Nieuwsbank

Schrijft, screent en verspreidt persberichten voor journalistiek, search en social media. Hét startpunt om uw nieuws wereldkundig te maken. Ook voor follow-ups, pitches en korte videoproducties.

Bijdrage PvdA aan nota-overleg ontwikkelingen arbeidsmarkt

Datum nieuwsfeit: 17-04-2000
Vindplaats van dit bericht
Bron: Razende Robot Reporter
Zoek soortgelijke berichten
Partij van de Arbeid

Den Haag, 17 april 2000

 

BIJDRAGE VAN MARIËTTE HAMER (PVDA) AAN HET NOTA-OVERLEG OVER 'IN GOEDE BANEN, ONTWIKKELINGEN OP DE ARBEIDSMARKT'

Beoordeling

"De arbeidsmarkt heeft een dubbel gezicht. Dat dubbele gezicht kent bedreigingen, maar biedt tegelijkertijd ook kansen. Althans als we de goede voorzieningen creëren en maatwerk leveren. Daarbij gaat het om toetreding tot de arbeidsmarkt, om de kwaliteit van de arbeid en om de relatie tussen werk en levensloop. Om de kansen en risico´s aan te pakken is meer nodig dan een informele conferentie met sociale partners. Nodig is een daadkrachtig en inventief beleid onder regie van het ministerie van SZW."

Dit zei mijn PvdA-collega Jet Bussemaker tijdens de behandeling van de begroting van het ministerie van SZW. Uiteraard is mijn fractie verheugd de kern van deze boodschap terug te vinden in de nota die wij vandaag bespreken. Maar ronduit teleurstellend vinden wij het dat de voorstellen die wij vervolgens daarover gedaan hebben bij de begrotingsbehandelingen van de ministeries van SZW, EZ en OCW niet verder zijn uitgewerkt. De voorstellen uit de nota 'In goede banen' zijn veelal staand beleid. Zij zijn weinig operationeel, er wordt geen inzichten gegeven in de te verwachtte effecten. Wij hadden verwacht dat er nu eindelijk concrete uitwerkingsvoorstellen zouden liggen met duidelijke doelstellingen en een heldere onderbouwing.

Laat ik, na deze kritische kanttekening, wel opmerken dat mijn fractie het op zich waardeert dat de nota er nu is. Het is goed dat we voorafgaand aan de conferentie met de sociale partners overleg voeren over de nota. Het gaat er nu immers om alle neuzen in dezelfde richting te krijgen zodat effectief en eendrachtig aan het werk kan worden gegaan. Maar haast is nu wel geboden om een en ander nu snel een slag verder te brengen. Want na de mening van mijn fractie gaat er anders te veel tijd verloren.

De analyse en de doelstelling

De belangrijkste conclusie uit de nota vind ik de uitspraak dat het kabinet er naar streeft om binnen de rooskleurige economische ontwikkelingen in Nederland te zorgen voor een evenwichtige verdeling van werk, waarbij de groepen die nog geen plek hebben op de arbeidsmarkt ook zoveel mogelijk moeten kunnen participeren.

Graag hoor ik van de minister of deze expliciete keuze ook wordt gedeeld door de sociale partners en of deze doelstelling bij de verdere aanpak centraal zal staan. Wordt inderdaad alles op alles gezet om het onbenutte potentieel onder vrouwen, onder allochtonen, onder jongeren, onder mensen in de WAO en onder ouderen te bereiken?

De urgentie van het effectief aanpakken van de knelpunten op de arbeidsmarkt wordt duidelijk uit de nota, nu blijkt dat zonder nadere beleidsinitiatieven het patroon van veel vacatures en tegelijkertijd veel onbenut personeel de komende jaren in scherpte toe zal nemen.

Er is een onderscheid gemaakt tussen knelpunten op lager niveau en die op hoger niveau. Op hoger niveau blijft de groei in het aanbod achter bij de groei aan vraag in dat segment. Op het lager niveau is er meer dan voldoende aanbod, maar ligt de oorzaak er meer in dat het aanbod steeds moeilijker in te passen is. Terwijl het aantal werklozen dat tegenover vacatures staat op lager niveau relatief hoog is, blijft een aanzienlijk deel van de vacatures toch moeilijk vervulbaar.

Ik zou graag van de minister een meer cijfermatige onderbouwing zien van de toekomstige ontwikkelingen. Welke cijfermatige analyse ligt er onder zijn conclusies? Hoe groot schat hij het tekort nu daadwerkelijk in? En hoe kijkt de minister aan tegen het gegeven dat het tekort niet alleen kwantitatief maar ook kwalitatief is. Wat moeten wij bijvoorbeeld leren van figuur 1 op pagina 6. De nota wordt niet echt duidelijk als het gaat om de verhouding tussen vraag en aanbod met name op dat lagere niveau. Kan de minister daar meer expliciet over zijn of met aanvullende informatie komen?

Het gedrag van de actoren op de arbeidsmarkt en de inrichting van regelingen zijn te veel gebaseerd op voorbije omstandigheden op de arbeidsmarkt. Met andere woorden, de Nederlandse arbeidsmarkt is conservatief. Wat is de concrete inzet van de minister voor de komende periode op basis van deze constatering.in de nota Gaat hij dit beleid omzetten in een beleid dat veel meer op toekomstige ontwikkelingen inspeelt en zo ja hoe gaat hij dat doen. En hoe kunnen we in het beleid veel meer inspelen op de conjucturele schommelingen die er zijn en er zullen blijven.

Is de daarbij geschetste verdeling tussen sociale partners en de overheid op zich zelf wel innovatief genoeg. Moet de overheid niet veel meer een rol als "aanjager" kiezen om de evenwichtige verdeling van werk te realiseren. En ook om veel effectiever op de veranderende arbeidspatronen in te spelen. Is de nota in dit opzicht niet te veel meer van hetzelfde? Graag een reactie van de minister.

Actiepunten

Door de veelheid aan actiepunten suggereert de nota een grote mate van slagkracht. Echter veel van de voorstellen zijn al staand beleid. Inzicht in de omvang van het verwachte effect ontbreekt en van een aantal maatregelen mag het effect beperkt verwacht worden. Tenslotte zullen de meeste maatregelen geen effect op de korte termijn bewerkstelligen. Daarom zou ik graag meer duidelijkheid hebben over het ambitieniveau van het kabinet. Kan de minister daar meer over zeggen?

Ik kom nu bij de verschillende onderdelen uit de nota.

Scholing

Een belangrijke constatering is dat het vereiste opleidingsniveau bij de vacatures stijgt. Werkgevers stellen hogere eisen aan hun personeel. Scholingsinspanningen in het onderste segment zijn keihard nodig. Het is om deze reden dat mijn fractie twee moties heeft ingediend. Een waarin we gevraagd hebben om het studeren met behoud van uitkering makkelijker te maken en een andere waarin de minister van onderwijs is gevraagd om samen met u en de minister van EZ een concrete beleidsagenda voor een levenslang leren op te stellen, net zoals wij die bijvoorbeeld kennen voor het beroepsonderwijs en het hoger onderwijs. Hoe staat het met de uitvoering van deze moties?

De werkgelegenheid voor mensen met alleen basisonderwijs is met 20% gedaald. Dat betekent dat jongeren zonder startkwalificaties waarschijnlijk slechts tijdelijk op de arbeidsmarkt terecht kunnen. "Jong gaan werken is in", zo lezen wij, maar de risico's op latere leeftijd zijn groot. Onorthodoxe oplossingen zijn nodig om jongeren uiteindelijk een diploma te laten behalen. Hoe gaat het kabinet aanbeveling 7 over de leer-/werktrajecten bijvoorbeeld uitwerken?

En hoe gaat het kabinet nu concreet stimuleren dat mensen ook tijdens hun loopbaan hun opleidingsniveau verhogen, bijvoorbeeld door na een lagere beroepsopleiding in deeltijd een middelbare opleiding te volgen. Wat voor acties neemt de overheid om de praktijkgerichte route vmbo, mbo, hbo te bevorderen?

Flexibilisering van het onderwijs moet plaatsvinden door aandacht voor zij-instroom vanuit verschillende niveaus Sociale partners kunnen hiervoor ook veel actiever hun O&O-fondsen inzetten. Dat wordt ook in de nota erkend (aanbeveling 5), maar wat voor type afspraken zijn nu nodig om ook daadwerkelijk tot die inzet te komen? Wat bedoelt de minister als hij spreekt over creatieve oplossingen om tijd voor scholing aan de werknemer te geven (aanbeveling 6)?

Afstemming vraag en aanbod, maatwerk

Meer maatwerk is nodig om vraag en aanbod op elkaar te laten aansluiten. Ik wil hier nog een keer de suggesties herhalen die we daarvoor deden bij de SZW-begroting zoals:: het instellen van een onafhankelijk expertisecentrum die een quick scan kan uitvoeren om dit juist op microniveau te bewerkstelligen (zie voorstel PvdA en MKB), meer begeleiding bij WIW en I/Dbanen en meer startfinanciering voor de zgn. wisselwerkcentra. Graag hoor ik van de minister wat er met deze voorstellen wordt gedaan op dit moment.

Ik begrijp dat de inzichten uit de nota 'In goede banen' aanleiding geeft voor nieuwe beleidsimpulsen om het kunnen combineren van arbeid en de zorg voor anderen te vergemakkelijken? Zo lees ik bijvoorbeeld dat er een extra impuls komt voor de kinderopvang? Wat wordt daar precies mee bedoeld?

Nieuwe wervingsmethoden

Het kabinetsbeleid 1998-2002 is er op gericht het verschil in werkloosheidscijfers tussen allochtonen en autochtonen te halveren. Kan de minister een tussenstand geven?

Bij de actiepunten wordt geconstateerd dat werkgevers gestimuleerd moeten worden om ook deze groepen op te nemen. Maar de cijfers tot nu toe waren niet echt hoopgevend. Veel werkgevers hebben nog te weinig aandacht voor gerichtere wervingsmethodes naar allochtonen toe en blijken ook moeite te hebben met het vasthouden van dit personeel (bijvoorbeeld bij de politie). Investeringen in multicultureel management kan bijdragen om de aansluiting tussen werkgevers en allochtonen te verbeteren. Kan de minister nu concreet maken hoe de inzet van multicutureel management dan wordt verbeterd en uitgebreid zou kunnen worden?

Er wordt gepleit voor meer scholing voor allochtonen en vluchtelingen. De voorstellen die de PvdA echter heeft gedaan bij het debat over studiefinanciering zijn door het kabinet niet overgenomen. Wat wordt dan nu precies bedoeld?

Ouderen langer aan het werk

Er moet een cultuurslag worden bereikt om de oudere werknemers een goede plaats op de arbeidsmarkt te bieden. Hoe gaat deze cultuurslag ingezet worden. De mogelijkheden van deeltijdwerk voor ouderen kunnen uitgebreid worden. Hoe gaat de minister dat concreet aanpakken. Ook moet door scholing voor ouderen toegankelijk te maken een stimulans worden gegeven aan de kwaliteitsverbetering van arbeid. Komt daar dan een gericht aanbod voor?

Reïntegratiebeleid

Onder de 48 punten gaan er uiteraard ook verschillende over verbetering van de arbeidsomstandigheden, preventief beleid ter voorkoming van uitval en reïntegratiebeleid. Ik zal ze hier niet allemaal herhalen. Maar ook hier valt mij op dat het maatregelen zijn waar wij al jaren over spreken in het kader van discussies over de WAO en REA. Van welke maatregelen verwacht de minister op korte termijn resultaat, d.w.z. na één of twee jaar?

Andere oplossingen

Opvallend is dat de nota geen uitspraak doet over arbeidsmigratie. Toch zien wij bijvoorbeeld in de zorg de eerste gevallen zich weer voordoen dat wij werknemers elders vandaan halen. Wat is hierover de opvatting van de minister en waarop wordt dit punt niet aan de orde gesteld in de nota?

Wat mij ook opvalt in de nota is dat de nota geen vragen stelt over de mate waarin het als maar stellen van hogere eisen aan arbeid een vast staand gegeven is. Komt in de conferentie met de sociale partners ook aan de orde op welke wijze wij laag geschoold werk en hooggeschoold werk met elkaar kunnen combineren. En hoe kijkt de minister daar tegen aan?

En hoe kijkt de minister aan tegen werkgevers die de oplossing zoeken door het verhogen van het aantal gewerkte uren per jaar? In sommige sectoren gaat men af van het pad van de arbeidsduurverkorting. Wat vindt de minister van dit soort oplossingen?

Samenvattend

De 48 actiepunten zijn voor mijn fractie niet concreet en richtinggevend genoeg geformuleerd. Zelfs wanneer bijna alle WW en Abw gerechtigden weer aan de slag zouden gaan, zal er in 2010 een tekort bestaan van 175.000 personen. Omdat er geen concrete doelstellingen zijn geformuleerd bij de actiepunten, weten we niet of al deze maatregelen bij elkaar de oplossing bieden voor deze enorme behoefte aan personeel op de middellange termijn. Mijn fractie vindt dat het kabinet zich duidelijker moet uitspreken over de doelstellingen en de meetbare effecten van de maatregelen. Anders is het voor de Kamer ook onmogelijk om over een aantal jaren te beoordelen of het beleid effectief genoeg is.

Ik denk dan aan bijvoorbeeld de volgende zaken:


- met hoeveel procent moet het opleidingsniveau stijgen; hoeveel mensen wil de regering via de nieuwe wervingscategorieën naar de arbeidsmarkt leiden?

- met hoeveel procent moet de instroom in arbeidsongeschiktheidsregelingen worden teruggedrongen?


- in welke sectoren moeten op de hele korte termijn specifieke maatregelen worden getroffen (zoals de zorg, onderwijs, zakelijke dienstverlening, handel en reparatie, bankwezen, overheid)?

Ik zou de minister dan ook willen vragen om direct (in ieder geval vóór het zomerreces) na de conferentie met de sociale partners met een veel concreter actieplan te komen. Een actieplan met concrete doelstellingen die ook in resultaat te meten zijn. Zodat de knop echt om gaat en het dubbele gezicht van de arbeidsmarkt een smoel krijgt met kansen voor iedereen.

reageer via disqus

Nieuwsbank op Twitter

Gratis persberichten ontvangen?

Registreer nu

Profiteer van het gratis Nieuwsbank persberichtenfilter

advertentie