Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Antwoord kamervragen gevolgen verhuizing Kustwachtcentrum

Datum nieuwsfeit: 28-02-2000
Vindplaats van dit bericht
Vindplaats 2
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Ministerie van Defensie


_________________________________________________________________

Brieven aan de Kamer

_________________________________________________________________

Financiële gevolgen verhuizing Kustwachtcentrum

29-02-2000

Hierbij bied ik u in bijlage aan de antwoorden op de door u met referte gestelde vragen m.b.t. de financiële gevolgen van de verhuizing van het Kustwachtcentrum naar Den Helder.

Voorts vraag ik u aandacht voor onderstaande problematiek die weliswaar geen directe relatie heeft met de verhuizing van het Kustwachtcentrum respectievelijk samenvoeging Kustwachtcentrum en het Marinehoofdkwartier maar wel samenhangt met het toekomstig functioneren van de kustwacht.

Per 1 januari 1999 heeft de KPN al haar activiteiten voor de verzorging van het openbaar radioverkeer beëindigd waardoor de mogelijkheid van medegebruik door het Kustwachtcentrum van infrastructuur van langs de kust opgestelde radiozendstations kwam te vervallen. Gelet op het belang van de infrastructuur voor de uitvoering van de kustwachttaak ziet de Defensie zich thans genoodzaakt die infrastructuur veilig te stellen. Niet uitgesloten moet worden geacht dat de overdracht financiële consequenties met zich mee kan brengen. Indien zulks het geval is zal ik u hierover berichten.

DE MINISTER VAN DEFENSIE

mr. F.H.G. de Grave

Bijlage behorende bij brief F/2000001025, d.d. 28 februari 2000

Vraag 1.
De huidige kosten van de verhuizing van het Kustwachtcentrum worden geraamd op / 23,5 miljoen in totaal. Kan de raming van de diverse onderliggende kostenposten nader worden onderbouwd en kan aangegeven worden in welk jaar welke uitgaven worden voorzien ?

Vraag 2.
Kan een meerjarig overzicht gegeven worden van alle kosten die gemoeid zijn met de bouw en exploitatie van het totale gecombineerde Marinehoofdkwartier en het Kustwachtcentrum (MHK/KWC), waarbij ook inzichtelijk gemaakt wordt welk deel van de kosten op welke wijze toegerekend wordt aan het KWC ?

Gecombineerd antwoord op vraag 1 en 2
Voor wat betreft het kustwachtcentrum (KC) is sprake van kosten voor nieuwe bouwkundige infrastructuur en kosten voor verhuizing van apparatuur die overgebracht wordt naar de nieuwe locatie. Daarnaast zijn er in de brief van 22 september 1999 ook de kosten aangegeven van systemen uit het KC die op korte termijn aan vervanging toe zijn. Uit het oogpunt van doelmatigheid is deze vervanging gecombineerd met de verhuizing. Hierbij is tevens rekening gehouden met de vlucht die de informatietechnologie de laatste jaren heeft genomen.

Vanwege overwegingen genoemd in dezelfde brief en nader toegelicht in het antwoord op vraag 4 is er sprake van een verplaatsing van het Marinehoofdkwartier (MH) naar een locatie op de Nieuwe Haven te Den Helder. Daarbij is gekozen voor collocatie van het nieuwe MH met het nieuwe KC in een gecombineerd MHKC.

Uit praktische en operationele overwegingen, nader toegelicht in het antwoord op vraag 5, is het uitwijkcentrum van het KC in een separaat, nog deels te renoveren, gebouw gesitueerd, in de nabijheid van het MHKC.

Om financieel onderscheid te kunnen blijven maken tussen de bouwkosten voor het KC en bouwkosten voor het MH wordt een verdeelsleutel gehanteerd. Deze verdeelsleutel is gebaseerd op de verhouding van het aantal vierkante meter vloeroppervlakte van het KC- en MH-deel. Voor het KC komt dit neer op ongeveer een derde deel van de totale bouwsom van / 21,5 miljoen ten behoeve van het gecombineerde MHKC. De aan het KC toe te rekenen bouwkosten bedragen derhalve ca. / 7 miljoen, vermeerderd met de bouwkundige kosten t.b.v. het uitwijkcentrum (/ 2 miljoen) komt dit neer op een bedrag van / 9 miljoen.

De gevraagde bouwkosten toe te rekenen aan het MH bedragen twee derde van
/ 21,5 miljoen zijnde / 14,5 miljoen. Ook ten behoeve van het MH is sprake van aanschaf van nieuwe apparatuur alsmede verhuiskosten, voor een bedrag van / 5,1 miljoen.

De kosten van de verhuizing en vervanging van de communicatie- en informatie- voorzieningsapparatuur van het KC en uitwijkcentrum bedragen / 14,5 miljoen. Vermeerderd met de eerdergenoemde / 9 miljoen aan bouwkundige kosten geeft dit het in mijn brief van 8 november 1999 genoemde bedrag van / 23,5 miljoen.

Van die / 14,5 miljoen is / 9,8 miljoen toe te rekenen aan het KC en / 4,7 miljoen aan het uitwijkcentrum. Voorts zijn die kosten nader uit te splitsen in kosten voor de verhuizing van apparatuur (/ 3,5 miljoen), de vervanging van centrale bedieningseenheden radio´s (CBR) (/ 6,5 miljoen) en de vervanging van overige communicatie- en informatievoorzieningen (CIS) (/ 4,5 miljoen).

Uitgavencategorie Kustwachtcentrum Uitwijkcentrum Marine hoofdkwartier Bouw / 7,0 miljoen / 2,0 miljoen / 14,5 miljoen Inrichten CIS / 9,8 miljoen / 4,7 miljoen / 5,1 miljoen

verhuizing CIS apparatuur / 3,5 miljoen
vervanging CBR / 6,5 miljoen
vervanging overige CIS / 4,5 miljoen

De kosten voor het gecombineerde MHKC inclusief het uitwijkcentrum leiden tot het volgende meerjarig overzicht (prijspeil 1999)

1999 2000 2001
/ 3,3 miljoen / 32,3 miljoen / 7,5 miljoen

Voor het antwoord op de vraag over de exploitatiekosten wordt verwezen naar het antwoord op vraag 3.

Vraag 3.
Kan inzicht worden gegeven in de omvang en samenstelling van de huidige exploitatiekosten van het KWC en de meerjarige raming hiervan ?
Kan geëxpliciteerd worden hoe een structurele besparing van / 1,6 miljoen in de personele- en materiële kosten wordt bereikt met de verhuizing van het KWC van IJmuiden naar Den Helder ? Hoeveel mensen (c.q. FTE´s) zijn thans werkzaam bij het KWC en hoe ziet de meerjarige geraamde personele bezetting er uit ?

Antwoord
Ten behoeve van de personele- en materiële exploitatie van het KC hebben de bij het antwoord op vraag 8 aangegeven bij de verhuizing betrokken departementen per 1 januari 1996 een structureel bedrag van / 8 miljoen naar de defensiebegroting overgeheveld. De exploitatie-uitgaven vanaf het jaar 2000 tot de daadwerkelijke verhuizing worden geraamd op ca. / 7,5 miljoen per jaar (prijspeil 1999). Hiervan heeft ca. / 5 miljoen betrekking op salarissen en het resterende deel op de overige personele exploitatie en de materiële exploitatie. Rekening houdend met het gewijzigde prijspeil is de beoogde besparing van / 1,6 miljoen inmiddels voor een deel gerealiseerd. Deze reductie van de exploitatie-uitgaven is/wordt verwezenlijkt door de integratie met KM-diensten. Zo is vanaf 1999 het onderhoud van communicatie-apparatuur op grond van financiële overwegingen in eigen beheer uitgevoerd door de Dienst Onderhoud Elektronische Walinstallaties Nederland (DOEWINED) van de Koninklijke marine. Voorts zullen na de collocatie verdere besparingen worden gerealiseerd op huisvestingskosten, alsmede op uitgaven voor personeel. Het huidige functiebestand van het KC bedraagt 50 voltijdseenheden. Na de verhuizing naar Den Helder zal de formatie 44 voltijdseenheden omvatten. Met de reeds behaalde en nog te realiseren besparingen zal de beoogde verlaging van de exploitatiekosten met / 1,6 miljoen worden gehaald.

Zoals aangegeven in mijn brief van 22 september 1999 zal eerst in 2001 de verhuizing van het KC naar Den Helder alsmede de samenvoeging met het MH in een gecombineerd MHKC zijn beslag krijgen. Eerst na afronding hiervan van zal inzicht ontstaan in de exploitatiekosten van het KC en MH alsmede de gerealiseerde besparingen in de exploitatiekosten van het KC.

Vraag 4
Aanpassing van de Arbo-wet maakt de voorgenomen huisvesting van het KWC in een bunker onmogelijk. Om welke aanpassingen van de arbo-wet gaat het hier ? Wanneer is deze aanpassing van de arbo-wet van kracht geworden ?

De aspecten van de Arbo-wetgeving die worden bedoeld in de brief van 22 september 1999 betreffen de toetreding van daglicht en het uitzicht naar buiten (zie Arbo-besluit 1999, artikel 6.4). Op grond van deze eisen moet personeel zoveel als mogelijk bovengronds werken. Dit deel van de wetgeving is reeds eind 70-er jaren vastgesteld. Vanwege de korte reactietijd als gevolg van de politiek/militaire situatie destijds alsmede de fysieke bescherming van staven die nodig werd geacht gedurende die periode (Koude Oorlog) kon het Marinehoofdkwartier niet aan deze eis voldoen. Dit was toegestaan op grond van de bijzondere positie van Defensie in relatie tot de operationele taakuitvoering (zie Arbo-besluit 1999, hoofdstuk 1, afdeling 7).

Door de toegenomen reactietijd als gevolg van een wijziging in de politiek/militaire situatie, die indien nodig tijd geeft voor verhuizing naar een ondergronds alternatief, is bovengrondse huisvesting inmiddels wel mogelijk. Mede op grond daarvan is in 1996 besloten het gecombineerde MHKC bovengronds te huisvesten en het huidige hoofdkwartier een status te geven van 'slapend hoofdkwartier'.

Vraag 5
Wat zijn de kosten die gemoeid zijn met de (ver)bouw, verhuizing en exploitatie van een nieuw uitwijk- en opleidingscentrum ? Wanneer is besloten tot de bouw van een dergelijk centrum ? Is het beschikken over een uitwijk- en opleidingscentrum noodzakelijk voor het functioneren van het KWC, en zo ja waarom zijn de hieraan verbonden kosten dan niet eerder voorzien en aan de Kamer gemeld ?

Antwoord
De kosten gemoeid met de (ver)bouw en inrichting van een uitwijk- en trainingscentrum bedragen / 2 miljoen aan bouwkundige renovatiekosten en / 4,7 miljoen voor de verhuizing en vervanging van communicatie- en informatievoorzie- ningsapparatuur. De materiële exploitatiekosten van het uitwijk- en trainingscentrum worden geschat op jaarlijks / 0,25 miljoen. Het uitwijkcentrum is onder normale omstandigheden niet bezet, zodat er geen personele exploitatiekosten zijn.

Een uitwijkcentrum is noodzakelijk om de continuïteit van de uitvoering van maatschappelijk cruciale taken te kunnen garanderen ook bij een calamiteit in het MHKC. Onder deze taken vallen : nood-, spoed-, en veiligheidsverkeer, opsporing en redding (OSRD), rampen- en incidentenbestrijding. Voorheen werd deze uitwijk geboden door Scheveningen radio. Door de sluiting van dit station per 1 januari 1999 werd het noodzakelijk te voorzien in een ander uitwijkcentrum.

Een trainingsfaciliteit is nodig om het personeel te oefenen en geoefend te houden op de apparatuur. In de huidige situatie beschikt het kustwachtcentrum over een beperkte trainingsfaciliteit in IJmuiden. De apparatuur van deze faciliteit moet echter vervangen worden omdat deze door ouderdom niet meer te onderhouden is. Het is doelmatiger om voor trainingsdoeleinden gebruik te maken van de (nieuwe) apparatuur van de uitwijkfaciliteit in Den Helder.

In de tweede helft van 1998 is besloten een plan uit te werken om het uitwijkcentrum te combineren met een trainingsfaciliteit op een separate locatie. In 1999 ontstond inzicht in de financiële consequenties hiervan. Dit is meegenomen in de Kamerbrief van 22 september 1999 waar de afwijkingen ten opzichte van de eerdere planning zijn uiteengezet.

Vraag 6
De vervanging van centrale radiobedieningseenheden (CBR´s) en de vervanging van overige communicatie- en informatie voorzieningen vergen nieuwe investeringen van respectievelijk / 6,5 miljoen en / 4,5 miljoen. Kan een nadere uitleg gegeven worden wat CBR´s precies zijn ? In een algemeen overleg op 27 oktober 1998 is van de zijde van Defensie aangegeven dat met de verhuizing een incidentele investeringsimpuls voorzien was van / 5 miljoen. Was in oktober 1998 nog niet bekend dat er voor / 11 miljoen vervangingsinvesteringen in apparatuur in de pijplijn zaten ? Is in de oorspronkelijke verhuisplannen steeds uitgegaan van verhuizing van alle apparatuur- en communicatiesystemen van IJmuiden naar Den Helder ?

Antwoord
De Centrale Bedieningseenheden Radio's (CBR) maken het mogelijk het kustwacht netwerk van zenders en ontvangers die opgesteld staan langs de Nederlandse kust centraal te bedienen. Het gaat hierbij onder meer om het aan- en uitschakelen, het veranderen van frequenties en het doorschakelen van gesprekken.

In de oorspronkelijke verhuisplannen van 1994 werd er nog van uitgegaan dat nagenoeg alle bestaande apparatuur zou worden verhuisd en dat daarbij slechts in beperkte mate vervangingsinvesteringen noodzakelijk waren. Bij het uitwerken van de verhuisplannen vier jaar later bleek echter dat een groter deel van de bestaande apparatuur moest worden vervangen dan oorspronkelijk gepland. De reden hiervoor is de veroudering en het daardoor steeds moeilijker en kostbaarder wordende onderhoud van de huidige apparatuur. Ten tijde van het algemeen overleg van 27 oktober 1998 over het functioneren van de kustwacht waren de verhuisplannen en de financiële consequenties nog onvoldoende uitgewerkt.

Vraag 7
Kan aangegeven worden in welke (suppletore) begrotingen en op welke plaatsen de mutaties aan de Kamer zijn gemeld die samenhangen met de aanpassing van de oorspronkelijke raming van / 5 miljoen ultimo 1998 naar de huidige / 23,5 miljoen die voor het project wordt geraamd ?

Antwoord
De Kamer is bij de tweede suppletore begroting 1999 geïnformeerd over de noodzakelijke aanpassingen in de investeringen. Daarbij werd verwezen naar de brief van 22 september 1999. Ook in de ontwerpbegroting 2000 wordt bij het artikelonderdeel infrastructuur in de artikelsgewijze toelichting melding gemaakt van de noodzakelijke verhoging.

Vraag 8
Ten behoeve van de personele- en materiële exploitatie van het KWC hebben de bij de verhuizing betrokken departementen een structureel bedrag van / 8 miljoen overgeheveld naar de defensiebegroting. Kan een overzicht worden gegeven van de bedragen die destijds door departementen zijn overgeboekt naar Defensie, alsmede van eventuele andere verrekeningen die sindsdien met betrekking tot de kosten van het KWC hebben plaatsgevonden ? Welke afspraken zijn er gemaakt over de kostenverrekeningen tussen departementen die in de kustwacht participeren ? Bent u voornemens om (een deel van ) de huidige extra kosten voor de verhuizing van het KWC te verrekenen met andere ministeries ?

Antwoord
Per 1 januari 1996 zijn de navolgende bedragen structureel overgeheveld naar de begroting van de Koninklijke marine:

Ministerie van Verkeer & Waterstaat / 6,5 miljoen Ministerie van Justitie / 0,6 miljoen
Ministerie van Financiën / 0,8 miljoen

Sindsdien zijn de salarislasten van drie functies die ook na 1 januari 1996 nog bezet zijn door personeelsleden, die bij de overgang naar de Koninklijke marine in dienst zijn gebleven van het Ministerie van Verkeer & Waterstaat, voor de jaren 1996 tot en met 1999 verrekend met de Koninklijke marine. Het betreft een bedrag van ca. / 0,25 miljoen per jaar.

In de financiële regeling tussen de departementen van 1995 is vastgelegd, dat uitsluitend indien de betrokken departementen specifieke wensen hebben buiten de oorspronkelijke taken additionele verrekeningen zullen plaatsvinden. Bovendien is in de regeling betreffende de initiële investeringen opgenomen dat de bijdrage van de betrokken departementen is gemaximeerd op / 5,2 miljoen. De huidige extra kosten worden niet veroorzaakt door gewijzigde taken van het KC. Bijgevolg bestaat niet het voornemen de extra kosten met andere ministeries te verrekenen.

Vraag 9
In het algemeen overleg van 27 oktober 1998 is toegezegd dat snel na de verhuizing van het KWC een ijkmoment zou worden ingebouwd, waarbij zou worden nagegaan of de doelstellingen van de reorganisatie van de kustwacht zou zijn gerealiseerd. Betekent de vertraging van de verhuizing dat de evaluatie ook pas in 2001 wordt uitgevoerd ? Overweegt u, gezien de majeure veranderingen die de plannen voor de verhuizing nu hebben ondergaan een tussentijdse evaluatie ?

Antwoord
In het algemeen overleg van 27 oktober 1998 is gesteld dat een evaluatie één jaar na de verhuizing, in 2001, zou worden uitgevoerd. Nu de verhuisdatum opschuift van oktober 2000 naar midden 2001, zal de evaluatie in 2002 worden uitgevoerd. Deze evaluatie betreft het functioneren van de samenwerking tussen de verschillende ministeries als vervolg op het Algemene Rekenkamer rapport Functioneren kustwacht (TK 25 865). Een tussentijdse evaluatie wordt niet overwogen omdat het bij de evaluatie onder meer gaat om het effect van de samenvoeging van MH en KC, waarbij het tijd vergt voordat het effect volledig duidelijk zal zijn.

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie