Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Verslag verlening werkingsduur sanctiebesluit Irak 1997

Datum nieuwsfeit: 29-02-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal


26949000.004 verslag verlening werkingsduur sanctiebesluit irak 1997
Gemaakt: 9-3-2000 tijd: 11:33


6


26 949 Verlenging van de werkingsduur van het Sanctiebesluit Irak 1997
Nr. 4 Verslag

Vastgesteld 29 februari 2000

De vaste commissie voor Buitenlandse Zaken 1), belast met het voorbereidend onderzoek van dit wetsvoorstel, heeft de eer van haar bevindingen als volgt verslag uit te brengen. Onder het voorbehoud dat de gestelde vragen door de regering tijdig beantwoord zullen zijn, acht de commissie de openbare behandeling van het wetsvoorstel genoegzaam voorbereid.

De leden van de VVD-fractie hebben met belangstelling kennisgenomen van het wetsvoorstel wat strekt tot verlenging van de werkingsduur van het sanctiebesluit Irak 1997. Het wetsvoorstel stelt dat, met het oog op de uitvoering van EG-verordening nr. 2465/96 van 17 december 1996, waarin de economische en financiële betrekkingen tussen de Europese Gemeenschap en Irak worden onderbroken, het noodzakelijk is het sanctiebesluit te verlengen.

Deze leden zijn het met de regering eens dat het zeer wenselijk is dat de werkingsduur van het sanctiebesluit Irak verlengd en dus gehandhaafd blijft. Zij delen de mening van de regering zoals verwoord in de memorie van toelichting dat de situatie in Irak tot zover inderdaad geen aanleiding gegeven heeft het sanctiebesluit op te heffen. Niettemin hebben de leden van de VVD-fractie in aanvulling op het algemeen overleg over de Veiligheidsraad van 17 februari jl. en in het kader van dit wetsvoorstel nog een aantal vragen over de nieuwe Veiligheidsraadresolutie 1284.

Wordt Irak als onderdeel van het werkplan ook daadwerkelijk bezocht om te bezien of sinds eind 1998 opnieuw een wapenarsenaal is opgebouwd? Deze leden verwijzen daarvoor naar informatie van inlichtingendiensten, Irakese deserteurs en internationale berichtgeving in o.a. International Herald Tribune van 9 februari
2000, waarin staat dat Irak een nieuw biologisch wapenprogramma zou hebben ontwikkeld en bezig is chemische wapens als vx-gas verder uit te breiden. Kan de regering aangeven of deze informatie juist is?
Is de regering met deze leden van mening dat Irak ook daadwerkelijk bezocht moet worden om te bezien of een nieuw wapenarsenaal is opgebouwd? In dat kader vragen zij de regering aan te geven wat in resolutie 1284 precies wordt verstaan onder de term `unresolved disarmament'. Wordt hieronder al datgene verstaan dat nog resteerde nadat UNSCOM Irak verliet in 1998?

Vervolgens vragen deze leden de regering aan te geven wat in resolutie
1284 onder A. 2 wordt bedoeld met de term `as necessary' in de zin `UNMOVIC will identify, as necessary, in accordance with its mandate (additional sites in Iraq to be covered by the reinforced system of ongoing monitoring and verification).'

Is de regering niet bevreesd dat al hetgeen hiervoor door deze leden is genoemd binnen de Veiligheidsraad tot interpretatieverschillen kan leiden?

De leden van de VVD-fractie hebben nog een enkele vraag met betrekking tot het olie-voor-voedselprogramma zoals ook verwoord in de resolutie. Speciale VN-rapporteur voor Irak, dhr. van der Stoel, heeft in april vorig jaar in een VN-rapport geconstateerd dat de Irakese autoriteiten te weinig gebruik zouden maken van de `voedsel-voor-olie' clausule van de VN. Tegelijkertijd zou voor 500 miljoen gulden aan medicijnen ongebruikt in een pakhuis in Bagdad liggen. Kan de regering dit bericht bevestigen, en deelt zij de mening dat met het loslaten van het olieplafond zoals gesteld in de huidige resolutie de kansen op slechter gebruik van de humanitaire middelen alleen maar toenemen?

Onlangs vernamen deze leden het bericht uit `Al Hayyat' dat Edward Walker, under-secretary van Midden-Oosten zaken van het State Department, gezegd heeft dat de VS druk op Irak wil blijven uitoefenen, waarbij Irak wel moet weten dat er `red lines' zijn die militaire acties van VS-zijde billijken indien Irak deze overtreedt. Kan worden aangegeven wat de `red lines' in deze zouden moeten zijn?

Kan de regering recente berichtgeving (persbureau AP) bevestigen en toelichten dat binnenkort binnen de Veiligheidsraad gesproken zal worden over herziening van de sancties? Voormalig leider van de humanitaire projecten van de VN in Irak, von Sponeck, pleit volgens deze berichtgeving om de ontwapeningskwestie los te koppelen van de humanitaire behoeftes. Deze leden vragen de regering aan te geven of dit inderdaad wenselijk is en zo ja, waarom.

Wellicht ten overvloede herhalen deze leden nogmaals hun mening dat indringende inspecties naar de massavernietigingswapens in Irak onvermijdelijk en onmisbaar zijn en dat verzachtingen van resolutie
1284 voor deze leden niet aan de orde zijn. Deze leden vragen de regering nogmaals te bevestigen dat ook zij deze mening deelt.
De memorie van toelichting stelt dat het Sanctiebesluit Irak 1997 uitvoering geeft aan EG-verordening 2465/96 van 17 december 1996. Met betrekking tot deze verordening hebben de leden van de VVD-fractie de volgende opmerkingen.

Artikel 1 stelt dat het binnenbrengen op het grondgebied van de Gemeenschap van alle grondstoffen en producten uit Irak verboden is, net als het uitvoeren naar Irak van alle grondstoffen en producten uit de Gemeenschap. Begin februari vernamen deze leden uit onder meer Trouw dat de Amerikaanse marine een Russische tanker, de Volgoneft
147, geënterd had die, in strijd met VN-sancties, Irakese olie zou vervoeren. Volgens het US State Department zijn in 1999 19 overtredingen van het embargo vastgesteld. Kan de regering aangeven wat voor overtredingen dit waren, welke landen hier, naast Rusland, bij betrokken waren, op welke wijze er is gesanctioneerd, en indien er niet gesanctioneerd is, waarom dit niet is gebeurd?
Verder zouden, volgens de Volkskrant en Trouw op 2 februari naar aanleiding van berichtgeving door de Duitse zender ZDF, veel Duitse bedrijven de exportbeperkingen voor onder andere Irak proberen te ontduiken. De leden van de VVD-fractie zouden graag een compleet overzicht van alle bij de regering bekende overtredingen van het embargo ontvangen, inclusief de 19 door het State Department vastgestelde overtredingen.

Artikel 7.3 zegt dat elke lidstaat afzonderlijk vaststelt welke sancties worden opgelegd wanneer de bepalingen van de verordening worden geschonden. De leden van de VVD-fractie wensen opheldering over dit laatste punt. Zij vragen hoe dit in de praktijk werkt. Kan aangegeven worden hoe de verschillende landen invulling hebben gegeven aan deze bepaling en kan de regering aangeven of een integrale benadering niet aantrekkelijk zou zijn?

De leden van de fractie van D66 hebben met gemengde gevoelens kennis genomen van het onderliggende voorstel tot verlenging van de werkingsduur van het Sanctiebesluit Irak 1997. Het sanctiebesluit is een uitwerking van de Resoluties 986 (1995) en 1111 (1997) van de Veiligheidsraad van de VN. Het onderhavige voorstel stelt dat de huidige situatie in Irak geen aanleiding geeft om het sanctieregime jegens Irak op te heffen en daarom wordt de werkingsduur van het Sanctiebesluit Irak 1997 middels wet verlengd.

Deze leden onderschrijven de noodzaak tot verdergaande acties tegen het huidige regime in Irak; zij zijn echter ook verontrust door publicaties waarbij door VN-ambtenaren melding wordt gemaakt van het feit dat de sancties tegen Irak uitlopen op een grote humanitaire ramp. Vooral kinderen zijn het slachtoffer van onder andere het niet volledig gebruik maken van het `olie-voor-voedsel'-programma. Volgens Unicef sterven per maand vijf- tot zesduizend kinderen als gevolg van de VN-sancties. Schattingen stellen dat er sinds de Golfoorlog zeker
600 duizend kinderen dood zijn gegaan; daarnaast lopen veel kinderen psychologische en lichamelijke schade op. Uiteraard is Saddam Hoessein als eerste verantwoordelijk voor deze humanitaire ramp en is er een groot belang gelegen in het verzekeren van een adequate controle op de bewapening van Irak; maar de vraag naar het effect en de relatie middelen-doel stelt zich wel steeds nadrukkelijker. De leden van de D66-fractie nemen zich voor hierover in de loop van het jaar verder te debatteren (na een eerste aanzet bij het algemeen overleg over de Veiligheidsraad van 17 februari jl.), maar stelt een reactie van de regering op prijs.

De leden van de D66-fractie onderschrijven op zichzelf een verlenging van de sanctieduur maar willen daarnaast aandacht vragen voor deze problematiek en kijken naar een eventuele andere invulling van de sancties.

De leden van de fractie van GroenLinks hebben met belangstelling kennis genomen van het voorstel van wet houdende verlenging van de werkingsduur van het Sanctiebesluit Irak 1997 (26949)

In de memorie van toelichting wordt opgemerkt dat de situatie in Irak de Veiligheidsraad tot dusverre geen aanleiding geeft om het sanctieregime jegens Irak op te heffen. De leden van de GroenLinks-fractie hebben echter grote twijfels over de effectiviteit van economische sancties tegen Irak. De relaties tussen Irak en Verenigde Naties zijn tot een dieptepunt gedaald, en een oplossing op korte en lange termijn is nog steeds niet in zicht. Het is algemeen bekend dat het Irakese regime profiteert van de sancties. Hun machtsbasis is in plaats van verzwakt verstevigd. De humanitaire situatie voor de Irakese bevolking is desastreus. Dit feit wordt zelfs bevestigd door drie hoge VN medewerkers, voorheen werkzaam in Irak, om deze redenen hun functie neergelegd hebben. Naar aanleiding van het in de Kamer gevoerde debat over de effectiviteit van de sancties tegen Irak hebben de leden van GroenLinks-fractie de volgende vragen.

Heeft er binnen de EU een debat plaatsgevonden over de effectiviteit betreffende de onderbreking van de economische en financiële betrekkingen tussen de Europese Gemeenschap en Irak?

Zo nee, is de Nederlandse regering bereid in EU verband het debat over de effectiviteit van genoemde sancties te voeren?

In hoeverre is het opschorten van economische sancties tegen Irak besproken in de EU?

Is er in EU verband ook overlegd over het instellen van de zogenaamde smartsancties die het regime treffen maar de bevolking ongemoeid laten?

Aangezien binnen de EU het debat over de effectiviteit van economische sancties gevoerd is inzake Servië waarbij de lidstaten erkenden dat bijvoorbeeld de luchtvaartboycot juist het Servische regime in de kaart speelt en er gepleit werd voor meer gerichte sancties, is het van belang dat een zelfde discussie gevoerd wordt over de effectiviteit van de onderbreking van de economische en financiële betrekkingen tussen de Europese Gemeenschap en Irak.

Het Sanctiebesluit Irak 1997 geeft uitvoering aan verordening (EG) nr.
2465/96 van de Raad van de Europese Unie van 17 december 1996. In hoeverre is mogelijk voor een lidstaat zich van de genoemde verordening te distantiëren? Welke procedure dient men te volgen en wat zijn de mogelijk consequenties?

Artikel 1 «De werkingsduur van het sanctiebesluit Irak 1977 wordt voor onbepaalde tijd verlengd». Waarom de zinsnede «onbepaalde tijd»? En is de zinsnede «onbepaalde tijd» niet strijdig met artikel 6, vierde lid, van de sanctiewet 1977 «Een sanctiebesluit vervalt, behoudens eerdere intrekking, drie jaren na het in werking treden....»?

De leden van de Groenlinks-fractie hebben overigens hun twijfels om sancties voor onbepaalde tijd in te stellen. Effectiever is sancties voor bepaalde tijd in te stellen.

De leden van de SP-fractie stellen over het onderhavige wetsvoorstel de volgende vragen:

Welke beleidsvrijheid heeft Nederland bij het uitvoeren van de EG verordening 2465/96 (17 december 1996)?

Waarom is gekozen voor een verlenging van de werkingsduur van het Sanctiebesluit Irak 1997 voor onbepaalde tijd?

Hoe hebben andere landen van de EU de verordening geïmplementeerd? Kunt u aangeven hoe met name Frankrijk deze verordening in haar nationale wetgeving heeft geïmplementeerd?

De leden van de SGP-fractie hebben met belangstelling kennis genomen van het voorliggende wetsvoorstel. Alvorens hun oordeel erover te geven, vernemen zij gaarne het antwoord op de volgende vragen.

De memorie van toelichting vermeldt alleen dat de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties tot dusverre geen aanleiding gezien heeft in de situatie in Irak om het sanctieregime jegens dit land op te heffen. Aangezien het wetsvoorstel het sanctieregime voor onbepaalde tijd beoogt te verlengen (en het sanctieregime op zichzelf genomen ingrijpend is), achten de leden van de SGP-fractie het gewenst dat de regering alsnog de werking van het regime in de afgelopen jaren evalueert en vervolgens duidelijk motiveert waarom verlenging geboden is.

Essentieel voor deze leden is ook de effectiviteit van het Olie-voor-Voedsel-programma. Hoe oordeelt de regering daar tot nu toe over? Deze leden constateren dat de Veiligheidsraad besloten heeft om dit programma in die zin te wijzigen dat de beperking op de hoeveelheid olie, die Irak elke zes maanden mag uitvoeren om gelden te genereren voor dit humanitaire programma, opgeheven is. Hiermee, zo vragen deze leden, is toch niet gegarandeerd dat de door extra export vrijvallende gelden door de Irakese regering aangewend worden voor humanitaire doeleinden? Immers, de verantwoordelijkheid voor het sluiten van humanitaire contracten en voor de distributie van humanitaire goederen berust volledig bij het regime in Bagdad, en dat heeft zich tot nu toe in dezen niet adequaat van zijn verantwoordelijkheden gekweten. In hoeverre is meer controle hierop mogelijk?

De leden van de SGP-fractie hebben vernomen dat voor de nieuwe inspectiecommissie, UNMOVIC, een Uitvoerend Voorzitter is benoemd. Kan de regering zeggen voor welke datum de Uitvoerend Voorzitter het werkplan opgesteld moet hebben zodat de noodzakelijke voorwaarde voor hervatting van inspecties vervuld is?

In de brief van 23 december jl. heeft de Minister van Buitenlandse Zaken een stappenplan voorgelegd: als het werkplan door de Veiligheidsraad goedgekeurd is (stap 2), dan is het moment aangebroken dat de werkzaamheden in Irak kunnen beginnen (onderdeel van stap 3). Hoe groot acht de regering de kans dat het inspectieregime binnen afzienbare tijd weer operationeel zal zijn en de Irakese regering medewerking zal verlenen, gezien het feit dat Irak alleen met de Veiligheidsraad mee wil werken indien alle sancties worden opgeheven en het land dus in feite omnibusresolutie 1284 naast zich neerlegt? Wat zijn de laatste ontwikkelingen in de onderhandelingen met Irak over hervatting van de inspecties?

De voorzitter van de commissie,

De Boer

De griffier van de commissie,

Hommes


1) Samenstelling:

Leden

Blaauw (VVD)

Weisglas (VVD)

Van den Berg (SGP)

Ter Veer (D66)

Van Middelkoop (GPV)

Apostolou (PvdA)

Hillen (CDA)

Valk (PvdA)

Verhagen (CDA), ondervoorzitter

Hessing (VVD)

Van Ardenne-van der Hoeven (CDA)

Hoekema (D66)

Marijnissen (SP)

M.B. Vos (GL)

Dijksma (PvdA)

Van den Doel (VVD)

Koenders (PvdA)

De Boer (PvdA), voorzitter

Van der Knaap (CDA)

Van Ross-van Dorp (CDA)

Karimi (GL)

Bussemaker (PvdA)

Timmermans (PvdA)

Remak (VVD)

Wilders (VVD)

Plv. leden

Dijkstal (VVD)

Van Baalen (VVD)

De Graaf (D66)

Van 't Riet (D66)

Rouvoet (RPF)

Belinfante (PvdA)

Visser-van Doorn (CDA)

Zijlstra (PvdA)

Eurlings (CDA)

Cherribi (VVD)

De Haan (CDA)

Scheltema-de Nie (D66)

Van Bommel (SP)

Harrewijn (GL)

Gortzak (PvdA)

Snijder -Hazelhoff (VVD)

Albayrak (PvdA)

Van Oven (PvdA)

Van den Akker (CDA)

Leers (CDA)

Rosenmöller (GL)

Duivesteijn (PvdA)

Feenstra (PvdA)

Patijn (VVD)

Balemans (VVD)

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie