gebeurt op basis van artikel 2 Politiewet. Bij het stelselmatig volgen ligt een probleem. Niet voor niets heeft de Kamer gezegd dat dat zeer ernstige opsporingsmethodes zijn. Het probleem ontstaat, wanneer iemand nog geen delict heeft begaan. Dan kan het worden gezocht in de voorbereidingshandelingen, maar dan moeten er wel voldoende aanwijzingen zijn dat iets wordt misdaan waarop minimaal acht jaar staat. De minister vond dat niet moet worden overdreven.

De minister van Verkeer en Waterstaat benadrukte dat gratis openbaar vervoer belangrijk is vanuit het gezichtspunt van handhaving van de openbare orde. Verder is het aspect van veiligheid op de weg belangrijk. Ten slotte hebben de burgemeesters van de speelsteden daarop aangedrongen. Ook het promoten van Nederland speelt een rol.

De voorzitter van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

De Cloe

De voorzitter van de vaste commissie voor Justitie,

Van Heemst

De voorzitter van de vaste commissie voor Verkeer en Waterstaat,

Blaauw

De voorzitter van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Essers

De griffier van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Coenen

1 Samenstelling:

Leden: Schutte (GPV), Te Veldhuis (VVD), ondervoorzitter, De Cloe (PvdA), voorzitter, Van den Berg (SGP), Van de Camp (CDA), Scheltema-de Nie (D66), Van der Hoeven (CDA), Van Heemst (PvdA), Noorman-den Uyl (PvdA), Oedayraj Singh Varma (GroenLinks), Dankers (CDA), Hoekema (D66), Rijpstra (VVD), Cornielje (VVD), O.P.G. Vos (VVD), Rehwinkel (PvdA), Luchtenveld (VVD), Wagenaar (PvdA), Rietkerk (CDA), De Boer (PvdA), Duijkers (PvdA), Verburg (CDA), Halsema (GroenLinks), Kant (SP), Balemans (VVD)

Plv. leden: Rouvoet (RPF), Van Beek (VVD), Zijlstra (PvdA), Ravestein (D66), Van Wijmen (CDA), Augusteijn-Esser (D66), Balkenende (CDA), Barth (PvdA), Gortzak (PvdA), Rabbae (GroenLinks), Wijn (CDA), Dittrich (D66), Cherribi (VVD), Nicolaï (VVD), Van den Doel (VVD), Van Oven (PvdA), Brood (VVD), Apostolou (PvdA), Eurlings (CDA), Kuijper (PvdA), Belinfante (PvdA), Mosterd (CDA), Van Gent (GroenLinks), Poppe (SP), Essers (VVD)

2 Samenstelling:

Leden: Van de Camp (CDA), Biesheuvel (CDA), Swildens-Rozendaal (PvdA), Kalsbeek (PvdA), Scheltema-de Nie (D66), Zijlstra (PvdA), Apostolou (PvdA), Middel (PvdA), Van Heemst (PvdA), voorzitter, Dittrich (D66), ondervoorzitter, Rabbae (GroenLinks), Rouvoet (RPF), Van Oven (PvdA), O.P.G. Vos (VVD), Van Wijmen (CDA), Patijn (VVD), De Wit (SP), Ross-van Dorp (CDA), Niederer (VVD), Nicolaï (VVD), Halsema (GroenLinks), Weekers (VVD), Van der Staaij (SGP), Wijn (CDA), Brood (VVD)

Plv. leden: Balkenende (CDA), Verhagen (CDA), Wagenaar (PvdA), Arib (PvdA), Van Vliet (D66), Duijkers (PvdA), Kuijper (PvdA), Albayrak (PvdA), Barth (PvdA), Hoekema (D66), Karimi (GroenLinks), Schutte (GPV), Santi (PvdA), Van den Doel (VVD), Rietkerk (CDA), Rijpstra (VVD), Marijnissen (SP), Buijs (CDA), Van Baalen (VVD), Van Blerck-Woerdman (VVD), Oedayraj Singh Varma (GroenLinks), De Vries (VVD), Van Walsem (D66), Eurlings (CDA), Kamp (VVD)

3 Samenstelling:

Leden: Blaauw (VVD), voorzitter, Van den Berg (SGP), Reitsma (CDA), Biesheuvel (CDA), Rosenmöller (GroenLinks), Van Gijzel (PvdA), Valk (PvdA), Leers (CDA), ondervoorzitter, Van Heemst (PvdA), Feenstra (PvdA), Verbugt (VVD), Giskes (D66), Stellingwerf (RPF), Van Zuijlen (PvdA), Klein Molekamp (VVD), Hofstra (VVD), Van Bommel (SP), Van der Knaap (CDA), Ravestein (D66), Van der Steenhoven (GroenLinks), Niederer (VVD), Nicolaï (VVD), Eurlings (CDA), Herrebrugh (PvdA), Hindriks (PvdA)

Plv. leden: Te Veldhuis (VVD), Bakker (D66), Th.A.M. Meijer (CDA), Stroeken (CDA), Van Gent (GroenLinks), Crone (PvdA), Waalkens (PvdA), Atsma (CDA), Witteveen-Hevinga (PvdA), Duivesteijn (PvdA), Voûte-Droste (VVD), Augusteijn-Esser (D66), Schutte (GPV), Spoelman (PvdA), Geluk (VVD), Luchtenveld (VVD), Poppe (SP), Buijs (CDA), Van Walsem (D66), Vendrik (GroenLinks), Weekers (VVD), Balemans (VVD), Dankers (CDA), Dijksma (PvdA), Bos (PvdA)

4 Samenstelling:

Leden: Van der Vlies (SGP), Swildens-Rozendaal (PvdA), ondervoorzitter, Bijleveld-Schouten (CDA), Middel (PvdA), Essers (VVD), voorzitter, Oedayraj Singh Varma (GroenLinks), Dankers (CDA), Oudkerk (PvdA), Lambrechts (D66), Rijpstra (VVD), Rouvoet (RPF), Van Vliet (D66), Van Blerck-Woerdman (VVD), Passtoors (VVD), Eisses-Timmerman (CDA), Arib (PvdA), Gortzak (PvdA), Hermann (GroenLinks), Buijs (CDA), Atsma (CDA), Spoelman (PvdA), Kant (SP), E. Meijer (VVD), Van der Hoek (PvdA), Blok (VVD)

Plv. leden: Van 't Riet (D66), Rehwinkel (PvdA), Eurlings (CDA), Apostolou (PvdA), Örgü (VVD), Van Gent (GroenLinks), Van de Camp (CDA), Noorman-den Uyl (PvdA), Ravestein (D66), Weekers (VVD), Schutte (GPV), Schimmel (D66), Terpstra (VVD), Udo (VVD), Visser-van Doorn (CDA), Duijkers (PvdA), Belinfante (PvdA), Harrewijn (GroenLinks), Ross-van Dorp (CDA), Th.A.M. Meijer (CDA), Smits (PvdA), Marijnissen (SP), O.P.G. Vos (VVD), Hamer (PvdA), Cherribi (VVD)

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie