Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Groene bedenkingen aan de vooravond van het 78ste autosalon

Datum nieuwsfeit: 11-01-2000
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten

P E R S M E D E D E L I N G
Brussel, 11 januari 2000. De auto in de XXIste eeuw

Groene bedenkingen aan de vooravond van het 78ste autosalon

De Groenen gaan uit van een complementariteit van vervoerswijzen. Waarin de privé-auto voorlopig een belangrijke rol zal blijven spelen. Maar naar aanleiding van het 78ste autosalon op de Heizel aan het begin van een nieuwe auto-eeuw is het minstens nodig enkele kritische vragen te stellen. Ook de autoconstructeurs en Febiac zelf stellen zich vragen. En terecht.

Het aantal verkeersdoden is opnieuw toegenomen, daar waar er tot 1995 een constante daling was van verkeersdoden en -slachtoffers.

Voor 1999 meldt Febiac een recordaantal van 498621 inschrijvingen van nieuwe wagens, een stijging van 8,3 % ten opzichte van 1998. De files worden dus ook langer. En dan is er het gezondheidsaspect. Meer en meer wetenschappelijke studies leggen het verband tussen luchtvervuiling en "oversterfte" door long- hart- en vaataandoeningen. Er is de toename van astma en infectieziekten (denk aan de recente golf van bronchiolitis bij kleine kinderen). De auto is één van de grootste vervuilers van de lucht op leefniveau. Vooral de uitstoot van kleine roetdeeltjes door dieselwagens blijkt de boosdoener. En dat terwijl in België 42% van de personenwagens op diesel rijden (het meest van heel Europa, na Oostenrijk). Volgens de WereldGezondheidsOrganisatie zouden er jaarlijks zo'n 80.000 mensen sterven in Europa tengevolge van de vervuiling door uitlaatgassen, dit is een stuk meer dan het aantal mensen dat sterft door verkeersongelukken.

Vandaar enkele nieuwe en minder nieuwe denkpistes rond de auto in de komende eeuw :

Actieplan voor de auto in een duurzame samenleving


1. Privaat-publieke samenwerking (PPS) voor de uitbouw van meer collectief vervoer : van trein-, tram en buslijnen

Het is in het belang van de auto(industrie) zelf dat er minder privé met de wagen gereden wordt en dat bijkomend verkeer en vervoer wordt opgevangen via openbaar vervoer, andere vervoersmodi zoals binnenwater en spoor, en andere manieren van omgaan met autobezit of
-gebruik. Toch wordt enkel over PPS gesproken als het gaat over participatie van de privé met steun van de overheid (bv. verkoop van GIMV-aandelen) in nieuwe autowegen, -tunnels of -bruggen. Dit tweezijdige denken (de auto tegen het openbaar vervoer) moet doorbroken worden : in een partnerschap tussen beide is het perfect denkbaar dat automobilisten en autoproducenten mee betalen voor bv. vlotte voorstadsnetten rond onze grote steden (Brussel, Antwerpen, Luik, Gent), voor investeringen in binnenvaart en goederenspoor.


2. Investeren in telematica : voorrang voor "intelligente snelheidsbegrenzing"

Elke auto zijn boordcomputer. Zodat 'ieder voor zich' files kan ontwijken. In wezen lost dit niets op. Natuurlijk is het beter via telematica de capaciteit van bestaande wegen te verhogen i.p.v. nieuwe wegen te bouwen. Maar de klemtoon moet o.i. vooral liggen op computer- toepassingen ten gunste van meer verkeersveiligheid en -leefbaarheid. Met de invoering van de intelligente snelheids-adaptor (ISA) bv. kan de snelheid van een wagen die een woonzone binnenrijdt, automatisch tot 30 km/u teruggebracht worden. De eerste ervaringen in Nederland (Tilburg) zijn positief. Het Vlaams gewest kan de gemeenten middelen geven om dit in de praktijk uit te testen. Automobilisten die meedoen, kunnen passend beloond worden. Op termijn kunnen "ISA-zones" samenvallen met "e.o.-zones", waar zwaar en/of vervuilend verkeer sowieso geweerd wordt (zie punt 5).


3. Fiscale aanmoediging van 'samen rijden' en van echt duurzame wagens en brandstoffen - fiscale ontmoediging van het overmatig gebruik van de auto

Als je aankooppremies gaat toekennen aan nieuwe (schonere) wagens zoals FEBIAC voorstelt, ga je vooral de aankoop van nieuwe wagens zelf sterk promoten. En meer auto's doen op den duur het effect van schonere technieken te niet. Om effect te hebben moeten fiscale gunstmaatregelen (ikebana) toegespitst worden op voertuigen die veel schoner zijn (en niet een beetje schoner) dan de gemiddelde modellen vandaag. Dan denken we bv. aan personenwagens op LPG, of bussen en vrachtwagens op aardgas. Of om het probleem van het dieselroet aan te pakken : premies voor automobilisten die hun wagen uitrusten met een deeltjeskatalysator en dieselroetfilter en zo vooruitlopen en op de uitlaatnormen van morgen. Ook steun voor elektrische wagens kan overwogen worden, hoewel de vervuiling hier in feite verplaatst wordt naar elektriciteitscentrales.

Om sociale redenen is het niet wenselijk het bezit van een privé-wagen zelf te belasten. Maar meer rijden met de auto moet wel duurder worden. Dat kan bv. met de invoering van een CO2/energietaks. Mensen die dichter bij hun werk of in het centrum willen gaan wonen of die willen overstappen van een eigen auto naar een 'deel-auto' of die kiezen voor carpoolen, moeten dan weer fiscaal beloond worden.


4. Snelle invoering van een volwaardig milieulabel voor wagens en opmaak van een officieel 'auto&milieuregister'

In het kader van de Europese Kyoto-strategie keurde het Europees Parlement in november '99 een richtlijn goed over een informatieverplichting over de CO2-uitstoot door auto's. In de toonzaal moeten garagisten via een etiket op de voorruit aangeven hoeveel brandstof het voertuig verbruikt en hoeveel CO2 het uitstoot. Deze informatieverplichting kan best uitgebreid worden tot andere uitstootgassen (NOx, benzeen, ...). Uit recente studies blijkt dat de concentratie aan schadelijke uitlaatgassen van auto's binnenin de wagen bovendien groter is dan daarbuiten. Daarnaast kan de overheid officieel een lijst publiceren van de milieu- en gezondheids-prestaties van alle types van wagens, om op die manier de constructeurs aan te zetten om beter te doen dan ze wettelijk verplicht zijn.


5. Invoering van "e.o.-zones" in steden waar wagens (bv. zware dieselwagens) die niet minstens voldoen aan de Euro-1-normen, niet meer worden toegelaten.

Op Vlaams en federaal niveau wordt nu gewerkt aan een volwaardig ozon-actieplan. Maar ozon is maar een deel van het probleem. De interactie bv. tussen de ozonvervuiling en de vervuiling door kleine dieseldeeltjes blijkt nu één van de grootste zorgen te zijn. Op plaatsen waar de gezondheidsnormen voor vervuilende stoffen overschreden worden, kan gewerkt worden met e.o.-zones. Dit naar het model van het 'environmental zone program' in de Zweedse steden Stockholm, Göteborg en Malmö. In de praktijk betekent dit ginder dat bussen of vrachtwagens ouder dan 8 jaar uit deze stadsdelen geweerd worden, tenzij ze zijn uitgerust met een katalysator en roetfilter die de uitstoot van gevaarlijke deeltjes met 80% verminderen. Nadien kan dit geleidelijk uitgebreid worden tot andere type wagens. Omdat de gezondheid, en zeker die van de zwaksten, zoals kinderen en ouderen, nu éénmaal primeert.

Johan Malcorps,
gemeenschapssenator

Lode Vanoost,
kamerlid


Agalev Persdienst
Paskal Deboosere, persverantwoordelijke
Brialmontstraat 23, 1210 Brussel
tel (02)219 19 19 fax (02)223 10 90
gsm 0496 567 569
e-mail (pers@agalev.be)

Agalev via InterNet
e-mail persdienst: (pers@agalev.be)
agalev homepage : www.agalev.be/
persteksten : www.agalev.be/pers/

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie