Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Teksten van de GBVB-verklaringen van de EU-raad

Datum nieuwsfeit: 18-01-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Buitenlandse Zaken

Aan de Voorzitter van de Vaste Commissie voor Buitenlandse Zaken van de

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Binnenhof 4

DEN HAAG
Directeur Generaal Politieke Zaken

Bezuidenhoutseweg 67

Postbus 20061

2500 EB Den Haag

Datum 18 januari 2000
Kenmerk DPZ-024-00
Betreft Europese Unie:

Gemeenschappelijk Buitenlands en

Veiligheidsbeleid

Zeer geachte Voorzitter,

Ik heb de eer U hierbij de teksten toe te zenden van GBVB-verklaringen die de Raad van de Europese Unie heeft aangenomen.

De Minister van Buitenlandse Zaken,

Bijlagen: Verklaring inzake de oprichting van de Oost-Afrikaanse gemeenschap

Verklaringen inzake de Democratische Republiek Congo

Verklaring inzake de Letlandse talenwet

Verklaring inzake de situatie tussen Nicaragua en Honduras

Verklaring inzake Somalië

Verklaring inzake het overlijden van de president van de Republiek Kroatië Dr. Franjo Tudjman

Verklaring inzake de vrijlating van de heer Mikhail N. Chigir, voormalig

Minister-President van Wit-Rusland

Verklaring inzake de jongste maatregelen tegen onafhankelijke media in

FRJ

VERKLARING VAN HET VOORZITTERSCHAP NAMENS DE EUROPESE UNIE

OVER DE VRIJLATING VAN DE HEER MIKHAIL N. CHIGIR,

VOORMALIG MINISTER-PRESIDENT VAN WIT-RUSLAND

De Europese Unie neemt er met voldoening kennis van dat de voormalige minister-president, de heer Mikhail N. Chigir, op 30 november 1999 is vrijgelaten, zoals al vele maanden aan de Wit-Russische autoriteiten is gevraagd.

De heer Chigir was op 2 april 1999 op beschuldiging van corruptie aangehouden, hoewel er ernstige aanwijzingen waren dat zijn arrestatie door politieke overwegingen was ingegeven. De EU verwacht dat het proces waarin de heer Chigir te zijner tijd zal worden betrokken, transparant en eerlijk zal zijn en zal worden gevoerd volgens internationaal aanvaarde rechtsbeginselen.

De vrijlating van de heer Chigir is een bemoedigend teken. De EU herhaalt haar steun voor de inspanningen van de OVSE om een politieke dialoog met de oppositie tot stand te brengen, zodat in 2000 vrije democratische verkiezingen kunnen plaatsvinden met waarneming door de internationale gemeenschap. De EU spreekt in dit verband haar voldoening uit over de toezeggingen die Wit-Rusland in de verklaring van de Top van Istanboel heeft gedaan.

De EU hoopt dat na deze eerste stap, die een aanzet is voor de spoedige opening van de geplande onderhandelingen, het reeds bereikte akkoord - waardoor de oppositie vóór het begin van de onderhandelingen toegang tot de staatsmedia krijgt - in concreto zal worden uitgevoerd.

Tenslotte hoopt de EU dat de door de OVSE op gang gebrachte politieke dialoog Wit-Rusland in staat stelt resoluut te werken aan de ontwikkeling van een pluralistische maatschappij waar de beginselen van de rechtsstaat en eerbied voor de mensenrechten gelden. De EU is bereid Wit-Rusland hierbij te helpen.

De met de Europese Unie geassocieerde landen van Midden- en Oost-Europa: Bulgarije, Tsjechië, Estland, Hongarije, Letland, Litouwen, Polen, Roemenië, Slowakije en Slovenië, de geassocieerde landen Cyprus en Malta, en de EVA-landen IJsland en Liechtenstein, die lid zijn van de Europese Economische Ruimte, sluiten zich bij deze verklaring aan.

________________________


8 december 1999


VERKLARING VAN HET VOORZITTERSCHAP NAMENS DE EUROPESE UNIE OVER DE JONGSTE MAATREGELEN TEGEN ONAFHANKELIJKE MEDIA IN DE FRJ

De Europese Unie heeft de jongste maatregelen tegen onafhankelijke media in de FRJ bestudeerd, en spreekt haar ontzetting uit over de geldboetes die zijn opgelegd aan Blic, Danas en Studio B.

Deze geldboetes zijn volkomen ongerechtvaardigd. Media beboeten, louter omdat ze een officiële verklaring van een prominente politieke partij publiceren, is absoluut strijdig met elk beginsel van vrije meningsuiting. Zoals de EU bij verscheidene eerdere gelegenheden heeft gesteld, is de wet op de openbare informatie in strijd met fundamentele democratische beginselen. Doordat de autoriteiten van de FRJ deze wet nu als instrument van financiële censuur tegen onafhankelijke media inzetten, raken ze nog verder van de Europese en internationale normen verwijderd.

De Europese Unie roept de autoriteiten in de FRJ op om het laakbare besluit tot beboeting van Blic, Danas en Studio B. ongedaan te maken, en herhaalt haar eis dat de wet op de openbare informatie wordt ingetrokken.

_____________________


13 december 1999


VERKLARING VAN HET VOORZITTERSCHAP NAMENS DE EUROPESE UNIE

TER GELEGENHEID VAN HET OVERLIJDEN VAN DE PRESIDENT VAN DE REPUBLIEK KROATIË Dr. FRANJO TUDJMAN

Diepgetroffen door het nieuws van het tragische verlies voor het Kroatische volk als gevolg van het overlijden van de president van de Republiek Kroatië, Dr. Franjo Tudjman, wil het voorzitterschap van de Raad van de Europese Unie het volk van Kroatië zijn innige deelneming betuigen.

Het voorzitterschap van de Europese Unie wenst het Kroatische volk in deze tijd van droefheid ervan te verzekeren dat het bereid is te werken aan de verdere ontwikkeling van de betrekkingen tussen de Europese Unie en Kroatië.

___________________


14 december 1999


VERKLARING VAN HET VOORZITTERSCHAP NAMENS DE EUROPESE UNIE OVER SOMALIE

De Europese Unie is ingenomen met het op 26 november door de 7e Top van staatshoofden en regeringsleiders van de IGAD in Djibouti aangenomen besluit om het door haar voorzitter, president Samail Omar Guelleh van Djibouti genomen initiatief inzake de crisis in Somalië te onderschrijven en ten volle te steunen.

De Unie zal zich gaarne buigen over de gedetailleerde voorstellen en het mechanisme voor de toepassing ervan, welke de IGAD in samenwerking met het Permanent Comité voor Somalië zal uitwerken. Op deze basis zal steun van de EU bekeken worden in het licht van de conclusies van de op 19-20 oktober 1999 in Rome gehouden vergadering van het Comité voor Somalië van het IGAD-partnersforum en van de door dat Comité gekozen benadering ten faveure van de inrichting van regionale bestuursstructuren, op basis van participatieprocessen waarbij de civiele maatschappij ten volle betrokken is. Die structuren dienen aan de basis te liggen van een toekomstige nationale regering waarbij de soevereiniteit en eenheid van Somalië wordt gevrijwaard.

De met de Europese Unie geassocieerde landen van Midden- en Oost-Europa, de geassocieerde landen Cyprus en Malta en de EVA-landen Liechtenstein en Noorwegen, die lid zijn van de Europese Economische Ruimte, sluiten zich bij deze verklaring aan.

_____________________


6 december 1999


VERK LARING VAN HET VOORZITTERSCHAP NAMENS DE EUROPESE UNIE

OVER DE SITUATIE TUSSEN NICARAGUA EN HONDURAS

De Europese Unie heeft met bezorgdheid nota genomen van de verslechterde situatie tussen Nicaragua en Honduras met betrekking tot een gebied van het continentale plat onder de Caribische Zee na de ratificatie van het zogenoemde Ramirez-Lopez Verdrag inzake de afbakening van de zee tussen Colombia en Honduras.

De Europese Unie doet een dringend beroep op alle betrokken partijen om maximale terughoudendheid te betonen en zich te onthouden van handelingen die de betrekkingen tussen de twee landen verder zouden kunnen schaden. De Europese Unie dringt er voorts bij beide regeringen op aan om zich tot het uiterste in te spannen om dit probleem via een dialoog en andere op internationaal recht gebaseerde wegen voor de beslechting van internationale geschillen op te lossen. Zij steunt met klem deelname van de Organisatie van Amerikaanse Staten aan de oplossing van het geschil.

De Europese Unie vreest met name dat de spanningen, indien deze niet via onderhandelingen worden opgelost, de belangrijke successen bij de politieke en economische integratie in de Centraal-Amerikaanse regio in gevaar kunnen brengen. De Europese Unie roept beide regeringen op om zich toe te leggen op de wederopbouw en ontwikkeling van de regio in overeenstemming met de in mei 1999 door de vergadering van de adviesgroep in Stockholm aangenomen verklaring.

_____________________


14 december 1999


VERKLARING VAN HET VOORZITTERSCHAP NAMENS DE EUROPESE UNIE

OVER DE LETLANDSE TALENWET

De Europese Unie is ingenomen met de nationale talenwet die op 9 december 1999 is aangenomen door de Saeima van Letland. De Unie acht dit een bemoedigende ontwikkeling voor de versterking van het proces van integratie van minderheden in de Letlandse samenleving.

De Europese Unie onderschrijft ten volle de verklaring betreffende de talenwet van de hoge commissaris voor nationale minderheden, Max van der Stoel, waarin hij tot de slotsom komt dat de wet thans in essentie in overeenstemming is met de internationale verplichtingen en verbintenissen van Letland.

De Unie vertrouwt erop dat de wet correct zal worden uitgevoerd. Daarnaast waardeert de Europese Unie het recente besluit van de regering van Letland om het raamwerkdocument betreffende integratie in de samenleving aan te nemen en verwacht zij dat er op dit gebied nog verdere ontwikkelingen zullen plaatsvinden. De Unie zal nauw met Letland blijven samenwerken om deze doelstelling te ondersteunen.

_________________________


13 december 1999


VERKLARING VAN HET VOORZITTERSCHAP NAMENS DE EUROPESE UNIE OVER DE DEMOCRATISCHE REPUBLIEK CONGO

De EU en haar lidstaten bevestigen andermaal hun steun voor de Overeenkomst van Lusaka, het enige realistische vooruitzicht op duurzame vrede en veiligheid in het gebied van de Grote Meren. De EU benadrukt dat zij bereid is volledige politieke, diplomatieke en materiële steun te verlenen voor de uitvoering van de Overeenkomst van Lusaka, mits de partijen zelf blijk geven van de nodige politieke wil en de Overeenkomst uitvoeren. De EU roept alle partijen op geen verklaringen af te leggen die het vredesproces in gevaar kunnen brengen.

De EU en de lidstaten zullen het staakt-het-vuren en de vertrouwenwekkende maatregelen, met name die maatregelen waartoe is besloten door de Gemengde Militaire Commissie (GMC) die op de militaire aspecten van de overeenkomst toeziet, onverminderd blijven steunen. De EU is ingenomen met de inzet van waarnemers van de OAE en de GMC in de DRC. De GMC ontvangt financiële en praktische hulp van de EU (ter hoogte van 1,2 miljoen euro) en van de lidstaten. Deze zijn bereid deze steun voort te zetten en zo nodig te vergroten.

De EU steunt de verbindingsofficieren, onder wie personeelsleden van verscheidene EU-lidstaten, die nu in het gebied worden ingezet, en zij is ingenomen met de aanstelling van een Speciale Vertegenwoordiger van de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties voor de Democratische Republiek Congo. De EU steunt ook de aanbevelingen van de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties en de Namibische ontwerp-resolutie over de volgende stappen die moeten worden ondernomen met het oog op een snelle inzet van VN-waarnemers in de DRC. De EU bevestigt dat zij bereid is te zijner tijd steun te verlenen aan een VN-vredesmacht om de partijen bij te staan bij de uitvoering van de

Overeenkomst van Lusaka.

De EU benadrukt dat er ter bevordering van rechtvaardigheid, nationale verzoening en eerbiediging van de mensenrechten moet worden gezorgd voor vreedzame en duurzame ontwapening, demobilisatie en herintegratie (DDR) van de thans in dit gebied actieve milities. De EU onderstreept in het bijzonder dat de van genocide beschuldigde leden van de ex-FAR/Interahamwe voor de rechter moeten worden gebracht, en dat alle anderen die het DDR-proces aanvaarden, zonder vrees voor vervolging naar Rwanda moeten kunnen terugkeren. De EU bevestigt dat zij bereid is de partijen op dit punt bij te staan.

De EU is bereid de nationale dialoog in de DRC te steunen. De Europese Commissie en de lidstaten hebben financiële middelen uitgetrokken voor ondersteuning van de dialoog zodra de partijen zelf daarvoor klaar zijn. De EU roept alle betrokken partijen op snel en onvoorwaardelijk de dialoog aan te gaan en de OAE en president Chiluba aan te moedigen bij hun inspanningen om, bij wijze van eerste stap, een geschikte eerste bemiddelaar (facilitator) te vinden.

De EU benadrukt haar zorg omtrent het gebruik van diamanten, goud en andere hulpbronnen van de DRC voor de financiering van militaire operaties in dit gebied. Zij roept alle partijen op ervoor te zorgen dat al dat soort commerciële transacties in overeenstemming zijn met het desbetreffende nationale en internationale recht, transparant en verenigbaar zijn met de afspraken die de betrokken staten gemaakt hebben met de internationale financiële instellingen, en dat zij niet aan particuliere personen, maar aan het volk van de DRC ten goede komen.

De EU bevestigt dat zij bereid is om humanitaire bijstand te leveren aan alle behoeftigen in de DRC en om ontwikkelingshulp beschikbaar te stellen zodra er vrede heerst en mechanismen voor een doeltreffende steunverlening aanwezig zijn.

De EU bevestigt haar steun voor een eventuele internationale conferentie over veiligheid en samenwerking in het gebied van de Grote Meren die de onderliggende oorzaken van het conflict in de regio moet aanpakken en wegnemen. De EU moedigt de OAE en alle betrokken Afrikaanse landen aan met de voorbereidende werkzaamheden van start te gaan zodra de belangrijkste elementen van de Overeenkomst van Lusaka zijn uitgevoerd, en is bereid met de partijen samen te werken door in dit opzicht technische en financiële steun te verlenen.

De met de Europese Unie geassocieerde landen van Midden- en Oost-Europa, de geassocieerde landen Cyprus en Malta en de EVA-landen IJsland en Liechtenstein, sluiten zich bij deze verklaring aan.

_______________________


2 december 1999


VERKLARING VAN HET VOORZITTERSCHAP NAMENS DE EUROPESE UNIE TER GELEGENHEID VAN DE ONDERTEKENING IN ARUSHA VAN DE OVEREENKOMST TOT OPRICHTING VAN DE OOST-AFRIKAANSE GEMEENSCHAP

De Europese Unie verheugt zich over de oprichting van de Oost-Afrikaanse Gemeenschap en feliciteert de lidstaten met deze belangrijke verwezenlijking.

De Europese Unie is ervan overtuigd dat de Oost-Afrikaanse Gemeenschap op politiek en economisch vlak een klimaat zal scheppen en mechanismen in het leven zal roepen in de regio die bevorderlijk zullen zijn voor vrede, economische groei en welvaart voor haar lidstaten en hun bevolking.

De Europese Unie wenst uiting te geven aan haar bereidheid om met de Oost-Afrikaanse

Gemeenschap en haar lidstaten samen te werken en hen op diverse gebieden van hun

gemeenschappelijke inspanningen te steunen.

De met de Europese Unie geassocieerde landen van Midden- en Oost-Europa, de geassocieerde landen Cyprus en Malta en de EVA-landen die lid zijn van de Europese Economische Ruimte, sluiten zich bij deze verklaring aan.

2 december 1999

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie