Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Brief EZ verslag werkbezoek aan Singapore

Datum nieuwsfeit: 07-04-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Tweede Kamer der Staten Generaal

Brief EZ verslag werkbezoek singapore

Gemaakt: 11-4-2000 tijd: 15:19


6


26800 XIII Vaststelling van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Ministerie van Economische Zaken (XIII) voor het jaar 2000

Nr. 50 Brief van de minister van Economische Zaken

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 7 april 2000


1 Inleiding

Na mijn missie aan Indonesië heb ik op 6 en 7 maart jl. een kort werkbezoek gebracht aan Singapore. Hieronder treft u het verslag aan.


2 Doelstelling van het werkbezoek

Het doel van mijn bezoek was drieledig:

herbevestigen van de goede bilaterale economische betrekkingen. Ik heb daartoe op overheidsniveau gesprekken gevoerd met de Vice-Premier (tevens voorzitter van de Monetary Authority of Singapore), Lee Hsien Loong, en de Minister van Handel & Industrie, George Yeo Yong-Boon. Op het niveau van de private sector heb ik uitgebreid van gedachten kunnen wisselen met in Singapore gevestigde vertegenwoordigers van het Nederlandse bedrijfsleven;

mij nader laten informeren over de Singaporese visie op ICT en de kennis-economie. Ik heb daartoe bezoeken gebracht aan het Ministry of Trade & Industry (MTI), de Infocommunications Development Authority (IDA), de Trade Development Board (TDB), de Economic Development Board (EDB), de Productivity and Standards Board (PSB), de National Science and Technology Board (NSTB), alsmede de internetbedrijven i-One-Net en Origin en het software laboratorium Kent Ridge Digital Labs (KRDL);

onderzoeken of de bilaterale samenwerking kan worden uitgebreid. Ik heb kunnen constateren dat er weinig Singaporese animo bestaat tot onderhandelen over een onlangs door Nederland voorgestelde
investeringsbeschermingsovereenkomst. M.b.t. ICT lijkt samenwerking nuttig en wellicht mogelijk. Voor wetenschaps- en technologiebeleid lijken er in Singapore uitstekende samenwerkingskansen te bestaan voor Nederlandse instellingen.


3 Herbevestigen van de goede bilaterale economische betrekkingen
Met Vice-Premier Lee en Minister Yeo heb ik van gedachten kunnen wisselen over de economische vooruitzichten van Singapore en de Aziatische regio. Volgens hen is de financiële crisis in Azië voorbij en heeft deze in Singapore geen recessie veroorzaakt, alleen een tijdelijke, maar stevige, daling van de economische groei. De economische neergang in de regio heeft wel remmend gewerkt op de economische voortgang in verschillende sectoren, maar inmiddels is een volledig herstel ingetreden. Voor de komende vier jaren wordt een jaarlijkse economische groei van 6 à 6,5% verwacht.

Beide bewindslieden onderstreepten dat het economisch beleid rust op twee pilaren: vrije markt en gerichtheid naar buiten. Singapore wil zich niet alleen als «hub» en kenniscentrum van de regio handhaven. Singapore's economische visie is het zich - binnen een decennium - ontwikkelen tot een volledige ontwikkelde, op de wereldmarkt concurrerende, kenniseconomie met industrie en diensten als de motoren van economische groei. Alle economische activiteiten met een hoge toegevoegde waarde zullen worden aangemoedigd teneinde deze solide kenniseconomie te creëren. Daarnaast zal de economie extra worden gestimuleerd door het uitvoeren van infrastructurele projecten en het nemen van maatregelen ter verhoging van de efficiency en verlaging van de kostenfactoren. De echte groei wordt vooral gezien in de ICT-sector.

M.b.t. de WTO «post-Seattle», en de vooruitzichten op een nieuwe ronde, wees Minister Yeo op het belang om China aan boord te krijgen: «...if we are not successful, all the forces of reaction against world trade will flourish.» Naar zijn mening heeft Europa - in tegenstelling tot de V.S. (m.b.t. Korea en Taiwan) - immers geen grote strategische problemen met China en zou dus sneller tot een vergelijk moeten kunnen komen. Pratend over de WTO, gaf Vice-Premier Lee toe dat Singapore wel erg op de Aziatische regio en het APEC-gebied is gericht. Volgens hem komt dit omdat Singapore vooral concurrentie voelt van India en China. Wel wordt ondertussen over vrijhandelsakkoorden onderhandeld met Chili, Nieuw Zeeland en Japan. Op mijn vraag bevestigde hij dat Singapore ook geïnteresseerd zou zijn in het afsluiten van een gelijksoortige overeenkomst met Europa. Zeker - aldus Lee
- indien het de Europese Top van 25 maart jl. zou lukken om Europa beter gericht te krijgen op de kenniseconomie. Minister Yeo meldde in deze context Eurocommissaris Lamy te hebben voorgesteld Singapore als de Aziatische brug naar Europa te gebruiken.

Zowel Vice-Premier Lee als Minister Yeo spraken over de «kindred spirits» van Singapore en Nederland. Ik bevestigde dat de economische overeenkomsten inderdaad frappant zijn: beide hebben open en liberale economieën, een grote doorvoer die hoge eisen stelt aan bereikbaarheid en infrastructuur, relatief hoge lonen waardoor comparatieve voordelen gezocht moeten worden in kwaliteit, hightech, automatisering en flexibiliteit. Beide zijn vestigingsplaats van vele regionale hoofdkantoren. Vice-Premier Lee wees op een groot verschil: de mate van aanwezigheid van grondstoffen. Wij concludeerden dat de bilaterale handelsrelatie gezond is, zij het eenzijdig. De Nederlandse uitvoer naar Singapore (vooral machines, vervoermaterieel, chemische producten, gefabriceerde goederen en voedingsmiddelen) bedroeg in
1998 ongeveer eenderde van de Nederlandse invoer uit Singapore (vooral machines, vervoermaterieel, gefabriceerde producten en chemische producten). Singapore is één van de belangrijkste ontvangers van de totale Nederlandse investeringen in de regio Oost-Azië. Nederland heeft door de jaren heen behoord tot de top vijf van investeerders in Singapore. Ook hier is de relatie echter eenzijdig: Singapore investeert weinig in Nederland. Ik heb dit aan de orde gesteld en kreeg van Vice-Premier Lee en Minister Yeo te horen dat zij buitenlandse deelnemingen zullen aanmoedigen.
Tot twee maal toe heb ik met vertegenwoordigers van het in Singapore gevestigde Nederlandse bedrijfsleven van gedachten kunnen wisselen. Dit bedrijfsleven blijft onveranderd sterk in Singapore vertegenwoordigd. Als belangrijkste reden wordt genoemd de "hub"-functie die het land vervult voor Azië. Per 1 januari 2000 zijn ruim 300 Nederlandse ondernemingen, waarvan zo'n 200 met een Nederlands meerderheidsbelang, in Singapore gevestigd. De bedrijven zijn actief in de belangrijkste sectoren van de economie en volgen de trend naar geavanceerde technologische ontwikkeling. De groeisectoren informatie- en communicatie technologie en dienstverlening ondervinden daarbij toenemende belangstelling. Ondanks de forse daling van de economische groei blijkt het aantal in Singapore gestationeerde en werkzame Nederlanders nauwelijks teruggelopen. Enkele bedrijven verstevigden zelfs hun positie. Bevestigd werd dat Singapore ook in de toekomst voor het Nederlandse bedrijfsleven een aantrekkelijke investeringslocatie zal blijven. Er bestond grote belangstelling voor de bevindingen van mijn bezoek aan Indonesië (ik heb u hierover separaat bericht).


4 De Singaporese visie op ICT en de kenniseconomie
Op ICT-terrein is Singapore tot op zekere hoogte te vergelijken met Nederland. Singapore bedient zich echter van een goede marketing om de mentaliteit van de bevolking te veranderen (Vice-Premier Lee: «...we want to catch the soul of our people»). Ook de wijze waarop ICT in het onderwijs een rol speelt is indrukwekkend. De regering streeft naar «connectivity» voor iedereen opdat de minder geprivilegieerde delen van de bevolking over een aantal jaren niet een enorm probleem zullen vormen als ICT-achterblijvers (Minister Yeo: «those on the wrong side of the digital divide»). Singapore bedient zich eveneens van een goede marketing om buitenlandse ICT-investeringen aan te trekken. Zij streeft daarbij naar een volledig open markt opdat deze investeringen onbeperkt kunnen binnenstromen en ideeën kunnen opbloeien. Singapore ziet de ontwikkeling van een hoogwaardige ICT-sector als de industriële pijler voor haar toekomst. Centraal staat daarbij de ontwikkeling van o.a.

e-commerce, on-line dienstverlening, internationale connectie van breedband hogesnelheidssystemen en maritieme technologie.

Tijdens mijn bezoek aan het Ministry of Trade & Industry (MTI) werd mij uitgelegd hoe - onder Minister Yeo's leiderschap - het «Committee for Singapore's Competitiveness» in 1997/98 Singapore's economische visie ontwikkelde. Dit comité - grotendeels bestaande uit vertegenwoordigers van de private sector - kwam tot een achttal strategische aanbevelingen: 1) industrie en diensten zijn economische groeimotoren met het vermogen om in de gehele keten waarde toe te voegen; 2) Singapore is een «hub» in Azië met een wereldoriëntatie;


3) «World Class Companies» zullen worden opgebouwd; 4) de MKB-basis zal worden versterkt; 5) menselijk en intellectueel kapitaal zijn sleutelementen bij het verkrijgen van een concurrentievoorsprong; 6) wetenschap, technologie en innovatie zijn hefbomen; van land en grondstoffen zal optimaal gebruik worden gemaakt; 7) overheid faciliteert private sector (stroomlijnen van regelgeving om nalevingskosten te minimaliseren); 8) aanvaarden van een pro-bedrijfsleveninstelling.

Vertegenwoordigers van de Infocommunications Development Authority (IDA) gingen nader in op de strategische elementen om van Singapore een globale ICT-«hub» te maken. Deze elementen zijn: samen met multinationale ondernemingen ICT-vaardigheden ontwikkelen; locale ICT-ondernemingen van wereldniveau ontwikkelen; aangaan van strategische allianties; innovatieve toepassingen en diensten aanmoedigen. Scholing van personeel is voor Singapore belangrijk: er bestaat een ICT-«masterplan» voor het onderwijs (1 PC voor iedere 2 studenten; in 2002 moet 30% van het curriculum ICT-gebaseerd zijn); er wordt massaal ICT-training aangeboden («IT literacy for all»); ICT-aansluiting voor iedereen. De versnelde liberalisatie van de Singaporese telecommarkt maakt duidelijk dat het de overheid menens is met het uitbreiden van activiteiten van buitenlandse ondernemingen. Deze liberalisatie biedt immers mogelijkheden voor buitenlandse ondernemingen op het terrein van mobiele telefonie, kabelnetwerken, glasvezeltoepassingen, etc.

Bij mijn bezoek aan de Economic Development Board legden EDB-vertegenwoordigers mij uit hoe het economisch paradigma bij de creatie van werkgelegenheid en welvaart is verschoven van infrastructuur en industrie naar talent en kennis. Strategisch doel van het Singaporese industriebeleid is de kenniseconomie 40% van het BNP te laten uitmaken en jaarlijks gemiddeld 20.000 banen te laten scheppen. Kenmerkend voor het sectorale beleid is de centrale rol van de Singaporese overheid die tracht pro-actief nieuwe sectoren te ontwikkelen. De overheid werkt daarbij samen met het bedrijfsleven in zgn. `public-private partnerships'. Als prioritaire sectoren worden daarbij aangemerkt: de ICT-sector, chemische industrie, biotechnologie, de elektronica sector, de financiële dienstverlening en de infrastructuur.

Vertegenwoordigers van de National Science and Technology Board (NSTB) gingen nader in op de wijze waarop Singapore het zgn. «Technopreneurship» (ondernemerschap in de technologiesectoren) aanmoedigt. De NSTB is de motor achter het promoten van een «technopreneurial environment», die er voor zorgt dat er een levendige en gedreven high-tech sector komt. De sleutel van de groei van deze bedrijven wordt gelegd bij intellectuele eigendom. Dit eigendomsrecht wordt als vak nu ook opgenomen in het curriculum van alle ingenieursopleidingen. Om het «technopreneurial» klimaat in Singapore aantrekkelijk te maken, moet een kritische massa worden aangetrokken van researchers, innovatiedeskundigen, investment bankers, science marketeers, risico kapitaal, bedrijven en juristen op het gebied van intellectueel eigendom. Niet minder dan f 2 mrd is uitgetrokken om buitenlandse bedrijven naar Singapore te halen met het doel om via een multiplier een veelvoud aan risicokapitaal te genereren. Tijdens mijn bezoek was er juist een zware missie van Singapore naar Silicon Valley vertrokken om daar een grote «road show» te geven over Singaporese faciliteiten in de hoop experts en investeerders naar Singapore te halen.

Het plan «Technopreneurship 21» wil rigoureus alle belemmeringen wegnemen om het techno-ondernemerschap te kunnen bevorderen. Opvallende elementen zijn: snelle schuldsanering bij faillissement en aantrekkelijk maken van aandelenopties (waardoor kleine - nog geen winstgevende - bedrijven toch toptalent kunnen aantrekken); fiscale regelingen opdat investeerders gemakkelijker geld steken in startende bedrijven; aantrekkelijk maken voor starters om vanuit hun eigen huis een ICT-bedrijf te starten; versoepelen van de visaregelingen voor buitenlanders; opzetten van technologiecentra waar de schooljeugd op een toegankelijke manier met technologie kan leren omgaan.

Hierop aansluitend is de Productivity and Standards Board (PSB) erop gericht de

MKB-sector een belangrijke rol te laten spelen bij Singapore's concurrentievermogen en economische groei. Daartoe is het plan «SME 21» opgesteld.

Mijn bezoek aan de internetbedrijven i-One-Net en Origin gaven mij een uitstekende blik op de wijze waarop de private sector gebruik weet te maken van de voorwaarden die de Singaporese overheid schept. In het software laboratorium Kent Ridge Digital Labs (KRDL) werd mij uitgelegd hoe een zgn. «technology incubator» werkt onder Singaporese omstandigheden.


5 Mogelijke vormen van verdere samenwerking tussen Singapore en Nederland
Op verschillende momenten tijdens mijn bezoek heb ik van gedachten kunnen wisselen over mogelijke vormen van verdere samenwerking tussen Nederland en Singapore.


5.1 Investeringsbeschermingsovereenkomst met Singapore?
Bij Minister Yeo bracht ik op dat de bestaande Economische Samenwerkings-overeenkomst (ESO) tussen Singapore en Nederland mogelijk onvoldoende investeringsbescherming geeft voor het aantrekken van Nederlandse investeerders. Ik stelde dan ook voor om een investeringsbeschermingsovereenkomst (IBO) met een goed uitgewerkte non-discriminatie clausule uit te onderhandelen. Minister Yeo was echter niet overtuigd van de noodzaak. Er waren hem geen klachten van grote buitenlandse bedrijven bekend over het Singaporese investeringsklimaat. Wel begreep hij dat voor het Nederlandse MKB aantrekkelijke aanvullende voorwaarden zouden moeten worden geschapen om naar Singapore te komen. Hij wees daarbij op de MKB-steunpunten die door de Fransen en de Duitsers zijn opgericht. Minister Yeo was echter bereid om het afsluiten van een IBO nog eens nader in overweging te nemen en mij daarover te berichten.


5.2 Verdergaande ICT-samenwerking tussen Nederland en Singapore?
De Singaporese autoriteiten lijken zeer tevreden met de belangstelling van de Nederlandse private sector voor investeringen in de Singaporese economie. De interesse van de overheid in vormen van ICT-samenwerking richt zich vooral op de V.S., Japan en Duitsland. Ik gaf aan bij de ontwikkeling van zgn. "broad band applications" (Giga Port) mogelijkheden te zien voor samenwerking, maar ontving daarop vooralsnog een lauwe reactie. Ook gaf ik aan dat op Singapore de BIT (Bedrijfsgerichte Internationale Technologieprogramma's)-regeling sedert 1998 voor Nederlandse bedrijven van toepassing is. Deze regeling stimuleert Nederlandse ondernemers om samen met een Singaporees bedrijf of kennisinstelling te werken aan de ontwikkeling van een nieuw product. Weliswaar heeft dit nog niet geleid tot projecten, maar Singapore heeft aangekondigd een soortgelijke regeling te willen ontwerpen voor Singaporese bedrijven die met Nederlandse bedrijven willen samenwerken. Hierdoor kan een werkelijk tweezijdige samenwerkingsrelatie tot stand worden gebracht, waarbij van beide overheidszijden R&D samenwerkingsprojecten tussen bedrijven en/of kennisinstellingen kunnen worden gestimuleerd en gefaciliteerd.


5.3 Verdergaande samenwerking bij hoger onderwijs?
Singapore lijkt vastbesloten om over een aantal jaren een exporteur van onderwijs- en researchproducten te worden. In rap tempo worden topinstellingen uit Europa en de V.S. binnengehaald. MIT, INSEAD, John Hopkins University, en GeorgiaTech School of Logistics hebben besloten tot vestiging, met de bedoeling vanuit Singapore de hele Aziatische markt te bewerken. Hier liggen kansen voor Nederlandse universiteiten, die reeds gegrepen worden door de RU Groningen, de TU Delft en de TU Eindhoven. Een veelgehoorde reactie uit deze kringen is dat Singapore zeker niet op ons voorloopt op wetenschappelijk terrein, maar wel op de wijze waarop met wetenschap en wetenschapsproducten op zakelijke en commerciële wijze om wordt gegaan.

Nadat ik hem kenbaar had gemaakt dat wij in Nederland postdoctoraal-opleidingen in de Engelse taal in de aanbieding hebben, gaf Vice-Premier Lee aan graag jonge Singaporezen in Nederland te willen laten studeren.


6 Besluit

Vanuit ICT-perspectief is Singapore een fascinerend land. Singapore loopt duidelijk voorop met praktische ICT-toepassingen. Indrukwekkend is het breedbandig hogesnelheidsnetwerk tot aan de voordeur van alle huishoudens en scholen, alsmede de hogesnelheids-verbindingen met buitenlandse digitale 'megaports'.

Er zijn vele overeenkomsten tussen de Singaporese en de Nederlandse ICT-inspanningen. Beiden richten we ons op de infrastructuur, op kennis en innovatie, op toegang en vaardigheden, op regelgeving en op de inzet in de publieke sector en het gebruik van publieke middelen. Bij dit laatste punt ligt ook een belangrijk verschil: ik geloof niet dat onze overheid met succes in dezelfde mate sturend op de markt zou kunnen en moeten optreden.

Verdergaande ICT-samenwerking lijkt voor de hand te liggen, maar is niet vanzelfsprekend. Singapore richt zich vooralsnog sterk op Silicon Valley, Japan en Duitsland. Een mooie maatstaf voor Nederlandse prominentie op ICT-terrein zou de eerste succesvolle

ICT-samenwerking tussen Nederland en Singapore zijn. Ook lijken voor hoger onderwijs uitstekende samenwerkingskansen te bestaan.

Minister van Economische Zaken

A. Jorritsma-Lebbink

Copyright Tweede Kamer der Staten Generaal

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie