Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Brief OCW over allochtoon onderwijspersoneel

Datum nieuwsfeit: 31-01-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal


23328000.063 brief sts ocw allochtoon onderwijspersoneel
Gemaakt: 8-2-2000 tijd: 15:14


3


23328 Arbeidsmarktbeleid onderwijs

Nr. 63 Brief van de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Zoetermeer, 31januari 2000

Met deze brief kom ik de toezegging na die de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen heeft gedaan tijdens het vragenuur van 7 december jongstleden inzake het plan van aanpak `Meer allochtoon onderwijspersoneel'. In mijn brief houd ik de drie hoofdlijnen aan die ik over dit beleidsonderwerp tijdens het nota-overleg van 31 mei 1999 over het lerarenbeleid aan de Kamer heb voorgelegd. Voor enkele elementen van het onderstaande geldt dat ik de Kamer daarvan reeds mondeling in kennis heb gesteld tijdens het algemeen overleg over intercultureel onderwijs (24 november 1999) en tijdens dat over het lerarenbeleid (8 december 1999).

Vergroting van de vraag

Sociale partners in de onderwijssector hebben mijn uitnodiging opgepakt om nieuwe initiatieven te nemen. Zij laten daarmee zien dat het streven om etnische minderheden evenredig vertegenwoordigd te doen zijn in onderwijsinstellingen primair een onderdeel behoort te zijn van het personeelsbeleid van scholen. Zoals initiatieven op dit terrein in andere sectoren dan die van onderwijs door verwante departementen worden ondersteund, zo is dat ook het geval bij initiatieven van de werkgevers- en werknemersorganisaties verenigd in het Sectorbestuur Onderwijsarbeidsmarkt (SBO). Eind april van het vorig jaar heeft het SBO het door mij opgestelde plan van aanpak uitgewerkt in een aangescherpt projectplan en ook uit eigen middelen een budget geoormerkt. In juli heb ik het SBO formeel bericht in te stemmen met de voorgestelde activiteiten en toegezegd financiële middelen beschikbaar te stellen. De desbetreffende documenten treft u bijgaand aan1).

Het SBO is thans volop doende met de voorbereiding en uitvoering van acties. Daarbij gaat het onder meer om:

? Pilots in de vier grote steden rond toegespitste lokale voorlichting over de opleiding tot leraar aan havo-vwo- scholieren en mbo-ers, aan ouders en andere voor deze jongeren invloedrijke personen, in samenwerking met het Expertisecentrum Allochtonen Hoger Onderwijs (ECHO).


- Lokale werkbijeenkomsten voor directies en personeel van scholen om hen te helpen en te ondersteunen bij het vorm geven aan hun eigen verantwoordelijkheid met betrekking tot werving, selectie, aanname en begeleiding van allochtoon personeel.


- Het doen produceren van handreikingen voor schoolbestuurders en schooldirecties om te komen tot intercultureel personeelsbeleid.


- Het verrichten van nader detail-onderzoek, zoals bijvoorbeeld screening van bestanden van hoger opgeleide werkzoekende allochtonen bij Arbeidsvoorziening.

In het kader van verbreding van draagvlak heeft het SBO op landelijk niveau samenwerking gezocht en gevonden met organisaties van en voor etnische minderheden. In een klankbordgroep, die advies en commentaar geeft op voorgenomen acties en plannen, zijn deskundigen afkomstig uit deze organisaties opgenomen. Op het lokale niveau wordt voor de opzet en uitvoering van lokale activiteiten zoveel mogelijk samenwerking gezocht met de aldaar functionerende organisaties om een gezamenlijk optrekken met schoolbesturen en lerarenopleidingen te realiseren.

Vergroting van het aanbod

Dit wordt nagestreefd door verschillende, elkaar versterkende activiteiten. In de convenanten personeelsvoorziening die voor het primair onderwijs, voor het voortgezet onderwijs en voor de sector bve zijn gesloten is het vraagstuk van meer allochtone leraren een aandachtspunt. De desbetreffende regiegroepen voor personeelsvoorziening dragen zorg voor opzet en aansturing van concrete activiteiten. Voorts is dit aandachtspunt ingebouwd in de landelijke acties voor werving van jongeren voor het leraarsberoep: de pabo-campagne en de campagne `leraar; elke dag anders'. Daarnaast bevorderen activiteiten van ECHO de instroom van allochtone jongeren bij instellingen van hoger onderwijs, waaronder ook opleidingen tot leraar. Deze laatsten dragen bij aan vergroting van het aanbod door aangepaste opleidingsprogramma's: verkorte opleidingen en specifieke scholing. Daarbij is te denken aan de scholingsactiviteiten voor leraren onderwijs in allochtone levende talen (oalt), zoals de projecten verkorte opleiding allochtone leraren (voal) in Den Haag en Utrecht.

Onderzoek

De motieven van allochtone jongeren om iets anders te kiezen dan de lerarenopleiding als vervolgopleiding verschillen niet essentieel van die van autochtone jongeren. Dat blijkt uit de onderzoeksrapporten `Leraren in de 21e eeuw' (B&A Groep, september 1998) en `Na(ar) de lerarenopleiding' (ROA-Onderwijsmonitor, september 1999).

Het imago dat beide groepen leerlingen hebben van het leraarsberoep verschilt gradueel. Voor autochtone leerlingen komt het leraarsberoep sterker overeen met hun idee van het ideale beroep dan bij allochtone leerlingen.

Een recente peiling van bureau Regioplan (september 1999) laat zien dat de ondervertegenwoordiging van allochtonen in het onderwijs vooral een gevolg is van twee factoren die nauw met elkaar samenhangen. De eerste betreft het feit dat in het onderwijssysteem sprake is van een specifieke functiestructuur: veel functies waarvoor een hogere opleiding vereist is. De tweede betreft het gegeven dat over de gehele arbeidsmarkt sprake is van een te klein aantal hoger opgeleide allochtonen. Het door het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vastgestelde landelijk evenredigheidscijfer voor hoger opgeleide allochtonen is voor het jaar 1997 2% en voor 1998 3%. De peiling van Regioplan geeft aan dat in het schooljaar 1998-1999 het percentage allochtone leraren in het primair onderwijs landelijk 1,9% bedraagt en in het voortgezet onderwijs 1,6%. Er blijven dus inspanningen nodig om vraag en aanbod van allochtoon onderwijspersoneel te vergroten en om op de arbeidsmarkt het aantal hoger opgeleide allochtonen te vergroten. Wat dit laatste betreft zijn de signalen gunstig, zoals blijkt uit de Rapportage Minderheden 1999 (pagina 151): De doorstroming van jongeren uit de minderheden naar de hoogste sporten van de onderwijsladder verloopt opmerkelijk voorspoedig. Rekening houdend met het gegeven dat het merendeel van de ouders van deze jongeren vrijwel geen opleiding heeft genoten, is er al binnen één generatie sprake van een zeer grote opwaartse onderwijsmobiliteit, in ieder geval onder de Turkse en Marokkaanse bevolking.

Afsluitend merk ik op dat niet op korte termijn verwacht kan worden dat sprake zal zijn van een aanzienlijke toename van allochtonen in onderwijsfuncties. Het gaat er op dit moment om een diversiteit van wegen te construeren en al datgene te doen waarlangs die toename uiteindelijk is te realiseren. De rapportage over de voortgang hiervan zal ik onderdeel laten zijn van de periodieke voortgangsrapportage over het lerarenbeleid.

De staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen,

K.Y.I.J. Adelmund


1) Ter inzage gelegd bij de afdeling Parlementaire Documentatie

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie