Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Aantal mensen met bijstandsuitkering aanzienlijk gedaald

Datum nieuwsfeit: 15-02-2000
Vindplaats van dit bericht
Vindplaats 2
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten

MINISTERIE SZW

www.minszw.nl

MIN SZW: Aantal mensen met een bijstandsuitkering gedaald

Nr. 2000/26
15 februari 2000

Aantal mensen met een bijstandsuitkering aanzienlijk gedaald

Door de inspanningen van de gemeenten én de gunstige economische ontwikkeling is het aantal mensen met een bijstandsuitkering de afgelopen vier jaar gedaald van 489.000 tot 365.000 eind 1999. Gemeenten maken steeds beter gebruik van de mogelijkheden die de Algemene bijstandswet biedt om de uitstroom uit de bijstand te bevorderen.
De rol van de gemeenten bij de uitvoering van de bijstand zal verder worden versterkt. Daarvoor wordt onder meer het Fonds Werk en Inkomen (FWI) ingevoerd. In dit fonds wordt het geld voor bijstandsuitkeringen en voor het gemeentelijk arbeidsmarktbeleid opgenomen. Door deze bundeling van geldstromen krijgen de gemeenten meer ruimte voor het aan het werk helpen van uitkeringsgerechtigden.

Dit blijkt uit het kabinetsstandpunt naar aanleiding van de evaluatie van de Algemene bijstandswet (Abw) dat minister De Vries van Sociale Zaken en Werkgelegenheid naar het parlement heeft gestuurd. In het standpunt geeft het kabinet zijn oordeel over de evaluatie en wordt voor de komende vier jaar de koers uitgezet voor het bijstandsbeleid.

Op 1 januari 1996 is een grondig herziene bijstandswet van kracht geworden. In de wet is bepaald dat deze elke vier jaar geëvalueerd moet worden.
Belangrijk uitgangspunt bij de herziening was een grotere rol van de gemeenten bij de uitvoering van de wet. Daardoor kan veel beter worden gewerkt aan de belangrijkste doelstellingen van de wet: activering van bijstandscliënten, het waarborgen van een inkomen en het bestrijden van fraude. Volgens het kabinet blijkt uit de evaluatie dat de doelstellingen van de nieuwe wet grotendeels zijn bereikt.

Activerings- en uitstroombeleid
Het scheppen van gesubsidieerde banen is succesvol gebleken. Zo heeft meer dan de helft van de mensen die hebben deelgenomen aan de regeling Experimenten Activering Uitkeringsgelden een reguliere baan gevonden. Deze regeling was bedoeld voor langdurig werklozen met een bijstandsuitkering. Met uitkeringsgeld werden 20.000 werkervaringsplaatsen gecreëerd die maximaal twee jaar werden gesubsidieerd. Daarnaast hebben de gemeenten 39.000 zogeheten instroom-/doorstroombanen (voorheen Melkertbanen) ingevuld en nemen 10.000 mensen in de bijstand die een grote afstand hebben tot de arbeidsmarkt deel aan activeringsprogramma.s. Voor ongeveer 10% van hen heeft de activering geleid tot een vervolgtraject, vrijwilligerswerk of scholing. Ongeveer 11% van de deelnemers aan de programma.s heeft een betaalde baan gevonden.

Alhoewel de nieuwe mogelijkheden van de Abw fors hebben bijgedragen aan de activering en de uitstroom uit de bijstand kan volgens het kabinet een samenhangende toepassing van deze mogelijkheden verder worden verbeterd. Ook mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt moeten meer profijt hebben van de maatregelen die de uitstroom bevorderen. Daarbij kan het ook gaan om zogeheten sociale activering. Deze activering bestaat uit deelname aan onbetaalde activiteiten met behoud van uitkering. Doel is naast het voorkomen en bestrijden van sociale uitsluiting, het - zo mogelijk - bieden van uitzicht op werk. De komende jaren moeten de activeringsprogramma's voor alle bijstandsgerechtigden gaan gelden. De huidige conjunctuur maakt dat mogelijk.

Het kabinet zal gemeenten de gelegenheid bieden de mogelijkheden van alle bijstandsgerechtigden in kaart te brengen om te kunnen bepalen of en in welke vorm activering aan de orde is. Waar mogelijk zal een activeringsplan worden opgesteld in het kader van de sluitende aanpak. Uitgangspunt daarbij is dat de bijstandsontvanger voor langere tijd terugkeert op de arbeidsmarkt. Terugvallen op een bijstandsuitkering moet zoveel mogelijk worden voorkomen.

Daarnaast zal het activeringsbeleid verder worden ontwikkeld. Zo is een wetswijziging in voorbereiding om bijstandsgerechtigden tijdelijk vrij te kunnen stellen van de sollicitatieplicht wanneer zij deelnemen aan activiteiten gericht op sociale activering. De komende tijd zal het beleid gericht op de ondersteuning van alleenstaande ouders in de bijstand verder worden uitgewerkt. Daarbij is het onder meer van belang dat er voldoende kinderopvang beschikbaar is. De verhoging kortgeleden van het budget van de Regeling kinderopvang met 31 miljoen gulden is ook bedoeld om het grotere beroep dat alleenstaande ouders doen op deze regeling mogelijk te maken.
Daarnaast zal extra aandacht worden besteed aan betaald werk voor vluchtelingen en de (re)integratie van allochtone jongeren. Deze aandacht is nodig gezien de grote werkloosheid onder deze groepen.

Inkomenswaarborg
In de herziene bijstandswet hebben de gemeenten de ruimte gekregen toeslagen te verlenen op de wettelijk gegarandeerde basisuitkering. Dat heeft vooral geleid tot een vereenvoudiging van de uitvoering. Daarnaast leveren de gemeenten maatwerk via de bijzondere bijstand. Daarmee sluiten zij aan bij de inzet van het kabinet om te komen tot een combinatie van algemeen rijksbeleid en lokaal beleid. De verhoging van het budget voor bijzondere bijstand heeft dit beleid bevorderd.

In de evaluatie is vastgesteld dat het niet-gebruik een knelpunt is bij de uitvoering van de bijzondere bijstand. Op kleine schaal is inmiddels ervaring opgedaan met het terugdringen van niet-gebruik van bijstand door het vergelijken van gegevens in verschillende bestanden. Over de wenselijkheid van bestandskoppeling om het niet-gebruik aan te pakken wordt een standpunt voorbereid.

Het bieden van een inkomenswaarborg in de bijstand mag de overgang naar betaald werk niet in de weg staan. Als er door een opeenstapeling van zogeheten inkomensafhankelijke regelingen (huursubsidie en gemeentelijke kwijtscheldingsregelingen bijvoorbeeld) belemmeringen ontstaan voor het accepteren van een baan, dan zal daar wat aan worden gedaan. Daarbij zal gebruik worden gemaakt van de resultaten van de Werkgroep Harmonisatie van Inkomensafhankelijke Regelingen. De werkgroep heeft de gevolgen van deze regelingen voor de zogeheten armoedeval in kaart gebracht en heeft bekeken hoe de armoedeval verkleind kan worden. Het kabinet zal hier binnenkort zijn standpunt over bepalen.

Rol gemeenten
De versterking van de rol van de gemeenten bij de uitvoering van de bijstandswet komt vooral tot uiting in het Fonds Werk en Inkomen (FWI) dat waarschijnlijk op
1 januari 2001 wordt ingevoerd. De invoering van dit fonds betekent onder meer dat het gemeentelijk aandeel in de uitgaven voor bijstandsuitkeringen in de eerste fase van het FWI wordt vergroot van 10 tot 25%. Het fonds kent een uitkeringsdeel (bijstand) en een werkdeel (Wet inschakeling werkzoekenden, Wiw). Geld dat gemeenten in het uitkeringsdeel 'overhouden' door bijvoorbeeld een succesvol uitstroombeleid te voeren, kan worden ingezet om mensen aan het werk te helpen.
Een wetsvoorstel voor de invoering van deze eerste fase zal dit voorjaar aan de Tweede Kamer worden aangeboden. Een volgende fase zal pas worden ingevoerd als bekend is hoe de eerste fase uitwerkt.

Cliëntenparticipatie
De evaluatie van de wet heeft aangetoond dat vrijwel alle gemeenten hebben voldaan aan de verplichting om een of andere vorm van cliëntenparticipatie te regelen. Daardoor worden mensen met een bijstandsuitkering nauwer betrokken bij het lokale bijstandsbeleid. Het kabinet zal de verdere ontwikkeling van cliëntenparticipatie bevorderen en cliëntenorganisaties en gemeenten ondersteunen om de participatie verder te verbeteren.

Fraudebestrijding
Uit de evaluatie van de Abw is gebleken dat het beoordelen van een eerste aanvraag voor bijstand, de zogeheten poortwachtersfunctie, is verbeterd. Dit geldt ook voor de periodieke controle van het recht op een uitkering bij mensen die al een bijstandsuitkering hebben. Het kabinet vindt een goed werkend gemeentelijk fraudebeleid onontbeerlijk. Tot eind dit jaar wordt samen met de gemeenten in het project Kwaliteitsverbetering gemeenten gewerkt aan het verhelderen van het lokale fraudebeleid. Dit moet uitmonden in het opstellen van gemeentelijke fraudebestrijdingsplannen. Daarnaast zal het oprichten van plaatselijke inlichtingenbureaus een belangrijke bijdrage leveren aan de fraudebestrijding. Ook de Regionale Interdisciplinaire Fraudeteams zijn een stimulans voor het voorkomen en bestrijden van misbruik. De komende tijd zullen deze teams zich onder meer richten op de bestrijding van zwarte fraude (zwart werken naast een uitkering).

Het kabinet constateert dat de gemeenten de afgelopen jaren veel energie hebben gestoken in de invoering van de nieuwe bijstandswet en in alle andere veranderingen waarmee zij te maken hebben gekregen. Ook de komende jaren komt er veel nieuw beleid op de gemeenten af. Dit maakt een zorgvuldige invoering van beleid des te meer noodzakelijk. Er zal regelmatig overleg worden gevoerd met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en met cliëntenorganisaties over de hoofdlijnen van het beleid.

15 feb 00 17:24

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie