Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

CDA over Gemeentelijke herindeling West-Overijssel

Datum nieuwsfeit: 23-02-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
CDA

: Tweede Kamer : Gemeentelijke herindeling West-Overijssel (230200)

Archief Schriftelijke Vragen Archief Schriftelijke Vragen

Gemeentelijke herindeling West-Overijssel (230200)

Den Haag, 23 februari 2000.

INLEIDING

Na de herindeling in Twente is nu het herindelingsvoorstel voor West Overijssel aan de orde in Tweede Kamer. Aannemen van dit wetsvoorstel leidt tot grote gemeenten in West Overijssel zonder dat zicht bestaat op het al dan niet doorgaan van het eerder ingediende voorstel herindeling Twente. De behandeling daarvan is vastgelopen in de Eerste Kamer. Gisteren heeft de minister eindelijk zijn antwoord aan de Eerste Kamer gestuurd. Dat komt er kort gezegd op neer dat hij het wetsvoorstel handhaaft. Er is nog weinig te zeggen over tijdstip en uitkomst van het nog te houden debat. Maar het getreuzel van de zijde van de Ministe (deze kwestie sleept al meer dan een half jaar) leidt alleen maar tot onzekerheid in het gebied en tot meer kosten voor de betrokken gemeenten. Het heeft at tot uitstel met een jaar geleid. En alhoewel de CDA fractie geen voorstander was van het wetsvoorstel Twente, is het onverteerbaar dat de uitvoering van aangenomen wetsvoorstellen niet kan plaatsvinden omdat de behandeling wordt opgehouden door de minister. Terwijl een jaar geleden het herindelingsvoorstel Twente met spoed moest worden behandeld vanwege : de broodnodige zekerheid voor het gebied. We zien nu houe zwaar de toen gehanteerde argumenten hebben gewogen voor deze minister. Wat is gebeurd is feitelijk een vorm van onbehoorlijk bestuur.

Dat leidt tot de vraag waarom het dan zo nodig is dat het herindelingsvoorstel West Overijssel nu behandeld moet worden. Het antwoord dat het gebied recht heeft op duidelijkheid is legitiem. Maar die ultieme duidelijkheid, ook over de datum van invoering is er pas na behandeling en stemming in de Eerste Kamer. Hoe je het ook wendt of keert, er ligt wel degelijk een relatie tussen beide voorstellen. Aanname van dit voorstel en afwijzen van het andere (Twente) leidt tot onevenwichtige bestuurlijke verhoudingen in Overijssel. Het is dan ook maar de vraag of het niet beter zou zijn pas over dit wetsvoorstel te stemmen als helderheid bestaat over het al dan niet (onverkort, in de huidige vorm!!!! ) doorgaan van het herindelingsvoorstel Twente. Zeker, er zijn geen technisch-feitelijke specten in het geding die tot een bepaalde volgorde in aanvaarding van dit wetsvoorstel en het herindelingsvoorstel voor Twente door de Staten Generaal zouden moeten leiden, (pag. 7 N.nav V.) maar er zijn wel politiek bestuurlijke aspecten t.a.v. zorgvuldigheid in het geding! En een daarvan is de balans tussen gemeenten in een provincie.

ALGEMEEN DEEL

Herindeling blijft de gemoederen bezig houden. Zodra herindeling niet van onderop wordt gedragen blijkt er veel weerstand te zijn. Zowel bij bestuurders als bij gewone burgers. Mensen zijn bang hun eigenheid en identiteit, ook tot uiting komend in politieke en bestuurscultuur, kwijt te raken als ze moeten opgaan in een vaak veel groter geheel. Dat gevoelen sluit aan bij andere trends in maatschappij en bedrijfsleven waar meer en meer het begrip menselijke maat, samenwerking vanuit eigen kracht aan vorm en inhoud wint. En dit parallel aan de wereldwijde trend van globalisering en schaalvergroting.
De netwerksamenleving, netwerkeconomie van de een-en-twintigste eeuw krijgt gestalte. Maar het bestuurlijk denken bevindt zich nog duidelijk in de nadagen van de vorige eeuw waar herindeling de beste oplossing vormde voor alle bestuurlijke problemen.

Naast het waarderen van initiatieven van onderop hanteert de CDA fractie de knelpuntenbenadering bij het beoordelen van herindelingsvoorstellen: welke knelpunten liggen er, worden die met herindeling opgelost, zijn er ook andere oplossingsrichtingen mogelijk, welke meerwaarde heeft herindeling afgezet tegen de nadelen van schaalvergroting ed. In de Nota n.a.v. het verslag worden de vragen op dit punt stelselmatig niet of nauwelijks beantwoord. De minister hanteert een ander referentiekader en daaruit volgt dat herindeling een politiek bestuurlijke keuze is die linea recta leidt tot robuuste gemeenten met een grote bestuurskracht. Maar waarop is die vooronderstelling toch gebaseerd? Dat wordt nergens uit de doeken gedaan. Er is veeleer sprake van een vorm van wishful thinking. Herindeling wordt gezien als middel om te komen tot een adequate aanpak van maatschappelijke problemen en opgaven en tot een democratisch, effectief en transparant openbaar bestuur dat een positieve uitwerking op de burgers heeft. (pag.3) In een dergelijk ministerieel denkraam past het niet om vooraf te definieren om welke problemen en opgaven het gaat, en al helemaal niet om andere alternatieven te bekijken. Hier is het adagium: groter is beter en groter moet. Alsof de bestuurlijke werkelijkheid niet een geheel ander beeld te zien geeft. Maar de minister is iets voorzichtiger op andere bladzijden van de Nota nav Verslag waar hij stelt dat hij geen garanties geeft voor een slagvaardiger gemeentelijk bestuur en voor verbetering van de dienstverlening na herindeling. Dat is maar goed ook, want de evaluaties van herindelingen geven meer dan te denken! Overigens moet mij van het hart dat ik weinig begrip heb voor verwijten van de minister in de richting van gemeentebesturen die, op goede gronden, pogen de herindelingswals te keren. Dat soort verwijten past niet, zeker niet uit de mond van een oud burgemeester van Rotterdam die de nodige ervaringen heeft met volksstemmingen en referenda.
Hoe je het ook draait of keert, het heeft bijna twee jaar geduurd voordat het wetsvoorstel bij de Tweede Kamer werd ingediend. De CDA fractie heeft forse kritiek op deze veel te lange incubatietijd op rijksniveau. Hierdoor zijn onnodige kosten gemaakt, zijn ambtelijke diensten leeggelopen en is onzekerheid niet ingeperkt. Vanaf juni 1997 (behandeling in de Staten) worden vacatures aangehouden. Kunt u zich voorstellen wat dat betekent voor de bestuurskracht van een gemeente! En voor de dienstverlening naar de burgers! Het concept voorstel was gereed en het is ongewijzigd ingediend in de Tweede kamer. Daar op tijd afgehandeld. Het volgt de provinciale voorstellen en past in de filosofie van het regeerakkoord. Ook hier zijn de verwijten van de minister, dit keer in de richting van de ondernemingsraden, niet terecht.

Kortom, de minister geeft aan dat hij andere uitgangspunten hanteert en dat hij onder verwijzing naar het regeerakkoord en naar de Beleidsnotitie gemeentelijke herindeling geen zin heeft in een andere benadering.
Bij eerdere gelegenheden heeft de CDA fractie uitvoering de eigen beleidslijn neergezet. Hier en nu beperk ik mij tot de hierboven gedane constatering.
Opvallend is verder dat de gehele takendiscussie als niet relevant ter zijde wordt geschoven. (pag. 8 N.nav V.) Maar het is wel aardig dat de minister zich met zijn pleidooi onder het motto Pantha Rei! een voorstander betoont van een interbestuurlijke aanpak waarbinnen elk vraagstuk zijn eigen schaal en eigen aanpak heeft. Dat spreekt meer aan dan de ronkende taal over de robuuste gemeenten.

EEN AANTAL DETAILS

De problematiek van Bathmen wordt opnieuw doorgeschoven. Opvallend is wel dat er nu een voorwaarde wordt toegevoegd: nml dat de ARHI procedure pas wordt opgestart nadat het wetsvoorstel tot gemeentelijk herindeling van Twente is aanvaard. De zeer relevante vraag over de inhoudelijke insteek van die op te starten procedure blijft echter onbeantwoord! Graag duidelijkheid over de nu verder te volgen lijn, inclusief een bijbehorend tijdpad.

De provinciegrenzen blijven vooralsnog heilig. Dat is jammer, want het minder rigide hanteren daarvan zou ook meer oplossingen mogelijk hebben gemaakt dan wat tot nu toe gepresenteerd wordt. Wat is trouwens de stand van zaken met betrekking tot de nog uit te voeren grenscorrectie bij Gorssel? En van de mogelijke grenswijzigingen tussen Utrecht en Zuid Holland?

De Wet op de Ondernemingsraden blijft moeilijk voor deze minister. Hij volgt in Limburg een andere koers dan in West Overijssel. In Limburg is het gebod van de Ondernemingskamer om advies te vragen aan de ondernemingsraad door de minister gevolgd. Hier, zoals b.v. in Ijsselham en Ommen, niet. Het blijft gissen naar de reden van deze halsstarrige houding van de minister. De toekomst zal moeten uitwijzen hoe dit probleem verder wordt aangepakt, zeker na de invoering van de gewijzigde wet ARHI.

DE INHOUD VAN HET WETSVOORSTEL

De hamvraag over de door de herindeling op te lossen knelpunten blijft zoals gezegd onbeantwoord. Die knelpunten zijn er veelal niet. Het herindelingsvoorstel in ingegeven door een politieke wens en door de wens om de schaal van de betrokken gemeenten aan te passen aan de schaal van de geherindeelde gemeenten in Twente. Die politiek bestuurlijke keuze is niet de onze, maar moet helaas gezien de huidige coalitie worden geaccepteerd als een gegevenheid. En voorts zit, zoals gezegd, een probleem bij de relatie met het wetsvoorstel Twente. Maar aangezien de voorstellen er liggen zal de CDA fractie wel een oordeel uitspreken over de voorstellen.
Zwolle en omgeving

Zwolle heeft geen ruimteproblemen, ook niet de komende 25 jaar. Zwolle krijgt gewoon een ruimer jasje. De voorstellen voor de polder Mastenbroek zijn naar onze smaak echter niet goed onderbouwd. De aanwezigheid van een evident ruimtelijk knelpunt wordt niet aangetoond. Ook wordt door de minister voorbij gegaan aan de traditie van constructieve samenwerking met de huidige gemeenten Ijsselmuiden en Hasselt. Ook in de nieuwe gemeenten kan een constructieve houding worden verwacht. Daarom heeft de CDA-fractie tav. Mastenbroek een amendement ingediend: het huidige noordwestelijke grensbeloop wordt gehandhaafd. Over de grenscorrectie Lichtmis het volgende. Hier is toch geen sprake van een strategische zone en ook de andere argumenten (die wel gehanteerd kunnen worden voor de Hessenpoort) gaan toch eigenlijk niet op voor Lichtmis. Of heeft de regering speciale planologische bedoelingen met dit gebied? De minister zal dus met een sterker en explicieter verhaal moeten komen ten aanzien van de noodzaak om ten oosten van Zwolle tot gebiedsuitbreiding te komen. Waarom toch niet ervoor gekozen om dit gebiedje te laten bij de nieuwe gemeente Dalfsen Nieuwleusen. De argumenten ten aanzien van het behartigen van de agrarische belangen en de aandacht voor de natuur- en landschapswaarden, gecombineerd met het karakter van de betrokken gemeenten worden eigenlijk niet weerlegd. Graag een nadere toelichting.

Dalfsen / Nieuwleusen.

Hier is sprake van een samengaan van gemeenten van onderop. De samenwerking en de voorbereiding op de fusie verloopt voorspoedig. Beide gemeenten hebben al heel wat tijd, energie en geld geinvesteerd in elkaar. Kortom, de CDA fractie kan zich vinden in deze samenvoeging. In de afgelopen week is er in het gebied wat commotie ontstaan als gevolg van een suggestie van collega Hoekema om Ommen aan deze nieuwe gemeente toe te voegen. Ik weet niet wat hem hiertoe heeft bewogen, maar ik kan hier kort over zijn: absoluut onnodig.

Noord oost Overijssel

Het voorstel voorziet in het ontstaan van een gigantisch grote gemeente in Noordoost Overijssel. 500km2! Vergelijkbaar met een gebied nagenoeg zo groot als het grondgebied van Haaglanden, Rotterdam Rijnmond en het groene hart samen! Of, om een ander voorbeeld te noemen: Heel Zuid Limburg inclusief heerlen, Kerkrade en Maastricht. Niemand zou het in zijn hoofd halen om in die twee gebieden tot een gemeente van een dergelijke omvang te komen.
De samenvoeging wordt beargumenteerd met allerlei politieke ambities. Maar dat doet niets af aan het feit dat de samenvoeging van Ommen, Avereest, Hardenberg en Gramsbergen leidt tot een gemeente waarin de menselijke maat ver te zoeken is. Dit is dus meer dan een maatje te groot!
Het moet dus anders, kleinschaliger. En dat kan ook. De voorkeur van de CDA fractie gaat uit naar een zelfstandig Ommen, een zelfstandig Avereest en een samenvoeging van Hardenberg en Gramsbergen. Dat laatste lost een probleem op waar het gaat om de economische ontwikkeling van het oostelijk deel. Hier ligt een knelpunt dat tot oplossing zou kunnen komen door een samenvoeging. De keuze voor een zelfstandig Ommen en Avereest komt alles afwegend voort uit een combinatie van drie argumenten.

1. Er is geen sprake van dusdanig ruimtelijke knelpunten dat vorming van een mega-gemeente van boven de 70.000 inwoners voor de hand ligt.
2. Ommen heeft een overwegend toeristisch-recreatieve functie; Avereest een meer agrarisch-industrieel karakter. Beide kunnen zelfstandig goed uit de voeten.

3. De omvang in zowel aantal kernen, vierkante kilometers, onderlinge afstanden leidt tot grote afstemmingsproblemen, meer kosten, en (gelet op de onderzoeken naar herindelingseffecten) tot meer afstand tussen burgers en politiek bestuur.
We hebben overwogen om een totaal amendement op dit punt in te dienen om op die manier exact de CDA opvatting neer te zetten. Overleg met andere partijen leerde echter al snel dat dit geen haalbare kaart was. Daarom heeft het CDA gekozen voor mede ondertekening van twee andere amendementen.
Dat is het VVD amendement ten aanzien van een zelfstandig Ommen. Dat amendement komt tegemoet aan een deel van onze wensen voor dit gebied. En dat is ook het amendement van de heer van de Berg t.a.v. een zelfstandig Avereest.
Een ander optie: tweedeling in de vorm van Ommen Avereest aan de ene kant en Hardenberg Gramsbergen aan de andere kant is niet acceptabel voor het CDA. De hierboven genoemde argumenten blijven dan gelden. En, deze optie is door het gebied en door de staten definitief afgewezen.

Salland

Raalte / Heino
Dit wordt een gemeente van 36000 inwoners. Groot, dat is waar. De wens naar zelfstandigheid bij Heino is ons heel duidelijk gemaakt. Raalte en Heino doen al veel zaken met elkaar, de voorbereidingen verlopen goed. Heino heeft gekozen voor een twee sporenbeleid, in Raalte is sprake van een ontwikkeling die gekarakteriseerd kan worden als : van neutraal naar (gematigd) positief.
Maar als je alles op een rijtje zet blijft toch de vraag wat nu de feitelijke meerwaarde is van deze samenvoeging. En die vraag moet toch eigenlijk inhoudelijk beantwoord kunnen worden door de minister. Dan kan niet worden volstaan met een verwijzing naar een politieke wens, zeker niet als die wens niet wordt onderbouwd.
Ik heb overigens nog een vraag over het voortbestaan van de scholen in Laag Zuthem en Liederholthuis. De CDA fractie gaat ervan uit dat dit voortbestaan is gegarandeerd. Graag een nadere toelichting.

Olst / Wijhe
Ook hier was de eerste optie het behoud van zelfstandigheid. Maar, als er samengevoegd moest worden, dan was het nu voorliggende voorstel beslist een optie: een stevige plattelandsgemeente van ongeveer 17.000 inwoners tussen Deventer en Zwolle. Qua schaal past dat ook wel bij de overige gemeenten in Overijssel. Het voorstel lijkt dan ook vanzelfsprekend, maar is dat ook wel zo? Of is er toch niet eerder sprake van een restkeuze omdat andere opties belegd zijn met voorstellen voor andere gemeenten? Er is ook een niet mis te verstane verschil in orientatie en er is het verschil qua samenwerkingsregio. Die verschillen zijn er niet voor niets en ze worden eigenlijk met een dooddoener afgedaan. Worden nauwelijks serieus genomen. Dat is jammer, want daardoor wordt er op voorhand een probleem gecreerd. Dat moeten we natuurlijk niet hebben. Toch graag een nadere inhoudelijke onderbouwing van dit voorstel.

IJsseldelta

Kampen / IJsselmuiden
Ook in dit geval is sprake van een herindeling van onderop. Er is een gezamenlijke toekomstvisie. Alleen, zoals al eerder gezegd is er dat onlogische grensbeloop bij de Mastenbroekpolder. Maar daarvoor is dan ook het onder het kopje Zwolle besproken amendement ingediend. De dreigende opheffing van de basisscholen lijkt te zijn opgelost met de inmiddels ingediende nota van wijziging. Dank daarvoor. maar er is wel een probleem met de formulering van de nota van wijziging en wel met de in onderdeel D , artikel 10a, lid 3 vermelde datum van 1 januari 2001. Dat zou 2002 moeten zijn, aangezien anders niet bereikt wordt wat met de nota van wijziging wordt beoogd. Is dit correct? Als dat zo is, is een amendement of een aanvullende nota van wijziging nodig. Inmiddels heb ik een amendement ingediend dat hierin voorziet. Graag een reactie van de minister.
Overigens is het zeer van belang dat bij herindelingen goed gekeken wordt naar de consequenties voor b.v. de onderwijshuisvesting. Dat moet worden bekeken per nieuw te vormen gemeente en niet per totaal herindelingsgebied zoals de minister nu doet in de Nota nav. verslag.

Hasselt, Genemuiden, Zwartsluis.
Ook voor deze nieuwe gemeente heeft het amendement t.a.v. de Mastenbroekpolder zijn consequenties.
Het CDA erkent dat door de samenvoeging van deze drie gemeenten een regionaal knelpunt wordt opgelost. De voorkeur van Genemuiden voor zelfstandigheid is helder, maar in de uiteindelijke afweging is de balans doorgeslagen in het voordeel van de samenvoeging. Het CDA fractie waardeert zeer dat door middel van een Nota van wijziging de naam van de nieuw te vormen gemeente conform hun wens is vastgelegd in het wetsvoorstel: Zwartewaterland.

Noordwest Overijssel

Steenwijk / Brederwiede / IJsselham
Deze samenvoeging is toch wel zeer grootschalig. Herindeling heeft hier pas 26 jaar geleden plaatsgevonden. Evaluatie van die herindeling is echter nooit gebeurd. De nieuwe gemeenten beginnen eindelijk hun vorm en hun naamsbekendheid (Brederwiede!!) te krijgen en dan nu weer een nieuwe herindeling waartoe de noodzaak nauwelijks is aangegeven.
Zelfstandigheid waar mogelijk en samenwerking waar nodig is hier een veel betere optie dan de grootschaligheid die nu wordt voorgesteld. Het CDA heeft inhoudelijk dan ook dezelfde bezwaren als die gelden voor de gote gemeente in Noordoost Overijssel. Ik ga die niet herhalen. De drie gemeenten functioneren goed, hebben elkaar alleen nodig voor de bovengemeentelijke zaken. Er bestaan al een groot aantal samenwerkingsverbanden en -projecten. De veelkernigheid van Brederwiede pleit juist niet voor een verdere schaalvergroting. Het vigerende gebiedsgericht beleid in Noordwest Overijssel maakt herindeling eveneens overbodig. In dit beleid zijn voor de periode tot 2018 bindende afspraken gemaakt over functietoekenning voor wonen, werken, landbouw en natuur. Kortom, de noodzaak van herindeling in dit gebied is naar de mening van de CDA fractie onvoldoende aangetoond. Zelfs niet met de politiek bestuurlijke argumenten van de minister. Het ontgaat de CDA fractie ook waarom het oorspronkelijke idee van de provincie voor een verder gaande samenwerking niet overtuigend is doorgezet. De CDA-fractie heeft daarom aan haar amendement een experimenteerartikel gekoppeld. Verder noek ik toch het in Brederwiede gehouden referendum. In een vroeg stadium: namelijk vorig jaar gelijk met de verkiezingen voor het EP. De reactie van de minister is op dit punt op zijn zachtst niet overtuigend.

FINANCIEN

Bij alle herindelingen is de financiele paragraaf een belangrijke. Zeker in dit geval vanwege de nieuwe voorstellen voor het gemeentefonds die nu in bespreking zijn. Alvorens hierover te kunnen oordelen wil de CDA fractie een doorrekening van de te verwachte vergoedingen voor frictiekosten en gewenningsbijdrage voorgelegd krijgen. In de tweede termijn kan dan hier nader op worden ingegaan. Daarbij is natuurlijk de vraag welk voorstel uiteindelijk wordt vastgesteld bij de nu voorliggende herziening van de financiële verhoudingwet. In dat kader zijn een aantal suggesties gedaan: 4 x 30,= per inwoner, of de termijn waarbinnen die 120,= betaald worden wat langer maken b.v. 6 jaar. Wat betekenen deze voorstellen voor de betrokken gemeenten. We zien op dit moment inj Drenthe, bij De wolden, hoe er na herindeling financiele problemen kunnen ontstaan. Dat moet waar mogelijk voorkomen worden.

TOT SLOT

De CDA fractie plaatst grote vraagtekens bij de wenselijkheid van dit voorstel zonder dat helderheid bestaat over Twente. Dit wetsvoorstel staat niet op zichzelf, maar heeft een nauwe samenhang met het wetsvoorstel Twente. Twente is door de Tweede Kamer aangenomen. De CDA fractie had hiertegen grote bezwaren vanwege de grootschaligheid van Twentestad. Die bezwaren blijven overeind. De vraag aan de minister is hoe hij denkt te handelen om te bereiken dat er voor Overijssel als geheel een evenwichtig besluit wordt genomen. Het splitsen van het voorstel Twente (Twentestad enerzijds en de overige gemeenten anderzijds) behoort wat de CDA fractie betreft tot de mogelijkheden.

Kamerlid: Maria van der Hoeven

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie