Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Brief Justitie inzake asielzoekers uit Srebrenica

Datum nieuwsfeit: 15-02-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal


19637000.508 brief sts just n.a.v. toezeggingen gedaan tijdens ao van
9 febr. jl.

Gemaakt: 21-2-2000 tijd: 14:9


3


19637 Vluchtelingenbeleid

nr. 508 Brief van de staatssecretaris van Justitie

Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

's-Gravenhage, 15 februari 2000

Tijdens het Algemeen Overleg van 9 februari jl. met de vaste commissie voor Justitie van uw Kamer heb ik toegezegd u over een aantal onderwerpen nader schriftelijk te zullen informeren. Door middel van deze brief doe ik u deze informatie toekomen.

Toelating van asielzoekers die de val van Srebrenica hebben meegemaakt

Naar aanleiding van het verzoek van verschillende leden van uw Kamer heb ik bezien of asielzoekers die de val van Srebrenica hebben meegemaakt toelating als quotumvluchteling kan worden verleend. Mij is na overleg met de UNHCR gebleken dat dit niet tot de mogelijkheden behoort. Het quotumbeleid is bestemd voor de hervestiging van door UNHCR erkende vluchtelingen voor wie terugkeer naar het land van herkomst noch voortzetting van het verblijf in een eerste land van opvang een duurzame oplossing vormt. Naar het oordeel van UNHCR dient het hervestigingsbeleid gescheiden te blijven van het beoordelen van asielaanvragen; invulling van het quotum met reeds hier te lande verblijvende asielzoekers door Nederland zou bij andere hervestigingslanden vragen oproepen. Dit betekent dat het Kabinet zich nader zal beraden over uw verzoek. Ik zal uw Kamer zo spoedig mogelijk van de uitkomsten van het kabinetsberaad op de hoogte stellen.

Ambtsbericht Afghanistan

Naar aanleiding van het verzoek van de heer Kamp (VVD) heb ik de minister van Buitenlandse Zaken inmiddels verzocht om in maart een nieuw ambtsbericht over Afghanistan uit te brengen.

Motie van het lid Middel (PvdA)

Met betrekking tot de op 28 september 1999 door het lid Middel ingediende motie over criminele illegalen deel ik u het volgende mee. De motie strekt ertoe criminele illegalen na hun aanhouding te vervolgen en te bestraffen, vervolgens ongewenst te verklaren en in het verlengde daarvan vast te houden totdat verwijdering uit Nederland kan plaatsvinden.

Zoals ik reeds aangaf tijdens het Algemeen Overleg ben ik het met de strekking van de motie, namelijk dat illegale criminelen vervolgd en bestraft dienen te worden volledig eens. Hiertoe is het van belang dat er sprake is van een betere afstemming tussen het strafrecht en het vreemdelingenrecht. Hiertoe onderneem ik thans samen met de minister van Justitie stappen in het kader van het project Vreemdelingen in de strafrechtketen (Vris).

Ik streef er naar de Kamer nog voor het paasreces nader te informeren.

Motie van het lid Kamp (VVD)

Op 28 september 1999 is eveneens de motie Kamp ingediend . De motie Kamp strekt ertoe om een regeling voor het centraal melden en registreren van constateringen van illegaal verblijf van niet toegelaten asielzoekers door overheden op te zetten. Ten tijde van het indienen van de motie heb ik reeds aangegeven dat een dergelijk meld- en registratiesysteem waarschijnlijk een wettelijke basis behoeft. Dat is inmiddels komen vast te staan.

Op dit moment voer ik overleg met mijn collega's van Volksgezondheid Welzijn en Sport (VWS) en Onderwijs Cultuur en Wetenschappen (OCW) om te bezien of en zo ja op welke wijze een meld-registratiesysteem vorm gegeven kan worden. Zodra ik daar meer over kan meedelen, zal ik mij tot uw Kamer wenden.

Verleende vtv's onder het driejarenbeleid

De heer Wijn vroeg tijdens Algemeen Overleg naar het aantal vergunningen tot verblijf (vtv) dat verleend is met toepassing van het driejarenbeleid. In onderstaande wil ik uw Kamer hierover graag informeren, waarbij ik aansluit bij hetgeen ik hierover in mijn brief van 28 juni 1999 aan uw Kamer schreef en hetgeen ik hierover tijdens het Algemeen Overleg van 22 september 1999 heb gemeld.

Tijdens voornoemd Algemeen Overleg heb ik reeds melding gemaakt van een vertraging als gevolg van systeemtechnische onvolkomenheden, zodat het systeem pas per eind 1999 technisch zou worden opgeleverd.

In december 1999 is de bouw van het cohortsysteem afgerond. Hiermee is het systeem technisch beschikbaar. In de maand januari 2000 heeft de eerste vulling met gegevens over de periode 1994 tot en met 1999 plaatsgehad. Deze gegevens worden vanaf heden iedere eerste week van de maand aangevuld met gegevens over de voorafgaande maand.

Momenteel werkt de IND aan een eerste rapportage op basis van dit systeem. Indien deze rapportage aan de gestelde eisen voldoet en het systeem daarmee naar behoren functioneert ten aanzien van asielzoekers vanaf 1994, zullen daarna periodiek in de rapportage Asielketen de gegevens van de cohortanalyse opgenomen kunnen worden.

Ten aanzien van het inzicht in de mate waarin op grond van het beleid inzake het vtv-tijdsverloop in asielzaken dient te worden gekomen tot het verlenen van vergunningen tot verblijf, kan ik u het volgende meedelen. Het cohortsysteem kan niet gebruikt worden bij het standaard in kaart brengen van het aantal verblijfsvergunningen dat om redenen van tijdverloop in een bepaalde periode verstrekt is. Alleen door het geautomatiseerde produktiesysteem van de IND (INDIS) aan te passen kunnen deze gegevens gegenereerd worden.

Om het aantal vtv-tijdsverloop-zaken te kunnen volgen dient er een aanpassing in dat systeem te worden aangebracht. De mogelijkheden daartoe worden onderzocht. Indien blijkt dat dit niet op eenvoudige wijze te realiseren is, zal een dergelijk systeem eerst mogelijk zijn na inwerkingtreding van de nieuwe Vreemdelingenwet, hetgeen nog geruime tijd zal duren. Uiteraard blijft het mogelijk om aan de hand van steekproefsgewijs onderzoek de mate van VTV-verlening veroorzaakt door tijdsverloop in asielzaken te kunnen volgen.

Vvtv-beleid inzake Bosnië-Herzegovina

Tijdens het Algemeen Overleg werd opgemerkt dat op p. 8 van de Jaarlijkse Vluchtelingenrapportage vermeld staat dat asielzoekers uit Bosnië-Herzegovina per 1 januari 1999 in aanmerking kwamen voor een vvtv. Hiermee is bedoeld te zeggen dat in 1999 aan bepaalde Bosniërs nog vvtv's zijn verleend. Asielzoekers uit Bosnië-Herzegovina komen in aanmerking voor een vvtv voor zover er sprake is van een asielaanvraag die dateert van voor 1 juni 1997. Omdat niet in alle gevallen tot intrekking van de vvtv's wordt overgegaan, is aan deze vvtv-gerechtigden in 1999 nog een vvtv verstrekt. U zie hiervoor de brieven aan uw Kamer van 25 maart 1998 en 9 oktober 1998 (1998-1999,
19637, nrs. 326 en 367).

Ik vertrouw u met het bovenstaande voldoende te hebben ingelicht.

De Staatssecretaris van Justitie,

M.J. Cohen

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie