Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Inbreng Spoelman bij bestrijding langdurige werkloosheid

Datum nieuwsfeit: 16-02-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Partij van de Arbeid

Inbreng van Laurette Spoelman bij het algemeen overleg over de bestrijding van langdurige werkloosheid (sluitende aanpak en ID-banen)
16 februari 2000 PvdA

Achtergrond


*EWLW-banen, met ingang van 1-1-'99 voortgezet als ID-banen, zijn door de gemeente gesubsidieerde arbeidsplaatsen voor langdurig werklozen in de collectieve en non profit sector. Het gaat hier om 'echte' banen, die niet in eerste instantie gericht zijn op uitstroom, en waarbij de werknemer in dienst is van de werkgever en onder de CAO (indien aanwezig) valt. De I-banen beginnen bij het minimumloon en hebben een uitloop tot 130% van het WML. Er is per 1-1-2000 een beperkt aantal D-banen beschikbaar, met een uitloop tot 150% van het WML. De brief van de minister is een voortgangsrapportage over de realisatie en bezetting van arbeidsplaatsen per medio '99. Het totaal (gemeenten en zorg) aantal toegekende banen bedraagt 45000, het aantal bezette banen 38000.


*De sluitende aanpak (dit is de uitvoering van het tweede Europese richtsnoer) is gericht op de instroom van nieuwe werklozen. Door het doen van een arbeidsmarktgericht aanbod in de vorm van scholing, werkervaring of werk, binnen een jaar, moet langdurige werkloosheid voorkomen worden. De brief van de minister is een voortgangsrapportage van de sluitende aanpak tot dusver, de uitvoering ervan in 2000, en informatie over de beschikbare middelen voor reïntegratie voor 2000.

Inbreng

Sluitende aanpak

1. De minister is in zijn brief optimistisch over de voortgang van de uitvoering van de sluitende aanpak. In ieder geval loopt Nederland in de pas met de Europese planning, en naar verluid zelfs meer dan dat. In zijn brief benadrukt de minister steeds dat de preventieve aanpak niet ten koste mag gaan van de langdurig werklozen. Bij een gunstig blijvende economie zou meer geld naar de langdurig werklozen kunnen, omdat er dan minder instroom zal zijn. Bovendien kan vóór 2002 het grootste deel van het geld ook nog steeds naar de groep die nu al werkloos is. Dus waar zouden we ons zorgen over maken?
De PvdA-fractie is van mening dat gezien de aard en omvang van de langdurige werkloosheid een veel grotere inspanning nodig is dan nu geleverd wordt. Door de gunstige economische omstandigheden is de markt afgeroomd. De groep mensen die nu nog aan de kant staat heeft een zeer grote afstand tot de arbeidsmarkt en intensievere begeleiding nodig. Het ligt veel meer voor de hand het actieve beleid ter voorkoming van langdurige werkloosheid uit te breiden met een krachtige bestrijding van de reeds bestaande langdurige werkloosheid. En dat moet nú zijn, nu er een mooi instrument, de sluitende aanpak, voorhanden is, nu er extra Europese middelen zijn, en nu de economische ontwikkeling nog gunstig is. In Alkmaar is men begonnen met een sluitende aanpak ook voor het zittend bestand. Het blijkt dat eenderde van deze mensen met behulp van een traject weer aan de slag kan.
De minister heeft in het vorige AO (juni 1999) aangegeven niet te voelen voor zo'n uitbreiding. Als de ministers in dit overleg nog steeds aan dit standpunt blijft vasthouden, wil de PvdA-fractie een motie indienen.

2. Doel van de sluitende aanpak is om aan alle nieuwe werklozen boven de 23 jaar die niet zelf aan de slag kunnen komen een arbeidsmarktgericht aanbod te doen. Dit is wel een heel weinig ambitieuze doelstelling, het niet meer doen dan een aanbod. Het gaat dus niet over de duurzaamheid van het aanbod of over de resultaten van dat aanbod. Wij hebben de indruk dat veel trajecten er op zijn gericht zo snel mogelijk de arbeidsmarkt op te kunnen en dat dit leidt tot uitval. En dat trajecten kortlopend zijn geen vervolg krijgen. De PvdA-fractie wil van de minister weten welke trajecten worden aangeboden en of het aanbieden van trajecten ook daadwerkelijk heeft geleid tot het voorkomen van langdurig werkloosheid. Hierover zijn geen cijfers bekend; deze moeten beschikbaar zijn bij de evaluatie van de sluitende aanpak.

3. Opvallend is dat van het ESF-geld een wel heel groot deel naar Arbvo gaat. Arbvo krijgt dit jaar 250 mln., de gemeenten (G 25) 100 mln. De inzet van de ESF-3 middelen, in totaal 440 mln. per jaar voor het activerend arbeidsmarktbeleid, is niet alleen bedoeld voor de sluitende aanpak, maar ook voor de bestrijding van langdurige werkloosheid en scholing van werkenden.
In feite is dit hoge bedrag voor Arbvo bedoeld als een afkoopsom, omdat de gedwongen winkelnering is afgeschaft. Maar de grootse groep mensen, die tevens het moeilijkst bemiddelaar is, is juist de groep mensen die primair onder de verantwoordelijkheid van gemeenten valt. Dit zijn de mensen met bijstand, die vaak langdurig werkloos èn fase 4 zijn.
Bovendien gaat het overgebleven ESF-geld alleen nog naar de 25 grootste gemeenten. Dat betekent dat gemeenten die nu projecten uitvoeren ter bestrijding van de langdurige werkloosheid, maar niet behoren tot de G25, vanaf nu opeens geen geld meer krijgen. In Zeeland bijvoorbeeld krijgt geen enkele gemeente nog ESF-geld. Een ander voorbeeld is het Noorden, waar specifieke problemen bestaan op het gebied van langdurige werkloosheid en lage participatie van vrouwen. De gemeenten kunnen wel bij Arbvo aankloppen voor hun projecten, maar het is bekend dat sociale diensten, Arbvo en uvi's over het algemeen moeilijk samenwerken. De regie komt dus bij Arbvo te liggen maar de kennis van het langdurig werklozenbestand zit vooral bij de gemeenten.
De PvdA-fractie wil van de minister weten hoe het mogelijk is dat zo'n rare constructie is gekozen en hoe dit zich verhoudt tot SUWI.

ID-banen

1. Medio '99 hadden ruim 38.000 mensen een ID-baan. Van deze groep zijn slechts 2000 mensen uitgestroomd naar ander werk, dit is nog geen 5%! Dit is erg weinig in het licht van de gunstige economie. Gemeenten kunnen baat hebben bij het vasthouden van mensen in dit soort banen, omdat nieuwe instromers weer een grotere afstand tot de arbeidsmarkt hebben. Wat wil de minister hier aan doen?

2. Verder zijn er nog eens 4000 mensen uitgestroomd waarvan niet bekend is wat daarvan de oorzaak is. De Pvda-fractie vraagt de minister om deze gegevens bij de evaluatie wel beschikbaar te hebben. Over de WIW zijn helemaal geen gegevens beschikbaar. Over de in- en uitstroom worden onrustbarende geluiden vernomen. De uitstroom naar regulier werk zou rond de 8% liggen. Wij vragen de minister de Kamer zo snel mogelijk gegevens te verstrekken.

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie