Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Zalm stuurt geannoteerde agenda IMFC/DC naar Kamer

Datum nieuwsfeit: 30-03-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten

MINISTERIE FIN

www.minfin.nl

MIN FIN: ZALM STUURT GEANNOTEERDE AGENDA IMFC/DC NAAR DE KAMER

PERSBERICHTNR. 00/075 Den Haag 30 maart 2000

ZALM STUURT GEANNOTEERDE AGENDA IMFC/DC NAAR DE KAMER

Minister Zalm heeft vandaag de geannoteerde agenda voor de vergaderingen van het International Monetary and Financial Committee (IMFC) van het IMF en het Development Committee (DC) van de Wereldbank van 16 en 17 april naar de Tweede Kamer gestuurd. Hieronder volgt de letterlijke tekst van de agenda:

International Monetary and Financial Committee, d.d. 16 april 2000.
1. World Economic Outlook
2. Hervormingen van het IMF
2a. Herziening van Faciliteiten en verbeteringen in het beheer van Fondsmiddelen
2b. IMF-surveillance en de rol van standaards en codes 2c. Private sector involvement
3. Voortgang met het HIPC initiatief en armoedebestrijdingsstrategieën (zie ook DC-agenda)


1. World Economic Outlook
De vooruitzichten voor de wereldeconomie zijn verder verbeterd ten opzichte van een halfjaar geleden. De sterke economische expansie in de V.S. blijft aanhouden, het herstel in de eurozone heeft verder aan kracht gewonnen en ook in Japan wijzen de tekenen op herstel, zij het minder snel dan verwacht. In Latijns-Amerika is de recessie minder diep geweest dan verwacht, en in Azië heeft 1999 in sommige landen een fors herstel te zien gegeven na de crisis van 1997/98. Als voornaamste risico ziet het IMF nog steeds de grote lopende rekening onevenwichtigheden tussen de grote economische regio.s. M.n. het hoge tekort op de lopende rekening in de V.S. baart zorgen.
2a. IMF-faciliteiten, beheer van Fondsmiddelen
De herziening en stroomlijning van de wijze waarop het IMF via 'faciliteiten' middelen ter beschikking stelt aan zijn leden staat hoog op de agenda van het komende IMFC. Er gaan stemmen op om de rente op de basisfaciliteit van het IMF, het Stand-By Arrangement, te verhogen om te voorkomen dat landen IMF-leningen zien als een goedkoop alternatief voor marktleningen. Daarnaast is voorgesteld om de Contingent Credit Line (een soort open kredietlijn waarvoor landen zich kunnen prekwalificeren) goedkoper te maken, teneinde landen te motiveren om zich in een vroeg stadium bij het Fonds te melden.
Wanneer landen een beroep doen op Fondsmiddelen moet het IMF er niet alleen zeker van zijn dat landen de juiste informatie verstrekken aan het Fonds, maar ook dat middelen hun juiste bestemming krijgen en effectief beheerd worden. Recente ontwikkelingen hebben aangetoond dat de bestaande waarborgen het IMF onvoldoende beschermen tegen misbruik (al dan niet opzettelijk) door landen, waardoor het imago en de financiële integriteit van het Fonds in gevaar worden gebracht. Daarom heeft het Interim Comité aan de Raad van Bewindvoerders gevraagd voorstellen te doen om procedures voor controle op het beheer van Fondsmiddelen door trekkende landen te versterken, om deze tijdens het komende International Monetary and Financial Committee te kunnen bespreken.

2b. IMF-Surveillance en de relatie met standaards en codes Open en transparant overheidsbeleid, zowel op budgettair, monetair als financieel gebied, kan onzekerheid en onrust op financiële markten helpen voorkomen. Het IMF stimuleert dan ook het opstellen en verspreiden van internationaal erkende standaarden en ziet toe op de naleving van bijvoorbeeld budgettaire en monetaire codes die het IMF in het verleden heeft opgesteld. In augustus 2000 wordt het proefproject Reports on the Observance of Standards and Codes (ROSC) geëvalueerd. Met dergelijke ROSC.s maken landen samen met het IMF een transparantierapport waarin de nationale beleidspraktijk wordt getoetst aan internationaal geaccepteerde standaarden. Daarnaast streeft het IMF naar uitbreiding van de bestaande Special Data Dissemination Standard met zogenaamde Macro-prudential Indicators (MPIs), die vooral voor opkomende en minder ontwikkelde landen kunnen dienen als een soort waarschuwingssysteem voor financiële risico.s. Een groot aantal landen (waaronder Nederland) doet bovendien mee aan het proefproject om Artikel IV-rapporten te publiceren via de IMF-website. Ook dit project wordt in augustus geëvalueerd.

2c. Private sector involvement
Ondanks de grote aandacht in zowel oude als nieuwe internationale fora voor het betrekken van de particuliere sector bij het voorkomen en oplossen van financiële crises, is er op dit terrein nog weinig concrete vooruitgang geboekt. Het IMF heeft op ad hoc basis geëxperimenteerd met verschillende manieren om de particuliere sector bij de oplossing van financiële crises te betrekken, waarbij echter landen in gelijksoortige situaties uiteindelijk niet gelijkwaardig werden behandeld. Ook van een gelijkwaardige behandeling van verschillende crediteuren was niet in alle gevallen sprake. Tijdens het IMFC zullen voorstellen worden besproken om een raamwerk op te stellen dat duidelijk maakt in welke gevallen het IMF bij een programma aan het trekkende land voorwaarden stelt op het gebied van private sector involvement.

3. Poverty Reduction and Growth Facility
Het Interim Comité heeft in september 1999 ingestemd met de verandering van ESAF (Enhanced Structural Adjustment Facility) in PRGF (Poverty Reduction and Growth Facility). Hiermee wordt expliciet gemaakt dat het streven naar macro-economische stabiliteit hand in hand moet gaan met armoedebestrijding. Het is de bedoeling dat Poverty Reduction Strategy Papers (zie onder de DC-agenda) uiteindelijk als basis voor kredietverlening onder de PRGF-faciliteit zullen worden gebruikt.

Development Committee, d.d. 17 april 2000

1. Beleid m.b.t. HIV-AIDS
2. Handel en ontwikkeling
3. Small States
4. Voortgang met het HIPC initiatief en
armoedebestrijdingsstrategieën (PRSP)
5. Financiële capaciteit van de IBRD


1. Beleid m.b.t. HIV/AIDS
De Wereldbank is een van de co-sponsors van UNAIDS. Er bestaat veel informatie over de sociale gevolgen van de pandemie (wereldwijde epidemie), maar de economische impact HIV/AIDS is tot dusver onderbelicht gebleven. De HIV/AIDS-crisis vermindert de economische groei in landen substantieel wanneer de prevalentie boven de 5% uitstijgt, zoals bij veel landen in Afrika het geval is. Dit komt onder meer omdat een groot deel van het arbeidsproduktieve segment van de bevolking overlijdt. Daarnaast is de begrotingsbelasting van HIV/AIDS enorm. Een standaardbehandeling (als deze al mogelijk is) kost 2-3 maal het GDP per capita aan louter medische kosten.
2. Handel en ontwikkeling
Wil integratie van ontwikkelingslanden in het wereldhandelsstelsel daadwerkelijk leiden tot armoedebestrijding, dan mag succesvol handelsbeleid niet verengd worden tot vermindering van handelsbarrières maar moet het gepaard gaan met noodzakelijke institutionele hervormingen en investeringen ter verwezenlijking van armoedeverminderende groei en ontwikkeling. Daarbij moet aandacht worden besteed aan negatieve consequenties van voorgenomen handelsbeleid op arme groepen. De Bank committeert zich aan diepgaande samenwerking met de WTO op het terrein van handelsgerelateerde technische assistentie, samen met andere partners in het Integrated Framework on Trade-Related Technical Assistance (IF). Het IF wordt thans door de Bank geëvalueerd.

3. Small states
'Small states' zijn volgens de door de Task Force gebruikte omschrijving kleine landen met minder dan 1,5 miljoen inwoners. Van deze 49 als zodanig geïdentificeerde kleine staten zijn er door het Commonwealth Secretariat 25 als 'meest kwetsbaar' aangeduid. Een aantal van de nadelen die small states ondervinden is direct te herleiden tot kleinschalige economische specialisatie of in het geval van eilanden in de Pacific vanwege hun geïsoleerde ligging. Het 'raamwerk' dat het document geeft voor een aparte behandeling van de kleine-landengroep komt neer op een opsomming van specifieke activiteiten die de Wereldbank al onderneemt.

4. Voortgang met het HIPC initiatief en armoedebestrijdingsstrategieën (PRSP)

In het kader van HIPC-II, dat voorziet in snellere, bredere en diepere schuldverlichting voor de HIPC-landen, is vastgelegd dat de financiering van HIPC niet ten koste mag gaan van concessionele fondsen, zoals IDA. Het HIPC Trust Fund beschikt nu in potentie over een bedrag van $ 2,1 mrd, bij lange na niet genoeg. Zo resteert er bij de Wereldbank (IBRD en IDA), AfDB en IDB nog een substantieel financieringsgat. Nederland is tot nu toe het enige land dat zijn nieuwe toezegging ($ 70 mln) heeft overgemaakt aan het Trust Fund. Bij de Wereldbank vindt schuldkwijtschelding jaarlijks plaats op de dan vervallende schuldendienst van de betrokken HIPC-landen (met name IDA-schulden). IDA zal jaarlijks worden gecompenseerd uit door de IBRD gereserveerde middelen, zodat de kwijtschelding niet ten koste gaat van de committeringscapaciteit. De Wereldbank heeft voldoende middelen om dit tot 2003 vol te houden. Daarna zijn extra donorbijdragen nodig, bvb. via IDA-middelenaanvullingen.

Poverty reduction strategy papers (PRSP) zijn beleidsstrategieën waarin het land aangeeft hoe armoedebestrijding en pro-poor groei te bewerkstelligen door armoedebestrijdingsdoelstellingen te vatten in een macro-economisch raamwerk. De PRSP wordt door de ontvangende overheid zelf geschreven op basis van consultaties met ondermeer de particuliere sector en het maatschappelijk middenveld, eventueel m.b.v. externe ondersteuning. Het opstellen van een PRSP is één van de vereisten voor HIPC-schuldverlichting. De papers zullen het kader vormen voor IDA-kredieten en IMF-leningen onder de Poverty Reduction and Growth Facility (de voormalige Enhanced Structural Adjustment Facility) en bijdragen van bilaterale donoren.

5. Financiële capaciteit van de IBRD
De risicodragende capaciteit van de Wereldbank (IBRD) is de laatste jaren behoorlijk verzwakt en de vraag rees dus of deze versterking behoeft, bijvoorbeeld door een kapitaal-ver-hoging. Inmiddels is echter de situatie in Azië weer redelijk stabiel en lijkt de financiële situatie en terugbetaal-capaciteit in een aantal risicovolle landen zich niet verder te verslechteren. De verwachting is dan ook dat de huidige risicodragende capaciteit van de Wereldbank voorlopig voldoende ruimte biedt om haar uitleenportefeuille met circa 3% per jaar door te laten groeien. Echter, in geval van een nieuwe financiële crisis is een spoedige versterking van de risicodragende capaciteit noodzakelijk. Het is daarom van belang dat een kapitaalverhoging tijdig aan de orde wordt gesteld, temeer daar een dergelijke procedure al gauw enkele jaren in beslag kan nemen.
Woordvoerder drs. S.A.E. Schrover
Telnr. 070-3427140

30 mrt 00 17:31

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie