Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Inleiding Ad Melkert debat "wie zorgt er in de 21e eeuw"

Datum nieuwsfeit: 08-02-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Partij van de Arbeid

Gesproken woord geldt!

Embargo tot moment van uitspreken!

INLEIDING AD MELKERT, FRACTIEVOORZITTER VAN DE PVDA,

TBV HET DEBAT "WIE ZORGT ER IN DE 21E EEUW".

De Rode Hoed, Amsterdam d.d. 8 februari 2000 om 20.30 uur

1. Nederland vaart wel. Nederland biedt meer mannen en vooral meer vrouwen dan ooit kansen op ontwikkeling in zelfstandigheid. Er ontstaat steeds meer ruimte voor initiatief en internationalisering. Veel jonge mensen eigenen zich die ruimte zelfbewust en doelgericht toe. Het maatschappelijk klimaat krijgt meer en meer Olympische uitstraling: citius, altius, fortius.

Vooruitgang schept haar eigen ongerijmd- en ongelijkheden, bedoeld of onbedoeld. In mondiaal economisch verband, in de relatie met onze fysieke omgeving, in de creatie van nieuwe sociale tegenstellingen. Het voert voor nu te ver dit verder te ontleden, maar er is zeker raakvlak met het onderwerp van vanavond: de verdeling van de zorg. Zorg als verantwoordelijkheid en als recht. Zorg als fundament voor de organisatie van onze samenleving. Ook in onze van alle kanten geëconomiseerde samenleving.

2. Bewust of onbewust wordt de aandacht voor het
verantwoordelijkheidsvraagstuk van de zorg gevoed door de paradoxale uitkomsten van twee belangrijke ontwikkelingen.

Ten eerste het ingebouwde conflict die toenemende welvaart met zich meebrengt: spanning tussen presteren en combineren; consumeren en reserveren. Subjectief een bron van eindeloze strijd aan de keukentafel. Objectief een gelegenheid om verhoudingen opnieuw vast te stellen en de maatschappij daar beter op in te richten. Op het beter delen tussen de zorg om de macht en de macht over de zorg; èn rekening houdend met de toenemende afhankelijkheid van de hoogontwikkelde economie van de productieve bijdragen van vrouwen.

Ten tweede het bijkomende gevolg van de sterk vergrote mogelijkheden die in de afgelopen vijfentwintig jaar zijn ontstaan voor indivuele ontplooiing en keuzevrijheid. Het gevolg dus van een vaak geslaagde emancipatie-"impuls". De verdeling van de zorgtaken is dan niet meer vanzelfsprekend. Niet zelden zal echter het ontbreken van de mogelijkheid tot herverdeling van zorgtaken een obstakel blijven.

Er is nog veel nodig om verzelfstandigde individuen beter in staat te stellen zich op een aan de nieuwe verhoudingen aangepaste wijze op hun onderlinge afhankelijkheid in te stellen en te organiseren.

3. Dit is in de eerste plaats een verantwoordelijkheid van mensen zelf. Voor een sociaal-democraat spreekt echter wel vanzelf dat de mogelijkheden voor ontplooiing van talent voor iedereen bereikbaar zijn of worden. Verzekering van toegang en kans; bevordering van evenwichtige uitkomsten: dat is de politieke ambitie die ons drijft en die bij uitstek in het debat over de toekomst van de zorg ons voor nog heel wat opgaven stelt.

De vooruitgang die de afgelopen vijftien jaar is geboekt bij het versterken van de economische en sociale basis van onze samenleving komt daarbij goed van pas. Met het verbreden van arbeidsparticipatie en het spreiden van individuele economische zelfstandigheid wordt het wel makkelijker de maatschappelijke doelstelling van emancipatie sterkere nadruk te geven.

4. De in deze cyclus gehouden inleidingen wijzen op de behoefte de definitie van zorg te verbreden, volgens de ook in de inleiding geciteerde omschrijving door Selma Sevenhuijsen:

"Het bereiken van een situatie waarin iedereen zorg kan dragen voor zichzelf en anderen, door gedurende de levensloop de combinaties te realiseren tussen economische verantwoordelijkheid en dagelijkse zorgverantwoordelijkheid die passen bij de eigen situatie en behoeften en die van degenen die van hen afhankelijk zijn."

Dit is inderdaad een verbreding ten opzichte van de ook door mijzelf als minister van SZW en emancipatiebeleid uitgedragen definitie die meer exclusief betrekking had op economische zelfstandigheid als voorwaarde voor keuzevrijheid.

Ik verheel niet dat het in de eerste plaats overwegingen van strategie zijn geweest om dat accent zo sterk onder de voorstellen ter versterking van de combinatie van arbeid en zorg uit de vorige periode te leggen. Strategie ter vergroting van draagvlak namelijk, in het bijzonder bij degenen die vooral of uitsluitend aanspreekbaar zijn (of waren) op economische kosten en baten. Aan hen moest duidelijk worden gemaakt dat het economisch kortzichtig kan zijn ondersteuning van werknemers door middel van verlof en kinderopvang louter als kosten te zien. Ik heb als leidraad daarentegen steeds gekozen voor "sociaal beleid als productieve factor". En de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt sindsdien geven ook aan dat we deze richting op moeten. Economisch dringend noodzakelijk. Maar natuurlijk ingegeven door een visie op samenleven: samen werken en samen zorgen, met een nog hoger doel dan meetbare verhoging van productie en consumptie voor ogen, nl. vergroting van de kwaliteit van leven.

Met dat doel voor ogen onderscheid ik een aantal opties en opgaven die de komende tijd de politieke agenda bepalen.

5. De kosten van zorg I

Hoe vreemd ook in deze tijd van dynamiek en marktwerking: het planmatig denken houdt Nederland nog aardig in de greep als het gaat om de overheidsfinanciën in de komende dertig jaar. Veel geleerden menen al te weten dat we straks geld tekort komen voor de zorg voor de ouderen van morgen. En dat we daarom nu moeten sparen om af te lossen. Sparen klinkt goed. Maar het betekent wel het onttrekken van middelen aan andere doeleinden. Aan particuliere consumptie bijvoorbeeld, maar belastingverhoging is niet populair en bovendien niet bevorderlijk voor de werkgelegenheid. Dus worden middelen onttrokken aan de ruimte die er anders zou zijn voor urgente publieke investeringen. Bijvoorbeeld voor de infrastructuur die alles omvat wat met arbeid, loopbaanvariatie, verlof, opleiding en kinderopvang te maken heeft.

Het plandenken, onder aanvoering van het - in dit opzicht - monomodeldenken van het CPB, staat inzicht in de weg in de dynamische gevolgen van beleid dat niet volgens gebaande paden loopt.

Er zijn vraagtekens te plaatsen bij de veronderstelling dat snelle aflossing van de staatsschuld de enige manier zou zijn om over twintig jaar de maatschappelijke kosten van vergrijzing te kunnen dragen.

Twijfelachtiger nog is de vanzelfsprekendheid waarmee reeksen van geleerde mannen hun zorg om de zorg van de toekomst exclusief richten op de veroudering en niet op impulsen voor verjonging van de samenleving. Daar moeten we goed naar Hilda Verwey-Jonker blijven luisteren. Want veel hangt samen met de mogelijkheden om te kunnen combineren. Loopbaan en de opvoeding van kinderen. Ondersteund door een samenleving die zich hierop instelt, in logistiek, in dagindeling, en in het delen van de kosten. Die gaan inderdaad voor de sociale en economische baat uit. Het wordt tijd dat het CPB c.s. zich meer verdiepen in de kern van het vooruitziende combinatiescenario van Marga Bruyn-Hundt.

6. De kosten van zorg II

Het is van groot belang op de kortere termijn een versnelling tot stand te brengen van wat in het regeerakkoord al was vastgelegd. De veel meer dan verwachte economische groei biedt ook in dit opzicht ruimte voor nieuwe ambitie.

De gunstige ontwikkelingen in de sociale zekerheid zullen er technisch toe leiden dat zich in deze kabinetsperiode nog een aanzienlijke ruimte voor extra lastenverlichting voor werkgevers en werknemers aandient. Dat is het simpele gevolg van minder uitkeringen die nodig zijn bij een op een hoger verwachtingsniveau vastgesteld peil van premieheffing. Binnenkort zullen de cijfers ons hierover meer duidelijkheid verschaffen. Het zou niet gek zijn als het kabinet met sociale partners zou bezien hoe een deel van deze ruimte zou kunnen worden ingezet voor een versnelling van de financiering van vormen van betaald verlof en kinderopvang. Wat zouden de voors en tegens zijn van een algemene werknemersverzekering? Het is dringend nodig dat de kosten niet onevenredig drukken op bedrijven en sectoren waarin naar verhouding veel vrouwen werkzaam zijn. We hebben een lange tijd achter de rug dat de economie zich een extra last niet of nauwelijks kon permitteren. Een deel van de nu snel groeiende ruimte zou hiervoor wel kunnen dienen: want dat is ook investeren in de economische groei van de toekomst. Ik zou het een goed idee vinden als staatssecretaris Verstand met sociale partners een verkenning uitvoert, d.w.z. het ijzer smeedt nu het gloeit.

7. De organisatie van tijd (dagindeling)

Het zou een misverstand zijn de organisatie van de zorg voornamelijk als een kwestie van geld te benaderen, en al helemaal niet als een zaak die vooral door de overheid zou kunnen worden geregeld. Inmiddels is ook wel duidelijk dat mensen zelf het heft in eigen handen hebben genomen. De per jaar met 1% stijgende arbeidsparticipatie van vrouwen is niet van bovenaf verordonneerd. De ontzagwekkende hoeveelheid mantelzorg die wordt verricht is zonder regisseur tot stand gekomen. En vele gastouders en grootouders zijn de officiële kinderopvang voorafgegaan. Al het spontane initiatief neemt echter niet weg dat er maatschappelijke meerwaarde ontstaat als belemmeringen worden weggenomen voor keuzes die mensen zelf willen maken. En dat er gelijke toegang kan worden georganiseerd, rekening houdend met inkomen- of wijkgebonden verschillen. De overheid heeft de taak verbindingen te leggen en vernieuwing te stimuleren. Dat is de betekenis van de initiatieven die zijn of worden beproefd onder de noemer "dagindeling van de samenleving".

Het was een doorbraak dat het lukte dit appèl op mentaliteitsverandering op te nemen in het regeerakkoord. Want ik herinner me nog het lacherige begin. Waar echter op het micro-niveau van organisaties aanpassing van structuren en gebruiken aan de orde van de dag is, blijft de samenleving volharden in patronen die veel te maken hebben met tijdindelingen uit een vervlogen verleden. Zo is niet het verzet tegen rekeningrijden opmerkelijk, maar veel meer de afwezigheid van gedragsveranderingen in de uren dat gebruik wordt gemaakt van buiten de spits goed begaanbare wegen. Evenmin verbaas ik me over het kennelijke, zo genoemde post-feministische golfje dat kinderen liever bij de theepot thuis dan op de buitenschoolse opvang ziet; maar des te meer over de weigering van de overheid te investeren in het overblijven op de basisschool. De plannen van de FNV en de Vrouwenalliantie voor goed georganiseerde tussenschoolse opvang zouden een doorbraak naar een ander patroon van verdeling tussen werk en school kunnen inluiden.

Het is de hoogste tijd voor een permanente conferentie tussen overheid, maatschappelijke instellingen en organisaties over een betere organisatie van de schaarste: schaarste aan tijd, ruimte, arbeid, vrijwilligers enz. Dat zou werkgevers en werknemers veel kunnen helpen in de mentaliteitsomslag die zij aan het doormaken zijn: met de arbeidstijdenwet, de wet flexibiliteit en zekerheid en naar ik verwacht ook de deeltijdwet in de hand op zoek naar een nieuwe balans in beschikbaarheid voor arbeid en zorg. Op weg naar veel meer loopbaanvariatie die soms korter en soms ook langer werken toestaat; het ritme van arbeid afwisselt met verlof voor opleiding en zorg; tijdelijke contracten koppelt aan evenredige rechten op opleiding, pensioen en sociale zekerheid.

8. Integrale verantwoordelijkheid

Dat de vraag naar het dragen van verantwoordelijkheid voor de zorg in de 21e eeuw moet worden gesteld is een pijnlijk gevolg van ontwikkelingen die overigens als een groot succes van de tweede helft van de net afgesloten eeuw mogen worden gezien. Gezondheidszorg, huisvesting, pensioen, emancipatie in velerlei opzicht: de ruimte voor het maken van eigen keuzes in de inrichting van het eigen leven is nooit eerder zo groot geweest.

Maar er treden negatieve bijverschijnselen op; afwenteling van verantwoordelijkheid, vereenzaming van vaak heel oud wordende mensen of zelfs verwaarlozing.

Tegen dat risico van afwenteling, verwaarlozing en vereenzaming kom ik op. Het is mijn diepe drijfveer om in deze tijd van overvloed de geesten rijper te maken voor investeringen in en om ons onderwijs en in de zorg voor ouderen. Niet omdat daarmee alles wordt voorkomen of kan worden gerepareerd; maar wel omdat het achterstellen van het belang hiervan onherstelbare schade zal opleveren voor het type samenleving waarin de meesten van ons nog het beste gedijen, met herkenbare egalitaire en solidaire trekken.

In veel opzichten zal in het beleid van overheid, bedrijven en organisaties meer rekenschap moeten worden gegeven van de plaats en rol van vrouwen in het werk, in de combinatie tussen werk en thuis en ook in sociale zekerheid en pensioen. Als ik alleen al kijk naar de rijksoverheid is er nog wel wat te doen. Staatssecretaris Hoogervorst startte onlangs een onderzoek naar de toename van de instroom van vrouwen in de WAO. Van de aangezochte onderzoekers is tot op heden nog niemand als vrouw ontmaskerd. Kinderopvang maakt geen deel uit van de planning van vinex-locaties. ICT voor vrouwen, b.v. in relatie tot telewerk, is geen geïdentificeerd thema bij EZ. In het grote stedenbeleid wordt aan allochtone meisjes vooral aandacht besteed vanwege hun rol bij opvoedingsondersteuning.

Juist bij de uitstroom van studenten van universiteiten en hogescholen naar het bedrijfsleven, naar de overheid en zeker ook naar de pijlers van het onderwijs en de gezondheidszorg zullen vrouwen steeds meer een hoofdrol opeisen. Hier ligt dus ook het antwoord voor het oprapen op de vraag naar de verantwoordelijkheid voor de zorg: zonder beter delen zal het niet gaan.

9. Wat al is bereikt

Het antwoord op de zorgvraag van de 21e eeuw staat nog in de kinderschoenen. Nederland is de afgelopen jaren verstrikt geraakt tussen een op een traditioneel kostwinnerspatroon geënte organisatie en een steeds meer op individuele maat gesneden arbeidsmarkt. Dat levert ons ten opzichte van vergelijkbare landen nog altijd een achterstand op in het inschakelen van alle talent. En het inlopen van die achterstand zelf brengt weer het risico met zich mee van eenzijdige aandacht voor de vereisten van de arbeidsmarkt met voorbijgaan aan toereikende aandacht voor zorg. Maar daarin is ons land allerminst uniek.

Achter deze momentopname komt echter een ontwikkeling naar voren die tamelijk optimistisch stemt. Niet alleen in de sfeer van kinderopvangverlof en ook in de thuiszorg is sprake van een versterkt prioriteitsgevoel, In de basisvorming in het voortgezet onderwijs is verzorging als vak van de toekomst geaccepteerd. Ook in de recente herziening van het belastingstelsel is zichtbaar geworden dat jarenlang bepleite veranderingen kennelijk de incubatietijd voorbij zijn. Ik noem de individueel toegekende algemene heffingskorting, waardoor een klassiek kostwinnersnadeel verdwijnt, de toekenning van de nieuwe arbeidskorting aan alle deeltijders en de invoering van de zgn. combi-korting voor werkende ouders. Meer nog dan in het direct merkbare inkomenseffect is in het systeem nu ruimte gemaakt voor evenwichtiger verhoudingen in de belastingheffing tussen mannen en vrouwen, tussen kostwinners en tweeverdieners en voor alleenstaande vrouwen met kinderen.

Het vizier verschuift nu naar de doorbraak in de kinderopvang die al onderweg is en naar de financiering van betaald verlof die nog een flinke inspanning zal vergen, niet in het minst in de afstemming tussen CAO-partners.

Aan de horizon ligt de mega-opgave van de verweving tussen zelfstandigheid en afhankelijkheid die een aanvaardbare vorm moet krijgen voor oudere mensen die gedurende hun levensloop hun individuele vrijheid op hoge prijs zijn gaan stellen. Een belangrijke beleidssleutel ligt in het mogelijk maken van een grote diversiteit aan woon- zorg-combinaties. Er zijn interessante experimenten die bij de zeer noodzakelijke verbouwing van onze gezondheidszorg de ruimte moeten krijgen.

10. De politieke wil om verantwoordelijkheid te nemen

Hoe staat het met de politieke wil om het zover te laten komen als de vele wensen van de diverse inleiders indiceren?

Dat houdt nog niet over. De totstandkoming van de arbeid- en zorgnota's onder het vorige en onder dit kabinet was vaak een mijl op zeven. De compromissen die gesloten moesten worden om de wet financiering loopbaanonderbreking erdoorheen te slepen, blijken een blok aan het been van een succesvolle toepassing. Daar is dus verandering geboden. Het tempo van realisatie van opvang voor met name oudere kinderen, van investeringen in peuterspeelzalen; van meer op maat gesneden ouderenzorg; er liggen nog heel wat obstakels. Het wegnemen hiervan is van groot belang voor eerlijk delen van kansen op de arbeidsmarkt en een blijvend hogere groei in de toekomst.

Juist vandaag, met een blik op de herhalingsoefening rond de deeltijdwet in de Eerste Kamer, vraag ik me het volgende af. Hoe is het mogelijk dat de VVD zich hiervoor niet wil inzetten? Zien de jongens van de vrije markt niet dat de markt hier tekortschiet? En waar is de legendarische moed van liberale vrouwen gebleven die vroeger garant stond voor forse correcties op ouderwets mannelijk gedrag? Hoe kan de VVD zich afsluiten voor de combinatieproblemen waar veel gemiddeld verdienende werknemers en vooral werkneemsters tegen oplopen? Met haar gedrag in de Eerste Kamer vandaag dreigt voor onze coalitiegenoten de buitenspelval. En hier helpt het echt niet om verwachtingsvol naar de CDA-grensrechter aan de zijlijn te kijken, zoals mijn collega Dijkstal afgelopen zaterdag nog nodig vond. Want een moderne spelopvatting over de combinatie van arbeid en zorg krijgt geleidelijk aan gestalte met steun van een andere coalitie. Of dat ook anderszins een eigentijdsere coalitie zal zijn, zal de tijd wel leren. Vaststaat dat met het toenemen van de knelpunten op de arbeidsmarkt en met het zichtbaarder worden van de zorgbehoefte van ouderen met matige pensioenen een andere houding nodig is. Het gaat om nieuwe vormen van solidariteit. En dat is dus ook de kern van het antwoord op de vraag: wie zorgt in de 21e eeuw; niet ieder voor zich, maar allen voor een.

 

 

 

 

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie